KINE BIJ GYNAECOLOGISCHE EN
UROLOGISCHE AANDOENINGEN
2024-2025
,
, H1: INLEIDING
Examen: 40 meerkeuzevragen
Functie bekkenbodemtraining:
• Primaire preventie: voorkomen van het ontstaan
→ Risicogroepen: zwangeren, menopauze, constipatie
• Secundaire preventie: vroegtijdige opsporing en behandeling van beginnende klachten
→ Vb: milde SI, zakking (voorkomen van verergering, behandelen)
• Tertiaire preventie: voorkomen van complicaties en verminderen van de impact van bestaande
aandoeningen
→ Operatie: relaps (bv klachten verlichten bij chronische urine incontinentie)
1. VOORKOMEN VAN BEKKENBODEMDISFUNCTIE: INCONTINENTIE
Urine incontinentie = onvrijwillig urineverlies ⟶ vaak voorkomend probleem op elke leeftijd ⟶ tussen 25-45% van
alle vrouwen ooit in hun leven (ook 30’ers en 40’ers)
⟶ Enorme stijging bij vrouwen vanaf 30 jaar door zwangerschap en bevalling, bij mannen vanaf 69 jaar door
prostaatkanker
Mogelijke reacties:
• Weinig psychosociale problemen ⟶ geen consultatie, gebruiken vaak inlegkruisje
• Sociale isolatie (kleinere groep) ⟶ voelen zich oncomfortabel en zijn bang om urine of stoelgang te verliezen in het
openbaar
FI = fecale incontinentie
Coeles = verzakkingen
UI = urine incontinentie
⟶ Stijgende incidentie door verouderde bevolking
2. ANATOMIE VAN NIEREN, URETHERS, BLAAS EN URETHRA
Darm
Baarmoeder
Blaas
Darm
Prostaat
Blaas
Hogere urinewegen: nieren en urethers
Lagere urinewegen: urethra en blaas
, Nieren
Ligging: beide nieren hebben een verschillende hoogte, de rechter nier ligt 4-5 cm lager doordat de lever erboven
ligt
Functie: filteren/zuiveren
• Afvalstoffen uit bloed verwijderen (= filteren) ⟶ ureum en creatinine verwijderen om bloed constant te
houden (bij chronische nierschade gaan deze stoffen in het lichaam stijgen)
• Vocht en zoutbalans reguleren (= waterhuishouding) ⟶ hoeveelheid water in lichaam moet constant
blijven
→ Ook reguleren via ademhaling, zweten en stoelgang
▪ Veel drinken: extra urine produceren
▪ Veel zweten: minder urine produceren
▪ Als je veel zout eet zal je dorst krijgt, bij te veel zout zal je meer plassen
• Hormonen aanmaken
→ Renine: rol regelen bloeddruk
→ Erytropoëtine: stimulatie rode erytrocyten (EPO) ⟶ heeft effect op energieniveau van persoon (te
weinig, pt is moe. Te veel, pt is heel actief)
→ Vitamine D omzetten in werkzame stof ⟶ lichaam heeft dit nodig om kalk in botten te kunnen
opnemen
(Examen: ze gaat nooit cijfers vragen over bv de dikte of gewicht van een nier)
Urethers
Functie: transport
Ligging: achter en onder de blaas
Mechanisme: wordt dichtgedrukt als de blaas samentrekt zodat
terugvloei voorkomen wordt
• Bij reflux (= terugvloei) kan de druk in de nieren oplopen
waardoor littekenweefsel kan ontstaan en de nieren
minder goed zullen functioneren en bacteriën kunnen
opstapelen
UROLOGISCHE AANDOENINGEN
2024-2025
,
, H1: INLEIDING
Examen: 40 meerkeuzevragen
Functie bekkenbodemtraining:
• Primaire preventie: voorkomen van het ontstaan
→ Risicogroepen: zwangeren, menopauze, constipatie
• Secundaire preventie: vroegtijdige opsporing en behandeling van beginnende klachten
→ Vb: milde SI, zakking (voorkomen van verergering, behandelen)
• Tertiaire preventie: voorkomen van complicaties en verminderen van de impact van bestaande
aandoeningen
→ Operatie: relaps (bv klachten verlichten bij chronische urine incontinentie)
1. VOORKOMEN VAN BEKKENBODEMDISFUNCTIE: INCONTINENTIE
Urine incontinentie = onvrijwillig urineverlies ⟶ vaak voorkomend probleem op elke leeftijd ⟶ tussen 25-45% van
alle vrouwen ooit in hun leven (ook 30’ers en 40’ers)
⟶ Enorme stijging bij vrouwen vanaf 30 jaar door zwangerschap en bevalling, bij mannen vanaf 69 jaar door
prostaatkanker
Mogelijke reacties:
• Weinig psychosociale problemen ⟶ geen consultatie, gebruiken vaak inlegkruisje
• Sociale isolatie (kleinere groep) ⟶ voelen zich oncomfortabel en zijn bang om urine of stoelgang te verliezen in het
openbaar
FI = fecale incontinentie
Coeles = verzakkingen
UI = urine incontinentie
⟶ Stijgende incidentie door verouderde bevolking
2. ANATOMIE VAN NIEREN, URETHERS, BLAAS EN URETHRA
Darm
Baarmoeder
Blaas
Darm
Prostaat
Blaas
Hogere urinewegen: nieren en urethers
Lagere urinewegen: urethra en blaas
, Nieren
Ligging: beide nieren hebben een verschillende hoogte, de rechter nier ligt 4-5 cm lager doordat de lever erboven
ligt
Functie: filteren/zuiveren
• Afvalstoffen uit bloed verwijderen (= filteren) ⟶ ureum en creatinine verwijderen om bloed constant te
houden (bij chronische nierschade gaan deze stoffen in het lichaam stijgen)
• Vocht en zoutbalans reguleren (= waterhuishouding) ⟶ hoeveelheid water in lichaam moet constant
blijven
→ Ook reguleren via ademhaling, zweten en stoelgang
▪ Veel drinken: extra urine produceren
▪ Veel zweten: minder urine produceren
▪ Als je veel zout eet zal je dorst krijgt, bij te veel zout zal je meer plassen
• Hormonen aanmaken
→ Renine: rol regelen bloeddruk
→ Erytropoëtine: stimulatie rode erytrocyten (EPO) ⟶ heeft effect op energieniveau van persoon (te
weinig, pt is moe. Te veel, pt is heel actief)
→ Vitamine D omzetten in werkzame stof ⟶ lichaam heeft dit nodig om kalk in botten te kunnen
opnemen
(Examen: ze gaat nooit cijfers vragen over bv de dikte of gewicht van een nier)
Urethers
Functie: transport
Ligging: achter en onder de blaas
Mechanisme: wordt dichtgedrukt als de blaas samentrekt zodat
terugvloei voorkomen wordt
• Bij reflux (= terugvloei) kan de druk in de nieren oplopen
waardoor littekenweefsel kan ontstaan en de nieren
minder goed zullen functioneren en bacteriën kunnen
opstapelen