goederenrecht
status Done
vooruitgang geslaagd!
inleiding
inleiding
wat?
→ de regels die betrekking hebben op de goederen die ter beschikking staan van
de persoon
→ regeling van de patrimoniale subjectieve rechten ⇒ die rechten hebben dus een
geldelijke waarde en kunnen dus verhandeld worden
→ vorderingsrechten (= verbintenissenrecht)
→ intellectuele rechten
→ zakelijke rechten (= goederenrecht)
goederenrecht 1
, eigendomsrecht + zakelijke gebruiksrechten = zakelijke HOOFDRECHTEN ⇒
hebben betrekking op het goed zélf
bijkomende zakelijke rechten = zakelijke ZEKERHEDEN = accessoire zakelijke
rechten ⇒ hebben betrekking op de waarde van het goed
waarom is het goederenrecht zo belangrijk?
→ rechtssubjecten vs. rechtsobjecten
→ vermogen vs. levenskwaliteit
→ investeringen (bv. een huis)
→ voor de maatschappelijke welvaart!!
BEGRIPPEN:
→ goederen
→ voorwerpen
→ dieren
→ personen
→ vruchten
→ opbrengst
→ vermogen
indeling
waarom een indeling? ⇒ elke categorie van goederen heeft een eigen
rechtsstatuut: rechtsstatuut verschilt volgens:
→ gebruik
→ graad van toe-eigeningsmogelijkheid
→ de aard
roerende goederen = goederen die verplaatsbaar zijn (hetzij uit eigen kracht of uit
externe kracht)
→ restcategorie: alle goederen die niet onroerend zijn, zijn roerend
→ verplaatsbaar
goederenrecht 2
, → roerende rechten: in de eerste plaats zakelijke rechten op roerende goederen
→ schuldvorderingen zijn ook roerend omdat het gaat over een som geld
→ vervroegde roerendmaking ⇒ Art. 3.48 BW
onroerende goederen = goederen die sowieso NIET verplaatsbaar zijn OF niet
verplaatsbaar zijn door:
→ hun aard
→ incorporatie
→ bestemming
→ hun voorwerp
- onroerend door hun aard en door incorporatie:
° de grond (bovengrond + ondergrond)
° bouwwerken + beplantingen
° inherente onderdelen van bouwwerken
° bomen + planten
° niet afgeplukte vruchten (uitzondering: vervroegde roerendmaking)
⇒ voorbeelden: keukenmeubilair, vaste radiatoren, ingebouwd bad, …
- onroerend door bestemming:
° accessoria van een onroerend goed ⇒ Art. 3.9 BW
° voorwaarden:
→ subjectieve: dezelfde eigenaar van het onroerend en roerend goed
→ objectieve: band moet economisch, materieel, ethisch zijn en een zekere
duurzaamheid vertonen
° voorbeelden: machines in een fabriek, nis voor een beeld, spiegels ingewerkt in
een huis, …
- onroerend door het voorwerp waarop zij betrekking hebben:
° zakelijke rechten en rechtsvorderingen waarvan het voorwerp onroerend is, zijn
onroerend
goederenrecht 3
, ° Art. 3.49 BW
° bv. het recht op de verkoopprijs van een onroerend goed = een roerend recht
WANT de som geld is roerend
° daarentegen is het recht op aflevering van een onroerend goed, een onroerend
recht
- onroerend door hun aard:
° onroerende zakelijke rechten
° onroerende schuldvorderingen
° onroerende rechtsvorderingen
° bezitsvorderingen
belang van het onderscheid tussen roerend en onroerend? ⇒ in tal van
rechtsregels en rechtstakken van het Belgisch privaatrecht speelt het onderscheid
een belangrijke rol:
→ ivm overdracht van goederen
→ ivm beslagprocedures
→ ivm bezitsbescherming
onroerende publiciteit:
→ overheid voorziet in een vorm van publiciteit mbt onroerende goederen en de
rechten hierop
→ er wordt een register bijgehouden in het bevoegde kantoor van de Algemene
Administratie van de PatrimoniumDocumentatie!! (= AAPD)
→ welke handelingen + rechtsfeiten worden hierin vermeld? ⇒ Art. 3.30, §1 BW
→ wat kan ter overschrijving worden aangenomen? ⇒ Art. 3.31, §1 BW
→ anterioriteitsbeginsel = wie eerst zijn recht heeft ingeschreven zal het kunnen
uitoefenen voor de andere inschrijvers!
→ de handeling is niet tegenstelbaar aan derden als ze niet in de registers is
ingeschreven ⇒ Art. 3.30, §2 BW
goederenrecht 4
status Done
vooruitgang geslaagd!
inleiding
inleiding
wat?
