1. Geschiedenis van de psychologie
1.1. Griekse filosofen
Plato: metaforen
- Metafoor (1): Geheugen = “wastablet”
• Herinneren -> aflezen; vergeten -> tablet is besmeurd
• Indien het wastablet niet meer proper is, is besmeurd kan je niet
meer aflezen wat erop staat en leidt dit tot vergeten
- Metafoor (2): Geheugen is een vogelkooi
• Herinneren, vergissen, ‘tip-of–the-tongue’…
• Er wordt je een vraag gesteld, je stapt een vogelkooi binnen, als
je de juiste vogel vangt, heb je een juiste herinnering
• Als je een foute vogel vangt: vergissen, foute herinnering
• Het ligt op het tipje van de tong, maar je kan er net niet aan
Aristoteles
- het geheugen is afhankelijk van de vorming van verbindingen
of associaties tussen gebeurtenissen, gevoelens of ideeën
- Filosofen zijn redenaars…ze willen overtuigen (retoriek)
- Bv. associatie tussen beeld van onze ouders en warme gevoelens,
liefde
Introspectie: systematisch je eigen gedachten onderzoeken
“Mnemonics”: middelen om het geheugen beter te laten functioneren
Mnemonics = geheugensteuntjes
- Technieken om het onthouden van informatie te verbeteren
- Methode van de Loci (plaatsmethode): Strategie voor
geheugenverbetering die visualisaties van vertrouwde ruimtelijke
omgevingen gebruikt om het terughalen van informatie te verbeteren.
Gekke combinaties maken; appelsap uit de douche, deur van
komkommer om een boodschappenlijstje te onthouden. Hoe gekker,
hoe unieker, hoe rapper je dit zal onthouden. Unieke herinneringen
worden rapper onthouden.
Kapstokwoorden
- 1 is een steen, 2 is een zee, …
- Informatie onthouden door de info te associëren met steen, zee…
- Bv. het eerste dat ik me herinner was geassocieerd met steen, het
tweede wat ik me herinner was geassocieerd met zee. Woord dat je je
makkelijk herinnert, een woord dat je heel goed kent, een woord
waarvan je ook goed weet hoe het wordt geschreven.
, - Figuurlijk: je kan er nieuwe woorden/ herinneringen aan ophangen
- Bv: een rijmpje, zie PowerPoint uitleg vragen voor ander voorbeeld
kapstokwoord om te spellen
Acroniemen
- Een woord vormen met de beginletters, bv. “ROGBIVV” ->
ezelbruggetje
1.2. Andere filosofische benaderingen
René Descartes
- “Ik denk dus ik ben” (cogito ergo sum)
zolang ik kan nadenken ben ik hier ergens
op deze wereld
- Rationalisme (rede/ratio als weg naar kennis)
- Mechanistisch: focus op processen
- Dualisme: lichaam en geest apart maar zijn
met elkaar verbonden via pijnappelklier
• Geest: intelligentie maar een
immateriële substantie (en verschillend
van de hersenen), iets goddelijks
- Foto: Hoe een persoon een object ziet om er
nadien na te grijpen, verwijst naar dualisme
Empirisme
- Kennis komt door ervaring, nuture ( niet aangeboren, nature)
• Observatie is noodzakelijk (reactie tegen rationalisme)
- Wie? Francis Bacon, John Locke
- Geest komt tot stand via sensorische processen (= zintuigen)
• “Tabula Rasa” : er is niets bij de start
• Ook de geest kan bestudeerd worden (lichaam en geest zijn
mechanistisch)
- Associationisme
• Ideeën orde kennis komt tot stand via associaties van
eenvoudige ideeën -> Als twee dingen tegelijk ervaren worden,
worden die mentaal geassocieerd: Hond en beet, dokter en
verpleegster
De veranderende tendensen binnen de filosofie gaan hand in hand met
nieuwe kennis uit andere disciplines (in het bijzonder de
natuurwetenschappen) en veranderde maatschappelijke tendensen
- Een pleidooi voor meer systematische observatie
- Enkele belangrijke wetenschappelijke revoluties (zie voorbeelden
hieronder)
- Verminderde macht van de kerk (reformatie)
Andere wetenschappelijke invloeden die hebben geleid tot de discipline
psychologie (Voorbeelden die aantonen dat de wetenschap het denken heeft
beïnvloed)
1
, 1. Copernicus: Geocentrisme naar Heliocentrisme
- Mensen (en de Aarde) niet langer het middelpunt zon staat centraal
- Mensen ook onderworpen aan natuurwetten en kunnen het voorwerp van
studie zijn
- Kerk ging niet akkoord met de verandering van het wereldbeeld
2. Herman Von Helmholtz
- Duits fysioloog
- Meten van de snelheid van zenuwimpulsen, lukte niet bij mensen dus bij
kikkers
3. Charles Darwin
- Evolutietheorie: mensen stammen af van
de apen
- “The origin of species” (1859)
- Afstamming met verandering
wij stammen af van andere soorten,
maar doorheen de tijd hebben we ons
aangepast om zo een meer optimaal
bestaan te ‘leven’.
