Wijsbegeerte en ethiek
Les I: Introductie
Inhoud:
1. Filosofie aan KUL 4. Verhouding Filosofie-Economie
2. Wijsbegeerte en ethiek 5. Thema’s cursus
3. Wat is filosofie
1. Filosofie aan de KUL
Viervoudig nut van Filosofie:
Verheldering van wetenschappelijke concepten
Kritische evaluatie van wetenschappelijke aannames en methoden
Formulering van nieuwe concepten
Bevordering van dialoog tussen zowel verschillende wetenschappen
onderling als wetenschap en maatschappij
Opiniestuk: “Why science needs philosophy”
Moderne wetenschap zal zonder filosofie tegen een muur lopen
Verwaarlozing van breedte en geschiedenis zal wetenschappelijke
subdisciplines verder doen scheiden
Nadruk op methoden en empirische resultaten biedt oppervlakkige
opleiding aan studenten
2. Wijsbegeerte en Ethiek
Inhoud:
Historische inleiding, wel thematische bespreking van denkers, ideeën en
stromingen die relevant blijven voor kritische kijk op wetenschap,
maatschappij en economie
Twee pijlers:
Filosofie voor economisten
Nadruk op ethiek
3. Wat is filosofie
Filosofie
Verschillende betekenissen:
Mening of denkwijze
Levens- of wereldbeschouwing
Studie van algemene beginselen
Grieks: ‘philosopia’
Philein: houden van, verlangen naar
Sophia: wijsheid, inzicht
→ filosofie als (radicaal) kritische reflectie
Volgens:
G.W.S. Hegel:
“De uil van Minerva begint haar vlucht pas bij aanbreken van de
avondschemering”
, Plato:
“Verwondering toont dat je filosoof bent, want venige begin van
filosofie”
Aristoteles:
Het is verwondering: “In het begin werd hun verwondering gewekt door
bevreemdende dingen rondom hen, daarna gingen ze geleidelijk verder
en stelden ze vragen over grotere kwesties”
→ Pas als iets afgerond is, kan je het gaan begrijpen en proberen
optimaliseren of tegenspreken
Kenmerken van filosofie:
Houding:
Afstandelijk, twijfelen, vragen, nuance Is in
Oogmerk/doel: conflict
Streven naar inzicht, samenhang, theorieënmet elkaar!
Instrumentarium: N.B. filosofische gedachten
Intuïties, gedachte-experimenten kunnen ook in vraag gesteld
Rationele argumentatie, logische analyse worden!!
Subdisciplines:
Metafysica / ontologie:
Zijnsleer
Wat betekent het dat iets bestaat?
Epistemologie:
Kenleer
Wat is (wetenschappelijke) kennis
Ethiek:
Zedenleer
Wat is goed of juist handelen
Logica:
Redeneerkunde
Wat zijn geldige redeneringen en is filosofie hier een onderdeel van?
4. Verhouding Filosofie-Economie
Twee paradigma’s
Wetenschap houdt zich bezig met feiten aan de hand van cijfers en
vergelijkingen.
Zijn harteloze voorstanders van merkten en individuele
verantwoordelijkheid.
Geesteswetenschap houdt zich bezig met ideeën, idealistische principes en
menselijk welzijn
Uiteenlopende filosofie-wetenschap sinds moderniteiten
Wetenschap onderzoekt feiten i.p.v. waarden
Feitenkennis ontstaat op basis van observatie en experimenten
, David Hume: “An inquiry concerning Human Understanding”
Welke boeken bijhouden:
Bevat het abstracte gevolgtrekkingen van wiskunde?
Bevat het data via empirisch onderzoek?
