• Mauvais document ? Échangez-le gratuitement
  • Rédigé par des étudiants ayant réussi
  • Disponible immédiatement après paiement
  • Lire en ligne ou en PDF
Vendre
Où étudie-tu ?
La langue
Document preview thumbnail
Aperçu 3 sur 9 pages
Autre

Begrippen Filosofie

Document preview thumbnail
Aperçu 3 sur 9 pages

Begrippen Filosofie

Aperçu du contenu

Begrippen Filosofie:

Socratisme: wat je doet, stemt overeen met je filosofische overtuiging

Filosofie: philia (vriendschap voor) en sophia (wetenschap, kennis, praktische wijsheid),
het zoeken naar de waarheid (Plato, Gorgias: de philosophia), zoeker van de kennis, niet
de bezitter van de kennis. Is geen eigen studiegebied, wel een onderzoeksactiviteit =>
‘Men bestudeert geen filosofie, men doet het’. Enkel reflectie over reeds aanwezige
kennis als onderzoeksmethode. Het is geen betrouwbare methode om echt tot kennis te
komen, indien dit wel zo is, is het geen filosofie meer, maar een bepaald domein van de
wetenschap (het kenbare). Constructie van wereldbeelden: structuur van de wereld
beschrijven en verklaren vanuit een klein aantal coherente principes

Epistemologie: episteme (kennis) en logos (verklaring) => kennisleer: studie van de
natuur van kennis en haar justificaties. Onderverdeeld in logica: leer van de geldige
inferenties (afleidingen) en wetenschapsfilosofie: studie van de justificaties van kennis in
de wetenschappen.

Ontologie: einai (zijn) en logos (verklaring) => leer van het zijn, synoniem voor
metafysica: ‘het boek dat na de fysica komt’ (de plaats waar Aristoteles zijn ontologische
notities samenbracht). Onderverdeeld in natuurfilosofie: studie van de grondslagen van
de fysica, wijsgerige antropologie: studie van de aard van het specifiek menselijk bestaan
en rationele theologie: studie van de eventuele aard van het goddelijke bestaan.

Ethiek: kritisch onderzoek van waarden en normen voor het handelen en onderzoek van
hun grondslagen. Onderverdeeld in theoretische ethiek of meta-ethiek: studie van de
aard van de ethiek en haar relatie tot ontologie en epistemologie; studie van het moreel
redeneren, normatieve ethiek: justificaties voor stelsels normen voor het handelen,
toegepaste ethiek: studie van de grondslagen van het handelen op specifieke domeinen
en politieke en sociale filosofie: studie van de grondslagen van politieke en sociale
praktijken en structuren waarbinnen rechtsfilosofie: studie van de grondslagen van het
recht.

Esthetica: kritisch onderzoek van het esthetisch oordelen (oordelen over schoonheid) en
studie van zijn grondslagen waarbinnen kunstfilosofie: schoonheid in de kunst.

Socratische ironie: Socrates pretendeert zelf niets te weten

Socratische/maieutische methode; correct denken; het model van rationaliteit: je
denkstappen in een dialoog onderwerpen aan de kritische tegenwerpingen en
redeneringen van anderen, tot de ‘waarheid’ ontstaat uit een soort zifting.

Het apeiron: onzichtbare oerstof die ten grondslag ligt aan de 4 hoofdelementen
(Anaximander)

Metempsychose: de ziel is onsterfelijk en migreert na de dood over land-, zee-, en
luchtdieren. De zielen doorlopen die cycli van 3000 jaar => soort dualisme? (Pythagoras)

‘Panta Rei’: ‘alles stroomt/beweegt’, niets blijft hetzelfde. Alles waar we zeker kunnen
van zijn is veranderlijk => de presocratische zoektocht naar het duurzame en het
onveranderlijke is tevergeefs. Alles is vuur, maar ook dat niet stabiel, vluchtig en
ongrijpbaar (1 kinetisch materiaal). Er is niet 1 eenheid, maar een continu
verbrandingsproces, eenheid der tegendelen. Alles ontstaat en vergaat => bestendigheid

,is een illusie. Conflict is het beginselement voor alles, de basis voor iets anders, dingen
bestaan doordat er tegenstrijd is. Twist is onvermijdelijk. (Herakleitos)

