psychologie H8
een biologische benadering
1. uitgangspunten en basisbegrippen
1.1 ons gedrag, gevoelens, gedachten en interacties worden bepaald door
biologische factoren
ze verbindt psychologische en biologische concepten om gedrag te begrijpen
belangrijke biologische factoren:
- hersenen en zenuwstelsel
- endocrien stelsel en hormoonhuishouding
- erfelijkheid (dna)
psychologische processen ≠ biologische processen, maar ze zijn
wel met elkaar verbonden:
- hersenen = netwerk van neuronen, synapsen en neurotransmitters
- psychische ervaringen = subjectieve gevoelens (pijn, liefde, woede…)
Biologisch psychologen nemen aan dat hersenprocessen psychische fenomenen
veroorzaken, maar die precieze manier waarop blijft onverklaard.
weinig discussie over het biologische correlaat
wel discussie of biologische processen voldoende verklaring bieden voor gedrag:
- alles zit in hersenen
- is waar, maar het is te beperkt (zoals dat elk schilderij uit verf bestaat)
twee benaderingen:
rigide biologisch
= gedrag volledig verklaard door interne biologische factoren
genuanceerd biologisch
= erkent ook externe invloeden die interne processen beïnvloeden
(bv. opvoeding en omgeving)
1.2 de biologische psychologie ontrafelt ons gedrag, gedachten en
gevoelens in hun verschillende biologische componenten
men onderzoekt o.a.
- virussen
- genen
- celafwijkingen
= reductionistische aanpak = complexe fenomenen worden herleid tot eenvoudige
biologische processen
● doel: complexe gedragingen verklaren door ze stap voor stap te herleiden
● Net als behavioristisch gebruikt de biologische psychologie analytische en
experimentele aanpak om inzicht te krijgen in complexe realiteiten.
1
, 1.3 de biologische psychologie gaat niet langer uit van een dualistisch
model
= geest en lichaam verschillen van elkaar
- lichaam (= de res extensa)
- geest (= de res cognitans)
-> beide kunnen onafhankelijk functioneren
-> dit dualisme vormde de basis van de psychologie en de geneeskunde
-> in praktijk werkt de scheiding niet goed
bv. patiënten met rugpijn die tussen artsen heen en weer worden gestuurd
-> alternatieve therapieën winnen aan populariteit omdat ze uitgaan van holistische
mensvisie (lichaam en geest als geheel)
-> de biologische psychologie verwerpt het dualisme
● ze ziet de psyche als onderdeel van het lichaam
● er is geen wezenlijk onderscheid tussen geest en lichaam
● mentale fenomenen (gedachten, gevoelens) worden verklaard door fysieke
processen in het brein en zenuwstelsel
-> volgens deze visie is alles psychisch herleidbaar tot lichamelijke, wat leidt tot
gedachte dat de psychologie als wetenschap van de psyche overbodig kan worden
1.4 een biologische benadering gaat uit van een medisch
wetenschapsmodel
gaat uit van een medisch model
● diagnose verbindt klachten met hun biologische oorzaak
● werkwijze is analytisch, monocausaal (1 oorzaak) en lineair
deze aanpak komt overeen met de positivistische wetenschapsopvatting
● gebaseerd op waarneembare, meetbare en repliceerbare fenomenen
● onderzoek richt zich vaak op grote groepen
net als in de geneeskunde gebruikt men dieronderzoek
● gedrag en biologische processen van dieren zijn eenvoudiger en beter
bestudeerbaar
● verschillen tussen mensen en dieren zijn kwantitatief, niet kwalitatief
● daardoor kunnen dierenmodellen menselijke functies verduidelijken
2
een biologische benadering
1. uitgangspunten en basisbegrippen
1.1 ons gedrag, gevoelens, gedachten en interacties worden bepaald door
biologische factoren
ze verbindt psychologische en biologische concepten om gedrag te begrijpen
belangrijke biologische factoren:
- hersenen en zenuwstelsel
- endocrien stelsel en hormoonhuishouding
- erfelijkheid (dna)
psychologische processen ≠ biologische processen, maar ze zijn
wel met elkaar verbonden:
- hersenen = netwerk van neuronen, synapsen en neurotransmitters
- psychische ervaringen = subjectieve gevoelens (pijn, liefde, woede…)
Biologisch psychologen nemen aan dat hersenprocessen psychische fenomenen
veroorzaken, maar die precieze manier waarop blijft onverklaard.
weinig discussie over het biologische correlaat
wel discussie of biologische processen voldoende verklaring bieden voor gedrag:
- alles zit in hersenen
- is waar, maar het is te beperkt (zoals dat elk schilderij uit verf bestaat)
twee benaderingen:
rigide biologisch
= gedrag volledig verklaard door interne biologische factoren
genuanceerd biologisch
= erkent ook externe invloeden die interne processen beïnvloeden
(bv. opvoeding en omgeving)
1.2 de biologische psychologie ontrafelt ons gedrag, gedachten en
gevoelens in hun verschillende biologische componenten
men onderzoekt o.a.
- virussen
- genen
- celafwijkingen
= reductionistische aanpak = complexe fenomenen worden herleid tot eenvoudige
biologische processen
● doel: complexe gedragingen verklaren door ze stap voor stap te herleiden
● Net als behavioristisch gebruikt de biologische psychologie analytische en
experimentele aanpak om inzicht te krijgen in complexe realiteiten.
1
, 1.3 de biologische psychologie gaat niet langer uit van een dualistisch
model
= geest en lichaam verschillen van elkaar
- lichaam (= de res extensa)
- geest (= de res cognitans)
-> beide kunnen onafhankelijk functioneren
-> dit dualisme vormde de basis van de psychologie en de geneeskunde
-> in praktijk werkt de scheiding niet goed
bv. patiënten met rugpijn die tussen artsen heen en weer worden gestuurd
-> alternatieve therapieën winnen aan populariteit omdat ze uitgaan van holistische
mensvisie (lichaam en geest als geheel)
-> de biologische psychologie verwerpt het dualisme
● ze ziet de psyche als onderdeel van het lichaam
● er is geen wezenlijk onderscheid tussen geest en lichaam
● mentale fenomenen (gedachten, gevoelens) worden verklaard door fysieke
processen in het brein en zenuwstelsel
-> volgens deze visie is alles psychisch herleidbaar tot lichamelijke, wat leidt tot
gedachte dat de psychologie als wetenschap van de psyche overbodig kan worden
1.4 een biologische benadering gaat uit van een medisch
wetenschapsmodel
gaat uit van een medisch model
● diagnose verbindt klachten met hun biologische oorzaak
● werkwijze is analytisch, monocausaal (1 oorzaak) en lineair
deze aanpak komt overeen met de positivistische wetenschapsopvatting
● gebaseerd op waarneembare, meetbare en repliceerbare fenomenen
● onderzoek richt zich vaak op grote groepen
net als in de geneeskunde gebruikt men dieronderzoek
● gedrag en biologische processen van dieren zijn eenvoudiger en beter
bestudeerbaar
● verschillen tussen mensen en dieren zijn kwantitatief, niet kwalitatief
● daardoor kunnen dierenmodellen menselijke functies verduidelijken
2