POLITIEK
inspraak van de burger
1. /
2. politieke participatie
2.1. /
2.2. participatiepiramide
Milbrath
⇒ hiërarchie volgens intensiteit van activiteit (politieke participatie)
moeilijk en intenser → hoger en minder
3 categorieën:
● gladiators
○ sterk betrokken
○ actieve deelname politiek proces
○ +/- 5% van bevolking
vormen van participatie: intens → minder
- politieke functie bekleden
- zelf kandidaat zijn
- partijfuncties bekleden
- deelnemen aan partijbijeenkomsten of meewerken aan verkiezingscampagnes
- geld schenken of fondsen werven voor politici
- contacten onderhouden met politici
● spectators
○ beperkte mate actief
○ +/- 60%
vormen van participatie:
- iemand proberen overtuigen voor bepaalde partij of politicus te stemmen
- zelf een politiek gesprek beginnen
- gaan stemmen
- zich openstellen voor politieke stimuli
● apathetics
○ onthouden van politieke participatie
○ +/- 30%
⇒ multidimensionaal proces
hoge intensiteit op 1 vlak ≠ hoge op ander vlak
, veel burgers → belangrijk geïnformeerd te worden, maar minder geneigd om effectief deel te
nemen
verkiezingen = belangrijkste vorm politieke participatie
2.3. /
2.4. indeling
2.4.1. conventioneel - niet-conventioneel
conventioneel → overheid bepaald regels over wie, wanneer en hoe er geparticipeerd mag
worden (stemmen)
niet-conventionele/ onconventionele → burgers bepalen zelf hoe ze participeren
● niet eens met inhoud en/of proces van beleid van overheid
● vaak spontaan
● illegale vormen → lastercampagne
● legale vormen → petitie
vandaag → normalisering van protest
= aanvaarde manier van politieke participatie
tegenbeweging → overheid legt dwangnormen op, eenzijdige verzoekschriften ingediend om staking te
verbieden
2.4.2. kersting
Laatste decennia: twee maatschappelijke ontwikkelingen
→ Invloed politieke participatie
1. Deliberative turn
• Meer dialooggeoriënteerde politieke participatie
•Toename burgerbetrokkenheid buiten formele mechanismen en instituties
2. Online technologie
•Toename politieke communicatie
•Media en politici als socialisatieagenten
•Verandering politieke gedrag (jonge) burgers
Kersting → nieuwe, aangepaste indeling van vormen van politieke participatie (nieuwe & oude
vormen)
in representatieve democratieën bij burgers:
● groeiende apathie
● duidelijk cynisme
gevolg → overheden voorzien democratische inspraak (hoorzittingen, referenda) ⇒ invited spaces
MAAR: soms domineren overheden die mogelijkheden → ontevreden burgers
● nieuwe kanalen zoeken om ongenoegen te uiten ⇒ invented spaces
inspraak van de burger
1. /
2. politieke participatie
2.1. /
2.2. participatiepiramide
Milbrath
⇒ hiërarchie volgens intensiteit van activiteit (politieke participatie)
moeilijk en intenser → hoger en minder
3 categorieën:
● gladiators
○ sterk betrokken
○ actieve deelname politiek proces
○ +/- 5% van bevolking
vormen van participatie: intens → minder
- politieke functie bekleden
- zelf kandidaat zijn
- partijfuncties bekleden
- deelnemen aan partijbijeenkomsten of meewerken aan verkiezingscampagnes
- geld schenken of fondsen werven voor politici
- contacten onderhouden met politici
● spectators
○ beperkte mate actief
○ +/- 60%
vormen van participatie:
- iemand proberen overtuigen voor bepaalde partij of politicus te stemmen
- zelf een politiek gesprek beginnen
- gaan stemmen
- zich openstellen voor politieke stimuli
● apathetics
○ onthouden van politieke participatie
○ +/- 30%
⇒ multidimensionaal proces
hoge intensiteit op 1 vlak ≠ hoge op ander vlak
, veel burgers → belangrijk geïnformeerd te worden, maar minder geneigd om effectief deel te
nemen
verkiezingen = belangrijkste vorm politieke participatie
2.3. /
2.4. indeling
2.4.1. conventioneel - niet-conventioneel
conventioneel → overheid bepaald regels over wie, wanneer en hoe er geparticipeerd mag
worden (stemmen)
niet-conventionele/ onconventionele → burgers bepalen zelf hoe ze participeren
● niet eens met inhoud en/of proces van beleid van overheid
● vaak spontaan
● illegale vormen → lastercampagne
● legale vormen → petitie
vandaag → normalisering van protest
= aanvaarde manier van politieke participatie
tegenbeweging → overheid legt dwangnormen op, eenzijdige verzoekschriften ingediend om staking te
verbieden
2.4.2. kersting
Laatste decennia: twee maatschappelijke ontwikkelingen
→ Invloed politieke participatie
1. Deliberative turn
• Meer dialooggeoriënteerde politieke participatie
•Toename burgerbetrokkenheid buiten formele mechanismen en instituties
2. Online technologie
•Toename politieke communicatie
•Media en politici als socialisatieagenten
•Verandering politieke gedrag (jonge) burgers
Kersting → nieuwe, aangepaste indeling van vormen van politieke participatie (nieuwe & oude
vormen)
in representatieve democratieën bij burgers:
● groeiende apathie
● duidelijk cynisme
gevolg → overheden voorzien democratische inspraak (hoorzittingen, referenda) ⇒ invited spaces
MAAR: soms domineren overheden die mogelijkheden → ontevreden burgers
● nieuwe kanalen zoeken om ongenoegen te uiten ⇒ invented spaces