Verkennen van het werkveld 1
1. Welzijnsbeleid
1.1. Wat is welzijn?
Welzijn staat voor zich goed voelen en welbevinden.
Meer welzijn = minder zorgbehoefte. Welzijn heeft daarom prioriteit
boven zorg.
Het vertrekt vanuit de eigen kracht van mensen en wordt bevorderd
door:
o Sociale contacten
o Zinvolle dagbesteding
o Actieve deelname aan de samenleving
o Steun en hulp wanneer nodig
1.2. Wat is welzijnszorg?
Welzijnszorg is het antwoord uit de omgeving op de noodsituatie van een
individu of groepen die niet ten volle kunnen participeren aan het
maatschappelijk leven.
De omgeving kan zijn:
o Gezin en familiaal netwerk
o Lokaal netwerk (bv. jeugdclub)
o Zorgvoorziening (bv. CAW)
o Overheid (bv. opvangcentrum voor asielzoekers)
Het omvat ondersteuning zoals therapieën, begeleiding, activiteiten en
onderdak.
2. Welzijnsbeleid en de verschillende niveaus
Welzijnsbeleid = beleid dat erop gericht is om een toestand van
welbevinden te realiseren.
Welzijnsbeleid is door de jaren heen steeds belangrijker geworden.
Dit komt door:
o De aanzienlijke overheidsuitgaven aan welzijnsdiensten en -
voorzieningen.
o Het feit dat vrijwel iedereen er direct of indirect mee in
aanraking komt (bijvoorbeeld via kinderopvang,
, woonzorgcentra of ondersteuning voor personen met een
beperking).
Het is een complex beleidsveld met een brede waaier aan dienstverlening
voor diverse doelgroepen (bv. ouderen, personen met een handicap).
Vormgegeven door verschillende beleidsniveaus:
o Federale overheid
o Vlaamse overheid
o Lokale overheid
Gerealiseerd door diverse actoren:
o Overheidsinstanties
o Private en commerciële dienstverleners
Na zes staatshervormingen zijn de meeste bevoegdheden overgeheveld
van de federale overheid naar de gemeenschappen, maar federale en
lokale overheden blijven samenwerken (bv. gezinsbeleid).
Welzijnsbeleid wordt vaak tegelijkertijd vormgegeven door meerdere
bestuursniveaus die samenwerken.
Voorbeeld: Gezinsbeleid
o Financiële en fiscale ondersteuning aan gezinnen:
Federale overheid: bevoegd voor verlofstelsels (bv.
ouderschapsverlof, tijdskrediet).
Vlaamse overheid: bevoegd voor het Groeipakket
(voorheen kinderbijslag).
o Preventieve gezinsondersteuning:
Voornamelijk door het Vlaamse en lokale
bestuursniveau.
Huizen van het Kind: georganiseerd en gecoördineerd
door gemeenten, met financiële ondersteuning en
erkenning van de Vlaamse overheid.
2.1. De rol van de federale overheid in het welzijnsbeleid
De federale overheid is belangrijk door haar bevoegdheden over:
, Arbeidsreglementering (bv. nachtwerk)
Sociale zekerheid
Sociale bijstand (bv. leefloon, uitgevoerd door OCMW's)
Ze voorziet ook in uitkeringen (bv. IVT voor personen met een
handicap, pensioenen) en fiscale voordelen (bv. voor PmH). Dit
ondersteunt mensen en voorkomt welzijnsverlies.
2.2. De rol van de Vlaamse overheid in het welzijnsbeleid
De Vlaamse overheid is het bestuursniveau bij uitstek voor welzijn de
Vlaamse overheid staat steeds voor de uitdaging een adequaat beleid te
ontwikkelen dat tegemoetkomt aan de noden van de burgers
Ze stelt regels vast en voorziet middelen voor hulp- en
dienstverlening.
Deze dienstverlening wordt grotendeels uitgevoerd door:
o Publieke organisaties (bv. OCMW)
o Private organisaties (bv. CAW)
o Commerciële organisaties (bv. Forensisch Psychiatrisch
Centrum)
o Publiek-private samenwerkingen (PPS) (bv. woonzorgcentrum)
Een zorgvoorziening werd in 1980 omschreven als een erkende organisatie
die activiteiten uitoefent op diverse welzijnsgebieden. De vele organisaties
in Vlaanderen leiden tot een versnipperd welzijnslandschap.
2.2.1. Beleidsdomein WVG (Welzijn, Volksgezondheid en Gezin)
De Vlaamse overheid werkt met 8 beleidsdomeinen (clusters van
bevoegdheden).
WVG is een van de grootste en belangrijkste beleidsdomeinen.
De minister (nu Caroline Gennez) en zijn/haar kabinet is politiek
eindverantwoordelijk.
