Samenvatting Nederlands evaluatie van
taalvaardigheid
1. Inleiding
Evaluatie is een onderdeel van het leerproces.
Via evaluatie krijg je zicht op:
o wat leerlingen al kunnen op het vlak van taalvaardigheid
o welke ontwikkeling ze hebben doorgemaakt
o welke noden ze hebben
Evaluatie helpt de leerkracht om de ondersteuning bij te sturen
Een cijfer voor Nederlands op het rapport is geen doel op zich.
Het rapport dient om de evaluatie te communiceren naar ouders.
Het evalueren en opvolgen van taalvaardigheid is cruciaal om:
o de taalontwikkeling te bevorderen
o het taalonderwijs aan te passen
Als leerkracht evalueer je via een combinatie van: Toetsing, Observatie,
Reflectie
De cursus is opgebouwd rond vier centrale vragen:
o Waarom evalueren we?
o Wat willen en evalueren we?
o Hoe evalueren we (welke evaluatievormen)?
o Hoe volgen we de resultaten op?
2. Waarom evalueren?
Er wordt veel tijd, energie en geld geïnvesteerd in:
o Toetsen
o Leerlingvolgsystemen
o observatie-instrumenten
Evaluatie-instrumenten komen van:
o Methodes
o Onderwijsmarkt
o overheid (centrale taaltoetsen)
Waarom evaluatie als schoolteam:
Informatieverstrekkende functie:
o leerlingen, ouders, collega’s en externen informeren
Ondersteunende functie:
o onderwijs bijsturen
o leerlingen leren hun leerproces sturen
o ouders en externen ondersteunen
Besluitvoerende functie: beslissingen nemen over:
doorstroom en uitstroom
studiekeuze
doorverwijzing
externe hulpverlening
,2.1 In de praktijk
Leerkrachten volgen taalvaardigheid op via verschillende
evaluatievormen.
Evaluatie gebeurt niet alleen via toetsen, maar ook via:
o observatie
o gesprekken
o reflectiemomenten
Voorbeelden uit de praktijk:
Juf Anna: gebruikt een spellingstoets, koppelt de resultaten aan haar
lesinhoud
Juf Layla: organiseert redactievergaderingen, laat leerlingen reflecteren op
schrijfproducten, geeft onmiddellijke feedback tijdens het schrijven
Juf Marine: observeert lees- en schrijfvaardigheid in de thuistaal, gebruikt
info om te differentiëren en haar les aan te passen
Meester Alex: zet preteaching in bij moeilijke nieuwe begrippen
Meester Niels: differentieert met een stappenplan, biedt extra
ondersteuning waar nodig
Evaluatie en reflectie zijn onlosmakelijk verbonden met krachtig
taalonderwijs.
Door breed te evalueren:
o krijg je een volledig beeld van het leerproces
o worden leerlingen actief betrokken bij hun eigen leren
2.2 Wat is breed evalueren?
Evalueren bestaat uit drie acties:
o Vaststellen: informatie verzamelen over het leerproces van de
leerling (beginsituatie, vorderingen, eindproduct).
o Beoordelen: de verzamelde informatie analyseren en interpreteren.
o Handelen: de informatie delen met betrokkenen en inspelen op de
noden van de leerlingen.
Om een volledig beeld van de taalvaardigheid van leerlingen te krijgen,
is brede evaluatie nodig.
Bij brede evaluatie:
o kijk je naar sterktes, groeipunten, talenten en mogelijkheden
van de leerling
o gebruik je verschillende perspectieven
o evalueer je op verschillende momenten
o gebruik je verschillende evaluatie-instrumenten
o evalueer je in verschillende situaties
Een krachtig evaluatiebeleid combineert verschillende vormen van
evaluatie.
Als evaluatie zich beperkt tot één kant (bv. alleen toetsen), is ze niet
breed genoeg.
Door evaluatiepraktijken te spreiden, krijg je een rijker en vollediger
beeld van leerlingen.
, Evalueren dient niet alleen om te beoordelen, maar ook om leren te
bevorderen.
Volgens John Hattie: evalueren moet leren zichtbaar maken.
Evaluatie helpt leerkrachten én leerlingen om het leerproces beter te
begrijpen en bij te sturen.
4 assen:
2.3 Summatieve en formatieve evaluatie
Een goed evaluatiesysteem beoordeelt zowel het eindproduct als het
leerproces.
Er wordt een onderscheid gemaakt tussen:
o summatieve evaluatie
o formatieve evaluatie
Beide evaluatievormen zijn waardevol en vullen elkaar aan.
Summatieve evaluatie
Gericht op de leeruitkomst (het resultaat).
Gebruikt op het einde van een leerproces (bv. thema, schooljaar).
Doel:
o nagaan of een leerling de leerstof voldoende beheerst
o beslissingen nemen over doorstroom of vervolg
Beperkingen:
o vaak kort en beperkt
o meet vooral wat makkelijk te toetsen is
o geeft geen volledig beeld van vaardigheden en attitudes
Risico’s:
o te veel toetsen
o teaching to the test (onderwijs afstemmen op de toets i.p.v. op
leerlingennoden)
Formatieve evaluatie
Evaluatie om te leren, niet van het leren.
Gericht op het versterken van het leerproces.
Doel:
o zichtbaar maken waar leerlingen staan
o bepalen welke ondersteuning nodig is
o lessen en begeleiding bijsturen
Nodig om doelgericht te differentiëren.
Kan gebeuren via:
o Toetsen
o Observaties
o Oefeningen
o gesprekken met leerlingen
Voordelen:
o versterkt interactie tussen leraar en leerling
o bevordert reflectie en samenwerking
taalvaardigheid
1. Inleiding
Evaluatie is een onderdeel van het leerproces.
