ETHIEK IN DE SPORT
WAT IS ETHIEK ?
Ethische kwesties:
- Een topsporter die niet alles doet om te winnen, neemt zijn sport niet serieus.
ð Topsport gaat over winnen en geld
ð Algemene sport meer over deelnemen en plezier
- Transgender atleten zouden in elke categorie moeten kunnen deelnemen die past bij hun
identiteit.
- Als iedereen doping zou mogen gebruiken, is het weer eerlijk.
- Ongemakkelijk voelen in de fitness (gymtimidation)
- Filmen in de kleedkamers tegen diefstal (veiligheid vs. privacy)
- Intieme coaches bij sportclubs
- Filmen in de kleedkamers bij eigen familieleden
- Nafi Thiam en gedragscode niet ondertekenen (sponsering, portretrechten)
Ethiek = wetenschappelijke discipline die systematisch en gestructureerd reflecteert over zowel de
feitelijke waarden die de keuzes van mensen bepalen (moraal) als over hoe mensen zouden moeten zijn
of wat zij zouden moeten doen om een goed leven te hebben
ð Nadenken over goed handelen/moraal
ð Geen reflectie op moraal
Moraal = niveau van handelen
ð Geheel van waarden, normen en opvattingen bij een persoon, groep of in een samenleving die je
nu eenmaal volgt waar je jezelf gewoon achter stelt en geeft je leven structuur
ð Allendaagse discussies over veelzijdige onderwerpen
Vormen ethiek:
1. Descriptieve ethiek
ð Beschrijven hoe mensen zich gedragen bij morele kwesties en beargumenteren
Ø Doping, fair play
ð Bestaan en ontstaan van waarden en normen
ð Zonder een oordeel te vellen
2. Normatieve ethiek
ð Reflecteren over juistheid van morele opvattingen/waarden
ð Hoe moeten we moreel juist handelen
ð Keuze onderbouwen met argumenten
3. Prescriptieve ethiek
ð Voorschrijven regels/normen
1
, ð Deontologie
Gevolgen ethiek:
1. Gevolgenethiek
ð Een keuze, dilemma
ð Afweging tussen argumenten
ð Nadruk op gevolgen van daad en niet op bedoeling
Ø Voorrang krijgen bij gezondheidszorg: werkende mens of gepensioneerden
2. Beginselenethiek
ð Tegenstanders van het voorgaande
ð Nadruk op motief, intentie
ð Meerdere elementen/beginselen die in overweging dienen genomen te worden
Ø Tegemoet komen aan min. 1 beginsel
Ø Onafhankelijk van de gevolgen
Ø Gelijkheid, non-discriminatie, recht op privacy
3. Deugdenethiek
ð Deugd = karaktereigenschap van mens (positief)
Ø Eerlijk, trouw, liefdevol en deugdzaam handelen
ð Opvoeding
Ø Rolmodellen, verhalen, tradities
Ø Bij de sportclub, vrije tijd
Waarden = betekenisgevend ideaal
ð Overtuiging over wat nagestreefd zou moeten worden
Ø Niet neutraal
Ø Autonomie, klantvriendelijkheid, veiligheid, confidentialiteit
ð Motiveren en legitimeren menselijke handelen
Ø Niet perse overeenstemming met de wet
Ø Autonomie
Waarden:
- Waarden zijn overal
- Wat voor ons van belang is
- Moeten worden verdedigd
ð Gerealiseerd door gedrag en praten
- Maken deel uit van een cultuur
ð Micro, meso en macroniveau
Ø Inclusiviteit, eerlijkheid, respect, gelijkheid
Feiten:
- Niet gelijk aan waarden
- Netwerk van waarden geven structuur
- Objectief en wetenschappelijk
2
,Normen:
ð Gedragsregels, spelregels
ð Overtuigingen over wat mensen moeten doen
ð Beschermen 1 of meerdere waarden (afgeleid uit waarden)
ð Zien wat mensen belangrijk vinden
Soorten normen:
1. Morele normen
Ø Geen vlees eten
2. Fatsoennormen
Ø Hand geven aan trainer
3. Juridische normen
Ø Afdwingbaar
Waarden en normen gebasseerd op:
- Maatschappij (macroniveau)
ð Politiek, recht, wetenschap, economie, media, publieke opinie
ð Invloed op hoe er gehandeld wordt naar wat goede zorg is
- Organisatie/groep (mesoniveau)
ð Hoe geef je goede zorg met beperkt budget
ð Welk beleid
ð Wat met conflicten
- Individu (microniveau)
ð Relatie tussen coach/hulpverlener en coachee/cliënt