→ beide neen, dan enkel illusies en drogredenen
Economische wetenschappen vs. filosofische wetenschappen
Dichotomieën:
Feiten vs. waarden
Descriptief vs. normatief
Observatief vs. speculatie
Nuance:
Economie kan niet helemaal zonder waardeoordelen
Economie onderzoekt ook zaken die niet observeerbaar zijn
5. Thema’s van de cursus
Welke komen aan bod:
Logica
Wetenschappelijke theorievorming:
Verklaring
Causaliteit
Rationaliteit
Morele oordeelsvermogen
Waardeleer
Normatieve ethiek
Meta-ethiek
Les II: Logica
, Inhoud:
1. Redeneren 3. Geldigheid
2. Conditionele uitspraken 4. Formalisering
1. Redeneren (staat centraal in filosofie)
Redeneren vs. argumenteren
Redeneren: Een aaneenschakeling van beweringen waarbij één bewering
(de conclusie) afgeleid wordt uit één of meerdere andere beweringen (de
premissen)
Argumenteren: Een aaneenschakeling waarbij één bewering (het
standpunt) ondersteund wordt uit één of meerdere andere beweringen (de
argumenten)
Redenering: Argumentatie:
Activiteit: monologisch → op Activiteit: dialogisch → voor of
zich tegen iets
Doel: intrinsiek → iets Doel: extrinsiek → overtuigen
afleiden Valt binnen argumentatieleer
Valt binnen (formele) logica
Goede (deugdelijke) argumentatie veronderstelt Argumentatiele
er
Structuur: goede (geldige) redenering → kwestie van vorm
Context: relevante standpunten/argumenten → kwestie van inhoud
Logic
a
Redeneringen:
Ontstaan:
Aristoteles:
Analytiek: onderzoek naar opbouw en geldigheid van redeneringen
Dialectiek: methode om uitgaande van aanvaardbare discussies uit
te voeren en drogredenen te ontmaskeren
Late oudheid:
Aristoteles’ logische werken = werktuig
Herkennen:
Redeneringsindicatoren:
Premissen: immers …, omdat …, aangezien …, vermits …, …
Conclusie: dus …, daarom …, daruit volgt …, …
Inferentieel verband: conclusie wordt afgeleid uit premissen
Er is sprake van inflatie, want de prijzen stijgen. Als dat laatste
gebeurt daalt de waarde van ons geld
Soorten redeneringen:
Logisch afleiden:
Deductie: noodzakelijkheid
Veralgemenen:
Inductie: statistische waarschijnlijkheid
Verklaren:
Abductie: context gebonden waarschijnlijkheid
Les I: Introductie
Inhoud:
1. Filosofie aan KUL 4. Verhouding Filosofie-Economie
2. Wijsbegeerte en ethiek 5. Thema’s cursus
3. Wat is filosofie
1. Filosofie aan de KUL
Viervoudig nut van Filosofie:
Verheldering van wetenschappelijke concepten
Kritische evaluatie van wetenschappelijke aannames en methoden
Formulering van nieuwe concepten
Bevordering van dialoog tussen zowel verschillende wetenschappen
onderling als wetenschap en maatschappij
Opiniestuk: “Why science needs philosophy”
Moderne wetenschap zal zonder filosofie tegen een muur lopen
Verwaarlozing van breedte en geschiedenis zal wetenschappelijke
subdisciplines verder doen scheiden
Nadruk op methoden en empirische resultaten biedt oppervlakkige
opleiding aan studenten
2. Wijsbegeerte en Ethiek
Inhoud:
Historische inleiding, wel thematische bespreking van denkers, ideeën en
stromingen die relevant blijven voor kritische kijk op wetenschap,
maatschappij en economie
Twee pijlers:
Filosofie voor economisten
Nadruk op ethiek
3. Wat is filosofie
Filosofie
Verschillende betekenissen:
Mening of denkwijze
Levens- of wereldbeschouwing
Studie van algemene beginselen
Grieks: ‘philosopia’
Philein: houden van, verlangen naar
Sophia: wijsheid, inzicht
→ filosofie als (radicaal) kritische reflectie
Volgens:
G.W.S. Hegel:
“De uil van Minerva begint haar vlucht pas bij aanbreken van de
avondschemering”
, Plato:
“Verwondering toont dat je filosoof bent, want venige begin van
filosofie”
Aristoteles:
Het is verwondering: “In het begin werd hun verwondering gewekt door
bevreemdende dingen rondom hen, daarna gingen ze geleidelijk verder
en stelden ze vragen over grotere kwesties”
→ Pas als iets afgerond is, kan je het gaan begrijpen en proberen
optimaliseren of tegenspreken
Kenmerken van filosofie:
Houding:
Afstandelijk, twijfelen, vragen, nuance Is in
Oogmerk/doel: conflict
Streven naar inzicht, samenhang, theorieënmet elkaar!