Ambtelijke actoren (ambtenaren) vormen en voeren het beleid uit.
Het ministerie WVG omvat:
o Departement Zorg: gefuseerd per 1 juni 2023 (agentschap
zorg en departement gezondheid en welzijn) De belangrijkste
bevoegdheden zijn:
> Beleidsvoorbereiding, -ontwikkeling, monitoring en opvolging
voor het beleidsdomein welzijn, volksgezondheid en gezin;
, > Erkennen, financieren, inspecteren en de kwaliteit bevorderen en
bewaken van een brede waaier aan zorg- en welzijnsaanbieders
in Vlaanderen;
> Infrastructuursubsidiëring;
> De organisatie van de Vlaamse Sociale bescherming (VSB);
> De erkenning van gezondheidszorgberoepen;
> Een gezonde levensstijl en een gezonde leefomgeving
bevorderen en bewaken;
> Infectieziektes bestrijden en vaccinatieprogramma’s uitrollen.
o Opgroeien: gericht op kansrijk opgroeien van kinderen en
jongeren in Vlaanderen en Brussel (bv. kinderopvang,
Groeipakket, jeugdhulp).
o Vlaams Infrastructuur Fonds voor Persoonsgebonden
Aangelegenheden (VIPA): ondersteunt zorginfrastructuur
financieel.
> Investeringssubsidies en/of overheidswaarborgen voor
voorzieningen uit de gezondheids- en welzijnssector voor
het oprichten, aankopen, verbouwen of uitbreiden van
gebouwen.
> Denk hierbij aan:
Ziekenhuizen
Voorzieningen voor preventieve en ambulante
gezondheidszorg
Voorzieningen voor thuiszorg
Voorzieningen voor algemeen welzijnswerk
Voorzieningen voor jeugdhulp
Kinderdagverblijven
Voorzieningen voor personen met een handicap
Belangrijke agentschappen onder WVG zijn o.a.:
o Vlaams Agentschap voor Personen met een Handicap (VAPH)
o Openbaar Psychiatrisch Zorgcentrum (OPZ) Geel en Rekem
o Vlaams Agentschap voor Samenwerking rond gegevensdeling
in de zorg
o Agentschap Uitbetaling Groeipakket
2.3. De rol van het lokaal bestuur (LB) in het welzijnsbeleid
Lokale besturen zijn nauw verbonden met andere overheidsniveaus:
1. Welzijnsbeleid
1.1. Wat is welzijn?
Welzijn staat voor zich goed voelen en welbevinden.
Meer welzijn = minder zorgbehoefte. Welzijn heeft daarom prioriteit
boven zorg.
Het vertrekt vanuit de eigen kracht van mensen en wordt bevorderd
door:
o Sociale contacten
o Zinvolle dagbesteding
o Actieve deelname aan de samenleving
o Steun en hulp wanneer nodig
1.2. Wat is welzijnszorg?
Welzijnszorg is het antwoord uit de omgeving op de noodsituatie van een
individu of groepen die niet ten volle kunnen participeren aan het
maatschappelijk leven.
De omgeving kan zijn:
o Gezin en familiaal netwerk
o Lokaal netwerk (bv. jeugdclub)
o Zorgvoorziening (bv. CAW)
o Overheid (bv. opvangcentrum voor asielzoekers)
Het omvat ondersteuning zoals therapieën, begeleiding, activiteiten en
onderdak.
2. Welzijnsbeleid en de verschillende niveaus
Welzijnsbeleid = beleid dat erop gericht is om een toestand van
welbevinden te realiseren.
Welzijnsbeleid is door de jaren heen steeds belangrijker geworden.
Dit komt door:
o De aanzienlijke overheidsuitgaven aan welzijnsdiensten en -
voorzieningen.
o Het feit dat vrijwel iedereen er direct of indirect mee in
aanraking komt (bijvoorbeeld via kinderopvang,
, woonzorgcentra of ondersteuning voor personen met een
beperking).
Het is een complex beleidsveld met een brede waaier aan dienstverlening
voor diverse doelgroepen (bv. ouderen, personen met een handicap).
Vormgegeven door verschillende beleidsniveaus:
o Federale overheid
o Vlaamse overheid
o Lokale overheid
Gerealiseerd door diverse actoren:
o Overheidsinstanties
o Private en commerciële dienstverleners
Na zes staatshervormingen zijn de meeste bevoegdheden overgeheveld
van de federale overheid naar de gemeenschappen, maar federale en
lokale overheden blijven samenwerken (bv. gezinsbeleid).
Welzijnsbeleid wordt vaak tegelijkertijd vormgegeven door meerdere
bestuursniveaus die samenwerken.