ð Kwesties rond beroepsgeheim/informatieverstrekking
- Situatie (context)
Bedrijfsethiek:
ð Waarden en normen hebben invloed op bedrijf
3
, ð Stakeholders bedrijf: belang bij keuzes van bedrijf
Ø Intern vs. extern
Ø Economische vs. maatschappelijke stakeholders: investeerders, omwonenden
- Binnen organisatie
ð Discussie over ethische bedrijfsvragen binnen bedrijf
ð Niet geïnstutionaliseerd: tijdens werkzaamheden, gesprekken over…
ð Geïnstutionaliseerd: raad van bestuur, privacy
ð Bedrijven nemen medewerker aan die focust op recht en ethiek
ð Beroepscode
- Buiten organisate
ð In publieke ruimtes
ð Discussies buiten bedrijf: sociale media, vakbonden
ð Reputatie en imago van bedrijf
Ø Datalek, hoge salarisverhoging bedrijfsleider
Beroepsethiek = vragen stellen over verantwoorde uitoefening van beroep
ð Handelen vanuit functie in bedrijf
ð Doel: correct handelen ifv kwaliteit voor klant en collega’s
ð Beroepsmoraal: combinatie waarden en normen die gedragen zijn door beroepsbeoefenaren
Ø Beroepsgemeenschap, gedeelde kennis over spelers
ð Focus op werknemer, niet op bedrijf
ð Handelen
Ø Primair: aanspreekbaarheid op persoon
Ø Secundair: ook naar bedrijf
Moreel dilemma: waarden kunnen conflicteren
ð Gezondheidszorg
ETHIEK IN DE SPORT
Stelling: Sporten is gezond
- Ja: lichaamsbeweging positief voor hart-en vaatziekten + BD, osteoporose, rugpijn, mentale
gezondheid en welbevinden + als onderdeel bij behandeling
- Nee: meer blessures + overbelasting + ontwikkeling lichaam + slijtage + stress en druk
Stelling: Sport is goed voor de morele ontwikkeling
- Ja: eerlijk winnen en waardig verliezen + waarden als fairplay, samenwerken, respect
- Nee: rivaliteit, agressie, valsspelen en vernederen tegenstanders + ongepast gedrag
aangemoedigd + gevoel eigenwaarde daalt
Sport als middel:
1. Fysiek
ð Fysieke en gezonde levensstijl
ð Tegen obesitas
4
WAT IS ETHIEK ?
Ethische kwesties:
- Een topsporter die niet alles doet om te winnen, neemt zijn sport niet serieus.
ð Topsport gaat over winnen en geld
ð Algemene sport meer over deelnemen en plezier
- Transgender atleten zouden in elke categorie moeten kunnen deelnemen die past bij hun
identiteit.
- Als iedereen doping zou mogen gebruiken, is het weer eerlijk.
- Ongemakkelijk voelen in de fitness (gymtimidation)
- Filmen in de kleedkamers tegen diefstal (veiligheid vs. privacy)
- Intieme coaches bij sportclubs
- Filmen in de kleedkamers bij eigen familieleden
- Nafi Thiam en gedragscode niet ondertekenen (sponsering, portretrechten)
Ethiek = wetenschappelijke discipline die systematisch en gestructureerd reflecteert over zowel de
feitelijke waarden die de keuzes van mensen bepalen (moraal) als over hoe mensen zouden moeten zijn
of wat zij zouden moeten doen om een goed leven te hebben
ð Nadenken over goed handelen/moraal
ð Geen reflectie op moraal
Moraal = niveau van handelen
ð Geheel van waarden, normen en opvattingen bij een persoon, groep of in een samenleving die je
nu eenmaal volgt waar je jezelf gewoon achter stelt en geeft je leven structuur
ð Allendaagse discussies over veelzijdige onderwerpen
Vormen ethiek:
1. Descriptieve ethiek
ð Beschrijven hoe mensen zich gedragen bij morele kwesties en beargumenteren
Ø Doping, fair play
ð Bestaan en ontstaan van waarden en normen
ð Zonder een oordeel te vellen
2. Normatieve ethiek
ð Reflecteren over juistheid van morele opvattingen/waarden
ð Hoe moeten we moreel juist handelen
ð Keuze onderbouwen met argumenten
3. Prescriptieve ethiek
ð Voorschrijven regels/normen
1
, ð Deontologie
Gevolgen ethiek:
1. Gevolgenethiek
ð Een keuze, dilemma
ð Afweging tussen argumenten
ð Nadruk op gevolgen van daad en niet op bedoeling
