SAMENVATTING INLEIDING INTEGRALE
VEILIGHEID
ALGEMENE BERGIPPEN
VEILIGHEID
Vaststelling: In de SL neiging om heel wat problemen
door de bril van veiligheid te bekijken (al dan niet terecht)
Bv. vluchtelingenstroom bij een oorlog
Bv. tekorten in de kinderopvang/onderwijs
Bv. energiecrisis
Maslow (1943): veiligheid als basisbehoefte
Veiligheid = het effectief beschermd zijn (obj.) en zich beschermd voelen (subj.)
tegen persoonlijk leed, tegen de aantasting van de lichamelijke en geestelijke
integriteit
Lichamelijke versus geestelijke bescherming
Lichamelijk (!): bescherming tegen ongeoorloofd aantasten van het lichaam van
een persoon
Bescherming tegen ongewenste ingrepen, verwondingen en/of
onnatuurlijke dood
Geestelijk: bescherming tegen psychische problemen
Angst voor dreigingen van buitenaf en psychische problemen tgv onveilige
situatie waarin men zich bevindt
Andere vormen van leed vallen hier vaak ook onder
Vb. Financieel leed, materieel leed
SAFETY-SECURITY
1
,VEILIGHEIDSBELEID – VEILIGHEIDSZORG
Veiligheidszorg = alles wat mensen doen om de lichamelijke en geestelijke
integriteit te beschermen
Veiligheidsbeleid = het geheel aan maatregelen dat door de OH, een bedrijf,
een publieke instelling… wordt genomen om in de veiligheid van haar burgers,
werknemers, bezoekers… te
voorzien.
(zonaal) Veiligheidsplan
INTEGRALE VEILIGHEID - BRIL
Volledig, allesomvattend
Problemen in een breder perspectief plaatsen
- Oorzaken? Op zoek naar samenhang met andere problemen
Aanpakken met alle relevante actoren (cfr. geïntegreerd)
- Komen tot duurzamere antwoorden
1. Tijd : hoe ontstaan? Hoe voortbestaan? Hoe herhaling voorkomen?
o Geen momentopname, maar proces
Oorzaak-gevolg keten: waar begon het?
Voorbeeld ‘inbraak’:
hoe kan dat voorkomen worden?, waar is de inbraak
ontstaan?
hoe kan de schade hersteld worden/het slachtoffer
opgevangen worden?
o Niet enkel kijken naar heden, ook verleden en toekomst
o Veiligheidsketen, preventiepiramide,…: later
2
, 2. Ruimte: hoe breder ingebed?
o Niet altijd een uitsluitend lokale aangelegenheid
o Wijk-, gemeente-, provincie-, landsoverschrijdend
Welke bestuurslagen/actoren zijn er dan verantwoordelijk?
o Voorbeeld:
mensensmokkel, terrorisme, computercriminaliteit, …
jeugdoverlast, inbraak, …
o (!) Verplaatsingseffect: geografische verplaatsing
Vb. inbraak
3. Sociale netwerken: wie is erbij betrokken?
o Niet 1 persoon of één enkele organisatie, maar
samenwerkingsverbanden, coalities van (veiligheids)partners zijn
belangrijk in de aanpak
BaMV’er als brugfiguur
o Informatie-uitwisseling
o Voorbeeld ‘inbraak’:
Lokale overheid (stedelijke preventiedienst), lokale politie,
woningcoöperaties, wijkdiensten, buurtbewoners, OCMW’s…
4. Kennisgebied: welke inzichten zijn nuttig?
o Multidisciplinaire benadering en aanpak (verschillende
kennisgebieden en disciplines integreren)
Voorbeeld ‘inbraak’:
Modus operandi daders, preventiemaatregelen inbraak,
CPTED…
Psychologische en sociologische inzichten (kenmerken
van daders en slachtoffers)…
o Oplossingen vanuit verschillende invalshoeken zoeken
Integrale bril is niet:
- Alle veiligheidsproblemen op een hoop gooien
- Afdwalen van het oorspronkelijk probleem
Integrale bril is wel:
