Onderzoeksmethoden voor Ontwerpers / Erfgoed Labo's – Menswetenschappen
1. Historisch onderzoek
2. Kwalitatieve methoden
3. Kwantitatieve methoden
4. Onderzoeksopzet & paradigma’s
5. Toepassing op ontwerp & erfgoed
1 HISTORISCH ONDERZOEK (zeer belangrijk)
Wat is historisch onderzoek?
Historisch onderzoek = kritisch omgaan met sporen uit het verleden om hedendaagse
vragen te begrijpen.
Niet:
- feiten opsommen
- “wat er gebeurd is” navertellen
Wel:
- bronnen analyseren
- context begrijpen
- interpretaties beargumenteren
Gebaseerd op Becoming a Historian (Corfield & Hitchcock)
Soorten bronnen
Primaire bronnen
→ uit de onderzochte periode zelf
Voorbeelden:
● brieven, dagboeken
● kranten
● gebouwen
● objecten
● mondelinge getuigenissen
Niet automatisch betrouwbaar (ooggetuigen ≠ objectief)
1
,Secundaire bronnen
→ latere interpretaties
● boeken
● artikels
● historisch onderzoek
Secundair werk kan zelf ook primaire bron worden
(bv. 19e-eeuws historisch boek bestuderen als uiting van zijn tijd)
Brontypes (ken deze indeling!)
A. Geschreven
● Narratief: egodocumenten, literatuur, kranten
● Ambtelijk: wetgeving, administratie, verslagen
B. Niet-geschreven
● Mondeling: interviews, verhalen
● Materieel: gebouwen, objecten
● (Audio)visueel: foto’s, film
Bronnenkritiek (EXAMEN FAVORIET)
Altijd deze vragen stellen:
1. Provenance
Wie maakte de bron? Waarom?
2. Context
Wanneer? In welke omstandigheden?
3. Doel
Registratie? Propaganda? Persoonlijk?
4. Bias & lacunes
Wat ontbreekt? Wie spreekt niet?
5. Authenticiteit
Origineel? Bewerkt? Geselecteerd?
Bronnen zijn nooit neutraal
De historicus is een “detective”
2
, 2 ONDERZOEKSPARADIGMA’S & KADERS
Drie kernbegrippen (MOET je kunnen uitleggen)
Ontologie
Wat is de aard van de werkelijkheid?
Epistemologie
Wat is kennis en hoe verkrijgen we die?
Methodologie
Welke methoden gebruiken we?
Paradigma’s (vergelijkingen komen vaak voor!)
Paradigma Werkelijkheid Kennis Methoden
Positivisme objectief, meetbaar ontdekken kwantitatief
Interpretivisme / meervoudig, sociaal construeren kwalitatief
Constructivisme
Kritische theorie bepaald door macht niet neutraal discoursanalyse,
participatief
3 KWALITATIEVE METHODEN
Literatuurstudie
Niet:
- samenvatting per auteur
Wel:
- thematisch
- lacunes aanduiden
- spanningen/tegenstellingen tonen
- relatie met je onderzoeksvraag
3