• Mauvais document ? Échangez-le gratuitement
  • Rédigé par des étudiants ayant réussi
  • Disponible immédiatement après paiement
  • Lire en ligne ou en PDF
Vendre
Où étudie-tu ?
La langue
Document preview thumbnail
Aperçu 3 sur 20 pages
Resume

Samenvatting - Cel I : Fysische en chemische grondslagen (D012571A)

Document preview thumbnail
Aperçu 3 sur 20 pages

Samenvatting partim Algemene Chemie van Cel I, 1e Bachelor Tandheelkunde en Geneeskunde aan de UGent.

Aperçu du contenu

Cel I: Anorganische Chemie
Hoofdstuk I – Atomen en moleculen: basis van biologische systemen
Essentiële elementen in het menselijk lichaam (totaal 25)

 Meest voorkomende niet-metalen: C, H, O, N, P, S
 Meest voorkomende metalen: Ca, K, Na, Mg, Fe, Cu, Zn

Metalen: afgifte elektronen -> kationen
Niet-metalen: opname elektronen -> anionen

Metalloïden= metaalachtigen= kationische en anionische eign of eign die er ergens tussenin zitten

C, H, O, N -> in alle organische verbindingen

Ionen en moleculen
Stabiele verbinding mogelijk ⇒ chemische binding:

 Zuivere ionbinding
o Ionaire bestanddelen: kationen & anionen, gerangschikt tot kristal -> uitwisseling
elektronen
o Metaal + niet-metaal (bv. Na + Cl)
o Groot Δ EN
o Makkelijk oplosbaar in water
 Zuiver covalente binding
o Deling van elektron door beide bindingspartners; elektronen trekken kernen aan;
stabielere associatie dan atomen afzonderlijk
o Energienulpunt: oneindige afstand tss. atomen; atomen naderen tot bindingsafstand
met evenwicht tss. bindende & afstotende bijdragen
o Verbreking van covalente binding: bindingsenergie nodig (bindingsdissociatie-
enthalpie D)
o Vorming van binding stelt energie vrij
 Ionendeformatie
o Positieve ion trekt elektronenwolk anion aan; ionendeformatie leidt tot gepolariseerde
covalente binding
o Afhankelijk van:
 Polariserend vermogen kation ~ Z+¿ / r ¿
 Polariseerbaarheid anion ~ Z−¿∧ r ¿ (hoe groter elektronenwolk, hoe makkelijker
deformeerbaar)
 Polarisatie van covalente binding
o Δ EN ⇒ dipoolmoment
o Elektrisch dipoolmoment p=e ⋅d
 Dipolaire binding
o Coördinatiecomplexen
 Binding van metaalatoom of –ion met ligand (bv. Cl-, H2O, NH3)
Lewis zuur Lewis base
 Covalente binding met partieel ionair karakter; elektronenpaar enkel afkomstig
van ligand = coördinatieve covalente binding
 Coördinatiegetal: aantal donoratomen aan metaalion gebonden in eerste
coördinatiesfeer
 Polydentaat ligand/cheland: ligand met meerdere donoratomen; complex =
chelaat ↔ monodentaat ligand; bv. ethyleendiamine: 2 N-donoratomen:
H2N-CH2-CH2-NH2
 Bindingssterkte tss. metaalion en liganden veel groter dan tussen complex ion en
tegenionen (bv.: bindingssterkte tss. Pt en (NH 3)6 is op zich sterker dan de
bindingssterkte van [Pt(NH3)6]4+ en 4 Cl-
Arrhenius zuur/base: gaat H+ afsplitsen/opnemen
Bronsted zuur/base: kan H+ afsplitsen/opnemen
Lewis zuur/base: kan een elektronenpaar/elektronenparen afsplitsen/opnemen

! Liganden moeten altijd zo ver mogelijk van elkaar verwijderd zitten

,Medische toepassing: complexvorming in rode bloedcellen
Myoglobine & hemoglobine: proteïnen in staat zuurstof op reversibele wijze te binden

