• Mauvais document ? Échangez-le gratuitement
  • Rédigé par des étudiants ayant réussi
  • Disponible immédiatement après paiement
  • Lire en ligne ou en PDF
Vendre
Où étudie-tu ?
La langue
Document preview thumbnail
Aperçu 4 sur 63 pages
Resume

Samenvatting alle literatuur Inleiding Forensische Orthopedagogiek

Document preview thumbnail
Aperçu 4 sur 63 pages

Dit document bevat alle opgegeven literatuur voor het vak 'Inleiding Forensische Orthopedagogiek' 2025 aan de Uva. Zowel de opgegeven hoofdstukken uit het boek 'Handleiding Forensische Orthopedagogiek', als de artikelen, als de college slides zijn in de samenvatting opgenomen.

Aperçu du contenu

Vera Oussoren

Forensische Orthopedagogiek

Literatuur

Hoorcollege 1
Ernstige gedragsproblemen vanuit zelfdeterminatie


Verplichte literatuur
 Hoofdstuk 1, 14, 23, 2, 3
 Mechanisms of childhood trauma: an integrative review of a multimodal,
transdiagnostic pathway
 Slides Van der Helm 2025
 Niet alles werkt in de jeugdhulp




Handboek Forensische Orthopedagogiek

Hoofdstuk 1: Forensische Orthopedagogiek

Forensische orthopedagogiek: bestudeert de ontwikkeling en het in stand blijven van
complexe problematiek van kinderen, jongeren en jongvolwassenen en daarmee
samenhangende opvoedings- en gezinsproblemen.
- Het is een interventiewetenschap met een multidisciplinair karakter
 De wijze waarop ernstige ontwikkelingsrisico’s en complexe gedragsproblemen bij
kinderen voorkomen, beperkt of weggenomen kunnen worden.
 De Forensische Orthopedagogiek streeft naar kennis om beter te handelen en is ritisch ten
aanzien van interventies en ingrijpen
 Evidence-based is een kernwaarde van de forensische orthopedagogiek

Strafrechtelijk ingrijpen: een jeugdige is in aanraking gekomen met de politie vanwege een
strafbaar feit en er wordt binnen de jeugdstrafrechtketen bepaald welke strafrechtelijke
interventie nodig is om herhaaldelijk delinquent gedrag te voorkomen
Civielrechtelijk ingrijpen= zorgen over de ontwikkelingskansen of veiligheid van een
jeugdige; interventies zijn bedoelt ter bescherming van het kind

Opvoedmilieus :
 Eerste opvoedingsmilieu = het gezin, de thuisomgeving
 Tweede opvoedingsmilieu = de school
 Derde opvoedingsmilieu = leeftijdsgenoten en vrije tijd
 Vierde opvoedingsmilieu = de residentiële zorg voor jeugdigen (kinderdagverblijven,
zorginstellingen, gesloten jeugdzorg, justitiële instellingen)

Bio-ecologisch ontwikkelingsmodel (Bronfenbrenner, 1979)
De ontwikkeling van het kind wordt gezien als een samenspel van aanleg (biologische
factoren) en omgeving
Ecologisch verwijst naar dat meerdere invloeden hiervan worden bestudeerd.

,Ontwikkeling betekent dat niet alleen het kind en zijn gedrag, maar ook de sociale context en
het belang van risico-, en beschermende factoren veranderen.
Levensloop gaat over dat specifieke levensgebeurtenissen een belangrijke invloed hebben op
kinderen en hun gezinnen
Interventies dienen zich niet alleen te richten op het problematisch functioneren van het
individuele kind zelf, maar vooral de sociale omgeving van het kind en de
ontwikkelingsmogelijkheden

Internationaal Verdrag inzake de Rechten van het Kind (IVRK)
4 artikelen van belang:
 Artikel 3: de belangen van het kind vormen een eerste overweging
 Artikel 9: een kind wordt niet gescheiden van zijn of haar ouders, tenzij de
bevoegde autoriteiten beslissen dat deze scheiding noodzakelijk is in het belang
van het kind
 Artikel 12: het kind dient gehoord te worden, wat consequenties heeft voor alle
beslissingen die over het kind genomen worden en interventies waaraan het kind
onderworpen wordt.  het kind mag zijn mening vrij uiten
 Artikel 16: geen enkel kind mag worden onderworpen aan willekeurige of
onrechtmatige inmenging in zijn of haar priveleven, gezinsleven, woning of
correspondentie

Basale behoeften van zelfdeterminatie (Ryan en Deci, 2000):
 Contact (sociale verbondenheid)
 Competentie (vertrouwen in eigen kunnen)
 Autonomie (vrijheid)

