Rédigé par des étudiants ayant réussi Disponible immédiatement après paiement Lire en ligne ou en PDF Mauvais document ? Échangez-le gratuitement 4,6 TrustPilot
logo-home
Document preview thumbnail
Aperçu 4 sur 69 pages
Resume

Samenvatting Specifieke zorgverlening: kindzorg en pediatrie

Document preview thumbnail
Aperçu 4 sur 69 pages

Dit is een volledige samenvatting van het vak kindzorg en pediatrie. De samenvatting is gebaseerd op de powerpoint die gegeven werd in de les.

Aperçu du contenu

KINDERZORG EN
PEDIATRIE
H1 HET GEZONDE KIND

1.1 DE EERSTE DUIZEND DAGEN EN HECHTING

 Eerste uren na de geboorte = gouden uur
 Routineprocedures uitstellen tot na kostbare moment


1.1.1 HET HECHTINGSPROCES – SENSIETIEVE RESPONSIVITEIT
 Baby leert met emoties omgaan en bouwt kennis op
 Leert afstand nemen, denken over zijn gevoelens
 Ouder is aanwezig en beschikbaar als het kind er nood aan heeft
 Baby houdt van huid op houdcontact
 Leeftijd 6 maanden -> bewust hechten aan één persoon

EENKENNIGHEID = baby heeft zich goed gehecht en als die persoon weggaat, vindt hij
dat heel eng

 Geen eenrichtingsproces: veilige he chting komt tot stand door wederzijdse
interactie tussen kind en zorgfiguur

SENSITIEVE RESPONSIVITEIT = met bepaalde emoties moet het kind terecht kunnen
bij de ouders. Die proberen zijn emoties te detecteren en reguleren


1.1.2 VOORWAARDEN VOOR EEN GOEDE HECHTING
 Hechting begint voor conceptie
 Stress gedurende de zwangerschap moet vermeden worden

OXYTOCINE = knuffelhormoon. Het zorgt ervoor dat de moeder haar kind wil verzorgen
en beschermen


1.1.3 HECHTINGSSTIJLEN
VEILIGE HECHTING = kind kan vertrouwen op de zorgfiguren, vaak sensitief, coöperatief
en toegankelijk zijn. het vindt een gezonde balans tussen zelfstandige exploratiedrang en
toenadering tot de zorgfiguur

ANGSTIGE AMBIVALENTE HECHTING = zorgfiguren zijn vaak onvoorspelbaar en
afwezig op cruciale momenten. Kind ervaart scheidingsangst wanneer de zorgfiguren
verdwijnen, en voelt zich niet opnieuw volledig gerust wanneer ze terugkomen. Kind blijft
toenadering zoeken

VERMIJDENDE HECHTING = ontstaat doordat zorgfiguren vaak afwijzend, afwezig en
weinig sensitief zijn. kind stelt zich vermijdend op ten overstaan van de zorgfiguur en is
vroegtijdig zelfstandig

,GEDESORGANISEERDE HECHTING = zorgfiguren zijn vaak onvoorspelbaar en
inconsequent. Er kan sprake zijn van trauma’s of andere impactvolle gebeurtenissen.
Soms zoekt het kind toenadering tot de zorgfiguur, maar dit levert zowel stress als angst
op

Risicofactoren voor een minder goede hechting (zie boek pg 15)




1.1.4 NA DE EERSTE DUIZEND DAGEN
 Interactie met leeftijdsgenoten is belangrijk
 Zelfstandigheid wordt gestimuleerd maar er blijven grenzen en discipline nodig
 Veilige omgeving is belangrijk (fysiek en emotioneel)

1.5 SPELEN EN ONTWIKKELEN

 De vrijheid en blijheid om dingen te mogen doen zonder het ‘verplichte moeten
 Play is what children and young pepole do when they follow their own ideas, in
their own way and fort heir own reasons

 Alle kinderen hebben recht op ontspanning, op spel en op culturele en creatieve
activiteiten
 Spelen – een essentieel onderdeel binnen de normale ontwikkeling van het kind

