BEWEGINGSBEGELEIDING EN -
PROMOTIE BIJ SPECIFIEKE
DOELGROEPEN
THEMA 1 BEWEGINGSBEGELEIDING EN -PROMOTIE BIJ SENIOREN
Life expectancy has increased globally
ð Gemiddelde levensverwachting in Vlaanderen = 83 jaar (mannen = 81 jaar, vrouwen = 85 jaar)
ð Gemiddelde levensverwachting is de laatste 100 jaar enorm toegenomen wereldwijd
- Nog steeds een grote toename
- Grote verschillen per land (vb. Afrika -> veel kindsterfte)
ð Oudere volwassenen/senioren = meer dan 65 jaar (pensioen)
ð Van populatiepiramide tot populatieboom -> grote toename van ouderen
ð Consequentie -> de afhankelijkheidsratio stijgt
- 2001: ratio = 26%, 2020: ratio = 35%, 2050: ratio = 56%
- Afhankelijkheidsratio: hoeveel jongere (werkende) mensen tov mensen
die niet meer werken (zieke, ouderen)
- Van 4 naar 3 en gaat naar 2
- Consequentie naar maatschappelijke kosten (zieke mensen, pensioenen)
AGING SOCIETY
Vergrijzende maatschappij op zich geen probleem
ð Maar gebeurt het verouderen gezond of zijn het enkel jaren waarbij men ziek is en dus
afhankelijk is -> belangrijk voor maatschappelijke kost
ð Levensverwachting is sneller gestegen dan de gezonde levensverwachting (zowel voor mannen
en voor vrouwen) -> toename in aantal jaren in slechte gezondheid
- Gat tussen het ouder worden en lang gezond blijven wordt groter
Aging and morbidity
ð Bijna 90% van mensen boven 70jaar heeft 2 of meer medische condities waar ze medicatie
voor nemen
- Stijgt heel erg + grote kost voor de maatschappij
ð Shift van oorzaken naar leefstijlgerelateerde oorzaken
- Vroeger vooral infecties -> nu veel hartfalen, beroertes, COPD, dementie, kanker,
diabetes, nierlijden
Focus of age well square
ð We zitten bijna aan rekbaarheid van
levensverwachting
ð Niet inzetten op langer leven, maar op
gezonder oud worden
1
,Key data health expenditure
ð Groot budget om oudere populatie op te vangen (veel voor care, beetje voor preventie)
- 70-75% voor curatieve en revalidatie zorg (gezondheidsdiensten, ziekenhuizen, dokters)
- 20% voor farmaceutische middelen en medische goederen (ook geneesmiddelen en
medische diensten)
- 2-3% voor preventie en publieke gezondheid (promotie van gezonde levensstijl,
vaccinatiecampagnes, vroegtijdige ziekteopsporing)
The silver economy
ð Grote groep ouder in de maatschappij -> interessante groep op economisch vlak
- Als ze gezond zijn kan dit voordelen hebben voor toerisme, gebruik van diensten, langer
werken…
Geriatric giants = aantal aandoeningen die vaakst voorkomen bij senioren die bepalend zijn voor
levenskwaliteit
ð Vallen, immobiliteit, incontinentie, doorligwonden, dementie/verwardheid
Atleten -> curve anders -> gemiddeld gezien ouder
worden
Grote mobiliteit (doorsnede dijbeen)
Groot verlies van spiermassa en spierkracht
op oudere leeftijd
Belangrijk om doorheen levensloop zo goed
mogelijk kracht te maximaliseren
Effecten van beweging
ð Fysieke capaciteiten
- Basale lichaamsfuncties: spierkracht, botdichtheid, vet en cholesterol
- Complexe lichaamsfuncties: balans, flexibiliteit, uithouding, beweeglijkheid
- Verouderingsprocessen: langer leven, minder verlies lichaamsfuncties, ook bij chronische
ziekten
ð Preventie van chronische aandoeningen: hart- en vaatziekten, osteoporose, diabetes mellitus
type II
ð Cognitief functioneren: geheugen en reactietijd
ð Psychisch welbevinden: zinvolle vrijetijdsbesteding, contacten, controle, angst en depressie
2
,Seniorenparticipatie in Vlaanderen
ð Laatste 12 maanden deelgenomen aan sport? (inclusief volkssporten)
- 55 plussers: 61% van mannen, 51% van vrouwen
ð Top 10 aan sporten
- Mannen: fietsen, wandelen – petanque – zwemmen – biljart – dans – lichaamsoefeningen –
