Geschreven door studenten die geslaagd zijn Direct beschikbaar na je betaling Online lezen of als PDF Verkeerd document? Gratis ruilen 4,6 TrustPilot
logo-home
Document preview thumbnail
Voorbeeld 4 van de 72 pagina's
Samenvatting

Samenvatting dienstenmarketing

Document preview thumbnail
Voorbeeld 4 van de 72 pagina's

Deze samenvatting bevat alle leerstof van het vak Dienstenmarketing, overzichtelijk en duidelijk samengevat op basis van de lessen en voorbeelden. Ideaal om te studeren voor het examen, snel te herhalen of als handige leidraad tijdens het semester. Alle belangrijke en examengerichte info zit erin.

Voorbeeld van de inhoud

DIENSTENMARKETING
H1 - WAT IS DIENSTENMARKETING MANAGEMENT?

KORTE QUIZ
Hoeveel procent van de Belgen is tewerkgesteld in de dienstensector?
 75 %
 Voorbeelden van dienstensector
o De zorg
o Horeca
o Onderwijs
o Transport (personen / goederen)
 Personen  De Lijn
 Goederen  Bpost

WoM is heel belangrijk bij dienstenmarketing. Waarvoor staat deze afkorting?
Word of Mouth
 = WoM, Word of Mouth, Mond-tot-mondreclame (of WOM-marketing)
 Wanneer de interesse van een consument in een product of dienst van een bedrijf wordt
weerspiegeld in hun dagelijkse gesprekken. In wezen is het gratis reclame die getriggerd
wordt door ervaringen van klanten - en meestal iets dat verder gaat dan wat ze hadden
verwacht.
 Mond-tot-mondreclame kan worden aangemoedigd door verschillende
publiciteitsactiviteiten van bedrijven of door mogelijkheden om de communicatie tussen
consumenten onderling en tussen consumenten en marketeers te stimuleren. WOM-
marketing wordt ook wel "mond-tot-mondreclame" genoemd en omvat buzz-, virale, blog-,
emotionele en sociale-mediamarketing.
 WOM is heel belangrijk bij diensten, omdat dit helpt bij het vertrouwen. We baseren ons
enorm op wat andere mensen ervan vinden.

Hoe noemen we het proces bij een klant van idee tot na de aankoop?
 Customer journey
o De stappen die je klant doorloopt is het dienstverleningsproces. Aan de hand van
customer journey kan je dienstverleningsproces in kaart brengen.

Hoeveel luchtvaartmaatschappijen zijn er in Europa?
 105
o Dienstverleners zijn vaak minder gekend dan productmerken.

Jullie kennen de 4 P’s van marketing. Bij diensten wordt hier een 5de aan
toegevoegd. Welke?
 Personeel
o Personeel heel belangrijk bij dienstverlening
o Zeker het front office personeel (rechtstreeks in contact met de klanten)
o ↔︎Back office (komen niet in contact met de klanten)

1.1 INLEIDING IN HET DIENSTENMARKETINGMANAGEMENT

 De dienstensector is één van de belangrijkste pijlers in de Westerse economie.

1

, o In de dienstensector in Europa wordt er 45 – 70 % van uw BNP (Bruto Nationaal
Product) genereert door de dienstensector
o Tussen de 65 – 75 % wordt de werkgelegendheid genereert door de dienstensector.

 Diensten zijn anders dan goederen en eisen dan ook een andere marketing aanpak.
o Grootste kenmerk van een dienst is ontastbaarheid. Je kan het niet op voorhand
uittesten, vastnemen of proberen. Daar is dus vertrouwen voor nodig en dat vereist
een andere marketing aanpak.

 Voorbeelden van dienstensector
o Financiële sector
 Banken  ING
 Verzekeringsmaatschappijen  DVV verzekeringen
o Alles van HR
 Werving & selectie
 Personeelsadministratie  Randstad (= Interim)
o Onderwijs
 HoGent
o Transport
 Goederen  Mondial Relay
 Personen
o Horeca
 McDonalds
o Zorgsector
 Maria Middelares

MARKETING VAN DIENSTEN

= Dit heeft betrekking tot het doen van beloftes die vervolgens verwachtingen creëren
die moeten waargemaakt worden.

