• Mauvais document ? Échangez-le gratuitement
  • Rédigé par des étudiants ayant réussi
  • Disponible immédiatement après paiement
  • Lire en ligne ou en PDF
Vendre
Où étudie-tu ?
La langue
Document preview thumbnail
Aperçu 6 sur 125 pages
Resume

Samenvatting Economie en Rechtseconomie

Document preview thumbnail
Aperçu 6 sur 125 pages

GESLAAGD MET 16/20!!! Deze samenvatting bestaat uit wat er in de PP staat en wat er in de les wordt gezegd. Hier en daar ook een aanvulling uit het boek. Wat ik zeker ook kan aanraden is om alle oefeningen van het werkcollege schriftelijk opnieuw te maken. Door deze samenvatting goed te leren en de oefeningen van de werkcolleges te bekijken, behaalde ik een 16/20! Ik had ook echt het gevoel dat ik heel goed voorbereid naar het examen ging.

Aperçu du contenu

Economie en rechtseconomie
Micro-economie

= gaat na hoe individuele economische agenten beslissingen nemen (bv
kijken naar gedrag van producenten, consumenten, hoe de overheid
ingrijpt, …)

Inleiding: Waarover gaat economie?
1. Waarom economie?

Wat doet de economische wetenschap:

Inzicht geven in menselijk gedrag, in de maatschappelijke organisatie
(humane wetenschap) vanuit een specifieke invalshoek

Die kennis zou mensen moeten helpen

 Om betere beslissingen te kunnen nemen in het dagelijkse leven
 Om de problemen van de wereld waarin we leven beter te
begrijpen: als we die problemen begrijpen zouden we ze in de
toekomst kunnen voorkomen
 Om een beter beleid te kunnen voeren

2. Waarom economie voor rechten studenten

Het recht regelt niet enkel sociale relaties maar ook heel wat
economische relaties. Als jurist moet je toch weten waarmee je dan bezig
bent, heb je toch enig inzicht nodig in die economische variabelen

H1: Wat is economie? Object, doel en methode van de
economische wetenschap
1. Het fundamentele economische probleem: veelvuldige
behoeften versus schaarse middelen

We kijken naar de spanning tussen enerzijds onze veelvuldige behoeften
en anderzijds onze beperkte middelen  in economie: proberen goede
keuzes te maken daarin

Behoeftes = economische goederen

 Nuttige goederen, als ze niet nuttig zouden zijn: geen behoefte aan
 Schaars (  “vrij”: goederen die je vrij kunt krijgen en waar je niet
voor moet betalen, bv. lucht)
 Alternatief aanwendbaar (je kan ze voor verschillende zaken
gebruiken)
 Zowel materieel als immaterieel

1

, o Materieel: bv. een broodje
o Immaterieel: bv. op restaurant gaan

1.1. Keuzes en opportuniteitskosten

Wie kiest geeft iets anders op: als je een keuze maakt ga je ook iets
verliezen (= kost)  als je kiest ga je de baten en kosten tegen elkaar
afwegen en als de baten groter zijn dan de kosten is het een goede keuze
om te maken

Opportuniteitskost = de waarde van het beste alternatief dat men opgeeft
door deze keuze te maken

De echte kost van een goed is niet enkel wat je ervoor moet betalen maar
ook wat je ervoor opgeeft

 Bv. Opportuniteitskost studeren: je hebt gekozen om 5 jaar hier te
studeren maar je kon die 5 jaar ook ergens anders aan besteden
zoals reizen of werken. Moest je gaan studeren i.p.v. werken geef je
5 jaar loon op als kost, maar als baat heeft het wel dat je een
diploma krijgt en later een mooie job met een mooi loon
 Bv. Opportuniteitskost avondje cinema: ongeveer 16 euro voor naar
de cinema te gaan + twee uur van je tijd. Die twee uur had je ook
anders kunnen besteden door bv te gaan werken voor 15 euro/uur,
dan kost dat avondje geen 16 euro maar 46 euro