fitness – krulbol – bowling/kegelen
- Vrouwen: fietsen – wandelen – dans – lichaamsoefeningen – petanque – zwemmen –
fitness – bowling/kegelen – loopsport – aerobics
Beïnvloedende factoren
ð Geslacht
- Mannen: fysiek goed voelen, fitness
- Vrouwen: gewicht, attractiviteit, sociaal
ð Socio-economisch
- Geen verschil voor wandelen, in de tuin werken
- Wel verschil voor fietsen, zwemmen en sporten
ð Gewoonte: korte en lange termijn verleden
ð Persoonlijkheid: extravert vs introvert
Belangrijkste hindernissen
ð Negatief imago van ouderen
ð Sportbiografie en vroegere faalervaringen
ð Gezondheidstoestand: chronische aandoeningen en gepercipieerde gezondheidstoestand
ð Andere hobby’s
ð Geen tijd
ð Verplaatsing, vervoer, reizen
ð Weinig financiële middelen
Welke sporten
- Lopen
- Wandelend sporten: wandelhockey, wandelvoetbal, wandelbasket
- Pickleball
ð Intergenerationeel sporten: niet sporten per leeftijdscategorie (vb. samen met kleinkinderen)
FYSIEKE ACTIVITEIT EN SEDENTAIR GEDRAG BIJ DE OVERGANG NAAR HET PENSIOEN
België: pensioenleeftijd tussen 58 en 65 jaar -> afhankelijk van het type beroep
ð Veranderende groep door het optrekken van de pensioenleeftijd
ð Overgang naar pensioen is een belangrijke levensfase
- Werk valt weg -> tijd om nieuwe gewoontes op te nemen
- Werk valt weg -> mogelijke gevoelen van sociale en financiële exclusie (preventie!!)
- Recent gepensioneerden zoeken vaak ‘nieuwe uitdaging’: hoge receptiviteit voor
gedragsverandering
ð Ideaal tijdstip voor het implementeren van gezondheidsinterventies
3
, Vroeger onderzoek
ð Daling in totale fysieke activiteit
- Daling in werkgerelateerde fysieke activiteit en actief transport
- Stijging in fysieke activiteit tijdens vrije tijd: onvoldoende om daling te compenseren
ð Sedentair gedrag: inconsistente resultaten – minder bestudeerd
- Daling in werkgerelateerd zitten
- Toename in TV kijken, PC gebruik en lezen
- Geen duidelijkheid over andere vormen van sedentair gedrag (vb. passief transport,
hobby’s)
Interventies: hoe aanpakken?
1. Kwalitatief onderzoek: wat vindt de doelgroep belangrijk?
2. Kwantitatief onderzoek: welke determinanten zijn belangrijk voor FA en SG?
3. Ontwikkeling en implementatie van een interventie
Kwalitatief onderzoek: focusgroepen
ð 4 focusgroepen bij 37 recent gepensioneerde volwassenen
ð Thema’s
- FA/SG en veranderingen in FA/SG tijdens pensioen
o Wandelen, fietsen, zwemmen, fitness
o Wandelen en fietsen: transport en vrije tijd
o Werken in de tuin
o Vooral lezen, TV kijken en computergebruik
o Beperkte mate van autogebruik
o Veranderingen bij overgang naar pensioen: afhankelijk van vroegere job
• Mensen met sedentaire job: meer actief na pensioen en minder zitten
• Mensen met actieve job: pensioen = verdiende rust -> minder actief na
pensioen, meer SG
- Determinanten van FA/SG: specifieke determinanten voor deze groep
o Hindernissen tov FA
• Financiële hindernissen
• Leeftijdsgerelateerde hindernissen (vermoeidheid, fysieke ongemakken)
• Tijdsgebrek (gepercipieerd: vaak excuses voor andere hindernissen)
• Gevoel van ‘vergeten groep’: vallen tussen volwassenen en senioren, geen
aangepaste mogelijkheden beschikbaar
o Voordelen van FA
• Gezondheidsvoordelen (fysiek en mentaal)
• Sociale voordelen: remedie tegen vereenzaming en sociale exclusie
• Energie, plezier
o FA is geen prioriteit voor deze groep: op zoek naar algemene balans in leven
• ‘Sandwich generatie’: velen rekenen op hen (kinderen, ouders) -> FA kan
moeilijk ingepland worden
o Geen kennis van negatieve gevolgen van SG -> geen motivatie om SG te verminderen
- Mening over bestaande en mogelijke nieuwe FA interventies