- Kijken vanuit breder perspectief
- Op zoek gaan naar de achterliggende oorzaken
Elk veiligheidsprobleem – en leefbaarheidsprobleem kan met een integrale bril
bekeken worden
DUS integrale veiligheid = alle vormen van veiligheid in samenhang
aanpakken, in plaats van versnipperd per deelgebied
3
, Schema van veiligheid = examenvraag
SCHEMA VAN VEILIGHEID
1. Leed?
- Nee = geen veiligheidskwestie schema stopt
- Ja = veiligheidskwestie
o Geestelijke en/of lichamelijke leed?
Wie? (breed)
o Subjectieve en/of objectieve veiligheid?
Subjectief: iets over gevoel?
Objectief: iets over registratie/ feiten?
Bv. pv, hulpdiensten,.. = ja (objectieve veiligheid)
Objectieve veiligheid = feitelijke veiligheid
Meten en tellen
- Aantal en omvang van uiterlijk waarneembare verschijnselen
- Meerdere personen kunnen dit doen
- Resultaten zijn onafhankelijk van diegene die telt/meet
Gemeten niveau op een vooraf bepaalde schaal van veiligheid
(~veiligheidsbeleid)
Officiële registraties
o Dark number = niet geregistreerde criminaliteit
o Grey number = wel bij politie terecht maar niet in registraties te
kort aan bewijs, capaciteit
Slachtofferbevragingen veiligheidsmonitor
Daderbevragingen uitzonderlijk want blijven anoniem anders voor
wetenschappelijk onderzoek
Subjectieve veiligheid = (on)veiligheidsgevoelens
persoonlijke zaak, eigen beleving, veranderlijk
Bepaald door factoren anders dan criminaliteit
Soms subjectieve onveiligheid = objectieve onveiligheid
Soms subjectieve onveiligheid < objectieve onveiligheid
Soms objectieve onveiligheid < subjectieve onveiligheid
4
VEILIGHEID
ALGEMENE BERGIPPEN
VEILIGHEID
Vaststelling: In de SL neiging om heel wat problemen
door de bril van veiligheid te bekijken (al dan niet terecht)
Bv. vluchtelingenstroom bij een oorlog
Bv. tekorten in de kinderopvang/onderwijs
Bv. energiecrisis
Maslow (1943): veiligheid als basisbehoefte
Veiligheid = het effectief beschermd zijn (obj.) en zich beschermd voelen (subj.)
tegen persoonlijk leed, tegen de aantasting van de lichamelijke en geestelijke
integriteit
Lichamelijke versus geestelijke bescherming
Lichamelijk (!): bescherming tegen ongeoorloofd aantasten van het lichaam van
een persoon
Bescherming tegen ongewenste ingrepen, verwondingen en/of
onnatuurlijke dood
Geestelijk: bescherming tegen psychische problemen
Angst voor dreigingen van buitenaf en psychische problemen tgv onveilige
situatie waarin men zich bevindt
Andere vormen van leed vallen hier vaak ook onder
Vb. Financieel leed, materieel leed
SAFETY-SECURITY
1
,VEILIGHEIDSBELEID – VEILIGHEIDSZORG
Veiligheidszorg = alles wat mensen doen om de lichamelijke en geestelijke
integriteit te beschermen
Veiligheidsbeleid = het geheel aan maatregelen dat door de OH, een bedrijf,
een publieke instelling… wordt genomen om in de veiligheid van haar burgers,
werknemers, bezoekers… te
voorzien.
(zonaal) Veiligheidsplan
INTEGRALE VEILIGHEID - BRIL
Volledig, allesomvattend
Problemen in een breder perspectief plaatsen
- Oorzaken? Op zoek naar samenhang met andere problemen
Aanpakken met alle relevante actoren (cfr. geïntegreerd)
- Komen tot duurzamere antwoorden
1. Tijd : hoe ontstaan? Hoe voortbestaan? Hoe herhaling voorkomen?
o Geen momentopname, maar proces
Oorzaak-gevolg keten: waar begon het?