Effecten van spelen




Spelen op diverse leeftijd
 Kinderen spelen met objecten, die ze aanvankelijk verkennen met alle zintuigen
 Kinderen spelen door te bewegen
 Kinderen spelen met anderen


Positieve factoren om tot spelontwikkeling te komen
 Tijd
 Speelruimte
 Speelmateriaal
o Aangepast aan de leeftijd van het kind
o Niet te veel speelgoed (kan spel belemmeren)
o Op regelmatige basis iets anders aanbieden

De rol van spel bij ziekte en ziekenhuisopname
 Veranderingen in spelgedrag

,  Aangepast spelmateriaal
o Afgestemd op de mogelijkheden van het kind op dat moment
o Uitdagend en aantrekkelijk
o Hanteerbaar wat grootte, vorm, tijd
o Goed kunnen reinigen -> gevaar voor kruisinfecties

Functies van spel bij ziekte
 Voorbereiding, verwerking, therapie, ontspanning

1.6 HUILEN EN SPECIFIEKE GEDRAGINGEN

= communicatiemiddel, interactie
 Signalen van onlust
 Werkt zorggedrag op
 Doel: onlust wegnemen
 Ondersteuning van de ouder-kindrelatie


EERSTE 3 LEVENSMAANDEN
 Onlustgevoelens (honger, koud, moe)
 Behoefte aan aandacht en lichaamscontact
 Bevredigen van behoeften, belangrijke rol in het hechtingsproces

TUSSEN 3 D E EN 6 D E LEVENSMAAND
 Aandacht krijgen
 Niet verwennen maar gewennen
 Voorspelbaarheid
 Veiligheid
 Geborgenheid
 Zichzelf troosten

TUSSEN 6 D E EN 9 D E LEVENSMAAND
 Huilen is gerichter
 Ondersteunen met andere communicatieve handelingen
 Scheidingsangst en vreemdenangst

TUSSEN 9 D E EN 12 D E LEVENSMAAND
 Als de ouder verdwijnt uit het zicht
 Leerproces (weggaan wordt gevolgd door terugkomen)

TUSSEN DE 12 D E EN 24 S T E LEVENSMAAND
 Aandacht vragen
 De omgeving proberen beïnvloeden

TUSSEN 24 EN 36 MAANDEN
 Geruststelling en veiligheid krijgen

,  Frustratie, boosheid, verdriet, ontreddering, angst

VANAF 3 JAAR
 Door magisch denken
 Verkeerd begrepen boodschap
 Begripsvolle, instemmende aandacht, duidelijk en positief geformuleerde regels
Verloop in de tijd
 Rijpingscurve
 Door heen de dag
o Huiluurtjes
o Huilepisodes
o Tussen 16u en 22u




Andere vormen van huilen
 Krijsen
 Kreunen
 Hoog en schril huilen


EXCESSIEF HUILEN = overmatig, buitensporig veel huilen
HUILBABY = een baby die langer huilt dan
 3u per dag, en dit minstens
 3 dagen per week, gedurende
 opeenvolgende weken (3-3-3 regel)


OORZAKEN EN BEÏNVLOEDENDE FACTOREN
Kind-factor

Organische oorzaken Oververmoeidheid
 bij 5 à 10% van de baby’s  baby slaapt te weinig
 klinisch onderzoek  negatieve gevolgen op vlak van
 ontwikkelingsonderzoek slapen, communicatie, vertering,
vermogen tot alleen slapen

Temperament van de baby Temperament van de baby
reactiviteit  zelfregulatie: verwijst naar
mogelijkheid om reacties af te
 de gevoeligheid, snelheid en
remmen, doseren of versterken
heftigheid waarmee op prikkels
gereageerd wordt
door autonoom zenuwstelsel,
hormonaal systeem, centraal
zenuwstelsel
 uit zich in motorische reacties, in
huilen en krijsen en in nood
aanlopen