Ø Voorrang krijgen bij gezondheidszorg: werkende mens of gepensioneerden
2. Beginselenethiek
ð Tegenstanders van het voorgaande
ð Nadruk op motief, intentie
ð Meerdere elementen/beginselen die in overweging dienen genomen te worden
Ø Tegemoet komen aan min. 1 beginsel
Ø Onafhankelijk van de gevolgen
Ø Gelijkheid, non-discriminatie, recht op privacy
3. Deugdenethiek
ð Deugd = karaktereigenschap van mens (positief)
Ø Eerlijk, trouw, liefdevol en deugdzaam handelen
ð Opvoeding
Ø Rolmodellen, verhalen, tradities
Ø Bij de sportclub, vrije tijd
Waarden = betekenisgevend ideaal
ð Overtuiging over wat nagestreefd zou moeten worden
Ø Niet neutraal
Ø Autonomie, klantvriendelijkheid, veiligheid, confidentialiteit
ð Motiveren en legitimeren menselijke handelen
Ø Niet perse overeenstemming met de wet
Ø Autonomie
Waarden:
- Waarden zijn overal
- Wat voor ons van belang is
- Moeten worden verdedigd
ð Gerealiseerd door gedrag en praten
- Maken deel uit van een cultuur
ð Micro, meso en macroniveau
Ø Inclusiviteit, eerlijkheid, respect, gelijkheid
Feiten:
- Niet gelijk aan waarden
- Netwerk van waarden geven structuur
- Objectief en wetenschappelijk
2
,Normen:
ð Gedragsregels, spelregels
ð Overtuigingen over wat mensen moeten doen
ð Beschermen 1 of meerdere waarden (afgeleid uit waarden)
ð Zien wat mensen belangrijk vinden
Soorten normen:
1. Morele normen
Ø Geen vlees eten
2. Fatsoennormen
Ø Hand geven aan trainer
3. Juridische normen
Ø Afdwingbaar
Waarden en normen gebasseerd op:
- Maatschappij (macroniveau)
ð Politiek, recht, wetenschap, economie, media, publieke opinie
ð Invloed op hoe er gehandeld wordt naar wat goede zorg is
- Organisatie/groep (mesoniveau)
ð Hoe geef je goede zorg met beperkt budget
ð Welk beleid
ð Wat met conflicten
- Individu (microniveau)
ð Relatie tussen coach/hulpverlener en coachee/cliënt
ð Kwesties rond beroepsgeheim/informatieverstrekking
- Situatie (context)
Bedrijfsethiek:
ð Waarden en normen hebben invloed op bedrijf
3
, ð Stakeholders bedrijf: belang bij keuzes van bedrijf
Ø Intern vs. extern
Ø Economische vs. maatschappelijke stakeholders: investeerders, omwonenden
- Binnen organisatie
ð Discussie over ethische bedrijfsvragen binnen bedrijf
ð Niet geïnstutionaliseerd: tijdens werkzaamheden, gesprekken over…
ð Geïnstutionaliseerd: raad van bestuur, privacy
ð Bedrijven nemen medewerker aan die focust op recht en ethiek
ð Beroepscode
- Buiten organisate
ð In publieke ruimtes
ð Discussies buiten bedrijf: sociale media, vakbonden
ð Reputatie en imago van bedrijf
Ø Datalek, hoge salarisverhoging bedrijfsleider
Beroepsethiek = vragen stellen over verantwoorde uitoefening van beroep
ð Handelen vanuit functie in bedrijf
ð Doel: correct handelen ifv kwaliteit voor klant en collega’s
ð Beroepsmoraal: combinatie waarden en normen die gedragen zijn door beroepsbeoefenaren
Ø Beroepsgemeenschap, gedeelde kennis over spelers
ð Focus op werknemer, niet op bedrijf
ð Handelen
Ø Primair: aanspreekbaarheid op persoon
Ø Secundair: ook naar bedrijf
Moreel dilemma: waarden kunnen conflicteren
ð Gezondheidszorg
ETHIEK IN DE SPORT
Stelling: Sporten is gezond
- Ja: lichaamsbeweging positief voor hart-en vaatziekten + BD, osteoporose, rugpijn, mentale
gezondheid en welbevinden + als onderdeel bij behandeling
- Nee: meer blessures + overbelasting + ontwikkeling lichaam + slijtage + stress en druk
Stelling: Sport is goed voor de morele ontwikkeling
- Ja: eerlijk winnen en waardig verliezen + waarden als fairplay, samenwerken, respect
- Nee: rivaliteit, agressie, valsspelen en vernederen tegenstanders + ongepast gedrag
aangemoedigd + gevoel eigenwaarde daalt
Sport als middel:
1. Fysiek
ð Fysieke en gezonde levensstijl
ð Tegen obesitas
4