Monisme: 1 grondstof, de ruimte is ondeelbaar en vormt 1 geheel. Lege ruimte/niets
bestaat niet. (Thales, Parmenides, Zeno, Herakleitos) <->dualisme

Dualisme: 2 grondstoffen, bv denken-materie (Pythagoras)

Pluralisme: vele grondstoffen => materialistisch (Democritus)

Mechanicisme: De opvatting dat in de stoffelijke wereld, waartoe ook de dieren en het
menselijk lichaam behoren, alles volgens mechanische wetten verklaarbaar is (thomas
hobbes, de la mettrie)

Atomisme: alles wat bestaat is opgebouwd uit kleine ondeelbare (atomos) deeltjes. Uit
de botsingen onstaan de voorwerpen die wij waarnemen, en verdwijnen ook weer
wanneer de atomen uiteen gaan. Lege ruimte bestaat ook. Ook het menselijk lichaam en
de mentale vermogens en de ziel => geen onsterfelijkheid (Democritus)

De numerieke aard v/d werkelijkheid: alles kan verklaard w adhv wiskunde (Pythagoras)

Vormenleer: alle aspecten van de ervaarbare wereld slechts via volmaakte vormen
kenbaar (wiskunde) => er is een vormenwereld waarin het prototype van alle dingen op
volmaakte manier bestaat (eeuwig, onveranderlijk, niet-gelocaliseerd, niet-
waarneembaar, ondeelbaar). Zintuiglijke wereld is veranderlijk (alles wordt, alles
beweegt)en zwakke weerspiegeling van de vormenwereld. Algemene termen bestaan in
de vormenwereld => dualisme: 2 lagen in de werkelijkheid – 2 zijns. (Plato)

Realisme: de betekenissen van universele/algemene termen bestaan als concrete dingen,
los van elkaar. (Plato, Russell) Realisme van universalia: realisme, dat universalia opvat
als hoogste, en soms zelfs enige werkelijkheid. Onder anderen Plato en Anselmus waren
voorstanders van deze oplossing. Onder andere met zijn allegorie van de grot drukte
Plato reeds uit dat de werkelijkheid slechts een afschaduwing is van een volmaaktere en
dus realistischer Vormenwereld. Universalia: in de logica algemene begrippen, begrippen
die de verzameling van alle soortgelijke elementen aanduiden. Het gaat bijvoorbeeld om
het begrip paard (of Paardheid), eerder dan één specifiek paard, of om het begrip rood
(of Roodheid), eerder dan om een rood object.

Conceptualisme: de objecten v/h denken en de betekenissen van universele termen
bestaan alleen in de psyche en worden door de psyche geconstrueerd (Aristoteles, Locke)

Mensvisie: Plato: dualisme; lichamelijk: aardse wereld, redelijke ziel: vormenwereld.

Democratie: meerderheid gelijk? Niet de wil van de meerderheid, maar bestaan en
behoud vrije instellingen die kritiek kunnen leveren.

Staatsleer:
Callipolis: 3standen
-eigenlijke wachters of filosofen: langdurige wiskundige en wijsgerige vorming ->hebben
vorm van het Goede aanschouwd; collegiaal gezag over de staat + beurtrol
-helpende wachters of soldaten: veiligheid naar buiten toe; onderwerping aan filosofen
-landbouwers en vaklieden: staan in voor onderhoud van allen

, Zielsleer: Phaido. Ziel= eeuwige vorm, ‘goddelijk’ - Lichaam= vergankelijk, ‘aards’

Nominalisme: algemene termen slaan op verzameling v/d dingen waarop zij van
toepassing zijn => namen volstaan. Alleen singuliere dingen bestaan. (William of
Ockham, Wittgenstein)

Syllogismenleer: deductieve redeneringen: als premissen (uitgangspunten) juist,
conclusie ook (Aristoteles)

Formele logica: onderzoekt de vorm of de structuur van het denken, in plaats van de
inhoud. De klemtoon ligt op het geven van definities. Denken gebeurt immers adhv
begrippen.