Vb. Vinkensoorten die op de
verschillende Galaposeilanden leefden.
Stamden af van éénzelfde ‘oervink’. Maar
zagen er op elk eiland verschillend uit. De bek van de vink had zich
aangepast aan het voedsel die op een bepaald eiland het meest te
vinden was.
1.3.Eerste psychologisch laboratorium en eerste psychologische scholen
Wilhelm Wundt (1832-1920)
- Labo in 1879 (Leipzig)
- Psychofysisch parallellisme: verband tussen ziel en lichaam, verloopt
parallel
- Structuralisme: onderzoek naar de elementen van het bewustzijn ->
elk complex proces kan gereduceerd worden tot een combinatie van
elementaire componenten
Structuralisme
- Methode: Analytische introspectie
- Drie basisvragen:
• Wat zijn de basiselementen?
• Hoe worden ze gecombineerd?
• Wanneer worden ze gecombineerd?
Analytische Introspectie:
- “Beschrijf wat er gebeurt wat je voelt als je met een speld in je vinger
prikt”
« Indien ik een speld losjes op de huid van mijn hand druk, voel ik
eerst een drukgewaarwording en vervolgens, na een kort maar
2
, merkbaar interval, iets fijners zoals een prik of een huivering. Deze
tweede gewaarwording wordt veroorzaakt door een zwakke
stimulering van een specifiek pijnzintuig. […] De gewaarwording van
de pijnzintuigen blijkt drie fasen te doorlopen: eerst als een heldere,
kietelige gewaarwording; vervolgens als een prik of een draadachtige
huivering en tenslotte als een puntvormige pijn. Een
pijngewaarwording heeft met een warmtegewaarwording gemeen dat
beide langzaam en gradueel hun maximale intensiteit bereiken. […] »
(uit Eelen, 1990)
William James (1842-1910)
- Focus komt meer te liggen op het procesmatige: i.e. hoe functioneert
iets?
- James: “Principles of Psychology – stream of consciousness” –
associeren met functionalisme
Functionalisme -> vooral toegepast onderzoek
- “Succes van de psychologie zal afhangen van de mate waarin het een
concrete oplossing biedt voor problemen”.
Voorbeelden:
Onderwijs: ondersteunen van kinderen met problemen (interesse in individue
verschillen)
Productie/Ergonomie (e.g. Hawthorne experimenten: het effect van licht op
productie)
werken mensen aan de band het best met fel licht of zonder.
Ergonomie: hoe de productie het efficiënte later verlopen, machines en
mensen op elkaar afstemmen, hoe productie maximaliseren.
- Methode
Analytische introspectie nog gangbaar maar wordt minder gebruikt
omwille van “onbetrouwbaarheid”
Introspectie is onbetrouwbaar
- Introspectierapporten kunnen onvolledig of verstoord zijn (bewust of
onbewust)
- Er is altijd een periode tussen de ervaring en het moment dat we er over
vertellen -> vergeten speelt een rol!
- We zijn ons meestal onbewust van hoe we tot een beslissing komen
- Wie is er juist bij twee contrasterende verhalen?