4
PROMOTIE BIJ SPECIFIEKE
DOELGROEPEN
THEMA 1 BEWEGINGSBEGELEIDING EN -PROMOTIE BIJ SENIOREN
Life expectancy has increased globally
ð Gemiddelde levensverwachting in Vlaanderen = 83 jaar (mannen = 81 jaar, vrouwen = 85 jaar)
ð Gemiddelde levensverwachting is de laatste 100 jaar enorm toegenomen wereldwijd
- Nog steeds een grote toename
- Grote verschillen per land (vb. Afrika -> veel kindsterfte)
ð Oudere volwassenen/senioren = meer dan 65 jaar (pensioen)
ð Van populatiepiramide tot populatieboom -> grote toename van ouderen
ð Consequentie -> de afhankelijkheidsratio stijgt
- 2001: ratio = 26%, 2020: ratio = 35%, 2050: ratio = 56%
- Afhankelijkheidsratio: hoeveel jongere (werkende) mensen tov mensen
die niet meer werken (zieke, ouderen)
- Van 4 naar 3 en gaat naar 2
- Consequentie naar maatschappelijke kosten (zieke mensen, pensioenen)
AGING SOCIETY
Vergrijzende maatschappij op zich geen probleem
ð Maar gebeurt het verouderen gezond of zijn het enkel jaren waarbij men ziek is en dus
afhankelijk is -> belangrijk voor maatschappelijke kost
ð Levensverwachting is sneller gestegen dan de gezonde levensverwachting (zowel voor mannen
en voor vrouwen) -> toename in aantal jaren in slechte gezondheid
- Gat tussen het ouder worden en lang gezond blijven wordt groter
Aging and morbidity
ð Bijna 90% van mensen boven 70jaar heeft 2 of meer medische condities waar ze medicatie
voor nemen
- Stijgt heel erg + grote kost voor de maatschappij
ð Shift van oorzaken naar leefstijlgerelateerde oorzaken
- Vroeger vooral infecties -> nu veel hartfalen, beroertes, COPD, dementie, kanker,
diabetes, nierlijden
Focus of age well square
ð We zitten bijna aan rekbaarheid van
levensverwachting
ð Niet inzetten op langer leven, maar op
gezonder oud worden
1
,Key data health expenditure
ð Groot budget om oudere populatie op te vangen (veel voor care, beetje voor preventie)
- 70-75% voor curatieve en revalidatie zorg (gezondheidsdiensten, ziekenhuizen, dokters)
- 20% voor farmaceutische middelen en medische goederen (ook geneesmiddelen en
medische diensten)
- 2-3% voor preventie en publieke gezondheid (promotie van gezonde levensstijl,
vaccinatiecampagnes, vroegtijdige ziekteopsporing)
The silver economy
ð Grote groep ouder in de maatschappij -> interessante groep op economisch vlak
- Als ze gezond zijn kan dit voordelen hebben voor toerisme, gebruik van diensten, langer
werken…
Geriatric giants = aantal aandoeningen die vaakst voorkomen bij senioren die bepalend zijn voor
levenskwaliteit
ð Vallen, immobiliteit, incontinentie, doorligwonden, dementie/verwardheid
Atleten -> curve anders -> gemiddeld gezien ouder
worden
Grote mobiliteit (doorsnede dijbeen)
Groot verlies van spiermassa en spierkracht
op oudere leeftijd
Belangrijk om doorheen levensloop zo goed
mogelijk kracht te maximaliseren
Effecten van beweging
ð Fysieke capaciteiten
- Basale lichaamsfuncties: spierkracht, botdichtheid, vet en cholesterol
- Complexe lichaamsfuncties: balans, flexibiliteit, uithouding, beweeglijkheid
- Verouderingsprocessen: langer leven, minder verlies lichaamsfuncties, ook bij chronische
ziekten
ð Preventie van chronische aandoeningen: hart- en vaatziekten, osteoporose, diabetes mellitus
type II
ð Cognitief functioneren: geheugen en reactietijd
ð Psychisch welbevinden: zinvolle vrijetijdsbesteding, contacten, controle, angst en depressie
2
,Seniorenparticipatie in Vlaanderen
ð Laatste 12 maanden deelgenomen aan sport? (inclusief volkssporten)
- 55 plussers: 61% van mannen, 51% van vrouwen
ð Top 10 aan sporten
- Mannen: fietsen, wandelen – petanque – zwemmen – biljart – dans – lichaamsoefeningen –