Voorbeeld ‘inbraak’:
hoe kan dat voorkomen worden?, waar is de inbraak
ontstaan?
hoe kan de schade hersteld worden/het slachtoffer
opgevangen worden?
o Niet enkel kijken naar heden, ook verleden en toekomst
o Veiligheidsketen, preventiepiramide,…: later
2
, 2. Ruimte: hoe breder ingebed?
o Niet altijd een uitsluitend lokale aangelegenheid
o Wijk-, gemeente-, provincie-, landsoverschrijdend
Welke bestuurslagen/actoren zijn er dan verantwoordelijk?
o Voorbeeld:
mensensmokkel, terrorisme, computercriminaliteit, …
jeugdoverlast, inbraak, …
o (!) Verplaatsingseffect: geografische verplaatsing
Vb. inbraak
3. Sociale netwerken: wie is erbij betrokken?
o Niet 1 persoon of één enkele organisatie, maar
samenwerkingsverbanden, coalities van (veiligheids)partners zijn
belangrijk in de aanpak
BaMV’er als brugfiguur
o Informatie-uitwisseling
o Voorbeeld ‘inbraak’:
Lokale overheid (stedelijke preventiedienst), lokale politie,
woningcoöperaties, wijkdiensten, buurtbewoners, OCMW’s…
4. Kennisgebied: welke inzichten zijn nuttig?
o Multidisciplinaire benadering en aanpak (verschillende
kennisgebieden en disciplines integreren)
Voorbeeld ‘inbraak’:
Modus operandi daders, preventiemaatregelen inbraak,
CPTED…
Psychologische en sociologische inzichten (kenmerken
van daders en slachtoffers)…
o Oplossingen vanuit verschillende invalshoeken zoeken
Integrale bril is niet:
- Alle veiligheidsproblemen op een hoop gooien
- Afdwalen van het oorspronkelijk probleem
Integrale bril is wel:
- Kijken vanuit breder perspectief
- Op zoek gaan naar de achterliggende oorzaken
Elk veiligheidsprobleem – en leefbaarheidsprobleem kan met een integrale bril
bekeken worden
DUS integrale veiligheid = alle vormen van veiligheid in samenhang
aanpakken, in plaats van versnipperd per deelgebied
3
, Schema van veiligheid = examenvraag
SCHEMA VAN VEILIGHEID
1. Leed?
- Nee = geen veiligheidskwestie schema stopt
- Ja = veiligheidskwestie
o Geestelijke en/of lichamelijke leed?
Wie? (breed)
o Subjectieve en/of objectieve veiligheid?
Subjectief: iets over gevoel?
Objectief: iets over registratie/ feiten?
Bv. pv, hulpdiensten,.. = ja (objectieve veiligheid)
Objectieve veiligheid = feitelijke veiligheid
Meten en tellen
- Aantal en omvang van uiterlijk waarneembare verschijnselen
- Meerdere personen kunnen dit doen
- Resultaten zijn onafhankelijk van diegene die telt/meet
Gemeten niveau op een vooraf bepaalde schaal van veiligheid
(~veiligheidsbeleid)
Officiële registraties
o Dark number = niet geregistreerde criminaliteit
o Grey number = wel bij politie terecht maar niet in registraties te
kort aan bewijs, capaciteit
Slachtofferbevragingen veiligheidsmonitor
Daderbevragingen uitzonderlijk want blijven anoniem anders voor
wetenschappelijk onderzoek
Subjectieve veiligheid = (on)veiligheidsgevoelens
persoonlijke zaak, eigen beleving, veranderlijk
Bepaald door factoren anders dan criminaliteit
Soms subjectieve onveiligheid = objectieve onveiligheid
Soms subjectieve onveiligheid < objectieve onveiligheid
Soms objectieve onveiligheid < subjectieve onveiligheid
4