INT. RECHT januari 2026
1. Identificeer de rechtsvraag & situeer in de cursus;
2. Lees het feitenrelaas;
3. Identificeer het toepasselijke recht;
4. Verwoord het algemene principe (+ voorwaarden);
5. Uitzonderingen/afwijkingen;
6. Toepassing op casus.
WVV gewoonterecht of verdrag
VNZ verdrag, sommigen ook gewoonterecht
VWDV gewoonterecht
ASR gewoonterecht
Stat. IGH/ISH ALTIJD verdrag
“Verdrag” Toepassing definitie uit het WVV?
In casu nagaan of alle componenten aanwezig waren
1) een akkoord of een overeenkomst?
2) gesloten tussen volkenrechtelijke subjecten?
3) bedoeling om rechtsgevolgen teweeg te brengen?
4) beheerst door het volkenrecht?
Vorm en benaming, irrelevant
Verplichting via Internationaal gewoonterecht (art. 38 WVV)
• art. 38, § 1, (b) Statuut IGH en Nicaragua zaak
Twee constitutieve elementen:
1. opinio iuris
2. statenpraktijk (usus)
Tussen ondertekening en ratificatie - art.18(a) WVV
= onthouden van handelingen die het verdrag voorwerp en doel zouden
ontnemen.
Instemming om door een verdrag gebonden te zijn:
• Art. 11 WVV (van toepassing als verdrag):
• Instemming kan op verschillende wijzen worden uitgedrukt.
• Art.14 §1, a, WVV: Instemming wordt tot uitdrukking gebracht door
bekrachtiging indien verdrag daarin voorziet:
• Art. 20§1, Klimaatakkoord: “ondertekening nog gevolgd moet
worden (“shall be subject to”) door bekrachtiging.”
MAAR, gevolg van ondertekening (art. 18 WVV):
Verplichting tot onthouding van handelingendie verdrag zijn voorwerp of
doel zouden ontnemen.
Materiële schending van een bilateraal verdrag (art. 60, § 1, WVV)?
Wat is een materiële schending? Zie art. 60, § 3, WVV:
schending van bepaling die van wezenlijk belang is voor de uitvoering van het verdrag wat zijn
voorwerp of doel betreft (art. 60, § 3, (b), WVV)?
Conclusie: te goeder trouw sturen van politiekorpsen is geen materiële schending. België kan
dit niet als grond aanvoeren voor de niet-uitvoering, opschorting of beëindiging
, Éénzijdige rechtshandelingen: Nuclear Tests Case + goede trouw/ estoppel, binden als:
1. Bedoeling om zichzelf te binden duidelijke uit omstandigheden
2. Openbaar / algemeen bekend
3. Vorm onbelangrijk, maar expliciet (niet dubbelzinnig)
4. Aanvaarding niet nodig
Indien partij zijn bij het WVV:
Art. 4 WVV: niet-terugwerkende kracht WVV en: Art. 28 WVV: niet-terugwerkende kracht van
verdragen (algemeen)
MAAR: WVV als codificatie gewoonterecht (statenpraktijk en opinio juris)
Rechtsgeldigheid voorbehoud, in principe OK:
Art. 19, a) WVV: voorbehoud verboden door VWDV?
Art. 19, b) WVV: VWDV laat slechts bepaalde voorbehouden toe, waaronder niet dit soort
voorbehoud?
Art. 19, c) WVV: voorbehoud niet toegelaten indien niet verenigbaar met voorwerp en doel van het
verdrag.
In casu: argumenten pro en contra mogelijk. Hele idee van het
VWDV is net wederkerigheid tussen alle verdragspartijen?
Art. 20, § 5 WVV: een voorbehoud wordt geacht te zijn aanvaard door een Staat, indien deze geen
bezwaar heeft gemaakt tegen het voorbehoud binnen twaalf maanden na de datum waarop hij de
kennisgeving daarvan ontvangen heeft, of op de dag, waarop hij zijn instemming door het verdrag
gebonden te worden tot uitdrukking heeft gebracht indien deze dag op een latere datum valt.
Rechtsgevolgen
Art. 21, §1 WVV: aanvaarding voorbehoud
De bepaling waarop het voorbehoud betrekking heeft wordt gewijzigd in
de mate voorzien in het voorbehoud.
In casu …
1. Art. 21, §3 WVV: bezwaar tegen voorbehoud, niet inwerkingtreding
De bepaling waarop het voorbehoud betrekking heeft is niet van toepassing tussen beide Staten in
de mate voorzien in het voorbehoud.
2. Bezwaar tegen inwerkingtreding? = gekwalificeerd bezwaar?
Art. 20, § 4, b) WVV: verhindert bezwaar tegen voorbehoud de inwerkingtreding van het verdrag?
Ja? => Geen IWT tussen staten
Terugtrekking uit een verdrag kan niet (art 26 WVV), tenzij:
1. Overeenkomstig bepalingen van verdrag (art. 54(a) WVV)
2. Kan ook o.b.v. onderlinge overeenstemming tussen alle partijen (art. 54(b) WVV)
3. Geen overeenstemming en geen bepaling in verdrag?
Art. 56(1) WVV: indien verdrag geen bepaling re opzegging zou bevatten, isopzegging in
principe niet mogelijk, tenzij: Partijen uitdrukkelijk de bedoeling hadden dit toch toe te laten; of
De mogelijkheid uit de aard van het verdrag kan worden afgeleid
termijn van 12 maanden! (art 56(2) WVV)
Gevolgen:
Zie art. 70 WVV en art 55 WVV.
→ Politiek verdrag steeds opzegbaar.
