Vergelijkende tandanatomie
Basisnomenclatuur voor het verstaan van
tandmorfologie
Benaming melktanden:
- Dentes Incisivi
= Snijtanden
8
- Dentes Canini
= Hoektanden
4
- Dentes Premolares
= Kleine maaltanden /
voorkiezen
/
- Dentes Molares
= Grote maaltanden /
kiezen
8
TOTAAL : 20
Benaming definitieve snijtanden:
- Dentes Incisivi
= Snijtanden
8
- Dentes Canini
= Hoektanden
4
- Dentes Premolares
= Kleine maaltanden / voorkiezen
8
- Dentes Molares
= Grote maaltanden / kiezen
12
, TOTAAL : 32
Tandidentificatiesystemen:
, FDI-notatie (internationale tandnummering)
Definitieve tanden:
Het gebit wordt verdeeld in vier kwadranten:
1 = Rechter bovenkaak (Rechter BK – I, blauw)
2 = Linker bovenkaak (Linker BK – II, groen)
3 = Linker onderkaak (Linker OK – III, rood)
4 = Rechter onderkaak (Rechter OK – IV, geel)
Binnen elk kwadrant worden de tanden genummerd van 1 t.e.m. 8, te
beginnen bij het midden (snijtand) naar achter (wijsheidstand).
Elke tand heeft dus twee cijfers:
Het eerste cijfer = kwadrant (1–4)
Het tweede cijfer = de positie binnen dat kwadrant (1–8)
= tandenboog met aanwezige of aangeduide tanden
- Links zie je 44 → dat is de rechter onderkaak, tweede premolaar.
- In het midden staan 24, 27, 28 en 47, 48 → dit zijn dus boven
links (2e kwadrant) en onder rechts (4e kwadrant).
- Rechts staan 11, 15 en 35 → dit zijn de bovenste rechter
centrale snijtand, bovenste rechter tweede premolaar en de
onderste linker tweede premolaar.