Primum non nocere-principe : breng in eerste plaats geen schade toe
 Dit gaat over overbelasting en het schaden van kinderen en gezinnen bij het inzetten van
interventies

Onderzoeksdoeleinden Forensische Orthopedagogiek:
1. Bestuderen van verschillende manifestaties van het probleem waar justitieel ingrijpen
nodig is of dreigt.
 Onderzoeken wat de oorzaken en gevolgen zijn van problemen
 Welke opvoedingsbelasting brengt dit met zich mee voor omgeving van het
kind
 Risico-, en beschermende factoren bekijken
2. Het ontwikkelen en evalueren van preventieve en curatieve interventies die zich
richten op de oorzaken en gevolgen van kindermishandeling en jeugddelinquentie bij
kinderen
- Kennis verkrijgen over hoe interventies kunnen worden verbeterd
3. Ontwikkelen en verbeteren van methoden om gegevens te verwerven, risico’s in te
schatten en interventies te indiceren
4. Zorgen voor theoretische integratie in het onderzoek naar kindermishandeling en
jeugddelinquentie door middel van overzichtsstudies


Hoofdstuk 14: Wat is specifiek aan forensisch orthopedagogische diagnostiek?

,Voordat met het diagnostisch onderzoek wordt gestart, vindt er idealiter een dossieranalyse
plaats.

Diagnostiek richt zich vervolgens in eerste instantie op ouders/opvoeders en de jeugdige
 Er worden ontwikkelingsanamneses, heteroanamneses en een autoanamnese afgenomen bij
de ouders en de jeugdige.
 Ook geven observaties en klinische indrukken belangrijke informatie

Het biopsychosociaal model
 Dit model staat centraal in relatie tot het ontstaan en de instandhouding van
gedragsproblemen bij jeugdigen en opvoedproblemen bij ouders
 Het biopsychosociaal model gaat ervan uit dat gedragsproblemen vrijwel altijd
multicausaal bepaald zijn : een cumulatie van risicofactoren kan uiteindelijk leiden tot
ernstige, internaliserende problematiek, zoals depressie, maar ook tot externaliserende
problematiek, waaronder delinquentie

Verschillen tussen ‘normale’ diagnostiek en ‘forensisch orthopedagogische diagnostiek’ :
1. Forensische orthopedagogische diagnostiek maakt standaard gebruik van zoveel
mogelijk informatiebronnen; informatie blijkt namelijk vaak onvolledig en onjuist. De
verkregen informatie van jongeren en ouders moet dus goed worden geverifieerd bij
diverse bronnen.
2. Het gebruik van risicotaxatie-instrumenten is een integraal onderdeel in de forensische
orthopedagogische diagnostiek. Risicotaxatie modellen zijn vaak niet valide en dus is
het verbeteren van de validiteit van risicotaxatie-instrumenten een work in progress
3. Bij Forensisch orthopedagogische diagnostiek is vrijwel altijd sprake van
comorbiditeit, wat het proces ingewikkeld maakt.

Hoofdstuk 23: Wat is specifiek aan forensisch orthopedagogische behandeling?

Forensisch orthopedagogische behandeling wordt uitgevoerd onder regie van een
gecertificeerde instelling GI.

Kenmerken van forensisch orthopedagogische behandeling:
 Vindt plaats in een justitieel kader, er is dus sprake van drang of dwang
 De doelgroep is complex en heeft vaak zeer ernstige problemen
 De behandeling is meestal opgelegd door de rechter  hierdoor ligt de
motivatie voor behandeling vaak laag
 Hierdoor is het opbouwen van een goede band tussen therapeut en cliënt
ook ingewikkeld
 Door de complexiteit van de doelgroep moet de behandelaar constant oog
houden voor de veiligheid (zowel die van cliënt als de eigen veiligheid)
 Als forensisch orthopedagoog moet je constant risico-inschattingen maken

Complexiteiten van forensisch orthopedagogische behandeling:
 Er zijn veel betrokkenen bij een gezin; hierdoor moeten veel partijen
samenwerken en is niet iedereen dit gewend hierdoor duurt plan van
aanpak soms onnodig lang.  Adequate regie door een GI is dus cruciaal.

Behandeling kiezen:
 Ambulant (kind woont nog thuis)

,  Pleegzorg (effectiviteit onduidelijk)
 Residentiële behandeling (als problemen te zwaar zijn voor de pleegzorg)

Hoofdstuk 2: Forensische orthopedagogiek: een juridisch kader

EVRM & IVRK : hieruit volgt dat kinderen recht hebben op bijzondere zorg en bijstand

IVRK artikel 12: het recht van het kind om een meing te geven, wanneer er ingrijpende
beslissingen genomen worden.