Voorbeeld: Gezinsbeleid
o Financiële en fiscale ondersteuning aan gezinnen:
Federale overheid: bevoegd voor verlofstelsels (bv.
ouderschapsverlof, tijdskrediet).
Vlaamse overheid: bevoegd voor het Groeipakket
(voorheen kinderbijslag).
o Preventieve gezinsondersteuning:
Voornamelijk door het Vlaamse en lokale
bestuursniveau.
Huizen van het Kind: georganiseerd en gecoördineerd
door gemeenten, met financiële ondersteuning en
erkenning van de Vlaamse overheid.
2.1. De rol van de federale overheid in het welzijnsbeleid
De federale overheid is belangrijk door haar bevoegdheden over:
, Arbeidsreglementering (bv. nachtwerk)
Sociale zekerheid
Sociale bijstand (bv. leefloon, uitgevoerd door OCMW's)
Ze voorziet ook in uitkeringen (bv. IVT voor personen met een
handicap, pensioenen) en fiscale voordelen (bv. voor PmH). Dit
ondersteunt mensen en voorkomt welzijnsverlies.
2.2. De rol van de Vlaamse overheid in het welzijnsbeleid
De Vlaamse overheid is het bestuursniveau bij uitstek voor welzijn de
Vlaamse overheid staat steeds voor de uitdaging een adequaat beleid te
ontwikkelen dat tegemoetkomt aan de noden van de burgers
Ze stelt regels vast en voorziet middelen voor hulp- en
dienstverlening.
Deze dienstverlening wordt grotendeels uitgevoerd door:
o Publieke organisaties (bv. OCMW)
o Private organisaties (bv. CAW)
o Commerciële organisaties (bv. Forensisch Psychiatrisch
Centrum)
o Publiek-private samenwerkingen (PPS) (bv. woonzorgcentrum)
Een zorgvoorziening werd in 1980 omschreven als een erkende organisatie
die activiteiten uitoefent op diverse welzijnsgebieden. De vele organisaties
in Vlaanderen leiden tot een versnipperd welzijnslandschap.
2.2.1. Beleidsdomein WVG (Welzijn, Volksgezondheid en Gezin)
De Vlaamse overheid werkt met 8 beleidsdomeinen (clusters van
bevoegdheden).
WVG is een van de grootste en belangrijkste beleidsdomeinen.
De minister (nu Caroline Gennez) en zijn/haar kabinet is politiek
eindverantwoordelijk.
Ambtelijke actoren (ambtenaren) vormen en voeren het beleid uit.
Het ministerie WVG omvat:
o Departement Zorg: gefuseerd per 1 juni 2023 (agentschap
zorg en departement gezondheid en welzijn) De belangrijkste
bevoegdheden zijn:
> Beleidsvoorbereiding, -ontwikkeling, monitoring en opvolging
voor het beleidsdomein welzijn, volksgezondheid en gezin;
, > Erkennen, financieren, inspecteren en de kwaliteit bevorderen en
bewaken van een brede waaier aan zorg- en welzijnsaanbieders
in Vlaanderen;
> Infrastructuursubsidiëring;
> De organisatie van de Vlaamse Sociale bescherming (VSB);
> De erkenning van gezondheidszorgberoepen;
> Een gezonde levensstijl en een gezonde leefomgeving
bevorderen en bewaken;
> Infectieziektes bestrijden en vaccinatieprogramma’s uitrollen.
o Opgroeien: gericht op kansrijk opgroeien van kinderen en
jongeren in Vlaanderen en Brussel (bv. kinderopvang,
Groeipakket, jeugdhulp).
o Vlaams Infrastructuur Fonds voor Persoonsgebonden
Aangelegenheden (VIPA): ondersteunt zorginfrastructuur
financieel.
> Investeringssubsidies en/of overheidswaarborgen voor
voorzieningen uit de gezondheids- en welzijnssector voor
het oprichten, aankopen, verbouwen of uitbreiden van
gebouwen.
> Denk hierbij aan:
Ziekenhuizen
Voorzieningen voor preventieve en ambulante
gezondheidszorg
Voorzieningen voor thuiszorg
Voorzieningen voor algemeen welzijnswerk
Voorzieningen voor jeugdhulp
Kinderdagverblijven
Voorzieningen voor personen met een handicap
Belangrijke agentschappen onder WVG zijn o.a.:
o Vlaams Agentschap voor Personen met een Handicap (VAPH)
o Openbaar Psychiatrisch Zorgcentrum (OPZ) Geel en Rekem
o Vlaams Agentschap voor Samenwerking rond gegevensdeling
in de zorg
o Agentschap Uitbetaling Groeipakket
2.3. De rol van het lokaal bestuur (LB) in het welzijnsbeleid
Lokale besturen zijn nauw verbonden met andere overheidsniveaus: