100% tevredenheidsgarantie Direct beschikbaar na je betaling Lees online óf als PDF Geen vaste maandelijkse kosten 4.2 TrustPilot
logo-home
Samenvatting

THEORIE VAN HET STADSONTWERP 2025/26 samenvatting

Beoordeling
-
Verkocht
1
Pagina's
37
Geüpload op
28-12-2025
Geschreven in
2025/2026

Volledige samenvatting van alle lessen, gegeven door Greet De Block en Maarten Van Acker (2025–2026). De leerstof wordt op een verhalende en duidelijke manier uitgelegd, telkens aangevuld met een beknopt overzicht in puntjes op het einde van elk hoofdstuk.. De samenvatting bevat een overzichtelijke tijdlijn en is sterk examengericht. Ze werd opgemaakt in InDesign, met een ordelijke lay-out en zoveel mogelijk ondersteunende afbeeldingen. Met deze samenvatting kan je de leerstof volledig zelfstandig instuderen, zelfs zonder de lessen te hebben gevolgd.

Meer zien Lees minder













Oeps! We kunnen je document nu niet laden. Probeer het nog eens of neem contact op met support.

Documentinformatie

Geüpload op
28 december 2025
Aantal pagina's
37
Geschreven in
2025/2026
Type
Samenvatting

Voorbeeld van de inhoud

THEORIE VAN HET STADONTWERP
2025-2026

Femke Smaers
Prof Maarten van Acker en Greet De Block




INHOUDSOPGAVE
LES 1: INLEIDING & POSITIONERING VAN HET VAK_______________________________________________________________2
DE ANTIEKE BESCHAVING_______________________________________________________________________________4
LES 2: MIDDELEEUWEN______________________________________________________________________________________10
DE RENAISSANCE_____________________________________________________________________________________15
LES 3: RENAISSANCE BUITEN EUROPA: STEDENBOUW IN KOLONIALE CONTEXT____________________________________18
DE BAROK____________________________________________________________________________________________20
LES 4: HET CLASSICISME_____________________________________________________________________________________24
ROMANTIEK _________________________________________________________________________________________ 27
LES 5: DE INDUSTRIËLE STAD EN DE VERANDERENDE CONCEPTIE VAN HET TERRITORIUM__________________________29
LES 6: CASE KEMPEN________________________________________________________________________________________32
HET GRID ALS TERUGKEREND STEDENBOUWKUNDIG INSTRUMENT_______________________________________________37




1

, LES 1: INLEIDING & POSITIONERING VAN HET VAK
DOEL EN POSITIE VAN HET VAK
Dit vak onderzoekt de ontwikkeling van stedenbouw als discipline vanuit een historisch perspectief. We bekijken hoe
stedenbouw doorheen de tijd ruimtelijke oplossingen formuleert voor complexe sociaal-economische, politieke en
strategische vragen. De cursus overstijgt louter beschrijvende stadsgeschiedenis en richt zich op:
- de relatie tussen concept en context,
- de materialisatie van stedenbouwkundige ideeën,
- het samenspel tussen stad, territorium en netwerk,
- en de theoretische tradities die aan ontwerppraktijken ten grondslag liggen.

STADSTUDIES (URBAN STUDIES): DEFINITIES, AANNAMES EN BEPERKINGEN
De uitdaging: wat is een ‘stad’?
In klassieke Urban Studies staat de vraag centraal hoe de stad gedefinieerd moet worden.
Hoewel steden vaak kwantitatief worden afgebakend (dichtheid, bevolking, functies), wordt de stad in dit vak
vooral kwalitatief benaderd: Waar begint en eindigt de stad? Welke vormen van stedelijkheid bestaan er? Hoe verandert de
perceptie van stedelijke ruimte doorheen de tijd? Stadstudies probeert deze begrippen te objectiveren, maar botst op een
fundamentele problematiek: stedelijkheid is geen vast gegeven, maar een historisch en cultureel geconstrueerd fenomeen.

De verhalende valkuil: een lineair, anekdotisch stadsbeeld
Veel algemene benaderingen van stedenbouw steunen op stereotiepe evolutionaire verhalen:
• Middeleeuwse stad: warm, gemeenschapsvormend, levendig (gebaseerd op schilderijen van markten,
straatleven,spelende kinderen, …).
• 19e eeuw: industriële anonimiteit, drukte, organisatie, vervuiling.
• 20e eeuw: verlies van publieke ruimte, leegte, gefragmenteerde stedelijkheid.
Deze beelden worden vaak kritiekloos herhaald, maar berusten op selectieve representaties (kunst, fotografie, literatuur). In
dit vak wordt die lineaire teleologie genuanceerd.
→ Kerninzicht: Het idee dat stedelijkheid vroeger ‘warm’ was en moderniteit ‘koud’ is, is een mythe die we via historische
analyse ontmantelen.




Hedendaagse verstedelijking in historisch perspectief
Er bestaat een uitgebreid onderzoekskader om: diffuse verstedelijking, suburbanisering, netwerksteden en regionale clusters
te begrijpen. In deze cursus plaatsen we deze hedendaagse inzichten bewust binnen een lange historische continuïteit, om
te tonen: wat nieuw is, wat hernemingen zijn, en hoe historische steden als referentie blijven functioneren.

Transformatie in de 20e eeuw
Vanaf de 20e eeuw (tot ca. 1970) ondergaat Europa een fase van: schaalvergroting, regionale verstedelijking, en economische
herstructurering. Dit wordt later in de cursus gekoppeld aan de grote ontwerpdiscoursen (modernisme, CIAM,
postmodernisme, structurele planning).


ONTWERPWETENSCHAPPEN: DE HISTORISCHE LENS OP HEDENDAAGS ONTWERP
Naast de historische analyse wordt ook de hedendaagse ontwerppraktijk onderzocht. We plaatsen actuele bewegingen
zoals: New Urbanism, Ecological Urbanism, Landscape Urbanism, Smart Urbanism, binnen langere tradities, en tonen
hoe ze: historische motieven recupereren, reageren op maatschappelijke vraagstukken, of zich afzetten tegen voorgaande
paradigma’s → Dit versterkt het inzicht dat hedendaags ontwerp steeds steunt op historische referenties en continuïteiten.




2

,GESCHIEDENIS: BEPERKINGEN EN KANSEN VOOR DIT VAK
Urban History: waardevol maar beperkt
Urban history richt zich klassiek op: sociaal-economische structuren, culturele processen, demografie, handel,
mentaliteitsgeschiedenis. Maar ontwerp en ruimtelijke logica’s blijven daarbij vaak onderbelicht:
- weinig aandacht voor ruimtelijke ordening,
- weinig analyse van ontwerpdynamieken,
- te veel focus op case studies zonder theoretische verankering,
- beperkte interactie met urban theory.
Dit vak vult die leemte op door: ruimtelijke concepten centraal te plaatsen, ontwerp te koppelen aan politieke intenties, en
stedenbouw te zien als bemiddelaar tussen idee en realiteit.

RITMES VAN STEDELIJKE ONTWIKKELING (CHRONOLOGIE)
Geen lineaire evolutie
Steden ontwikkelen niet continu of homogeen. Historisch zien we cycli van groei, stilstand en achteruitgang, afhankelijk van
oorlogenj, epidemieën, economische conjunctuur, klimatologische omstandigheden, migratiestromen.
Deze cycli variëren geografisch.
-> Dichte nederzettingen in Nederlanden en Noord-Italië vs. lage dichtheden in Scandinavië of Schotland.

De grote periodes van stedelijke ontwikkeling
Deze cursus volgt een chronologie die aansluit bij grote breukmomenten:

tot 10e eeuw – overgang van antieke naar middeleeuwse wereld
1050–1350 – vorming van middeleeuwse steden/netwerken
1350–1500 – bloei en verval
1500–1600 – confrontatie met de wereld (exploratie, kolonisatie)
1600–1750 – perspectief, rationaliteit, staatsvorming
1750–1890 – industrialisering en nieuwe stedelijke logica’s
1890–1970 – schaalvergroting, regionalisering, modernisme
1970–heden – postmoderne en hedendaagse transformaties

Deze structuur vormt de ruggengraat van de komende lessen.




TIJDLIJN VAN DE LESSEN:




3

, LES 1: DE ANTIEKE BESCHAVING
DE GRIEKEN – DE POLIS, HET GRID EN DE EERSTE STEDENBOUWKUNDIGE THEORIEËN
De Griekse stad vormt één van de belangrijkste vertrekpunten in de geschiedenis van de stedenbouw. Hier ontstaan niet
alleen de eerste stedelijke vormen, maar ook de eerste theorieën over hoe een stad georganiseerd moet worden en welke
maatschappelijke waarden ze moet uitdrukken. Centraal staat de polis: een politieke gemeenschap van burgers die zichzelf
bestuurt en die haar identiteit ruimtelijk vormgeeft.

De polis: stedelijkheid als politieke ruimte
In de archaïsche periode ontwikkelen de Grieken een nieuw type samenleving: de autonome stadstaat. De polis wordt
bestuurd door vrije mannelijke burgers die politieke beslissingen nemen via debat. Deze politieke cultuur bepaalt het
ruimtelijke centrum van de stad: de agora.
De agora is geen burcht of afgesloten machtscentrum, maar een open plein waar rechtspraak, handel, religie en politiek
samenkomen. Tempels staan niet centraal maar aan de rand; stoas vormen beschutte randen waar gesprekken, lessen en
handel plaatsvinden. De publieke ruimte wordt zo het materiële kader van het democratische leven.
Hoewel de polis vaak als “democratisch” wordt voorgesteld, moet dit genuanceerd worden. Vrouwen, slaven en
vreemdelingen behoren niet tot de politieke gemeenschap. Toch zijn de Griekse steden aanzienlijk participatiever dan
eerdere beschavingen.




Stoa

De eerste steden: organische groei met duidelijke
principes
Vroege steden zoals Athene, Sparta en Syracuse lijken
organisch gegroeid, maar bevatten duidelijke ordenende
principes (= schijnbaar ongepland). In Athene bepalen twee
elementen de ruimtelijke structuur:
1. De Panathenaeïsche Weg, de hoofdroute door de stad,
die processies draagt en zowel de agora als de acropolis
structureert.
2. Zichtlijnen en perspectieven, vooral op de acropolis.

De Griekse stad kent een onderscheid tussen publieke en private architectuur. Publieke gebouwen worden in duurzame
materialen gebouwd en bepalen de identiteit van de stad. Private huizen zijn eenvoudig en vergankelijk, naar binnen gericht
rond een atrium en gericht op privacy. De stad toont zo dat de gemeenschap belangrijker wordt geacht dan het individuele
bezit.

Ontstaan van rationele stedenbouw (vanaf 5e eeuw v.Chr.)
Vanaf de 5e eeuw ontstaat een meer rationele en geplande vorm van stedenbouw. Twee denkstromen spelen hierbij een
belangrijke rol:
1. Wetenschappelijke inzichten ivm gezondheid, o.a. van Hippocrates, die de relatie onderzoekt tussen gezondheid, lucht,
water, oriëntatie en de structuur van de stad. Het grid wordt hierbij gepresenteerd als een manier om licht, ventilatie en
hygiëne te bevorderen.
2. Filosofische theorieën over de samenleving, vooral van Plato en Aristoteles. Beide koppelen stadsontwerp aan
maatschappelijke ordening.

Plato: Aristoteles:
- ziet de stad als een hiërarchische gemeenschap met drie - ziet de stad als een gemengde gemeenschap waarin
standen burgers elkaar moeten kunnen kennen
- kiest voor strikte zonering (wonen, ambacht, religie, - plaatst religieuze en bestuurlijke gebouwen nabij de
bestuur) acropolis
-denkt de stad als een gecontroleerd en moreel geordend - kiest eveneens voor functionele scheiding, maar minder
geheel strikt
- koppelt stedenbouw aan gezondheid en welzijn (oriëntatie
op winden)
Beide filosofen tonen dat het ontwerp van de stad moet bijdragen aan het functioneren van de samenleving.




4

, Het Hippodamische systeem: het rationele grid
Rond dezelfde periode ontstaat het Hippodamische grid, genoemd naar Hippodamus van Milete, vaak beschouwd als de
eerste stedenbouwkundige. Dit systeem wordt toegepast in steden zoals Priene, Milete, Piraeus en Rhodos.

Het grid wordt gekenmerkt door:
• een regelmatig raster van loodrechte straten
• oriëntatie op zon en wind
• het bouwblok als basismodule
• een duidelijke stratenhiërarchie
• geen vooraf bepaald centrum: de agora wordt ingevoegd in het raster
• publieke gebouwen op strategische posities, woningen compacter en ondergeschikt
• een horizontaal stadsbeeld (meestal max. twee bouwlagen)

Priene: Priene is een voorbeeld van een volledig geplande
stad. De agora ligt centraal en wordt omringd door het
bouleuterion, stoas, tempels en het theater. Het grid wordt
zelfs op steile hellingen onveranderd toegepast.
Milete: Milete toont dezelfde rasterlogica, met uitsparingen
voor publieke functies en een theater dat zowel op de scène
als op het landschap is gericht. Het grid wordt hier volledig
losgekoppeld van de topografie.

Hoewel het grid vaak gezien wordt als democratisch, toont
onderzoek in kolonies aan dat het soms elitair gebruikt
werd om de macht van de eerste kolonisten te bestendigen.
Het grid is dus geen neutrale vorm, maar een structuur die
verschillende politieke intenties kan ondersteunen.
Athene (eerste steden) Priene (hippodamisch)

Het Griekse stedensysteem: een mozaïek van stadstaten
In tegenstelling tot de Romeinen bouwen de Grieken geen hiërarchisch stedelijk netwerk. Griekenland vormt een mozaïek
van autonome steden, elk met eigen instellingen, identiteiten en kolonies. De redenen hiervoor zijn:
• geografisch: bergachtig landschap en eilanden bemoeilijken integratie
• economisch: beperkte transportmogelijkheden
• cultureel: sterke nadruk op leven in een compacte gemeenschap
• symbolisch: autochthony — de mythische koppeling tussen bevolking, land en identiteit
De polis is dus zowel een territoriale als een morele gemeenschap, niet zomaar een stad in de moderne zin.


Kernbegrippen (kort)
→ Polis: politieke gemeenschap; agora centraal
→ Organische stad (Athene): groei volgens ritueel, perspectief en hoofdwegen
→ Publiek vs. privaat: duurzame publieke gebouwen, eenvoudige private huizen
→ Rationele stedenbouw: hygiëne, wetenschap, ordening
→ Plato: hiërarchie en zonering
→ Aristoteles: gemengde gemeenschap, gezondheid, functionele ordening
→ Hippodamisch grid: rationele stad, bouwblok, stratenhiërarchie
→ Priene & Milete: geplande steden
→ Geen stedelijk netwerk: mozaïek van autonome poleis




5

, DE ROMEINEN – RATIONELE STEDENBOUW, HIËRARCHIE EN HET IMPERIUM
De Romeinse stedenbouw verschilt fundamenteel van de Griekse. Waar de Grieken uitgingen van de polis als autonome
politieke gemeenschap, ontwikkelen de Romeinen een stedenbouw die volledig in dienst staat van hiërarchie, controle en
territoriale expansie. De stad wordt een instrument van het rijk — niet het eindpunt van een lokale gemeenschap, maar een
uitvalsbasis van het imperium.

Etruskische achtergrond: orde, technologie en hiërarchie
De Romeinse stedenbouw wortelt diep in de Etruskische beschaving, die bekend stond om:
• sterke hiërarchische structuren,
• grootgrondbezit en controle over het omliggende land,
• aandacht voor huiselijkheid en naar binnen gekeerde woningen,
• technologische innovatie in infrastructuur en landbouw.
= orde, infrastructuur, huiselijkheid en controle zijn kernbegrippen van de Etruskische cultuur ->Rome neemt deze logica
quasi integraal over.

De Romeinse samenleving: centrale macht en territoriale controle
Anders dan in Griekenland wordt burgerschap in Rome niet bepaald door de plaats waar men woont, maar door afkomst,
juridische status en de band met Rome zelf. Dit creëert een politiek systeem waarin:
• de senaat en de Romeinse elite de macht concentreren,
• het rijk vanuit één centrum bestuurd wordt,
• steden geen autonome eenheden zijn maar onderdelen van een groot netwerk.
De Romeinse stad is dus niet zelfdragend: ze functioneert altijd in relatie tot de hoofdstad, zowel politiek als cultureel.

Territoriale expansie als leidmotief
De Romeinen bouwen een enorm stedelijk netwerk, bestaande uit duizenden nederzettingen (ca. 5627 volgens een lijst
uit ca. 400 n.C.) Deze expansie vereist een uniform stedenbouwkundig model, dat overal toepasbaar is: van Brittannië tot
Noord-Afrika. Daarom ontwikkelen de Romeinen een gestandaardiseerd, efficiënt systeem.
Het grid representeert voor Rome de “New Order”. Organische groei is enkel toegestaan in bestaande dorpen; nieuwe
kolonies moeten rationeel worden ingeplant.
Stedenbouw wordt een staatszaak, een administratief instrument dat vrede, orde en disciplinering moet garanderen.

Stedenbouwkundig concept: standaardisering en efficiëntie
Het Romeinse stadsmodel is gebaseerd op drie pijlers:
1. Landmeetkunde: de groma
Met de groma kunnen Romeinse landmeters perfect rechte lijnen en haakse hoeken uitzetten. Dit instrument maakt het
mogelijk om: het grid snel te reproduceren, grote kavels te verdelen, infrastructuur door te trekken over verschillende
schalen.
2. Kadaster en eigendom
Het Romeinse kadaster (slide p.9) vormt de basis voor het
eigendomssysteem. In tegenstelling tot Griekenland, waar
privaat bezit minder belangrijk was, draait de Romeinse
samenleving rond: grondbezit, economische exploitatie
van land, status die rechtstreeks gekoppeld is aan bezit.
Eigendom is een verdienmodel, én een machtsinstrument.
3. Voorschriften van Vitruvius
Vitruvius beschrijft in De Architectura nauwkeurig hoe
een stad moet worden aangelegd: de site, stadswallen,
straatoriëntatie, publieke gebouwen. Dit handboek zorgt
ervoor dat nieuwe steden volgens vaste principes kunnen
worden uitgewerkt, zonder dat lokaal ontwerp nodig is.

Stichting van een Romeinse stad (beknopt)
Het stichten van een Romeinse stad gebeurde in twee stappen: eerst ritueel, daarna rationeel.
Eerst bepaalde men via een ritueel of de plek geschikt was. Pas daarna werd het plan van de stad getekend. Daarna werd
een templum afgebakend: dit was de symbolische en juridische omtrek van de nieuwe stad, waarvan de grootte bepaald
werd door het verwachte aantal inwoners.
Binnen deze omtrek volgde de rationele indeling, de limitatio. Hierbij werden twee hoofdassen uitgezet: de Cardo (noord–
zuid) en de Decumanus (oost–west). Deze assen dienden zowel om het grid te structureren als om de stad beter te kunnen
controleren en militair te kunnen ingrijpen. Waar Cardo en Decumanus elkaar sneden, werd het Forum aangelegd: het
centrale knooppunt van politieke, religieuze en commerciële functies.

Een belangrijk verschil met de Griekse steden is dat de Romeinen één duidelijk centrum creëren, waarin religie en bestuur
samenkomen. De Griekse stad had meerdere centra en een scheiding tussen acropolis en agora. De Romeinse stad krijgt
ook een stadsmuur met een juridische betekenis, in plaats van enkel een defensieve.
Het basisprincipe achter deze opbouw was het castrum: het militaire kamp dat als eerste werd uitgezet en later kon
uitgroeien tot een volwaardige stad, zoals in Pompeï. Dit model vind je overal terug in het Romeinse rijk, telkens herkenbaar
aan dezelfde assenstructuur en hetzelfde centrale forum.



6

Maak kennis met de verkoper

Seller avatar
De reputatie van een verkoper is gebaseerd op het aantal documenten dat iemand tegen betaling verkocht heeft en de beoordelingen die voor die items ontvangen zijn. Er zijn drie niveau’s te onderscheiden: brons, zilver en goud. Hoe beter de reputatie, hoe meer de kwaliteit van zijn of haar werk te vertrouwen is.
femkesmaers Universiteit Antwerpen
Bekijk profiel
Volgen Je moet ingelogd zijn om studenten of vakken te kunnen volgen
Verkocht
62
Lid sinds
3 jaar
Aantal volgers
12
Documenten
18
Laatst verkocht
1 dag geleden

4,3

4 beoordelingen

5
2
4
1
3
1
2
0
1
0

Recent door jou bekeken

Waarom studenten kiezen voor Stuvia

Gemaakt door medestudenten, geverifieerd door reviews

Kwaliteit die je kunt vertrouwen: geschreven door studenten die slaagden en beoordeeld door anderen die dit document gebruikten.

Niet tevreden? Kies een ander document

Geen zorgen! Je kunt voor hetzelfde geld direct een ander document kiezen dat beter past bij wat je zoekt.

Betaal zoals je wilt, start meteen met leren

Geen abonnement, geen verplichtingen. Betaal zoals je gewend bent via Bancontact, iDeal of creditcard en download je PDF-document meteen.

Student with book image

“Gekocht, gedownload en geslaagd. Zo eenvoudig kan het zijn.”

Alisha Student

Veelgestelde vragen