Samenvatting Arbeidsrecht
Module 1: Algemene inleiding
Hoofdstuk 1 Inleiding
Het sociaal recht omvat het arbeidsrecht en het sociale zekerheidsrecht
- Het arbeidsrecht: regelt de verhouding tussen de werkgevers en de
werknemers
- Het sociaal zekerheidsrecht: organiseert de professionele en sociale
solidariteit
Historiek:
- Voor de Franse revolutie: het stelsel van de corporaties
- 1791: verbod oprichting corporaties (de wet “Le Chapelier”)
- 1867: opheffing van het verbod oprichting corporaties (recht op
vereniging, economisch liberalisme)
- 1886: zware onlusten in Luik en Henegouwen (parlementaire
commissie; eerste wet ter bescherming van de werknemers)
- 1919: algemeen enkelvoudig stemrecht
- 1948: vrouwenstemrecht
- Na WOII: “Le pacte social”
Module 2: De collectieve arbeidsverhoudingen
,Hoofdstuk 1: De organisaties voor werknemers en voor
werkgevers
Organisaties voor werknemers:
- Professionele vakorganisaties (vakbonden)
Per bedrijfstak (bv. ACV-CSC METEA; BTB)
- Interprofessionele vakorganisaties (vakbonden)
Aangesloten vakorganisaties (bv. ABVV, ACLVB, ACV)
Organisaties voor werkgevers:
- Professionele werkgeversorganisaties
Per bedrijfstak (bv. AGORIA; ASSURALIA; COMEOS)
- Interprofessionele werkgeversorganisaties
Aangeslote professionele werkgeversorganisaties (bv. VBO)
Rechtspersoonlijkheid
Functionele rechtspraktijk (bv. CAO sluiten, kandidaten voordragen voor
ondernemingsraden en comités voor preventie en bescherming op het
werk)
Hoofdstuk 2: Het collectief overleg
1. Begrip “bedrijfsorganisatie
= De oprichting, bevoegdheid, samenstelling en werken van de
instellingen van overleg tussen werkgevers en werknemers
Bevoegd voor economische of sociale materies op nationaal, regionaal
of ondernemingsniveau
Overlegorganen op federaal en regionaal niveau
- Vlaams gewest
De Sociaal-Economische Raad van Vlaanderen (SERV):
interprofessioneel overleg
Het Vlaams Economisch-Sociaal Overlegcomité (VESOC):
overleg tussen de sociale gesprekspartners van de Vlaamse
regering
De sectorale commissies in de schoot van de SERV voor het
sectoraal overleg
De overlegorganen op federaal niveau (vertegenwoordigers van de
representatieve werkgevers- en werknemersorganisaties)
Niveau Economisch gebied Sociaal gebied
Nationaal Centrale Raad voor Nationale Arbeidsraad
Interprofessioneel het Bedrijfsleven (NAR)
(CRB) Nationaal Paritair Comité
Professioneel Nationaal Paritair
Subcomité
Regionaal Regionaal Paritair
professioneel Comité
Regionaal Paritair
, Subcomité
Ondernemingen Ondernemingsraad Comité voor Preventie
en Bescherming op het
Werk
Minimumloon wordt beslist bij NAR
2. Representativiteit van de organisaties voor werknemers en voor
werkgevers
De overlegorganen bevoegd voor economische en sociale materies zijn
samengesteld uit vertegenwoordigers van de representatieve organisaties
voor werkgevers en werknemers.
