Overzicht van alle vragen
Begripsvragen
1. Wat is een noodzakelijke voorwaarde? (Ik vraag hier een definitie, geen
voorbeeld.)
2. Wat is een ‘symbiose’? Geef een relationele definitie.
3. Wat is een ‘ziekte’? Geef een relationele definitie.
4. Leg uit: ‘solipsisme’?
Inzichtvragen
1. Je bent als verpleegkundige werkzaam in een eerstelijnsdienst
gezondheidszorg en je wordt geconfronteerd met een cliënt die depressief is.
Welke verklaring en welke aanpak van dit probleem zou je vanuit volgende
visies voorstellen?
2. De vraag ‘Wat is een man, wat is een vrouw?’, dit blijkt niet zo eenvoudig om
te beantwoorden. Hoe definieert het biologisch materialisme en de relationele
filosofie het begrip man/vrouw?
3. De neuroloog Damasio maakt onderscheid tussen de begrippen emotie en
gevoel. Wanneer je uit Damasio’s bepaling van een emotie en een gevoel
vertrekt…
4. In de colleges hadden we het over het begrip waarheid. Stel je de volgende
situatie voor. Je bent als vpk werkzaam in een eerstelijnsgezondheidsdienst. Je
hebt reeds enige jaren werkervaring en je krijgt een stagiair onder je hoede. Je
moet die begeleiden. Je voert een gesprek met een cliënt waarbij deze zijn
gezinsverhaal brengt. De student observeert het gesprek. Na het gesprek
vraagt hij hoe je nu zeker kunt zijn of het verhaal van de cliënt waar is. Wat
antwoord je op deze vraag? Beargumenteer je antwoord vanuit de aangereikte
kader in de cursus.
5. Hoe verklaart de filosofie van de relatie het ontstaan van
psychopathologieën?
6. Op welke wijze beschrijven het materialisme (dat vertrekt vanuit een
mechanisch wereldbeeld) en de filosofie van de relatie (dat vertrekt vanuit een
relationeel wereldbeeld) een systeem, een geheel. Ze doen dit elk op een
andere wijze. Beschrijf deze wijze en geef duidelijk de verschillen in kenmerken
aan.
7. Wat is het verschil volgens Damasio tussen emoties en gevoelens en op
welke wijze werkt Erikson verder op dit onderscheid?
8. We merken vandaag hoe er twee stromingen in de filosofie (en de
, menswetenschappen) het duaal mensbeeld van Descartes bekritiseren en
staan voor een ander mensbeeld. Wat zijn die twee stromingen en welk(e)
argument(en) hebben ze voor hun alternatief mensbeeld?
9. De vraag: ‘Wat is een man, wat is een vrouw?’, dit blijkt niet zo eenvoudig
om te beantwoorden. Hoe definieert en fundeert een criticus het begrip
man/vrouw? Hoe definieert en fundeert een dogmaticus deze begrippen?
Toepassingsvragen
1. Waarom doet zich meer diabetes voor? Leg uit via het bio-psychosociaal-
relationeel mensbeeld. (Deze vraag werd gesteld in de les.)
2. Een passage uit De wereld waarnemen, geschreven door de Franse filosoof
Maurice MerleauPonty. Hoe zou je de positie van Merleau-Ponty begrijpen? Is hij
een idealist, een materialist of denkt hij relationeel? Onderbouw je antwoord
met argument uit de tekst.
3. De Franse filosoof Michel Foucault beschrijft in zijn boek Geschiedenis van de
waanzin de waanzin als volgt.
Hoe begrijpt Foucault de waanzin? Begrijpt hij deze relationeel of
totalitair? Argumenteer je antwoord met elementen uit de tekst. 3 p.
Hoe moet je de zin begrijpen en deze linken aan Piaget: “doordat de
gestalten van de duisternis erdoor verbonden worden met de machten
van het daglicht”
4. In het boek Weg met Eddy Bellegueulle beschrijft Edouard Louis een situatie
met zijn zus (pagina 77 en 78). Het is haar droom om lerares Spaans te
worden, wat ze uiteindelijk niet wordt. Hoe zou je het feit dat zijn zus geen
lerares Spaans wordt kunnen duiden/verklaren vanuit het bio-psycho-socio-
relationeel mensbeeld?
5. In bijlage vind je een artikel van collega Lepers. Daarin neemt hij vanuit
Nietzsche een
standpunt in over het belang van medelijden in de zorg. Welk standpunt neem
collega Lepers
betreffende het belang van het medelijden in de zorg, een kritisch of een
dogmatisch?
Argumenteer je antwoord met argumenten uit de tekst.
Begripsvragen
1. Wat is een noodzakelijke voorwaarde? (Ik vraag hier een definitie,
geen voorbeeld.)
Een noodzakelijke voorwaarde is iets dat aanwezig moet zijn opdat iets anders
kan bestaan of gebeuren, maar dat op zichzelf niet voldoende is om dat gebeuren
te veroorzaken.
2. Wat is een ‘symbiose’? Geef een relationele definitie.