Via evaluatie krijg je zicht op:
o wat leerlingen al kunnen op het vlak van taalvaardigheid
o welke ontwikkeling ze hebben doorgemaakt
o welke noden ze hebben
Evaluatie helpt de leerkracht om de ondersteuning bij te sturen
Een cijfer voor Nederlands op het rapport is geen doel op zich.
Het rapport dient om de evaluatie te communiceren naar ouders.
Het evalueren en opvolgen van taalvaardigheid is cruciaal om:
o de taalontwikkeling te bevorderen
o het taalonderwijs aan te passen
Als leerkracht evalueer je via een combinatie van: Toetsing, Observatie,
Reflectie
De cursus is opgebouwd rond vier centrale vragen:
o Waarom evalueren we?
o Wat willen en evalueren we?
o Hoe evalueren we (welke evaluatievormen)?
o Hoe volgen we de resultaten op?
2. Waarom evalueren?
Er wordt veel tijd, energie en geld geïnvesteerd in:
o Toetsen
o Leerlingvolgsystemen
o observatie-instrumenten
Evaluatie-instrumenten komen van:
o Methodes
o Onderwijsmarkt
o overheid (centrale taaltoetsen)
Waarom evaluatie als schoolteam:
Informatieverstrekkende functie:
o leerlingen, ouders, collega’s en externen informeren
Ondersteunende functie:
o onderwijs bijsturen
o leerlingen leren hun leerproces sturen
o ouders en externen ondersteunen
Besluitvoerende functie: beslissingen nemen over:
doorstroom en uitstroom
studiekeuze
doorverwijzing
externe hulpverlening
,2.1 In de praktijk
Leerkrachten volgen taalvaardigheid op via verschillende
evaluatievormen.
Evaluatie gebeurt niet alleen via toetsen, maar ook via:
o observatie
o gesprekken
o reflectiemomenten
Voorbeelden uit de praktijk:
Juf Anna: gebruikt een spellingstoets, koppelt de resultaten aan haar
lesinhoud
Juf Layla: organiseert redactievergaderingen, laat leerlingen reflecteren op
schrijfproducten, geeft onmiddellijke feedback tijdens het schrijven
Juf Marine: observeert lees- en schrijfvaardigheid in de thuistaal, gebruikt
info om te differentiëren en haar les aan te passen
Meester Alex: zet preteaching in bij moeilijke nieuwe begrippen
Meester Niels: differentieert met een stappenplan, biedt extra
ondersteuning waar nodig
Evaluatie en reflectie zijn onlosmakelijk verbonden met krachtig
taalonderwijs.
Door breed te evalueren:
o krijg je een volledig beeld van het leerproces
o worden leerlingen actief betrokken bij hun eigen leren
2.2 Wat is breed evalueren?
Evalueren bestaat uit drie acties:
o Vaststellen: informatie verzamelen over het leerproces van de
leerling (beginsituatie, vorderingen, eindproduct).
o Beoordelen: de verzamelde informatie analyseren en interpreteren.
o Handelen: de informatie delen met betrokkenen en inspelen op de
noden van de leerlingen.
Om een volledig beeld van de taalvaardigheid van leerlingen te krijgen,
is brede evaluatie nodig.
Bij brede evaluatie:
o kijk je naar sterktes, groeipunten, talenten en mogelijkheden
van de leerling
o gebruik je verschillende perspectieven
o evalueer je op verschillende momenten
o gebruik je verschillende evaluatie-instrumenten
o evalueer je in verschillende situaties
Een krachtig evaluatiebeleid combineert verschillende vormen van
evaluatie.
Als evaluatie zich beperkt tot één kant (bv. alleen toetsen), is ze niet
breed genoeg.
Door evaluatiepraktijken te spreiden, krijg je een rijker en vollediger
beeld van leerlingen.
, Evalueren dient niet alleen om te beoordelen, maar ook om leren te
bevorderen.
Volgens John Hattie: evalueren moet leren zichtbaar maken.
Evaluatie helpt leerkrachten én leerlingen om het leerproces beter te
begrijpen en bij te sturen.
4 assen:
2.3 Summatieve en formatieve evaluatie
Een goed evaluatiesysteem beoordeelt zowel het eindproduct als het
leerproces.
Er wordt een onderscheid gemaakt tussen:
o summatieve evaluatie
o formatieve evaluatie
Beide evaluatievormen zijn waardevol en vullen elkaar aan.
Summatieve evaluatie
Gericht op de leeruitkomst (het resultaat).
Gebruikt op het einde van een leerproces (bv. thema, schooljaar).
Doel:
o nagaan of een leerling de leerstof voldoende beheerst
o beslissingen nemen over doorstroom of vervolg
Beperkingen:
o vaak kort en beperkt
o meet vooral wat makkelijk te toetsen is
o geeft geen volledig beeld van vaardigheden en attitudes
Risico’s:
o te veel toetsen
o teaching to the test (onderwijs afstemmen op de toets i.p.v. op
leerlingennoden)
Formatieve evaluatie
Evaluatie om te leren, niet van het leren.
Gericht op het versterken van het leerproces.
Doel:
o zichtbaar maken waar leerlingen staan
o bepalen welke ondersteuning nodig is
o lessen en begeleiding bijsturen
Nodig om doelgericht te differentiëren.
Kan gebeuren via:
o Toetsen
o Observaties
o Oefeningen
o gesprekken met leerlingen
Voordelen:
o versterkt interactie tussen leraar en leerling
o bevordert reflectie en samenwerking