Volgende organisaties worden beschouwd als representatief:
- Interprofessionele werkgevers- en werknemersorganisaties die
opgericht zijn voor het hele land en die zijn vertegenwoordigd in de
Centrale Raad voor het Bedrijfsleven en in de Nationale Arbeidsraad
- Vakorganisaties die zijn aangesloten bij of deel uitmaken vaan een
hierboven vermelde interprofessionele organisatie
3. Nationale Arbeidsraad (NAR)
Paritaire samenstelling = gelijk aantal vertegenwoordigers van de
werkgevers- en werknemersorganisaties
(dus de werkgever heeft geen stem die beslissend kan zijn
onderhandelingen nodig voor tot akkoord te komen)
Vertegenwoordigers worden voorgesteld door de representatieve
werknemersorganisatie (ABVV, ACLVB, ACV), Het VBO, de representatieve
middenstandsorganisaties (o.a. UNIZO) en door de representatieve
landbouworganisaties (o.a. Boerenbond)
Adviserende bevoegdheid (minister en parlement over sociale kwesties)
en bevoegdheid om op nationaal en interprofessioneel bindende CAO’s te
sluiten
Rol van NAR: adviserende bevoegdheid, minsister en bevoegde minister te
adviseren
, 4. Paritaire comités en paritaire subcomités
op niveau van de bedrijfstakken
paritaire samenstelling = vertegenwoordigers van de representatieve
professionele werkgevers- en werknemersorganisaties
Opdrachten:
- CAO’s sluiten
- Geschillen tussen werkgevers en werknemers voorkomen of
bijleggen
- De regering, NAR en CRB adviseren
- Elke andere taak vervullen door of krachtens de wet toevertrouwd
De comités hebben een nummer per bedrijfstak:
- Bevoegd voor arbeiders en hun werkgevers: honderdtallen
- Bevoegd voor bedienden en hun werkgevers: tweehonderdtallen
- Bevoegd voor werknemers in het algemeen en hun werkgevers
Bv. 124 Paritair Comité bouwbedrijf, 227 Paritair Comité voor de
audiovisuele sector, 301 Paritair Comité voor het havenbedrijf
5. Ondernemingsraad (OR)
Begrip
Een OR wordt opgericht op het niveau van de onderneming voor het
overleg en de samenwerking voor arbeidsaangelegenheden op
economisch en sociaal gebied
Verplichtingen tot oprichting van een OR
In elke onderneming of technische bedrijfseenheid die gemiddeld 100
werknemers telt
(technische eenheid wordt bepaald op grond van sociale en economische
criteria)
Het gemiddeld aantal werknemers wordt berekend over een periode
van 4 kwartalen
Berekening van het gemiddeld aantal werknemers: arbeiders,
bedienden inclusief het kaderpersoneel en het leidinggevend personeel,
huisarbeiders, leerlingen en studenten
SJOEMELEN; bedrijven splitsen zich in verschillende eenheden en zeggen
“wij zijn niet met 100” daardoor is er een technische bedrijfseenheid
gekomen
Samenstelling OR
Module 1: Algemene inleiding
Hoofdstuk 1 Inleiding
Het sociaal recht omvat het arbeidsrecht en het sociale zekerheidsrecht
- Het arbeidsrecht: regelt de verhouding tussen de werkgevers en de
werknemers
- Het sociaal zekerheidsrecht: organiseert de professionele en sociale
solidariteit
Historiek:
- Voor de Franse revolutie: het stelsel van de corporaties
- 1791: verbod oprichting corporaties (de wet “Le Chapelier”)
- 1867: opheffing van het verbod oprichting corporaties (recht op
vereniging, economisch liberalisme)
- 1886: zware onlusten in Luik en Henegouwen (parlementaire
commissie; eerste wet ter bescherming van de werknemers)
- 1919: algemeen enkelvoudig stemrecht
- 1948: vrouwenstemrecht
- Na WOII: “Le pacte social”
Module 2: De collectieve arbeidsverhoudingen
,Hoofdstuk 1: De organisaties voor werknemers en voor
werkgevers
Organisaties voor werknemers:
- Professionele vakorganisaties (vakbonden)
Per bedrijfstak (bv. ACV-CSC METEA; BTB)
- Interprofessionele vakorganisaties (vakbonden)
Aangesloten vakorganisaties (bv. ABVV, ACLVB, ACV)
Organisaties voor werkgevers:
- Professionele werkgeversorganisaties
Per bedrijfstak (bv. AGORIA; ASSURALIA; COMEOS)
- Interprofessionele werkgeversorganisaties
Aangeslote professionele werkgeversorganisaties (bv. VBO)
Rechtspersoonlijkheid
Functionele rechtspraktijk (bv. CAO sluiten, kandidaten voordragen voor
ondernemingsraden en comités voor preventie en bescherming op het
werk)
Hoofdstuk 2: Het collectief overleg
1. Begrip “bedrijfsorganisatie
= De oprichting, bevoegdheid, samenstelling en werken van de
instellingen van overleg tussen werkgevers en werknemers
Bevoegd voor economische of sociale materies op nationaal, regionaal
of ondernemingsniveau
Overlegorganen op federaal en regionaal niveau
- Vlaams gewest
De Sociaal-Economische Raad van Vlaanderen (SERV):
interprofessioneel overleg
Het Vlaams Economisch-Sociaal Overlegcomité (VESOC):
overleg tussen de sociale gesprekspartners van de Vlaamse
regering
De sectorale commissies in de schoot van de SERV voor het
sectoraal overleg
De overlegorganen op federaal niveau (vertegenwoordigers van de
representatieve werkgevers- en werknemersorganisaties)
Niveau Economisch gebied Sociaal gebied
Nationaal Centrale Raad voor Nationale Arbeidsraad
Interprofessioneel het Bedrijfsleven (NAR)
(CRB) Nationaal Paritair Comité
Professioneel Nationaal Paritair
Subcomité
Regionaal Regionaal Paritair
professioneel Comité
Regionaal Paritair
, Subcomité
Ondernemingen Ondernemingsraad Comité voor Preventie
en Bescherming op het
Werk
Minimumloon wordt beslist bij NAR
2. Representativiteit van de organisaties voor werknemers en voor
werkgevers
De overlegorganen bevoegd voor economische en sociale materies zijn
samengesteld uit vertegenwoordigers van de representatieve organisaties
voor werkgevers en werknemers.