Instrumentarium: N.B. filosofische gedachten
Intuïties, gedachte-experimenten kunnen ook in vraag gesteld
Rationele argumentatie, logische analyse worden!!
Subdisciplines:
Metafysica / ontologie:
Zijnsleer
Wat betekent het dat iets bestaat?
Epistemologie:
Kenleer
Wat is (wetenschappelijke) kennis
Ethiek:
Zedenleer
Wat is goed of juist handelen
Logica:
Redeneerkunde
Wat zijn geldige redeneringen en is filosofie hier een onderdeel van?
4. Verhouding Filosofie-Economie
Twee paradigma’s
Wetenschap houdt zich bezig met feiten aan de hand van cijfers en
vergelijkingen.
Zijn harteloze voorstanders van merkten en individuele
verantwoordelijkheid.
Geesteswetenschap houdt zich bezig met ideeën, idealistische principes en
menselijk welzijn
Uiteenlopende filosofie-wetenschap sinds moderniteiten
Wetenschap onderzoekt feiten i.p.v. waarden
Feitenkennis ontstaat op basis van observatie en experimenten
, David Hume: “An inquiry concerning Human Understanding”
Welke boeken bijhouden:
Bevat het abstracte gevolgtrekkingen van wiskunde?
Bevat het data via empirisch onderzoek?
→ beide neen, dan enkel illusies en drogredenen
Economische wetenschappen vs. filosofische wetenschappen
Dichotomieën:
Feiten vs. waarden
Descriptief vs. normatief
Observatief vs. speculatie
Nuance:
Economie kan niet helemaal zonder waardeoordelen
Economie onderzoekt ook zaken die niet observeerbaar zijn
5. Thema’s van de cursus
Welke komen aan bod:
Logica
Wetenschappelijke theorievorming:
Verklaring
Causaliteit
Rationaliteit
Morele oordeelsvermogen
Waardeleer
Normatieve ethiek
Meta-ethiek
Les II: Logica
, Inhoud:
1. Redeneren 3. Geldigheid
2. Conditionele uitspraken 4. Formalisering
1. Redeneren (staat centraal in filosofie)
Redeneren vs. argumenteren
Redeneren: Een aaneenschakeling van beweringen waarbij één bewering
(de conclusie) afgeleid wordt uit één of meerdere andere beweringen (de
premissen)
Argumenteren: Een aaneenschakeling waarbij één bewering (het
standpunt) ondersteund wordt uit één of meerdere andere beweringen (de
argumenten)
Redenering: Argumentatie:
Activiteit: monologisch → op Activiteit: dialogisch → voor of
zich tegen iets
Doel: intrinsiek → iets Doel: extrinsiek → overtuigen
afleiden Valt binnen argumentatieleer
Valt binnen (formele) logica
Goede (deugdelijke) argumentatie veronderstelt Argumentatiele
er
Structuur: goede (geldige) redenering → kwestie van vorm
Context: relevante standpunten/argumenten → kwestie van inhoud
Logic
a
Redeneringen:
Ontstaan:
Aristoteles:
Analytiek: onderzoek naar opbouw en geldigheid van redeneringen
Dialectiek: methode om uitgaande van aanvaardbare discussies uit
te voeren en drogredenen te ontmaskeren
Late oudheid:
Aristoteles’ logische werken = werktuig
Herkennen:
Redeneringsindicatoren:
Premissen: immers …, omdat …, aangezien …, vermits …, …
Conclusie: dus …, daarom …, daruit volgt …, …
Inferentieel verband: conclusie wordt afgeleid uit premissen
Er is sprake van inflatie, want de prijzen stijgen. Als dat laatste
gebeurt daalt de waarde van ons geld
Soorten redeneringen:
Logisch afleiden:
Deductie: noodzakelijkheid
Veralgemenen:
Inductie: statistische waarschijnlijkheid
Verklaren:
Abductie: context gebonden waarschijnlijkheid