1.2. Definitie economie

‘… een sociale wetenschap die tot voorwerp heeft het beheer van
schaarse middelen’ (Tibor Scitovsky (1910 – 2002))

Dit beheer van de beschikbare middelen omvat:

 Allocatie (toewijzing) van middelen: wat, hoeveel en hoe
produceren
 Verdeling (distributie): voor wie produceren, hoe wordt die
productie verdeeld
 Nastreven van de volledige aanwending: stabiliteitsprobleem =
schaarse middelen zo goed mogelijk inzetten zodat we zo weinig
mogelijk verspillen

 3 problemen die we in economie bestuderen: allocatieprobleem,
distributieprobleem en stabilisatieprobleem

1.3. Micro- en macro-economie

Micro-economie Macro-economie

2

,Gaat na hoe individuen en Bekijkt het geaggregeerde niveau
bedrijven (individuele economische en bestudeert vraagstukken die de
agenten) beslissingen nemen + economie als geheel beïnvloeden
hoe de overheid ingrijpt (bv. werkloosheid, inflatie, bbp, …)

Heeft dus voornamelijk betrekking Heeft dus voornamelijk betrekking
op allocatie- en distributieprobleem op het stabiliteitsprobleem




Voorbeeld: klimaatbeleid

 Micro
o Hoe veranderen consumenten hun gedrag?
 Bv zonnepanelen plaatsen
o Hoe veranderen producenten hun gedrag?
 Bv productietechnieken aanpassen om zo weinig
mogelijk uitstoot te hebben
 Macro
o Wat zijn de budgettaire gevolgen van ons klimaatbeleid?
o Wat zijn de gevolgen op de werkgelegenheid?

2. Het productieproces

Productie = alle activiteiten

 Waardoor goederen en diensten tot stand worden gebracht
(economische goederen; consumptiegoederen en
kapitaalsgoederen)
o Consumptiegoederen: goederen die je meteen consumeert
(bv. brood)
o Kapitaalgoederen: goederen die nog verder gebruikt worden
in andere productieprocessen (bv. machines, een fabriek
maakt een oven die later in een restaurant wordt gebruikt)
 En op gepaste tijd en plaats ter beschikking worden gesteld van
consumenten
 Door inzet van schaarse middelen (de productiefactoren: arbeid,
natuur, en kapitaal- en ondernemingsinitiatief)



3

, 2.1. De productiefactoren

Arbeid (L)

Natuur (N)  gaan we negeren in de oefeningen, want is vaak gratis, bv.
lucht, water, …

Kapitaal (K)

 Eigenlijke productiefactoren

Ondernemingsinitiatief: ruim begrip, bv. het risico dat iemand bereid is
om te nemen, de creativiteit dat iemand heeft  moeilijk om te meten
daarom gaan we het negeren

Schema van het productieproces (omwegproductie):




Arbeid en natuur = primaire productie factoren

Kapitaal = afgeleide productiefactor omdat er vaak al arbeid en natuur
nodig is geweest om het kapitaalgoed te maken

 De drie productiefactoren zorgen samen voor productie

De geproduceerde economische goederen worden ingedeeld in
consumptiegoederen en kapitaalgoederen  kapitaalgoederen zorgen
weer voor nieuwe productie

2.2. De productiefunctie




4

,De productiefunctie is een technische relatie tussen de hoeveelheid
productiefactoren (input) en de maximale hoeveelheid economische
goeden (output) die men daarmee kan produceren

X = ∫(L, N, K)

 X = hoeveelheid output (als bakker is je output brood en gebak)
 L = hoeveelheid arbeid (labour)
 N = hoeveelheid natuur
 K = hoeveelheid kapitaal
 f = een bepaalde functionele vorm (in de functie zit enkel kapitaal
en arbeid)
o Bv. X = 10L + 2K of X = L1/4K3/4

Cijfervoorbeeld:

