Goederenrecht en zakelijke zekerheden
Boek : p.175-183
Begrip vermogen = alle goederen, rechten en plichten die aan een persoon op een
bepaald moment toebehoren, en in geld waardeerbaar zijn, 3.35 BW.
Elke persoon heeft een vermogen dat fluctueert (balans 2024≠balans 2023)
- Vermogensrechten vallen uiteen in zakelijke rechten, vorderingsrechten en
intellectuele rechten
- Vermogensrechten zijn in geld waardeerbaar
- En “verdwijnen” niet bij een overlijden (~overgang door erfenis)
- Ze kunnen verhandeld worden
Patrimoniale rechten : aangezien het vermogen bestaat uit alle in geld waardeerbare
rechten en plichten, zijn de vermogensrechten de rechten die in geld waardeerbaar zijn.
3 categorieën :
Zakelijke rechten : recht op zaak of goed
Vorderingsrechten : recht tav persoon op bepaalde prestatie
Intellectuele rechten : recht op een idee
extra-patrimoniale rechten : staan tegenover de patrimoniale rechten. geen
economische waarde, niet verhandelbaar
Bv. persoonlijkheidsrecht (R op privacy, R op afbeelding, ..), familierecht (R op erkenning
kind)
Persoon :
- Natuurlijke persoon: u en ik, van vlees en bloed
- Rechtspersoon: fictieve en aparte structuur maar waaraan het recht wel een
identiteit verleent, bv. vennootschap NV INBEV, VZW Bral
*Onderscheid rechtsregels van aanvullend recht, dwingend recht, openbare orde
*Geeft “sterkte” v.d. rechtsregel weer: kan ik in een contract geldig afwijken v.d. regel?
*Hoe weet ik dat ? Manier waarop regel is geschreven of interpretatie door rechters
*Relatieve/absolute nietigheid v.d. afwijking in het contract
Tijd en recht ( verjaring )
Verjaring : het verstrijken van tijd speelt een belangrijke rol in het burgerlijk recht, en in
het recht in het algemeen. Subjectieve rechten door verloop van tijd verjaren. De
verjaring zorgt voor rechtszekerheid
Verkrijgende verjaring : je gaat recht krijgen die je eigenlijk niet hebt. Indien men door
het verstrijken van de tijd subjectieve rechten verwerft. Als men gedurende 30 jaar
openlijk en ongehinderd heeft voorgedaan als rechthebbende, verkrijgt men het zakelijke
recht
Vb. je hebt bepaalde goederen gekregen die je eigenlijk niet hebt, na een bepaalde tijd
ga je eigenaar worden van die goederen. Je wordt bestempeld als eigenaar.
Vb. als je als vluchteling bewijs hebt dat je al lang genoeg in België bent dan kan je
rechten krijgen als een Belgische bewoner ook al heb je de juiste papieren niet.
== je gedraagt je als lang genoeg alsof je deze recht draagt.
Bevrijdende verjaring : het verliezen van zakelijke rechten door verjaren.
30j. zakelijke vordering
10j. persoonlijke vorderingen
Uitzonderingen :
- Sommige vorderingen zijn onverjaarbaar ( de staat van een persoon)
- Soms korte termijn :
, *5j. huurgeld ..
*3j. verzekeringscontract
*1j. handelaar levert aan consument, reiscontract.
Zakelijke rechten creëren een band tussen een persoon en goederen.
Vorderingsrechten of persoonsrechten, linken de mensen met contracten
Bij de zakelijke rechten kunnen we spreken over numerus clausus; wilsautonomie en
contractvrijheid
Publiciteitsregels, in her register van de hypotheekbehouder staan alle eigenaren. Bij
eigendom van ontroerend goederen
Onze verjaring termijnen gaan veranderen van zaak tot zaak.
Lening van 30 jaar aan de bank, groot risico voor de bank, want in 30 jaar kan je
persoonlijke situatie wel veel veranderen, bank is een schuldeiser, een vraagt daarvoor
waarborg. Wanneer jij de lening niet correct terug betaald kan de bank jouw pand
gebruiken als hypotheek voor je lening.
een zakelijke zekerheid nemen door een pand te nemen. Vb. een persoon koopt een
machine aan bij een bedrijf en krijgt een factuur, hij heeft 30 dagen om die factuur af te
betalen. Als die persoon dat niet doet dan heeft de verkoper het pandrecht om dat
machine terug te nemen.
