Rekenkundige analyse 1
Inhoud
Hoofdstuk 2.0 Vastgoed financiële rekenkunde: residueel rekenen ............................................2
2.1 Vastgoedlevenscyclus ..................................................................................................2
2.2 Vastgoedrekenproces: residueel rekenen ....................................................................2
Hoofdstuk 3.0 Financieel rekenkundige vraagstukken oplossen ................................................3
3.1 Het kasstroomschema vaststellen ...............................................................................3
3.2 Rekenrente vaststellen .................................................................................................3
3.3 De contante- of eindewaarde........................................................................................3
Hoofdstuk 4.0 Soorten financiële rekenkundige vraagstukken ...................................................4
4.1 Enkelvoudige kasstromen.............................................................................................4
4.2 Meervoudige kasstromen .............................................................................................4
4.3 Samenvattende aanpak ................................................................................................4
Hoofdstuk 5.0 Vastgoedexploitatie ...........................................................................................6
5.1 Discounted-cashflow methode ....................................................................................6
5.1.2 Beleggingswaarde en investering ...........................................................................7
5.2 Aanvangsrendement methode .....................................................................................7
Hoofdstuk 6.0 Opstalexploitatie ...............................................................................................8
6.1 Stappenplan financiële haalbaarheid...........................................................................8
Hoofdstuk 7.0 Grondexploitatie ...............................................................................................9
7.1 Stappenplan financiële haalbaarheid: margebepaling .................................................9
, Hoofdstuk 2.0 Vastgoed financiële rekenkunde: residueel rekenen
2.1 Vastgoedlevenscyclus
Grondexploitatie → Opstalexploitatie → Vastgoedexploitatie
Grondexploitant Opstalexploitant Vastgoedexploitant
Met dit vak is verondersteld dat de drie exploitanten afzonderlijke vastgoedondernemingen zijn.
Grondexploitatie
- Produceren van bouwrijpe en uitgeefbare grond
- Doel van de grondexploitant is een positieve of een sluitende grondexploitatie door het
realiseren van een bepaalde marge.
Opstalexploitatie
- De bouwrijpe grond van de grondexploitant kopen en het vastgoed ontwikkelen en
bouwen.
- Doel van de projectontwikkelaar is het realiseren van een positief ontwikkelresultaat,
ook wel een positieve marge genoemd.
Vastgoedexploitatie
- De vastgoedbelegger zal het vastgoed gaan verhuren aan een huurder.
- Het doel van de vastgoedbelegger is maximaal rendement behalen.
2.2 Vastgoedrekenproces: residueel rekenen
Het vastgoedrekenproces gaat van rechts naar links, dit wordt residueel rekenen genoemd:
Grondexploitant Opstalexploitatie Vastgoedexploitatie
1. Vastgoedexploitatie
Ten eerste wordt gerekend aan de waarde van vastgoed.
2. Opstalexploitatie
Ten tweede moeten de bouwkosten om het vastgoed te realiseren worden vastgesteld.
3. Grondexploitatie
Er wordt gekeken naar het maximale bedrag dat een projectontwikkelaar voor de grond
kan betalen.
Inhoud
Hoofdstuk 2.0 Vastgoed financiële rekenkunde: residueel rekenen ............................................2
2.1 Vastgoedlevenscyclus ..................................................................................................2
2.2 Vastgoedrekenproces: residueel rekenen ....................................................................2
Hoofdstuk 3.0 Financieel rekenkundige vraagstukken oplossen ................................................3
3.1 Het kasstroomschema vaststellen ...............................................................................3
3.2 Rekenrente vaststellen .................................................................................................3
3.3 De contante- of eindewaarde........................................................................................3
Hoofdstuk 4.0 Soorten financiële rekenkundige vraagstukken ...................................................4
4.1 Enkelvoudige kasstromen.............................................................................................4
4.2 Meervoudige kasstromen .............................................................................................4
4.3 Samenvattende aanpak ................................................................................................4
Hoofdstuk 5.0 Vastgoedexploitatie ...........................................................................................6
5.1 Discounted-cashflow methode ....................................................................................6
5.1.2 Beleggingswaarde en investering ...........................................................................7
5.2 Aanvangsrendement methode .....................................................................................7
Hoofdstuk 6.0 Opstalexploitatie ...............................................................................................8
6.1 Stappenplan financiële haalbaarheid...........................................................................8
Hoofdstuk 7.0 Grondexploitatie ...............................................................................................9
7.1 Stappenplan financiële haalbaarheid: margebepaling .................................................9
, Hoofdstuk 2.0 Vastgoed financiële rekenkunde: residueel rekenen
2.1 Vastgoedlevenscyclus
Grondexploitatie → Opstalexploitatie → Vastgoedexploitatie
Grondexploitant Opstalexploitant Vastgoedexploitant
Met dit vak is verondersteld dat de drie exploitanten afzonderlijke vastgoedondernemingen zijn.
Grondexploitatie
- Produceren van bouwrijpe en uitgeefbare grond
- Doel van de grondexploitant is een positieve of een sluitende grondexploitatie door het
realiseren van een bepaalde marge.
Opstalexploitatie
- De bouwrijpe grond van de grondexploitant kopen en het vastgoed ontwikkelen en
bouwen.
- Doel van de projectontwikkelaar is het realiseren van een positief ontwikkelresultaat,
ook wel een positieve marge genoemd.
Vastgoedexploitatie
- De vastgoedbelegger zal het vastgoed gaan verhuren aan een huurder.
- Het doel van de vastgoedbelegger is maximaal rendement behalen.
2.2 Vastgoedrekenproces: residueel rekenen
Het vastgoedrekenproces gaat van rechts naar links, dit wordt residueel rekenen genoemd:
Grondexploitant Opstalexploitatie Vastgoedexploitatie
1. Vastgoedexploitatie
Ten eerste wordt gerekend aan de waarde van vastgoed.
2. Opstalexploitatie
Ten tweede moeten de bouwkosten om het vastgoed te realiseren worden vastgesteld.
3. Grondexploitatie
Er wordt gekeken naar het maximale bedrag dat een projectontwikkelaar voor de grond
kan betalen.