HOOFDSTUK 1 – DE NIEUWE AUTORITEIT EN
GEWELDLOOS VERZET
1. MACHT VERSUS AUTORITEIT
Macht is een tweeledige relatie waarbij de ene persoon de andere
dwingt.
Autoriteit is een drieledige relatie: naast opvoeder en leerling is er een
gedeelde grond (waarden, normen, gemeenschap). Binnen die gedeelde
grond krijgt de leerkracht het recht om begrensd macht uit te oefenen.
Autoriteit veronderstelt dus legitimiteit en wederzijdse erkenning, geen
dwang.
2. INVLOED VAN MAATSCHAPPIJ - EN MENSBEELD OP AUTORITEIT
De vorm van autoriteit hangt samen met hoe we naar mens en
samenleving kijken. In een hiërarchische samenleving werd autoriteit als
vanzelfsprekend aanvaard. In de hedendaagse samenleving staan
autonomie, gelijkwaardigheid en dialoog centraal. Hierdoor wordt autoriteit
sneller in vraag gesteld en moet ze anders worden ingevuld: relationeel,
transparant en gedragen door samenwerking
3. OUDE, NIEUWSTE EN NIEUWE AUTORITEIT
Oude (patriarchale) autoriteit: afstand, gehoorzaamheid,
controle, hiërarchie en straf.
Nieuwste autoriteit: anti-autoritaire houding, veel nabijheid maar
weinig grenzen; ouders en leerkrachten treden op als “vriend”.
Nieuwe Autoriteit: combineert verbinding én begrenzing. De
leerkracht blijft nabij, stelt duidelijke grenzen en vermijdt
machtsspelletjes. Gezag ontstaat door relatie en aanwezigheid, niet
door straf
4. OORZAKEN VAN VERLIES AAN AUTORITEIT BIJ LEERKRACHTEN
Haim Omer benoemt drie belangrijke oorzaken:
, Veranderende verwachtingen: ouders en maatschappij stellen
hogere en bredere eisen aan leerkrachten.
Toenemende eenzaamheid: minder samenwerking, minder
gedragen opvoeding (“it takes a village” ontbreekt).
Afname van middelen: traditionele sancties zijn niet langer
wenselijk of toegestaan, terwijl alternatieven niet altijd voldoende
ondersteund worden
5. TWEE COMPONENTEN BINNEN DE NIEUWE AUTORITEIT
Steun (verbinding): nabijheid, zorg, betrokkenheid, relatie.
EN
Verzet (begrenzing): duidelijke grenzen stellen, verantwoordelijkheid
nemen, volhouden.
Het doel is niet winnen, maar blijven staan in het belang van het kind en
de groep
6. VISIE OP OPVOEDEN VANDAAG
De Nieuwe Autoriteit sluit aan bij hedendaagse pedagogische visies:
relationeel, verbindend, respectvol en verantwoordelijk. Ze vertrekt vanuit
een kindbeeld waarin autonomie én verbondenheid centraal staan en
waarin opvoeden een gedeelde verantwoordelijkheid is van school, ouders
en netwerk.
7. BASISHOUDING BINNEN NIEUWE AUTORITEIT
De basishouding van de leerkracht wordt gekenmerkt door:
kalmte en zelfbeheersing
volhouden in plaats van escaleren
transparantie
aanwezigheid
netwerkopbouw
zelfreflectie
Deze houding vormt de basis van alle concrete handelingen.
GEWELDLOOS VERZET
1. MACHT VERSUS AUTORITEIT
Macht is een tweeledige relatie waarbij de ene persoon de andere
dwingt.
Autoriteit is een drieledige relatie: naast opvoeder en leerling is er een
gedeelde grond (waarden, normen, gemeenschap). Binnen die gedeelde
grond krijgt de leerkracht het recht om begrensd macht uit te oefenen.
Autoriteit veronderstelt dus legitimiteit en wederzijdse erkenning, geen
dwang.
2. INVLOED VAN MAATSCHAPPIJ - EN MENSBEELD OP AUTORITEIT
De vorm van autoriteit hangt samen met hoe we naar mens en
samenleving kijken. In een hiërarchische samenleving werd autoriteit als
vanzelfsprekend aanvaard. In de hedendaagse samenleving staan
autonomie, gelijkwaardigheid en dialoog centraal. Hierdoor wordt autoriteit
sneller in vraag gesteld en moet ze anders worden ingevuld: relationeel,
transparant en gedragen door samenwerking
3. OUDE, NIEUWSTE EN NIEUWE AUTORITEIT
Oude (patriarchale) autoriteit: afstand, gehoorzaamheid,
controle, hiërarchie en straf.
Nieuwste autoriteit: anti-autoritaire houding, veel nabijheid maar
weinig grenzen; ouders en leerkrachten treden op als “vriend”.
Nieuwe Autoriteit: combineert verbinding én begrenzing. De
leerkracht blijft nabij, stelt duidelijke grenzen en vermijdt
machtsspelletjes. Gezag ontstaat door relatie en aanwezigheid, niet
door straf
4. OORZAKEN VAN VERLIES AAN AUTORITEIT BIJ LEERKRACHTEN
Haim Omer benoemt drie belangrijke oorzaken:
, Veranderende verwachtingen: ouders en maatschappij stellen
hogere en bredere eisen aan leerkrachten.
Toenemende eenzaamheid: minder samenwerking, minder
gedragen opvoeding (“it takes a village” ontbreekt).
Afname van middelen: traditionele sancties zijn niet langer
wenselijk of toegestaan, terwijl alternatieven niet altijd voldoende
ondersteund worden
5. TWEE COMPONENTEN BINNEN DE NIEUWE AUTORITEIT
Steun (verbinding): nabijheid, zorg, betrokkenheid, relatie.
EN
Verzet (begrenzing): duidelijke grenzen stellen, verantwoordelijkheid
nemen, volhouden.
Het doel is niet winnen, maar blijven staan in het belang van het kind en
de groep
6. VISIE OP OPVOEDEN VANDAAG
De Nieuwe Autoriteit sluit aan bij hedendaagse pedagogische visies:
relationeel, verbindend, respectvol en verantwoordelijk. Ze vertrekt vanuit
een kindbeeld waarin autonomie én verbondenheid centraal staan en
waarin opvoeden een gedeelde verantwoordelijkheid is van school, ouders
en netwerk.
7. BASISHOUDING BINNEN NIEUWE AUTORITEIT
De basishouding van de leerkracht wordt gekenmerkt door:
kalmte en zelfbeheersing
volhouden in plaats van escaleren
transparantie
aanwezigheid
netwerkopbouw
zelfreflectie
Deze houding vormt de basis van alle concrete handelingen.