Les 1: sociaal werk – inleiding
1. Wat is sociaal werk?
1.1 Wat doet een sociaal werker?
Sociale problemen als vertrekpunt.
Voorbeelden sociale problemen:
Depressie
Financiële armoede
Werkloosheid
Oorlog
Verslaving
1.2 Wat zijn sociale problemen?
Voorwaarden waaraan een sociaal probleem moet voldoen om van een sociaal
probleem te kunnen spreken.
Problemen die door een bepaalde groep(-en) als ‘onwenselijk’ gezien worden:
vergelijking tussen maatschappelijke realiteit en de gewenste situatie.
o Bepaalde groepen in de samenleving zeggen dat dit gedrag/fenomeen
onmenselijk is.
o Bv: huisvering in Antwerpen is onbetaalbaar dit is niet mogelijk,
mensen willen een dak boven hun hoofd.
Gepercipieerd probleem.
o Het is geen objectief probleem, sommige groepen vinden dit een
probleem.
o Bv: sommige groepen in de samenleving vinden het dragen van een
hoofddoek een probleem / sommige mensen vinden dat je een beter
betaalde job moet gaan zoeken om een betaalbaar huis/appartement te
vinden.
Wijken af van ‘de norm’.
o Er is een bepaalde norm in de samenleving, als je daarvan afwijkt, dan
heb je een sociaal probleem.
o Bv: de meeste vrouwen hier dragen geen hoofddoek, dus dit is hier de
norm. Maar ga je in Iran, dan dragen de meeste vrouwen daar wel een
hoofddoek, dus dat is daar de norm.
Norm wordt bepaald door dominante groepen en doorgegeven door
socialisatie = geconstrueerd door de samenleving = sociaal construct
-> resultaat van een wisselwerking. Reactie van de samenleving op
gedrag van mens/groep is essentieel.
o De norm wordt doorgegeven door socialisatie.
o Bv: je eet met mes en vork niemand stelt dit in vraag, dit is de norm
die we als kind hebben meegekregen van onze ouders.
o We stellen de norm niet meer in vraag.
o We noemen het een sociaal construct: je voelt aan dat iets in de
samenleving een norm is en je voelt aan wanneer je hiervan afwijkt.
Voorwerp van maatschappelijk debat en beleid: strijd tussen dominante
groepen en minderheden.
Pagina 1 van 36
, o Eerst is er een debat, gaan we dit echt volgen of leggen we dit naast
ons neer.
Norm wordt vaak geformaliseerd in wetgeving.
o Er is een hoofddoekenverbod, je mag in een publieke functie of in het
gemeenschapsonderwijs geen hoofddoek dragen. Doe je dit wel
sanctie.
Evolueert doorheen de tijd: bv: 60 jaar geleden werkten vrouwen niet <->
vandaag moeten vrouwen ook werken in historisch perspectief plaatsen.
Cultureel bepaald bv: ‘morality police’ in Iran hoofddoek verplicht <->
Westen: hoofddoekenverbod op bepaalde plaatsen/in bepaalde functies.
Problemen:
Definiëring:
o Door dominante groepen.
o Normatief (niet neutraal, niet objectief).
o Wie bepaalt de norm? Zijn zij die afwijken altijd problematisch? Of
kunnen we iets van hen leren?
Gevolgen:
o Labelling, marginalisering, uitsluiting, ontwikkeling van nieuwe
problemen.
Volgens andere disciplines:
1) Psychologie
Focus op het individu.
Afwijken van het ‘normale’ pathologie, stoornis, afwijking.
Optelsom van symptomen kan leiden tot diagnose (samenleving als
leidraad).
2) Sociologie
Focus op de samenleving, haar structuren en relaties tussen
mensen.
Reactie en effect van samenleving op individueel gedrag, bv:
stigmatisering, labelling, deviantie.
3) Economie
Focus op welvaart en groei.
Indicatoren: productie, consumptie, werkloosheid, investeringen,
export.
Problematisch zijn alle obstakels die de groei verhinderen:
vergrijzing, lage werkgelegenheidsgraad, laag
consumptievertrouwen, hoge staatsschuld.
4) Recht
Focus op wat volgens de wet bestraft (en dus afgekeurd) wordt.