Onderscheid zakelijke rechten-vorderingsrechten ?
1. Numerus clausus art. 3.3.BW of wilsautonomie en contractvrijheid.
2. Publiciteitsregels voor goederen
3. Verjaring : 30j. voor goederen art. 2262 oud BW ; verjaring 10 of 5/20 j. voor
verjaring art. 2262bis oud BW
Goederenrecht (codex boek 3 BW)
- Terminologie : voorwerpen die geen rechtssubject of dier zijn
- Dier : 3.39 BW
- Goederen : alle voorwerpen die kunnen toegeëigend worden
- Zaken : alleen de lichamelijke voorwerpen
1. Soorten goederen : een onderscheid
Ingemaakte kast bij verkoop, roerend of onroerend goed ?
Onroerend goed : 3.47 BW EN 3.49 BW
a. Uit de aard : grond, volumes, boven en ondergrond, bebouwd en onbebouwd. Vb.
Tunnel.
b. Door incorporatie : wat in die grond komt, beplanting. Objectief en subjectieve,
vast zitten een de grond, je kan ze niet uitbreken zonder de goederen kapot te
maken. Maar uitzondering, bezinepompen, zitten vast aan de grond, dat zijn geen
goederen die we gaan verplaatsen elke week, dus dat is een subjectieve bedoeling
om die op die plaatst te laten. Vb. Rolkranen op sporen in de havens.
c. Door bestemming : zijn uit hun aard roerend maar door economische of
esthetische band met onroerend goederen. Vb. ze horen bij een onroerende zaak,
een bijzaak. Dus de hoofdzaak beslist het status van de bijzaak. Heftruck is een
roerend goed, maar als hij werkt in een fabrieksgebouw dan wordt het gerekend
als een roerend goed. Maar ook alles dat op maat gemaakt is. Parketvloer, niet als
de zelfde vloer wordt gelegd door de huurder = kijk voorwaarde. Vb. heftruck in
bedrijf.
Boek : p.175-183
Begrip vermogen = alle goederen, rechten en plichten die aan een persoon op een
bepaald moment toebehoren, en in geld waardeerbaar zijn, 3.35 BW.
Elke persoon heeft een vermogen dat fluctueert (balans 2024≠balans 2023)
- Vermogensrechten vallen uiteen in zakelijke rechten, vorderingsrechten en
intellectuele rechten
- Vermogensrechten zijn in geld waardeerbaar
- En “verdwijnen” niet bij een overlijden (~overgang door erfenis)
- Ze kunnen verhandeld worden
Patrimoniale rechten : aangezien het vermogen bestaat uit alle in geld waardeerbare
rechten en plichten, zijn de vermogensrechten de rechten die in geld waardeerbaar zijn.
3 categorieën :
Zakelijke rechten : recht op zaak of goed
Vorderingsrechten : recht tav persoon op bepaalde prestatie
Intellectuele rechten : recht op een idee
extra-patrimoniale rechten : staan tegenover de patrimoniale rechten. geen
economische waarde, niet verhandelbaar
Bv. persoonlijkheidsrecht (R op privacy, R op afbeelding, ..), familierecht (R op erkenning
kind)
Persoon :
- Natuurlijke persoon: u en ik, van vlees en bloed
- Rechtspersoon: fictieve en aparte structuur maar waaraan het recht wel een
identiteit verleent, bv. vennootschap NV INBEV, VZW Bral
*Onderscheid rechtsregels van aanvullend recht, dwingend recht, openbare orde
*Geeft “sterkte” v.d. rechtsregel weer: kan ik in een contract geldig afwijken v.d. regel?