3 Belangrijke factoren
 Beloven: Het feit dat een dienst ontastbaar is, gaan klanten zich enorm gaan baseren op
wat anderen over je dienst zeggen en over wat je zelf als dienstverlener via externe
communicatie vertelt
 Verwachtingen creëren: Op basis daarvan creëren we verwachtingen
 Waarmaken: En dan is het belangrijk, dat je deze gaat waarmaken.
 ! Nooit meer beloven dan je gaat waarmaken, want als je meer belooft dan je waarmaakt
creeër je ontevreden klanten (niet te hoog & niet te laag)

 Het is belangrijk om voorzichtig te zijn met loze beloftes, want dit maakt je niet populair bij
de klant.
 Wat je blooft via externe communicatie moet je waarmaken.
 Het is belangrijk om steeds vernieuwend te blijven, want dit is wat de klant / consument
verwacht.
o Vb. CENTRAL, een restaurant dat een unieke ervaring aanbiedt in het buitenland en
steeds met nieuwe menu’s en uitstraling komt om de dienst die ze leveren uniek en
aantrekkelijk te houden.


2

,DIENSTVERLENING

= Het niet- tastbare zichtbaar maken

 Het onzichtbare zichtbaar maken, zodanig dat de klant bereid is tijd, moeite en geld in uw
dienst te steken
o Vb. een kinesist die hun diploma ophangen in de praktijk, dit zorgt ervoor dat het
niet-tastbare zichtbaar wordt.

 Voorbeeld: Alarmsystemen
o Om te zorgen dat een klant zich er iets bij kan voorstellen, moet je het onzichtbare
zichtbaar maken
o Alarmsysteem, leg uit wat je kan verwachten

Voorbeelden van dienstverlening
 Alles van openbaar bestuur
o Brandweer
o Politie
o Stadsdiensten
o Openbare bibliotheek
 Alles van poetsdiensten
 Communicatiebureaus
 Alles van recreatie
o Kunst
o Pretpark
o Tennisclub

SITUERING DIENSTENSECTOR IN BELGIË

= De dienstensector is de belangrijkste sector in België met het grootste aantal werknemers.
De dienstesector is de tertiaire sector (De non-profittsector is de quartaire sector).

De Belgische economie is in de eerste plaats een diensteneconomie. De dienstensector die
zo’n 70 % van het bbp vertegenwoordigt, kent het grootste aantal werknemers. De meeste
banen in deze sector bevinden zich in de handel, het vervoer en de horeca (hotels en
restaurants), gevolgd door de overheid, het onderwijs en zakelijke dienstverlening.




Evolutie  Landbouw & industrie is verminderd en zorg & onderwijs is verhoogd.

Sectoren Verdere indeling diensten

3

,  Tertiaire sector = Commerciële diensten  Nutsbedrijven
(profit sector)  Doel is winst maken  Bouw- en installatiebedrijven
 Quartaire sector = Niet- commerciële  Handel, detailhandel en horeca
sector (non- profit sector)   Transport
Maatschappelijke doelstellingen  Financiële dienstverlening
 Overige (openbaar bestuur, onderwijs,
sport en recreatie, maatschappelijke
dienstverlening)

3 KERNBEGRIPPEN

 Diensten
 Marketing
 Management

WAT IS EEN DIENST?

 = Een ontastbare en relatief snel vergankelijke activiteit, waarbij tijdens de interactieve
consumptie directe behoeftesatisfactie centraal staat en niet materiële bezitsvorming
wordt nagestreefd.
o Vergankelijk: Tijdelijk, vluchtig, van voorbijgaande aard (Vb. Hotel, cinema,
restaurant…) Alles valt weg, behalve de ervaring, de experience.
o Prosumerschap: Medewerking die vereist is van de klant (producent +
consument)
 Vb. Kapper: Je moet als klant aanwezig zijn & zeggen wat je wilt.
o Directe behoeftesatisfactie: Je hebt honger, je gaat naar de Mc Donalds, je eet &
je behoefte is onmiddellijk vervult.
o Niet- materiële bezitsvorming: Je wordt geen eigenaar van iets materieel, je
hebt wel de ervaring

 Diensten + Goederen = Producten
o Product is een verzamelnaam, het heeft de meeste kenmerken van beide.

 Er bestaat geen onderscheid tussen goederen en diensten; uiteindelijk houdt immers
iedereen zich bezig met dienstverlening.
o Wie een goed aanbiedt houdt zich bezig met dienstverlening (service)
o Er gebeurd een verschuiving, die shift is dat we verschuiven van het verkopen van
goederen meer naar het aanbieden van diensten via huren, leasen &
abonnementformules

GROEIENDE FOCUS OP PAAS
= Product as a service  Dat doe je door een product te huren, te leasen of er een
abonnement op te zetten.