Tendens naar meer objectieve metingen (analoog aan exacte
wetenschappen)
1.4. Behaviorisme
Psychologie nog wetenschappelijker maken
- De geest is niet te bestuderen/ observeren (“onbetrouwbaar
onderzoek”)
- Gedrag is direct observeerbaar, in tegenstelling tot de geest
- Gedrag wordt bestudeerd met onderzoeksmethoden vanuit
natuurwetenschappen
Behaviorisme geïnspireerd door positivisme
3
1.1. Griekse filosofen
Plato: metaforen
- Metafoor (1): Geheugen = “wastablet”
• Herinneren -> aflezen; vergeten -> tablet is besmeurd
• Indien het wastablet niet meer proper is, is besmeurd kan je niet
meer aflezen wat erop staat en leidt dit tot vergeten
- Metafoor (2): Geheugen is een vogelkooi
• Herinneren, vergissen, ‘tip-of–the-tongue’…
• Er wordt je een vraag gesteld, je stapt een vogelkooi binnen, als
je de juiste vogel vangt, heb je een juiste herinnering
• Als je een foute vogel vangt: vergissen, foute herinnering
• Het ligt op het tipje van de tong, maar je kan er net niet aan
Aristoteles
- het geheugen is afhankelijk van de vorming van verbindingen
of associaties tussen gebeurtenissen, gevoelens of ideeën
- Filosofen zijn redenaars…ze willen overtuigen (retoriek)
- Bv. associatie tussen beeld van onze ouders en warme gevoelens,
liefde
Introspectie: systematisch je eigen gedachten onderzoeken
“Mnemonics”: middelen om het geheugen beter te laten functioneren
Mnemonics = geheugensteuntjes
- Technieken om het onthouden van informatie te verbeteren
- Methode van de Loci (plaatsmethode): Strategie voor
geheugenverbetering die visualisaties van vertrouwde ruimtelijke
omgevingen gebruikt om het terughalen van informatie te verbeteren.
Gekke combinaties maken; appelsap uit de douche, deur van
komkommer om een boodschappenlijstje te onthouden. Hoe gekker,
hoe unieker, hoe rapper je dit zal onthouden. Unieke herinneringen
worden rapper onthouden.
Kapstokwoorden
- 1 is een steen, 2 is een zee, …
- Informatie onthouden door de info te associëren met steen, zee…
- Bv. het eerste dat ik me herinner was geassocieerd met steen, het
tweede wat ik me herinner was geassocieerd met zee. Woord dat je je
makkelijk herinnert, een woord dat je heel goed kent, een woord
waarvan je ook goed weet hoe het wordt geschreven.
, - Figuurlijk: je kan er nieuwe woorden/ herinneringen aan ophangen
- Bv: een rijmpje, zie PowerPoint uitleg vragen voor ander voorbeeld
kapstokwoord om te spellen
Acroniemen
- Een woord vormen met de beginletters, bv. “ROGBIVV” ->
ezelbruggetje
1.2. Andere filosofische benaderingen
René Descartes
- “Ik denk dus ik ben” (cogito ergo sum)
zolang ik kan nadenken ben ik hier ergens
op deze wereld
- Rationalisme (rede/ratio als weg naar kennis)
- Mechanistisch: focus op processen
- Dualisme: lichaam en geest apart maar zijn
met elkaar verbonden via pijnappelklier
• Geest: intelligentie maar een
immateriële substantie (en verschillend
van de hersenen), iets goddelijks
- Foto: Hoe een persoon een object ziet om er
nadien na te grijpen, verwijst naar dualisme
Empirisme
- Kennis komt door ervaring, nuture ( niet aangeboren, nature)
• Observatie is noodzakelijk (reactie tegen rationalisme)
- Wie? Francis Bacon, John Locke
- Geest komt tot stand via sensorische processen (= zintuigen)
• “Tabula Rasa” : er is niets bij de start
• Ook de geest kan bestudeerd worden (lichaam en geest zijn
mechanistisch)
- Associationisme
• Ideeën orde kennis komt tot stand via associaties van
eenvoudige ideeën -> Als twee dingen tegelijk ervaren worden,
worden die mentaal geassocieerd: Hond en beet, dokter en
verpleegster
De veranderende tendensen binnen de filosofie gaan hand in hand met
nieuwe kennis uit andere disciplines (in het bijzonder de
natuurwetenschappen) en veranderde maatschappelijke tendensen
- Een pleidooi voor meer systematische observatie
- Enkele belangrijke wetenschappelijke revoluties (zie voorbeelden
hieronder)
- Verminderde macht van de kerk (reformatie)
Andere wetenschappelijke invloeden die hebben geleid tot de discipline
psychologie (Voorbeelden die aantonen dat de wetenschap het denken heeft
beïnvloed)
1
, 1. Copernicus: Geocentrisme naar Heliocentrisme
- Mensen (en de Aarde) niet langer het middelpunt zon staat centraal
- Mensen ook onderworpen aan natuurwetten en kunnen het voorwerp van
studie zijn
- Kerk ging niet akkoord met de verandering van het wereldbeeld
2. Herman Von Helmholtz
- Duits fysioloog
- Meten van de snelheid van zenuwimpulsen, lukte niet bij mensen dus bij
kikkers
3. Charles Darwin
- Evolutietheorie: mensen stammen af van
de apen
- “The origin of species” (1859)
- Afstamming met verandering
wij stammen af van andere soorten,
maar doorheen de tijd hebben we ons
aangepast om zo een meer optimaal
bestaan te ‘leven’.