1. Identificeer de rechtsvraag & situeer in de cursus;
2. Lees het feitenrelaas;
3. Identificeer het toepasselijke recht;
4. Verwoord het algemene principe (+ voorwaarden);
5. Uitzonderingen/afwijkingen;
6. Toepassing op casus.
WVV gewoonterecht of verdrag
VNZ verdrag, sommigen ook gewoonterecht
VWDV gewoonterecht
ASR gewoonterecht
Stat. IGH/ISH ALTIJD verdrag
“Verdrag” Toepassing definitie uit het WVV?
In casu nagaan of alle componenten aanwezig waren
1) een akkoord of een overeenkomst?
2) gesloten tussen volkenrechtelijke subjecten?
3) bedoeling om rechtsgevolgen teweeg te brengen?
4) beheerst door het volkenrecht?
Vorm en benaming, irrelevant
Verplichting via Internationaal gewoonterecht (art. 38 WVV)
• art. 38, § 1, (b) Statuut IGH en Nicaragua zaak
Twee constitutieve elementen:
1. opinio iuris
2. statenpraktijk (usus)
Tussen ondertekening en ratificatie - art.18(a) WVV
= onthouden van handelingen die het verdrag voorwerp en doel zouden
ontnemen.
Instemming om door een verdrag gebonden te zijn:
• Art. 11 WVV (van toepassing als verdrag):
• Instemming kan op verschillende wijzen worden uitgedrukt.
• Art.14 §1, a, WVV: Instemming wordt tot uitdrukking gebracht door
bekrachtiging indien verdrag daarin voorziet:
• Art. 20§1, Klimaatakkoord: “ondertekening nog gevolgd moet
worden (“shall be subject to”) door bekrachtiging.”
MAAR, gevolg van ondertekening (art. 18 WVV):
Verplichting tot onthouding van handelingendie verdrag zijn voorwerp of
doel zouden ontnemen.
Materiële schending van een bilateraal verdrag (art. 60, § 1, WVV)?
Wat is een materiële schending? Zie art. 60, § 3, WVV:
schending van bepaling die van wezenlijk belang is voor de uitvoering van het verdrag wat zijn
voorwerp of doel betreft (art. 60, § 3, (b), WVV)?
Conclusie: te goeder trouw sturen van politiekorpsen is geen materiële schending. België kan
dit niet als grond aanvoeren voor de niet-uitvoering, opschorting of beëindiging
, Éénzijdige rechtshandelingen: Nuclear Tests Case + goede trouw/ estoppel, binden als:
1. Bedoeling om zichzelf te binden duidelijke uit omstandigheden
2. Openbaar / algemeen bekend
3. Vorm onbelangrijk, maar expliciet (niet dubbelzinnig)
4. Aanvaarding niet nodig
Indien partij zijn bij het WVV:
Art. 4 WVV: niet-terugwerkende kracht WVV en: Art. 28 WVV: niet-terugwerkende kracht van
verdragen (algemeen)
MAAR: WVV als codificatie gewoonterecht (statenpraktijk en opinio juris)
Rechtsgeldigheid voorbehoud, in principe OK:
Art. 19, a) WVV: voorbehoud verboden door VWDV?
Art. 19, b) WVV: VWDV laat slechts bepaalde voorbehouden toe, waaronder niet dit soort
voorbehoud?
Art. 19, c) WVV: voorbehoud niet toegelaten indien niet verenigbaar met voorwerp en doel van het
verdrag.
In casu: argumenten pro en contra mogelijk. Hele idee van het
VWDV is net wederkerigheid tussen alle verdragspartijen?
Art. 20, § 5 WVV: een voorbehoud wordt geacht te zijn aanvaard door een Staat, indien deze geen
bezwaar heeft gemaakt tegen het voorbehoud binnen twaalf maanden na de datum waarop hij de
kennisgeving daarvan ontvangen heeft, of op de dag, waarop hij zijn instemming door het verdrag
gebonden te worden tot uitdrukking heeft gebracht indien deze dag op een latere datum valt.
Rechtsgevolgen
Art. 21, §1 WVV: aanvaarding voorbehoud
De bepaling waarop het voorbehoud betrekking heeft wordt gewijzigd in
de mate voorzien in het voorbehoud.
In casu …
1. Art. 21, §3 WVV: bezwaar tegen voorbehoud, niet inwerkingtreding
De bepaling waarop het voorbehoud betrekking heeft is niet van toepassing tussen beide Staten in
de mate voorzien in het voorbehoud.
2. Bezwaar tegen inwerkingtreding? = gekwalificeerd bezwaar?
Art. 20, § 4, b) WVV: verhindert bezwaar tegen voorbehoud de inwerkingtreding van het verdrag?
Ja? => Geen IWT tussen staten
Terugtrekking uit een verdrag kan niet (art 26 WVV), tenzij:
1. Overeenkomstig bepalingen van verdrag (art. 54(a) WVV)
2. Kan ook o.b.v. onderlinge overeenstemming tussen alle partijen (art. 54(b) WVV)
3. Geen overeenstemming en geen bepaling in verdrag?
Art. 56(1) WVV: indien verdrag geen bepaling re opzegging zou bevatten, isopzegging in
principe niet mogelijk, tenzij: Partijen uitdrukkelijk de bedoeling hadden dit toch toe te laten; of
De mogelijkheid uit de aard van het verdrag kan worden afgeleid
termijn van 12 maanden! (art 56(2) WVV)
Gevolgen:
Zie art. 70 WVV en art 55 WVV.
→ Politiek verdrag steeds opzegbaar.