Voordelen van leasen
 Je kunt de kost veel beter spreiden
 Het bedrijf blijft eigenaar, zij komen de machine onderhouden, repareren

 Voorbeelden
o Van Mossel autolease
o Spotify
o Netflix

4

Inhoudsopgave

  1. 01 Korte quiz 1
  2. 02 1.1 Inleiding in het dienstenmarketingmanagement 1
    1. Marketing van diensten 2
    2. Dienstverlening 3
    3. Situering dienstensector in België 3
    4. 3 Kernbegrippen 4
    5. Wat is een dienst? 4
    6. Groeiende focus op PAAS 4
    7. Wat is een online- dienst? 5
  3. 03 1.2 Basiskenmerken van diensten 5
    1. De 4 basiskenmerken van diensten 5
  4. 04 1.3 wAT IS DE ESSENTIE VAN MARKETING? 6
    1. 3 oriëntatiepunten 6
    2. wAT IS MARKETING? 7
    3. Wat is marketing NIET? 7
    4. Verschillende vormen van marketing 7
    5. Verschillende vormen van marketing in dienstverlenende bedrijven 7
    6. Marketingstrategie & implementatie 7
  5. 05 1.4 Management: Ken de uitgangssituatie 8
    1. Wat is management 8
    2. Wat is dienstenmarketingmanagement 8
    3. dE 5 SPECIFIEKE FACETTEN VAN DIENSTVERLENEN 8
  6. 06 1.2 Basiskenmerken van diensten 9
    1. 1.2.1 oNTASTBAARHEID & het ontbreken van eigendom 10
    2. 1.2.2 Vergankelijkheid (of tijdelijkheid) 12
    3. 1.2.3 Heterogeniteit 14
    4. 1.2.4 Interactieve consumptie 16
  7. 07 2.1 Inleiding tot de invulling van de marketingmix 17
    1. 4 Gekende P’s 18
    2. + 2 Extra p’s 18
  8. 08 2.2 Hoe manage ik de P van Proces 18
    1. 2.2.1 Wat is de customer Journey? 19
    2. 2.2.2 Hoe manage je wachttijden in een offlineomgeving? 20
    3. 2.2.3 Hoe kun je de retourkosten in een onlinecontext verminderen? 21
  9. 09 2.3 Hoe manage ik de P van Product 22
    1. 2.3.1 Merkenbeleid 23
    2. 2.3.2 Welke factoren spelen een rol bij succesvolle innovaties (TAM- MODEL)? 24
  10. 10 2.4 Hoe manage ik de p van personeel 25
    1. 2.4.1 Theorie van de Service Profit Chain (SPC) 25
    2. 2.4.2 Wat zijn de belangrijkste interne ruilprocessen? 26
  11. 11 2.5 Hoe manage ik de P van Plaats? 28
    1. 2.5.1 wELKE (ANDERE) ORGANISATIES SPELEN EEN ROL IN DE (OMNICHANNEL) DISTRIBUTIE? 29
    2. 2.5.2 Welke afweging maak ik voor mijn fysieke locatie? 29
  12. 12 2.6 Hoe manage ik de P van Prijs? 30
    1. 2.6.1 Driepoot van het prijsbeleid 30
    2. 2.6.2 Waarde van een klant VOOR DE ORGANISATIE 30
    3. 2.6.3 nIEUWE METHODEN VAN PRIJSSTELLING 31
  13. 13 2.7 Hoe manage ik de P van Promotie? 31
    1. 2.7.1 Hoe wordt het communicatiebeleid ingevuld? 31
    2. 2.7.2 Welke rol spelen de new influencers? 33
  14. 14 3.1 Inleiding: omgevingsanalyse 33
    1. OmgevinGSANALYSE VAN EEN ORGANISATIE WORDT ONDERVERDEELD IN 3 NIVEAUS 33
    2. Trends in de macro / meso- & micro-omgeving beïnvloeden mogelijk de verschillende facetten van dienst verlenen. 34
  15. 15 3.2 Hoe kun je de omgeving analyseren (trends voorspellen)? 34
    1. Trends 34
    2. Megatrends 35
    3.  Hype / Rage 35
    4. Methoden om trends te voorspellen 35
  16. 16 3.4 Macro-omgeving: DRETS analyse 36
    1. 3.4.1 Demografisch 36
    2. 3.4.2 Regulerende factoren 37
    3. 3.4.3 Economische factoren 38
    4. 3.4.4 Technologische factoren 38
    5. 3.4.5 Sociale factoren 39
  17. 17 3.5 Meso- en micro-omgeving 39
    1. Verschillende mesotrends 39
    2. Microtrends 40
  18. 18 3.6 Inzichtelijk maken van de omgevingsanalyse 41
    1. 3.6.1 SWOT-analyse 41
    2. 3.6.2 Impact assessment = Impactanalyse 42
  19. 19 5.1 Inleiding tot de kwaliteit van dienstverlening 43
    1. definitie van kwaliteit 43
  20. 20 5.2 vijf invalshoeken van kwaliteit volgens garvin 43
    1. 6 Functies – 6 Percepties van kwaliteit 44
    2. Vijf benaderingen van kwaliteit 44
  21. 21 5.3 Wat is perceptie 45
    1. 5.3.1 Perceptie en waarneming 46
    2. 5.3.2 De zintuigen TAST, SMAAK, GEUR, GEHOOR & GEZICHTSVERMOGEN 46
  22. 22 5.4 De kwaliteitsperceptie van Grönroos 47
    1. 5.4.1 Verwachte kwaliteit / expected quality 48
    2. 5.4.2 Ervaren kwaliteit / experienced quality 48
  23. 23 5.5 meten van kwaliteit 49
    1. 5.5.1 SERVQUAL: het meten van face-to-face dienstverlening 49
    2. 5.5.2 Brady & Cronin: het meten van kwaliteit van fysieke omgevingen 50
    3. 5.5.3 SELFQUAL: meten van selfservicekwaliteit 51
  24. 24 5.6 Het (niet) leveren van kwaliteit 51
    1. 5.6.1 Kwaliteitskosten 52
    2. 5.6.2 de gaps van Het GAP-model (Parasuraman, Zeithaml en Berry) 52
  25. 25 6.1 Inleiding 53
    1. Segmentatie 54
  26. 26 6.2 Wie is de klant ? 54
    1. 6.2.1 B2B en B2C 54
    2. 6.2.2 Gebruiker, betaler & bepaler 55
    3. 6.2.3 Wie is klanteigenaar ? 55
  27. 27 6.3 Hoe denkt de klant? 56
    1. 6.3.1 Hoe werken onze hersenen? 56
    2. 6.3.2 Welke fasen doorloopt de klant bij een aankoop? 56
    3. 6.3.3 Wat is perceived risk? 59
  28. 28 6.4 Hoe denkt de zakelijke klant – B2B? 60
    1. 6.4.1 DMU 60
    2. 6.4.2 Inkoopportfoliomangement 61
  29. 29 6.5 Cocreatie en coproductie? 61
    1. 6.5.1 Onderscheid tussen co- creatie en coproductie 61
    2. 6.5.2 WTP 62
  30. 30 7.1 Inleiding 62
  31. 31 7.2 Niveaus van Binding 64
    1. 7.2.1 Redenen voor het aangaan van een relatie 64
    2. 7.2.2 Relatielevenscyclus 65
    3. 7.2.3 Retentiemarketing 65
  32. 32 7.3 Classificaties van relaties 67
    1. 7.3.1 Rol van technologie 67
    2. 7.3.2 Relaties volgens Lovelock 68
  33. 33 7.4 Classificaties van relaties 68
    1. 7.4.1 Share of wallet = Wallet sizing *Profitable lifetime duration 68
    2. 7.4.2 Net Promoter Score – NPS 69
  34. 34 7.5 Afbreken van relaties – switchgedrag 70
    1. 7.5.1 Het switchmodel van Keaveney 71
    2. 7.5.2 Online switchgedrag 72