Volgende organisaties worden beschouwd als representatief:
- Interprofessionele werkgevers- en werknemersorganisaties die
opgericht zijn voor het hele land en die zijn vertegenwoordigd in de
Centrale Raad voor het Bedrijfsleven en in de Nationale Arbeidsraad
- Vakorganisaties die zijn aangesloten bij of deel uitmaken vaan een
hierboven vermelde interprofessionele organisatie
3. Nationale Arbeidsraad (NAR)
Paritaire samenstelling = gelijk aantal vertegenwoordigers van de
werkgevers- en werknemersorganisaties
(dus de werkgever heeft geen stem die beslissend kan zijn
onderhandelingen nodig voor tot akkoord te komen)
Vertegenwoordigers worden voorgesteld door de representatieve
werknemersorganisatie (ABVV, ACLVB, ACV), Het VBO, de representatieve
middenstandsorganisaties (o.a. UNIZO) en door de representatieve
landbouworganisaties (o.a. Boerenbond)
Adviserende bevoegdheid (minister en parlement over sociale kwesties)
en bevoegdheid om op nationaal en interprofessioneel bindende CAO’s te
sluiten
Rol van NAR: adviserende bevoegdheid, minsister en bevoegde minister te
adviseren
, 4. Paritaire comités en paritaire subcomités
op niveau van de bedrijfstakken
paritaire samenstelling = vertegenwoordigers van de representatieve
professionele werkgevers- en werknemersorganisaties
Opdrachten:
- CAO’s sluiten
- Geschillen tussen werkgevers en werknemers voorkomen of
bijleggen
- De regering, NAR en CRB adviseren
- Elke andere taak vervullen door of krachtens de wet toevertrouwd
De comités hebben een nummer per bedrijfstak:
- Bevoegd voor arbeiders en hun werkgevers: honderdtallen
- Bevoegd voor bedienden en hun werkgevers: tweehonderdtallen
- Bevoegd voor werknemers in het algemeen en hun werkgevers
Bv. 124 Paritair Comité bouwbedrijf, 227 Paritair Comité voor de
audiovisuele sector, 301 Paritair Comité voor het havenbedrijf
5. Ondernemingsraad (OR)
Begrip
Een OR wordt opgericht op het niveau van de onderneming voor het
overleg en de samenwerking voor arbeidsaangelegenheden op
economisch en sociaal gebied
Verplichtingen tot oprichting van een OR
In elke onderneming of technische bedrijfseenheid die gemiddeld 100
werknemers telt
(technische eenheid wordt bepaald op grond van sociale en economische
criteria)
Het gemiddeld aantal werknemers wordt berekend over een periode
van 4 kwartalen
Berekening van het gemiddeld aantal werknemers: arbeiders,
bedienden inclusief het kaderpersoneel en het leidinggevend personeel,
huisarbeiders, leerlingen en studenten
SJOEMELEN; bedrijven splitsen zich in verschillende eenheden en zeggen
“wij zijn niet met 100” daardoor is er een technische bedrijfseenheid
gekomen
Samenstelling OR