Vb. Vinkensoorten die op de
verschillende Galaposeilanden leefden.
Stamden af van éénzelfde ‘oervink’. Maar
zagen er op elk eiland verschillend uit. De bek van de vink had zich
aangepast aan het voedsel die op een bepaald eiland het meest te
vinden was.
1.3.Eerste psychologisch laboratorium en eerste psychologische scholen
Wilhelm Wundt (1832-1920)
- Labo in 1879 (Leipzig)
- Psychofysisch parallellisme: verband tussen ziel en lichaam, verloopt
parallel
- Structuralisme: onderzoek naar de elementen van het bewustzijn ->
elk complex proces kan gereduceerd worden tot een combinatie van
elementaire componenten
Structuralisme
- Methode: Analytische introspectie
- Drie basisvragen:
• Wat zijn de basiselementen?
• Hoe worden ze gecombineerd?
• Wanneer worden ze gecombineerd?
Analytische Introspectie:
- “Beschrijf wat er gebeurt wat je voelt als je met een speld in je vinger
prikt”
« Indien ik een speld losjes op de huid van mijn hand druk, voel ik
eerst een drukgewaarwording en vervolgens, na een kort maar
2
, merkbaar interval, iets fijners zoals een prik of een huivering. Deze
tweede gewaarwording wordt veroorzaakt door een zwakke
stimulering van een specifiek pijnzintuig. […] De gewaarwording van
de pijnzintuigen blijkt drie fasen te doorlopen: eerst als een heldere,
kietelige gewaarwording; vervolgens als een prik of een draadachtige
huivering en tenslotte als een puntvormige pijn. Een
pijngewaarwording heeft met een warmtegewaarwording gemeen dat
beide langzaam en gradueel hun maximale intensiteit bereiken. […] »
(uit Eelen, 1990)
William James (1842-1910)
- Focus komt meer te liggen op het procesmatige: i.e. hoe functioneert
iets?
- James: “Principles of Psychology – stream of consciousness” –
associeren met functionalisme
Functionalisme -> vooral toegepast onderzoek
- “Succes van de psychologie zal afhangen van de mate waarin het een
concrete oplossing biedt voor problemen”.
Voorbeelden:
Onderwijs: ondersteunen van kinderen met problemen (interesse in individue
verschillen)
Productie/Ergonomie (e.g. Hawthorne experimenten: het effect van licht op
productie)
werken mensen aan de band het best met fel licht of zonder.
Ergonomie: hoe de productie het efficiënte later verlopen, machines en
mensen op elkaar afstemmen, hoe productie maximaliseren.
- Methode
Analytische introspectie nog gangbaar maar wordt minder gebruikt
omwille van “onbetrouwbaarheid”
Introspectie is onbetrouwbaar
- Introspectierapporten kunnen onvolledig of verstoord zijn (bewust of
onbewust)
- Er is altijd een periode tussen de ervaring en het moment dat we er over
vertellen -> vergeten speelt een rol!
- We zijn ons meestal onbewust van hoe we tot een beslissing komen
- Wie is er juist bij twee contrasterende verhalen?
Tendens naar meer objectieve metingen (analoog aan exacte
wetenschappen)
1.4. Behaviorisme
Psychologie nog wetenschappelijker maken
- De geest is niet te bestuderen/ observeren (“onbetrouwbaar
onderzoek”)
- Gedrag is direct observeerbaar, in tegenstelling tot de geest
- Gedrag wordt bestudeerd met onderzoeksmethoden vanuit
natuurwetenschappen
Behaviorisme geïnspireerd door positivisme
3