Documentinformatie

Geüpload op
14 januari 2026
Aantal pagina's
72
Geschreven in
2024/2025
Type
Samenvatting
€10,16

Verkeerd document? Gratis ruilen Binnen 14 dagen na aankoop en voor het downloaden kan je een ander document kiezen. Je kan het bedrag gewoon opnieuw besteden.
Geschreven door studenten die geslaagd zijn
Direct beschikbaar na je betaling
Online lezen of als PDF

Seller avatar
AltijdSlagen
4,0
(1)
Verkocht
9
Volgers
0
Items
21
Laatst verkocht
1 maand geleden



Waarom studenten kiezen voor Stuvia

Gemaakt door medestudenten, geverifieerd door reviews

Kwaliteit die je kunt vertrouwen: geschreven door studenten die slaagden en beoordeeld door anderen die dit document gebruikten.

Niet tevreden? Kies een ander document

Geen zorgen! Je kunt voor hetzelfde geld direct een ander document kiezen dat beter past bij wat je zoekt.

Betaal zoals je wilt, start meteen met leren

Geen abonnement, geen verplichtingen. Betaal zoals je gewend bent via Bancontact, iDeal of creditcard en download je PDF-document meteen.

Student with book image

“Gekocht, gedownload en geslaagd. Zo eenvoudig kan het zijn.”

Alisha Student

Bezig met je bronvermelding?

Maak nauwkeurige citaten in APA, MLA en Harvard met onze gratis bronnengenerator.

Bezig met je bronvermelding?

Veelgestelde vragen