Table des matières

  1. 01 H1 het gezonde kind 1
    1. 1.1 de eerste duizend dagen en hechting 1
    2. 1.5 spelen en ontwikkelen 2
    3. 1.6 huilen en specifieke gedragingen 3
    4. 1.7 groei 5
    5. 1.8 tanden 9
    6. 1.9 voeding 10
    7. 1.10 slaap 14
    8. 1.11 zindelijkheid 18
    9. 1.12 veiligheid 19
    10. 1.13 vaccinaties bij kinderen 20
  2. 02 H2 het kind in gezondheidszorg 21
    1. 2.1 ZORGPROGRAMMA VAN HET KIND 21
    2. 2.2 rechten van het kind 21
    3. 2.3 rol van de pediatrische verpleegkundige 22
    4. 2.4 Hospitalisatie 22
    5. 2.5 Karakteristieken tijdens het ziekenhuisverblijf van kinderen 24
    6. 2.6 Het pediatrische zorglandschap 27
    7. ZORG VOOR HET GEZONDE KIND – preventieve zorg 28
  3. 03 H3 Benaderen van het kind en zijn omgeving 31
    1. communicatie met kinderen 31
    2. 3.2 Communicatie met de ouders 31
    3. 3.3 Voorbereiden van het kind 31
    4. 3.4 Omgaan met pijn en angst bij kinderen 122 32
  4. 04 H4 observatie van het zieke kind 35
    1. kennismaking en anamnese 35
    2. functionele gezondheidspatronen van gordon 35
    3. zuigeling en (jonge) kinderen 36
    4. verkort lichamelijk onderzoek 36
    5. 4.1 Typische kenmerken van het kind 37
    6. 4.2 Algemene observaties 37
    7. 4.3 Pijn 37
    8. 4.4 Alarmtekens 38
    9. 4.5 Observeren volgens de ABCDE-methodiek 38
  5. 05 h5: pathologie van het kind 42
    1. anatomie en fysiologie van de luchtwegen van het kind 42
    2. luchtwegaandoening bij kinderen 43
    3. verpleegkundige opdracht bij kinderen met luchtwegproblemen 44
    4. Problematiek van de onderste luchtwegen 51
    5. 5.3 gastro-enterologische ziektebeelden 56
    6. COMPLICATIES VAN GASTRO-ENTERITIS 61
    7. behandeling van gastro-enteritis 62
    8. behandeling van dehydratie 63
    9. gastro-enteritis door parasieten: enterobius vermicularis of aarsmaden 63
    10. voedselallergie 63
    11. voedselintolerantie of -overgevoeligheid 65
    12. chronische aspecifieke diarree – kleuterdiarree , peuterdiarree 65
    13. coeliakie (glutenovergevoeligheid) 65
    14. obstipatie 65
    15. verpleegkundige opdracht bij kinderen met gastro-intestinale problemen 67

Infos sur le Document

Publié le
24 décembre 2025
Nombre de pages
69
Écrit en
2024/2025
Type
Resume
€18,16

Mauvais document ? Échangez-le gratuitement Dans les 14 jours suivant votre achat et avant le téléchargement, vous pouvez choisir un autre document. Vous pouvez simplement dépenser le montant à nouveau.
Rédigé par des étudiants ayant réussi
Disponible immédiatement après paiement
Lire en ligne ou en PDF

Vendu
2
Abonnés
0
Éléments
4
Dernière vente
1 mois de cela



Pourquoi les étudiants choisissent Stuvia

Créé par d'autres étudiants, vérifié par les avis

Une qualité sur laquelle compter : rédigé par des étudiants qui ont réussi et évalué par d'autres qui ont utilisé ce document.

Le document ne convient pas ? Choisis un autre document

Aucun souci ! Tu peux sélectionner directement un autre document qui correspond mieux à ce que tu cherches.

Paye comme tu veux, apprends aussitôt

Aucun abonnement, aucun engagement. Paye selon tes habitudes par carte de crédit et télécharge ton document PDF instantanément.

Student with book image

“Acheté, téléchargé et réussi. C'est aussi simple que ça.”

Alisha Student

Foire aux questions