Participatie van jongeren in het jeugdhulptraject zorgen voor een positieve invloed op hun
zelfvertrouwen en het ontwikkelen van autonomie van kinderen

Defence for Children (Berger et al , 2019)
 Er is geen consensus over wat vrijheidsbeperkende maatregelen zijn
 Het afschaffen van ruimtes voor separatie
 Een betere omschrijving van vrijheidsbeperkende maatregelen ; wanneer mag
dit worden toegepast en door wie
 Extra training nodig van het begrip ‘beperende maatregelen’

Commissie de Winter; Eindrapport Commissie Onderzoek naar Geweld in de
Jeugdzorg :
 Hieruit bleek dat kinderen zowel in de residentiële jeugdhulp, als in de
pleegzorg, vaak slachtoffer of getuige worden van geweld gedurende de
plaatsing
 Hieruit volgde een aanbeveling om residentiële hulp pas in te zetten als
lichtere vormen geprobeerd zijn van hulp

Internationale visie op de rechten van kinderen
 IVRK is het belangrijkste instrument voor de bescherming van het kind
het verplicht ouders hun kind te verzorgen en ondersteunen
 Uithuisplaatsing; voorafgaand dient een strenge rechtelijke toets plaats te
vinden; de vrijheid van kinderen mag alleen worden ontnomen als dit de
uiterste maatregel is en echt noodzakelijk
 Ultimum remedium: als ouders en kind niet instemmen met opname in
residentiële instelling kunnen bevoegde autoriteiten alsnog beslissen dat dit
noodzakelijk is voor de jongere
 Participatief proces: kind en ouders worden zorgvuldig betrokken en aan
hun mening wordt een passend gewicht gehecht.
Jeugdwet
 Vanaf 1 januari 2015 Jeugdwet
 Belangrijkste verandering: de jeugdzorg is nu de verantwoordelijkheid van de
Gemeenten.
 Gemeenten moeten ervoor zorgen dat in hun regio een toereikend aanbod is van
jeugdhulp en hebben een adviserende rol ten aanzien van vragen vanuit jeugdigen en
hun netwerk die zich bijvoorbeeld zorgen maken om het welzijn van een jongere.
 Gemeenten bepalen welke vorm van jeugdhulp wordt ingezet
 Gecertificeerde instellingen zijn verantwoordelijk voor het bieden van
jeugdbescherming en jeugdreclassering

Livre connecté
 image
Geert-Jan Stams, Jan Hendriks Handboek Forensische orthopedagogiek
Éditeur: Inconnu ISBN: 9789047712923 Édition: 1

Infos sur le Document

Cours
Livre entier ?
Non
Quels chapitres sont résumés ?
1, 2, 3,5,6,7,9,11,14, 23,29, 31, 51
Publié le
14 octobre 2025
Nombre de pages
63
Écrit en
2025/2026
Type
Resume
€16,66

Mauvais document ? Échangez-le gratuitement Dans les 14 jours suivant votre achat et avant le téléchargement, vous pouvez choisir un autre document. Vous pouvez simplement dépenser le montant à nouveau.
Rédigé par des étudiants ayant réussi
Disponible immédiatement après paiement
Lire en ligne ou en PDF

Seller avatar
Les scores de réputation sont basés sur le nombre de documents qu'un vendeur a vendus contre paiement ainsi que sur les avis qu'il a reçu pour ces documents. Il y a trois niveaux: Bronze, Argent et Or. Plus la réputation est bonne, plus vous pouvez faire confiance sur la qualité du travail des vendeurs.
veraoussoren01
4,0
(1)
Vendu
15
Abonnés
8
Éléments
3
Dernière vente
3 semaines de cela

Avis d'acheteurs vérifiés




Pourquoi les étudiants choisissent Stuvia

Créé par d'autres étudiants, vérifié par les avis

Une qualité sur laquelle compter : rédigé par des étudiants qui ont réussi et évalué par d'autres qui ont utilisé ce document.

Le document ne convient pas ? Choisis un autre document

Aucun souci ! Tu peux sélectionner directement un autre document qui correspond mieux à ce que tu cherches.

Paye comme tu veux, apprends aussitôt

Aucun abonnement, aucun engagement. Paye selon tes habitudes par carte de crédit et télécharge ton document PDF instantanément.

Student with book image

“Acheté, téléchargé et réussi. C'est aussi simple que ça.”

Alisha Student

Foire aux questions