*Hoe weet ik dat ? Manier waarop regel is geschreven of interpretatie door rechters
*Relatieve/absolute nietigheid v.d. afwijking in het contract
Tijd en recht ( verjaring )
Verjaring : het verstrijken van tijd speelt een belangrijke rol in het burgerlijk recht, en in
het recht in het algemeen. Subjectieve rechten door verloop van tijd verjaren. De
verjaring zorgt voor rechtszekerheid
Verkrijgende verjaring : je gaat recht krijgen die je eigenlijk niet hebt. Indien men door
het verstrijken van de tijd subjectieve rechten verwerft. Als men gedurende 30 jaar
openlijk en ongehinderd heeft voorgedaan als rechthebbende, verkrijgt men het zakelijke
recht
Vb. je hebt bepaalde goederen gekregen die je eigenlijk niet hebt, na een bepaalde tijd
ga je eigenaar worden van die goederen. Je wordt bestempeld als eigenaar.
Vb. als je als vluchteling bewijs hebt dat je al lang genoeg in België bent dan kan je
rechten krijgen als een Belgische bewoner ook al heb je de juiste papieren niet.
== je gedraagt je als lang genoeg alsof je deze recht draagt.
Bevrijdende verjaring : het verliezen van zakelijke rechten door verjaren.
30j. zakelijke vordering
10j. persoonlijke vorderingen
Uitzonderingen :
- Sommige vorderingen zijn onverjaarbaar ( de staat van een persoon)
- Soms korte termijn :
, *5j. huurgeld ..
*3j. verzekeringscontract
*1j. handelaar levert aan consument, reiscontract.
Zakelijke rechten creëren een band tussen een persoon en goederen.
Vorderingsrechten of persoonsrechten, linken de mensen met contracten
Bij de zakelijke rechten kunnen we spreken over numerus clausus; wilsautonomie en
contractvrijheid
Publiciteitsregels, in her register van de hypotheekbehouder staan alle eigenaren. Bij
eigendom van ontroerend goederen
Onze verjaring termijnen gaan veranderen van zaak tot zaak.
Lening van 30 jaar aan de bank, groot risico voor de bank, want in 30 jaar kan je
persoonlijke situatie wel veel veranderen, bank is een schuldeiser, een vraagt daarvoor
waarborg. Wanneer jij de lening niet correct terug betaald kan de bank jouw pand
gebruiken als hypotheek voor je lening.
een zakelijke zekerheid nemen door een pand te nemen. Vb. een persoon koopt een
machine aan bij een bedrijf en krijgt een factuur, hij heeft 30 dagen om die factuur af te
betalen. Als die persoon dat niet doet dan heeft de verkoper het pandrecht om dat
machine terug te nemen.
Onderscheid zakelijke rechten-vorderingsrechten ?
1. Numerus clausus art. 3.3.BW of wilsautonomie en contractvrijheid.
2. Publiciteitsregels voor goederen
3. Verjaring : 30j. voor goederen art. 2262 oud BW ; verjaring 10 of 5/20 j. voor
verjaring art. 2262bis oud BW
Goederenrecht (codex boek 3 BW)
- Terminologie : voorwerpen die geen rechtssubject of dier zijn
- Dier : 3.39 BW
- Goederen : alle voorwerpen die kunnen toegeëigend worden
- Zaken : alleen de lichamelijke voorwerpen
1. Soorten goederen : een onderscheid
Ingemaakte kast bij verkoop, roerend of onroerend goed ?
Onroerend goed : 3.47 BW EN 3.49 BW
a. Uit de aard : grond, volumes, boven en ondergrond, bebouwd en onbebouwd. Vb.
Tunnel.
b. Door incorporatie : wat in die grond komt, beplanting. Objectief en subjectieve,
vast zitten een de grond, je kan ze niet uitbreken zonder de goederen kapot te
maken. Maar uitzondering, bezinepompen, zitten vast aan de grond, dat zijn geen
goederen die we gaan verplaatsen elke week, dus dat is een subjectieve bedoeling
om die op die plaatst te laten. Vb. Rolkranen op sporen in de havens.
c. Door bestemming : zijn uit hun aard roerend maar door economische of
esthetische band met onroerend goederen. Vb. ze horen bij een onroerende zaak,
een bijzaak. Dus de hoofdzaak beslist het status van de bijzaak. Heftruck is een
roerend goed, maar als hij werkt in een fabrieksgebouw dan wordt het gerekend
als een roerend goed. Maar ook alles dat op maat gemaakt is. Parketvloer, niet als
de zelfde vloer wordt gelegd door de huurder = kijk voorwaarde. Vb. heftruck in
bedrijf.