Informele logica: de logica die correcte redeneringen poogt te onderscheiden van
drogredenen (fallacies)

Teleologie: alles wordt door het doel bepaald => alles heeft een doel, 4 soorten:
materiële, formele (beschrijving, de natuur ervan), efficiënte (maker) en finale of
doeloorzaken (functie). Laatste 3 zijn identiek => - vorm v/e dingen (bepaald door
funcie), - materie v/e ding. De wereld is geordend door finaliteiten. (Aristoteles)
De natuur doet niets zomaar zonder reden (causale processen)

Potentialiteit: materie bezit de potentialiteit om een bepaalde vorm te krijgen (veulen-
paard)

Actualiteit: het doel waarvoor de potentialiteit bestaat (Aristoteles)

Moraal: ontwikkeling van de menselijke potenties. (in de maatschappij: verbeteringen
aanbrengen (tov de huídige maatschappij) die haalbaar lijken.

Sokratisme:Iemands leefwijze toont zijn relatie tot de waarheid.

Cynisme: komt van kynikoi, Grieks voor hondachtigen » Diogenes. De wijze heeft genoeg
aan zichzelf (autarchie) en leven volgens de natuur met strikte minimum (ascetisme).
Schandaal als methode om zichzelf en anderen op proef te stellen (apatheia bewijzen
door beledigingen te verdragen). Behoefteloosheid: aan zichzelf genoeg hebben.

Stoa: naam van de zuilengaanderij waar Zeno doceerde. Het hoogste doel van de wijze is
het deugdzame leven, dat hangt niet af van externe zaken. Ethiek van de zelfbeheersing:
ideaal van de apatheia: onafhankelijkheid zijn van affecten, passie dmv meditatie-
oefeningen. De wereld/kosmos vormt 1 geheel, dat materieel is, maar samenhangt door
een voortvurige wind: Pneuma. Pronoia: noodwendigheid/ (goddelijke) voorzienigheid:
met de natuur als gids zullen we nooit dwalen.
4 deugden: praktische wijsheid, rechtvaardigheid, moed, zelfbeheersing. Mensenliefde &
natuurlijk gevolg.

Epicurisme: tegenhanger Stoa. Typisch: samen filosoferen. Natuur van dingen. De mens
van bijgeloof en vrees voor de goden bevrijd. Filosofie leidt door argumenten en
discussies tot het gelukkige leven. Ataraxia: onverstoordheid. Hedone: Lust. Sober,
autark leven. Uitbannen vrees voor leed/ de dood: je komt hem nooit tegen. Het is
onmogelijk als scepticus te leven: wie echt gelooft dat hij niets weet kan nooit een reden
hebben om een bepaald iets te doen: zou dus niets doen en sterven.
Lange tijd enige wijze waarop het atheïsme gedacht en verwoord kon worden.

Infos sur le Document

Publié le
18 avril 2014
Nombre de pages
9
Écrit en
2013/2014
Type
Autre
Personne
Inconnu
€5,98

Mauvais document ? Échangez-le gratuitement Dans les 14 jours suivant votre achat et avant le téléchargement, vous pouvez choisir un autre document. Vous pouvez simplement dépenser le montant à nouveau.
Rédigé par des étudiants ayant réussi
Disponible immédiatement après paiement
Lire en ligne ou en PDF

Seller avatar
Les scores de réputation sont basés sur le nombre de documents qu'un vendeur a vendus contre paiement ainsi que sur les avis qu'il a reçu pour ces documents. Il y a trois niveaux: Bronze, Argent et Or. Plus la réputation est bonne, plus vous pouvez faire confiance sur la qualité du travail des vendeurs.
sjorsvdiepen
3,4
(149)
Vendu
1056
Abonnés
761
Éléments
6
Dernière vente
1 année de cela



Pourquoi les étudiants choisissent Stuvia

Créé par d'autres étudiants, vérifié par les avis

Une qualité sur laquelle compter : rédigé par des étudiants qui ont réussi et évalué par d'autres qui ont utilisé ce document.

Le document ne convient pas ? Choisis un autre document

Aucun souci ! Tu peux sélectionner directement un autre document qui correspond mieux à ce que tu cherches.

Paye comme tu veux, apprends aussitôt

Aucun abonnement, aucun engagement. Paye selon tes habitudes par carte de crédit et télécharge ton document PDF instantanément.

Student with book image

“Acheté, téléchargé et réussi. C'est aussi simple que ça.”

Alisha Student

Foire aux questions