Aantekeningen
Organen, taken en bevoegdheden moeten voortvloeien uit de et en statuten.
Als de wet en statuten niet zijn gevolgd, of er in strijd is gehandeld met besluiten en/of reglementen dan kan er
iets mis zijn gegaan met de besluitvorming en is die besluitvorming mogelijk aantastbaar.
Gebreken van een besluit van een orgaan kunnen zijn:
Besluit kan nietig zijn
Besluit kan vernietigbaar zijn
Besluit kan non-existent zijn
Als binnen het kader van de wet of statuten een fout is gemaakt, vormt dit gebreken voor de besluitvorming
Aantasten van besluitvorming (3 mogelijkheden):
Non-existent besluit (=dit zijn geen besluiten) (2 vormen)
o Geen geldige bijeenroeping ,of
o Vereiste meerderheid ontbreekt
Nietige besluit art. 2:14 BW (4 vormen)
o De strijd met wet of statuten (zie 2:14 lid 1), tenzij anders is bepaald;
Tenzij: Een afwijking is art. 2:15 BW, dus als er 1 van de gronden in 2:15 BW van belang
is dan is er sprake van een vernietigbare besluit en niet een nietig besluit
o Voorgeschreven voorafgaande handeling of mededeling door een wet of statuten ontbreekt
(zie 2:14 lid 2);
Een voorafgaande handeling kan zijn: toestemming of goedkeuring van een ander
orgaan
Dit kan worden opgeheven door eventuele bekrachtiging (door het andere orgaan dat
het goedkeuringsrecht heeft of aan wie de mededeling moet worden gedaan)
o Art. 3:40 BW: strijd met openbare orde en goede zeden;
o Misbruik van de bevoegdheid (dat is toegekend) art. 3:13 BW
Hiervan kan sprake zijn in het geval als een andere partij wordt benadeeld
Vernietigbare besluit art. 2:15 BW
o In strijd met wettelijke of statutairen bepalingen die over de totstandkoming van een besluit
gaan (zie 2:15 lid 1 sub a) = totstandkomingsvereiste.
o In strijd met de redelijkheid en billijkheid art. 2:8 BW (zie 2:15 lid 1 sub b)
o In strijd met een reglement (zie 2:15 lid 1 sub c)
o Bevestiging geldt alleen voor 2:15 lid 1 sub a (zie 2:15 lid 6)
o Vervaltermijn (zie 2:15 lid 5)
Verjaringstermijnen kan je stuiten
Vervaltermijn is fataal, stuiten is niet mogelijk. Dus je kan niet verlengen dit termijn.
Let op: art 2:14 lid 2 en 2:15 lid 1 sub a lijken op elkaar. Het verschil zit in dat bij 2:14 lid 2 er sprake
moet zijn van een voorafgaande handeling of mededeling dat ontbreekt en bij 2:15 lid 1 sub a BW niet.
Beide gaan dus over de totstandkoming van een besluit
Bij nietige besluiten kan het nietige besluit worden hersteld via bekrachtiging.
Bij vernietigbare besluiten kan dit besluit worden bevestigd.