In les 5 hebben we het over impedantiemetrie, meer bepaald in deze les tympanometrie. Waar we
op zoek gaan naar onderzoekjes waar de medewerking van de cliënt niet nodig is. Bij TLA en
spraakaudiometrie vragen we telkens reactie van de cliënt. Dat betekent hij moet op een knopje
duwen, hij moet zijn hand opsteken, hij moet woorden nazeggen. Voor heel wat cliënten lukt dit niet.
Denk maar aan baby’s, jonge kinderen, ouderen, mensen met een beperking. Daarnaast willen we
ook graag exacte resultaten over het functioneren van het gehoor. In dat opzicht is impedantiemetrie
waaronder tympanometrie een mooie oplossing.
TLA en spraakaudiogram = subjectieve testen
-> omgeving waarin test wordt afgenomen, persoonlijkheid,
Tympanometrie = objectieve test
-> werking van trommelvlies gaan onderzoeken
IMPEDANTIE-COMPLIANTIE
Functie van middenoorholte bij overdracht van geluid naar cochlea
Impedantie lucht-water; stijfheidscomponent; massacomponent
Impedantie = weerstand (wrijving, hindernis)
Compliantie = bewegelijkheid, een vlotte overdracht
Audiofragment (uitleg mevrouw):
Het komt bij mensen regelmatig voor dat het middenoor niet goed functioneert. Er zit bv vocht
achter het trommelvlies, voornamelijk bij kinderen komen we dat tegen. Het kan ook zijn dat er
sclerotisch weefsel op het trommelvlies zit, we heten dat tympanosclerose. Of bv de stijgbeugel van
de beentjesketen is vastgegroeid aan het ovale venster, dat heten we otosclerose. Er zijn dus wel
meerdere redenen waarom een middenoorsysteem niet goed functioneert. In de meeste gevallen is
het middenoorsysteem stijver en stugger dan normaal bij zo’n probleem en daardoor wordt het
binnenkomend geluid te veel teruggekaatst. Door die problemen gaat er een weerstand zijn tov de
beweging van het middenoorsysteem. Weerstand tov een bewegend systeem noemen wij in de
natuurkunde impedantie. In de audiologie spreken we over akoestische impedantie.
Dat betekent als de beentjesketen minder goed beweegt dan gaat er een zekere weerstand zijn van
het tympano-ossiculaire systeem en gaat er weerstand zijn tov de binnenkomende geluidsgolf. Met
andere woorden bij een niet goed functionerend middenoor is de impedantie of de weerstand tegen
de binnenkomende geluidsgolf groter dan normaal.
Het meten van de impedantie van het middenoorsyteem gebeurt via impedantiemetrie. Om
praktische redenen wordt in werkelijkheid niet de impedantie bepaalt, maar wel de beweeglijkheid
namelijk de compliantie van het trommelvliesje. Dus we meten eigenlijk de impedantie van het
middenoorsysteem via de beweeglijkheid van het trommelvlies.
Zo’n tympanometrie is eigenlijk complementair tov tonale audiometrie. Aan de hand van tonale
audiometrie en impedantiemetrie kunnen we eigenlijk bij difficult testpopulation makkelijker een
geleidingsverlies aan tonen. Impedantiemetrie vereist geen medewerking van de persoon en op die
manier kunnen we aan de hand van de impedantiemeter een moeilijkere populatie om te testen
, onderzoeken. Het is geen actieve test, er wordt geen actieve medewerking vereist van de
proefpersoon waardoor impedantiemetrie geschikt is voor kleine kinderen en peuters. Een andere
reden waarom dat impedantiemetrie complementair is aan tonale audiometrie is omdat
verschillende middenoorafwijkingen verschillende tympanometrieresultaten, anders gezegd
tympanogrammen, geeft. Op die manier is het mogelijk om binnen een conductieprobleem of
transmissiestoornis een differentiaaldiagnose te stellen. Je gaat dus aan de hand van je
tympanometrie meer informatie krijgen over de oorzaak van het middenoorprobleem. Je gaat
kunnen nagaan of de druk in het middenoor normaal is, of er vocht is achter het trommelvlies, of er
een onderdruk is en dat gaat de arts helpen om met al die verschillende resultaten vanuit tonale
audiometrie en tympanometrie een juiste diagnose te stellen.
Uitleg boek:
Met de tympanometrie bestuderen we de akoestische impedantie van het middenoorsysteem met
inbegrip van het deel van de uitwendige gehoorgang gelegen tussen trommelvlies en meetprobe.
Men spreekt dan ook wel van impedantiemetrie. Deze impedantie wordt geregistreerd in functie van
een opgelegde luchtdrukvariatie in de uitwendige gehoorgang.
De akoestische impedantie is een maat voor de weerstand van het tympano-ossiculaire systeem
tegenover het overbrengen van akoestische energie.
Hoe lager de akoestische impedantie, hoe gemakkelijker de geluidstrillingen via het trommelvlies en
de gehoorbeetjesketen worden doorgegeven naar het binnenoor. Wat er in de praktijk gemeten
wordt is de akoestische admittantie, in functie van een variërende luchtdruk in de uitwendige
gehoorgang. De resulterende grafiek noemen we een tympanogram. De akoestische admittantie is
net het omgekeerde van de impedantie, nl. de ‘bereidheid’ of compliance van het systeem om
akoestische energie door te geven.
Tympanometrie is een waardevolle diagnostische methode en een goede screeningstechniek, die
complementair is aan de tonale audiometrie. Deze methode vergt geen actieve coöperatie vanwege
de patiënt en is bijgevolg zeer geschikt voor kleine kinderen en peuters. Het is een objectieve test!
Het berust op een reflex je hoeft er niet bij na te denken
Trommelvlies en beentjesketen functie: geluid overdragen
Het geluid gaat van lucht (middenoor) naar vloeistof (cochlea): trillingen zijn anders in lucht
en in water
o Hoog? Trillingen worden teruggekaatst door het trommelvlies
o Laag? Trillingen worden niet/minimaal teruggekaatst door het trommelvlies