fitness – krulbol – bowling/kegelen
- Vrouwen: fietsen – wandelen – dans – lichaamsoefeningen – petanque – zwemmen –
fitness – bowling/kegelen – loopsport – aerobics
Beïnvloedende factoren
ð Geslacht
- Mannen: fysiek goed voelen, fitness
- Vrouwen: gewicht, attractiviteit, sociaal
ð Socio-economisch
- Geen verschil voor wandelen, in de tuin werken
- Wel verschil voor fietsen, zwemmen en sporten
ð Gewoonte: korte en lange termijn verleden
ð Persoonlijkheid: extravert vs introvert
Belangrijkste hindernissen
ð Negatief imago van ouderen
ð Sportbiografie en vroegere faalervaringen
ð Gezondheidstoestand: chronische aandoeningen en gepercipieerde gezondheidstoestand
ð Andere hobby’s
ð Geen tijd
ð Verplaatsing, vervoer, reizen
ð Weinig financiële middelen
Welke sporten
- Lopen
- Wandelend sporten: wandelhockey, wandelvoetbal, wandelbasket
- Pickleball
ð Intergenerationeel sporten: niet sporten per leeftijdscategorie (vb. samen met kleinkinderen)
FYSIEKE ACTIVITEIT EN SEDENTAIR GEDRAG BIJ DE OVERGANG NAAR HET PENSIOEN
België: pensioenleeftijd tussen 58 en 65 jaar -> afhankelijk van het type beroep
ð Veranderende groep door het optrekken van de pensioenleeftijd
ð Overgang naar pensioen is een belangrijke levensfase
- Werk valt weg -> tijd om nieuwe gewoontes op te nemen
- Werk valt weg -> mogelijke gevoelen van sociale en financiële exclusie (preventie!!)
- Recent gepensioneerden zoeken vaak ‘nieuwe uitdaging’: hoge receptiviteit voor
gedragsverandering
ð Ideaal tijdstip voor het implementeren van gezondheidsinterventies
3
, Vroeger onderzoek
ð Daling in totale fysieke activiteit
- Daling in werkgerelateerde fysieke activiteit en actief transport
- Stijging in fysieke activiteit tijdens vrije tijd: onvoldoende om daling te compenseren
ð Sedentair gedrag: inconsistente resultaten – minder bestudeerd
- Daling in werkgerelateerd zitten
- Toename in TV kijken, PC gebruik en lezen
- Geen duidelijkheid over andere vormen van sedentair gedrag (vb. passief transport,
hobby’s)
Interventies: hoe aanpakken?
1. Kwalitatief onderzoek: wat vindt de doelgroep belangrijk?
2. Kwantitatief onderzoek: welke determinanten zijn belangrijk voor FA en SG?
3. Ontwikkeling en implementatie van een interventie
Kwalitatief onderzoek: focusgroepen
ð 4 focusgroepen bij 37 recent gepensioneerde volwassenen
ð Thema’s
- FA/SG en veranderingen in FA/SG tijdens pensioen
o Wandelen, fietsen, zwemmen, fitness
o Wandelen en fietsen: transport en vrije tijd
o Werken in de tuin
o Vooral lezen, TV kijken en computergebruik
o Beperkte mate van autogebruik
o Veranderingen bij overgang naar pensioen: afhankelijk van vroegere job
• Mensen met sedentaire job: meer actief na pensioen en minder zitten
• Mensen met actieve job: pensioen = verdiende rust -> minder actief na
pensioen, meer SG
- Determinanten van FA/SG: specifieke determinanten voor deze groep
o Hindernissen tov FA
• Financiële hindernissen
• Leeftijdsgerelateerde hindernissen (vermoeidheid, fysieke ongemakken)
• Tijdsgebrek (gepercipieerd: vaak excuses voor andere hindernissen)
• Gevoel van ‘vergeten groep’: vallen tussen volwassenen en senioren, geen
aangepaste mogelijkheden beschikbaar
o Voordelen van FA
• Gezondheidsvoordelen (fysiek en mentaal)
• Sociale voordelen: remedie tegen vereenzaming en sociale exclusie
• Energie, plezier
o FA is geen prioriteit voor deze groep: op zoek naar algemene balans in leven
• ‘Sandwich generatie’: velen rekenen op hen (kinderen, ouders) -> FA kan
moeilijk ingepland worden
o Geen kennis van negatieve gevolgen van SG -> geen motivatie om SG te verminderen
- Mening over bestaande en mogelijke nieuwe FA interventies
4