Prof. Jeroen Huisman
2024-2025
,Les 1: introductie
Tekst Hatch (2006): Wat is organisatietheorie?
Waarom organisatietheorie?:
Enkele toepassingen:
Strategie/financiën Om waarde van bedrijf te verbeteren, moet je weten hoe je
organisatiedoelen kan organiseren en bereiken + om prestaties te
controleren en verbeteren, moet je begrijpen hoe je resultaten
kunt bereiken
Marketing Om een succesvol bedrijfsmerk te creëren, is een grondig begrip
van wat de organisatie is en hoe het werkt nodig en zo
marktstrategie en org op elkaar laten afstemmen
Informatietheorie De manier waarop informatie door de organisatie stroomt, heeft
invloed op werkprocessen en resultaten. Organisatietheorie kan
de IT helpen informatiebehoeftes te identificeren, begrijpen,
verbeteren…
Operation Organisatietheorie ondersteunt de technische aspecten van
operations en systeemintegratie + verklaart de sociaal-culturele
HR Bijna alles wat HR-specialisten doen, van werving tot beloning,
heeft organisatorische vertakkingen en heeft daarom baat bij de
kennis die de organisatietheorie biedt
Communicatie Om effectieve communicatiesystemen te ontwerpen of om vast te
stellen op welke manieren bestaande systemen niet zijn
afgestemd op de behoeften van de organisatie is
organisatietheorie nodig
→ Helpen nieuwe manieren ontwikkelen om naar ervaringen en zijn fenomenen te kijken
Wat is organisatietheorie?:
Theorie is opgebouwd uit abstracties die concepten worden genoemd
→ 1 concept = fenomeen van belang (focus)
→ Gerelateerde concepten worden gedefinieerd en gebruikt om dat ene fenomeen te
verklaren
⇒ theorie = een verzameling van concepten en de relaties daartussen die worden
voorgesteld om het fenomeen van interesse te verklaren
● Verklaren niet altijd doel ⇒ begrijpen, praktische richtlijnen…
● Soms te complex voor wiskundige formule (vaak geval wanneer mensen
betrokken zijn) ⇒ statistische waarschijnlijkheden of metaforen/analogieën
1
,⇒ Vele soorten organisatietheorieën:
Variëren van natuur- en sociale
wetenschappen tot geesteswetenschappen
en kunsten
Nieuwe theorieën laten oude niet
verdwijnen, ze accumuleren + beïnvloeden
elkaar
De wisselwerking tussen de perspectieven
van de organisatietheorie leidt tot
voortdurende verandering in elk van hen
*prehistorie, vertegenwoordigt bronnen van ideeën over organisaties die zich voordeden
voordat iemand organisatietheorie als een volwaardige discipline beschouwde.
Concepten en abstractie in theorieontwikkeling:
- Concepten bieden mentale categorieën voor het sorteren, organiseren en opslaan
van ervaringen in het geheugen
- Het zijn ideeën die gevormd worden door het proces van abstractie
- Abstractie = vorming van een idee door mentale afscheiding van bepaalde gevallen
- Betekent dat je concepten in je geheugen opbouwt op basis van je kennis met voor
jou bekende gevallen
- Concepten worden opgebouwd als gevolg van persoonlijke ervaringen of doordat
anderen het vertellen
- Vb. je concept van hond is opgebouwd op basis van je persoonlijke ontmoetingen
met vertegenwoordigers van deze klasse van dieren, zoals honden die je hebt gehad
of die je hebben gebeten; op basis van verhalen die je anderen hebt horen vertellen
over hun ervaringen met honden; en op basis van ontmoetingen met niet-honden die,
toen je een jong kind was, je hielpen dit concept op te bouwen door je te leren wat
een hond niet is ('Nee, dat is een kat').
- Nodig om specifieke voorbeelden te blijven verzamelen die passen bij elk concept
totdat het min of meer volledig gevormd is
- Naarmate je verzameling concepten en theorieën zich uitbreidt, zul je merken dat je
je ervaringen op nieuwe manieren analyseert
- Persoonlijke ervaring → concepten ontwikkelen → theorieën begrijpen/opbouwen →
concepten/theorieën gebruiken om ervaringen beter te begrijpen
- Concept is geen aggregatie van alle info die je onthouden hebt over iets
- ⇒ Om een concept te vormen, negeer je de unieke elementen of kenmerken die je
associeert met specifieke voorbeelden en concentreer je je alleen op die aspecten
die gemeenschappelijk zijn voor alle gevallen
- Dit laten wegvallen is abstractie → meer en sneller informatie verwerken + informatie
associëren met concept en informatie snel verwerken
2
, - Chunking = stelt in staat het stelt ons in staat om grote hoeveelheden kennis met
elkaar in verband te brengen (belangrijk voor theorievorming)
- Te veel details weglaten zorgt er voor dat theorie te algemeen is
Verschillende perspectieven:
Burrell & Morgan: Kennis is gebaseerd op verschillende paradigma’s, elk met zijn eigen
aannames over de wereld. Paradigma's moedigen onderzoekers aan om fenomenen op
verschillende manieren te bestuderen. (niet enkel academisch, ook praktisch →
overtuigingen, aannames en kennis van de wereld beïnvloeden hoe onderzoekers hun
onderzoek uitvoeren, hoe leiders hun organisaties ontwerpen en leiden + hoe ieder van ons
zich verhoudt tot de wereld en tot andere mensen)
⇒ Om modernisme, symbolisch interactionisme en postmodernisme te vergelijken is het
nodig om ontologie en epistemologie te kennen
Ontologie:
→ Hoe je kiest om te definiëren wat echt is
- Gaat over assumpties realiteit
- Vragen hierrond worden ook wel existentiële vragen genoemd
- Houdt zich ook bezig met agency Vb. hebben mensen een vrije wil en zijn ze volledig
verantwoordelijk voor hun eigen daden, of is het leven van tevoren bepaald, door
situaties of door God
Subjectivisten Objectivisten
Iets bestaat alleen als je het ervaart en Werkelijkheid is onafhankelijk van
er betekenis aan geeft degene die erin leven
Mensen creëren en ervaren realiteiten Mensen reageren op voorspelbare
op verschillende manieren omdat manieren op wat er om hen heen
individuen en groepen hun eigen gebeurt omdat hun gedrag deel
aannames, overtuigingen en percepties uitmaakt van de materiële wereld
hebben die hen ertoe aanzetten om dit waarin ze leven en bepaald wordt door
te doen oorzaken, net als het gedrag van
materie
Epistemologie:
→ Hoe je kennis vormt en criteria vaststelt om deze te evalueren
- Hoe kun je weten
- Voorkomende vragen: hoe genereren mensen kennis?, wat zijn de criteria waarmee
ze goede van slechte kennis onderscheiden (bijv. waar van onwaar, geldig van
ongeldig, rationeel van irrationeel, wetenschappelijk van pseudowetenschappelijk)?,
en hoe moet de werkelijkheid worden voorgesteld of beschreven?
- Antwoorden op de vragen is verbonden met ontologie
Positivisten Interpretatieve (antipositivisten)
Ja kan ontdekken wat er werkelijk Kennis kan alleen worden gecreëerd en
3