→ de regels die betrekking hebben op de goederen die ter beschikking staan van
de persoon
→ regeling van de patrimoniale subjectieve rechten ⇒ die rechten hebben dus een
geldelijke waarde en kunnen dus verhandeld worden
→ vorderingsrechten (= verbintenissenrecht)
→ intellectuele rechten
→ zakelijke rechten (= goederenrecht)
goederenrecht 1
, eigendomsrecht + zakelijke gebruiksrechten = zakelijke HOOFDRECHTEN ⇒
hebben betrekking op het goed zélf
bijkomende zakelijke rechten = zakelijke ZEKERHEDEN = accessoire zakelijke
rechten ⇒ hebben betrekking op de waarde van het goed
waarom is het goederenrecht zo belangrijk?
→ rechtssubjecten vs. rechtsobjecten
→ vermogen vs. levenskwaliteit
→ investeringen (bv. een huis)
→ voor de maatschappelijke welvaart!!
BEGRIPPEN:
→ goederen
→ voorwerpen
→ dieren
→ personen
→ vruchten
→ opbrengst
→ vermogen
indeling
waarom een indeling? ⇒ elke categorie van goederen heeft een eigen
rechtsstatuut: rechtsstatuut verschilt volgens:
→ gebruik
→ graad van toe-eigeningsmogelijkheid
→ de aard
roerende goederen = goederen die verplaatsbaar zijn (hetzij uit eigen kracht of uit
externe kracht)
→ restcategorie: alle goederen die niet onroerend zijn, zijn roerend
→ verplaatsbaar
goederenrecht 2
, → roerende rechten: in de eerste plaats zakelijke rechten op roerende goederen
→ schuldvorderingen zijn ook roerend omdat het gaat over een som geld
→ vervroegde roerendmaking ⇒ Art. 3.48 BW
onroerende goederen = goederen die sowieso NIET verplaatsbaar zijn OF niet
verplaatsbaar zijn door:
→ hun aard
→ incorporatie
→ bestemming
→ hun voorwerp
- onroerend door hun aard en door incorporatie:
° de grond (bovengrond + ondergrond)
° bouwwerken + beplantingen
° inherente onderdelen van bouwwerken
° bomen + planten
° niet afgeplukte vruchten (uitzondering: vervroegde roerendmaking)
⇒ voorbeelden: keukenmeubilair, vaste radiatoren, ingebouwd bad, …
- onroerend door bestemming:
° accessoria van een onroerend goed ⇒ Art. 3.9 BW
° voorwaarden:
→ subjectieve: dezelfde eigenaar van het onroerend en roerend goed
→ objectieve: band moet economisch, materieel, ethisch zijn en een zekere
duurzaamheid vertonen
° voorbeelden: machines in een fabriek, nis voor een beeld, spiegels ingewerkt in
een huis, …
- onroerend door het voorwerp waarop zij betrekking hebben:
° zakelijke rechten en rechtsvorderingen waarvan het voorwerp onroerend is, zijn
onroerend
goederenrecht 3
, ° Art. 3.49 BW
° bv. het recht op de verkoopprijs van een onroerend goed = een roerend recht
WANT de som geld is roerend
° daarentegen is het recht op aflevering van een onroerend goed, een onroerend
recht
- onroerend door hun aard:
° onroerende zakelijke rechten
° onroerende schuldvorderingen
° onroerende rechtsvorderingen
° bezitsvorderingen
belang van het onderscheid tussen roerend en onroerend? ⇒ in tal van
rechtsregels en rechtstakken van het Belgisch privaatrecht speelt het onderscheid
een belangrijke rol:
→ ivm overdracht van goederen
→ ivm beslagprocedures
→ ivm bezitsbescherming
onroerende publiciteit:
→ overheid voorziet in een vorm van publiciteit mbt onroerende goederen en de
rechten hierop
→ er wordt een register bijgehouden in het bevoegde kantoor van de Algemene
Administratie van de PatrimoniumDocumentatie!! (= AAPD)
→ welke handelingen + rechtsfeiten worden hierin vermeld? ⇒ Art. 3.30, §1 BW
→ wat kan ter overschrijving worden aangenomen? ⇒ Art. 3.31, §1 BW
→ anterioriteitsbeginsel = wie eerst zijn recht heeft ingeschreven zal het kunnen
uitoefenen voor de andere inschrijvers!
→ de handeling is niet tegenstelbaar aan derden als ze niet in de registers is
ingeschreven ⇒ Art. 3.30, §2 BW
goederenrecht 4