Tabel 1. De productiefunctie

We veronderstellen dat de hoeveelheid natuur (N) en de hoeveel kapitaal
(K) constant zijn, alleen de hoeveelheid arbeid kan evolueren (kan ofwel
zijn dat het aantal arbeiders veranderd, ofwel het aantal uren arbeid, 1
van de twee)




 Als de hoeveelheid arbeid (input) toeneemt, neemt ook de
hoeveelheid graan en kleding (output) toe: positief verband tussen
L en X

Graan en kleding hebben allebei een positief verband tussen L en X maar
toch is er een verschil

 Er wordt meer graan geproduceerd dan kleding
 De hoeveelheid graan neemt niet evenredig toe (12= +4, 23=
+3, 34 = +2)

Figuur 2 (a). Productiefunctie van graan ( !!! assen juist
benoemen !!! )




5

, De functie is stijgend, maar de helling wordt steeds kleiner, wat erbij komt
wordt kleiner  Afnemend marginaal product (zien we vaak in realiteit)

Marginaal product van arbeid = de verandering in het outputniveau ten
gevolge van een kleine verandering in de inzet van arbeid (hoeveelheid
extra eenheden die je verwerft door het toevoegen van extra arbeid)

Figuur 2(b). Productiefunctie van kleding




Er komt altijd evenveel
bij, helling blijft zelfde  Constant marginaal product/ lineaire curve =
niet realistisch, komt nauwelijks voor

3. De productiemogelijkhedencurve van een land

We gaan ervan uit dat in een land maar 2 goederen worden geproduceerd

Voorbeeld:

Tabel 2. Alternatieve productiemogelijkheden van graan en kleding met 5
eenheden arbeid




6

Table des matières

  1. 01 Inleiding: Waarover gaat economie? 1
  2. 02 H1: Wat is economie? Object, doel en methode van de economische wetenschap 1
  3. 03 H2: Het marktmechanisme 10
  4. 04 H3: Productie en kosten van bedrijven op korte en op lange termijn 39
  5. 05 H4: Prijsvorming onder verschillende marktstructuren 65
  6. 06 H5: Marktimperfectie en de rol van de overheid 83
  7. 07 H6: Productie, inkomens en bestedingen – de macro-economische benadering 93
  8. 08 H7: Ongelijkheid en herverdeling 107
  9. 09 H14: Werkloosheid, inflatie en de Phillips-curve 120

Infos sur le Document

Cours
Publié le
15 décembre 2025
Nombre de pages
125
Écrit en
2024/2025
Type
Resume
€8,16

Mauvais document ? Échangez-le gratuitement Dans les 14 jours suivant votre achat et avant le téléchargement, vous pouvez choisir un autre document. Vous pouvez simplement dépenser le montant à nouveau.
Rédigé par des étudiants ayant réussi
Disponible immédiatement après paiement
Lire en ligne ou en PDF

Seller avatar
Les scores de réputation sont basés sur le nombre de documents qu'un vendeur a vendus contre paiement ainsi que sur les avis qu'il a reçu pour ces documents. Il y a trois niveaux: Bronze, Argent et Or. Plus la réputation est bonne, plus vous pouvez faire confiance sur la qualité du travail des vendeurs.
tvh060914
4,0
(1)
Vendu
31
Abonnés
0
Éléments
14
Dernière vente
22 heures de cela



Pourquoi les étudiants choisissent Stuvia

Créé par d'autres étudiants, vérifié par les avis

Une qualité sur laquelle compter : rédigé par des étudiants qui ont réussi et évalué par d'autres qui ont utilisé ce document.

Le document ne convient pas ? Choisis un autre document

Aucun souci ! Tu peux sélectionner directement un autre document qui correspond mieux à ce que tu cherches.

Paye comme tu veux, apprends aussitôt

Aucun abonnement, aucun engagement. Paye selon tes habitudes par carte de crédit et télécharge ton document PDF instantanément.

Student with book image

“Acheté, téléchargé et réussi. C'est aussi simple que ça.”

Alisha Student

Foire aux questions