Wordt gevormd door beleidsmakers die op een bepaald moment, al
dan niet onder druk van de samenleving (bv: drukkingsgroepen,
lobbyisten) vinden dat bepaald gedrag bestraft moet worden.
1.3 Hoe kijkt een sociaal werker naar sociale problemen?
Sociaal werker multi-perspectief: we kijken naar zowel psychologie, sociologie,
recht en economie.
Voorbeeld: hoge werkloosheid bij nieuwkomers
Pagina 2 van 36
, Psychologisch perspectief: trauma, heimwee, depressie,
aanpassingsmoeilijkheden,…
Sociologisch perspectief: stigma (vreemde familienaam, taal niet machtig,
andere kleur).
o uitsluitingsmechanismen: moeilijke toegang tot huisvesting, onderwijs,
arbeid.
Economisch perspectief: kenniseconomie kennis en taal = sleutel tot
succes.
Rechtenperspectief: werkbereidheid bewijzen, anders sanctie (geen uitkering).
Sociaal werker combineert deze perspectieven.
Sociaal werk is een eclectische professie
Eclectisch: vanuit verschillende stromingen, benaderingen werken. Zicht niet
beperken tot één zienswijze.
Doelgroepen van sociaal werk hebben vaak sociale problemen. Ze bevinden zich
vaak ni de marge van de samenleving.
Les 2: sociaal werk – definitie
1. Een eerste beeld: de
sociaalwerkboom
Alle specialismen binnen SW hebben
éénzelfde gemeenschappelijke stam
én wortels.
Op een bepaald moment vertakt de stam: verschillende takken die
voortdurend groeien, veranderen van vorm en op hun beurt vertakken.
De boom staat onder invloed van de elementen: het is de samenleving die
mee het sociaal werk maakt (takken die afbreken/aangroeien).
Boom/bos perspectief: verschillende andere disciplines die samen met SW-
boom het sociaal-agogische bos vormen.
In sociaal werk gaat het om die boom:
o Gemeenschappelijke stam: sociaal werk.
o Gemeenschappelijke wortels: historiek.
o Verschillende takken: de ‘specialismen’ binnen het sociaal werk.
o Het bos: de samenleving
Pagina 3 van 36
, 2. Sociaal werk definiëren in historisch perspectief
Definiëring is voortdurend in evolutie, omdat SW zich voortdurend moet
verhouden tot de actuele maatschappelijke uitdagingen.
o Bv: vandaag heel actief in strijd tegen racisme – 100 jaar geleden in
de arbeiderskwestie. Omdat er toen weinig mensen met een
migratieachtergrond waren in België, was het ook geen kwestie.
2.1 Payne
SW als sociaal construct: een activiteit die het product is van hoe we in een
bepaalde tijd in onze samenleving kijken naar sociale problemen en hoe ze
aan te pakken.
Eenduidige definitie is moeilijk.
Toch formuleert de IFSW een internationale universele definitie van sociaal
werk:
o Eerste definitie in 1957: accent op ondersteunen van mensen om zich
te kunnen aanpassen aan de samenleving (9 Europese landen).
o Definitie van 1982: nadruk op maatschappelijke verandering.
o Definitie van 2000: vertegenwoordigers uit Afrika, Azië en Stille Oceaan,
Europa, Zuid-Amerika en Noord-Amerika. Ook aangenomen door IASSW.
2.2 Belangrijke organen
2.2.1 International Federation of Social Work
Promoten van SW als professie.
Promoten en ondersteunen van nationale organisaties.
Promoten van participatie van SWers aan beleid.
(hebben globale definitie ontwikkeld)
2.2.2 International Association of Schools of Social Work
Associatie voor SW-scholen.
Promoten van de ontwikkeling van SW-onderwijs.
Aangeven van onderwijsstandaarden.
Stimuleren van internationale uitwisseling.
Stimuleren van SW-onderzoek.
Promoten van mensenrechten door beleidsactiviteiten en
belangenbehartiging.
(koepelorganisatie)
2.2.3 Definitie van 2000
Vertegenwoordigers uit Afrika, Azië, Stille Oceaan, Europa, Zuid-Amerika en
Noord-Amerika.
Ook aangenomen door de IASSW.
“The social work profession promotes social change, problem- solving in
human relationships, and the empowerment and liberation of people to
enhance well-being. Utilizing theories of human behaviour and social systems,
Pagina 4 van 36