 Bevatten ‘heemgroep’: porphyrinering met 4 N-donoren (tetradentaat ligand) in equatoriaal
vlak van octaëdrisch omringd Fe2+
 Langs axiale as: N-atoom van aminozuurrest (histidine-93)
 Zesde coördinatieplaats: moleculair zuurstof (via H-brug trouwens ook nog eens gebonden aan
histidinegroep (histidine-64)
 Deoxymyoglobine: geen O2
 Heemgroep in hydrofobe caviteit van myoglobinemolecule ⇒ afscherming tg. water

Medische toepassing: koolstofmonoxide-intoxicatie
 Inademing CO ⇒ CO neemt plaats O2 in (sterker ligand door ook π -acceptor-eigenschappen)
 Vorming carboxyhemoglobine is irreversibel ⇒ niet beschikbaar voor zuurstoftransport

Hoofdstuk II – Intermoleculaire krachten – Gecondenseerde
fasen
Types intermoleculaire krachten
 Dipool-dipoolinteractie
o Tss. polaire moleculen
o Afh. van Δ EN
o ∑ (dipoolvectoren¿) ¿
= 0 -> geen dipoolmoment
=/ 0 -> wel dipoolmoment
 London- of dispersiekrachten
o Elektronenwolk niet symmetrisch verdeeld rond zwaartepunt, vorming kortstondige
dipool
o Groter bij grotere moleculen (grotere elektronenwolk meer onderhevig aan distortie)
o Induceert een dipool in omliggende moleculen -> beide dipolen trekken elkaar aan
 Waterstofbrug
o H + F, O, N
o Sterk elektronegatieve elementen trekken bindend elektronenpaar zo erg aan, dat
positieve lading op proton zeer groot is
o Kookpunt hoger bij H-brug
o Afhankelijk van:
 EN van atoom
 Kleinere afmeting
o F---H-brug sterker dan O---H-brug, maar bij water: dubbel zoveel bruggen mogelijk ⇒
hoger kookpunt
o Hoge oplosbaarheid
o Aanwezigheid van amine- of hydroxylgroepen verhoogt oplosbaarheid bij organische
moleculen
o In DNA-keten: vorm en afstand tss de moleculen
o In biochemische systemen: mogen niet té sterk zijn want dan gaat de molecule zich niet
meer kunnen aanpassen

Intermoleculeculaire attractie:
∑ (london ) + ( dip−dip) +( H −brug )
Toepassing: intra- en intermoleculaire interacties in macromoleculen:
eiwit
 Primaire structuur
 Secundaire structuur: helixvorming door H-brugvorming
 Tertiaire structuur, gevolg van:
o Dispersiekrachten
o H-brugvorming (NH---O=C)
o Zoutvorming
o Covalente disulfidebrugvorming
o Dipool-dipoolinteractief

, o Hydrofobe groepen trekken zich naar binnenste van structuur terug
 Quaternaire structuur

Aggregatietoestanden
 Vaste toestand: energie intermoleculaire krachten overheerst op kinetische energie ⇒
kristallisatie
 Vloeibare toestand: zowel attractiekrachten als kinetische energie belangrijk
o Viscositeit: bepaald door attractiekrachten, daalt met stijgende T
= weerstand bij het vloeien
o Oppervlaktespanning: moleculen aan oppervlak worden naar binnen getrokken ⇒
oppervlak van vloeistof neemt minimale afmetingen aan
o Dampdruk van vloeistoffen: aan oppervlak kunnen moleculen met voldoende kinetische
energie ontsnappen = verdamping (gaat dus beter bij hogere temp.); door verdamping
zal kin. energ. van resterende moleculen dalen ⇒ temp. Daalt
 Energie: Maxwell-Boltzmann curve: met grenswaarde
o Molaire verdampingsenthalpie Δ verd H = warmte nodig om 1 mol te verdampen
(omgekeerde= condensatie)
o Kookpunt: temperatuur waarbij dampdruk gelijk is aan uitwendige heersende druk

Hoe sterker de intermoleculaire attractiekrachten, hoe lager de dampdruk, hoe hoger het
kookpunt

 Gassen
o Ideale gaswet: P ⋅ V =n ⋅ R ⋅ T
o Wet van Dalton: totale druk van gasmengsel is gelijk aan de som van partieeldrukken
(druk alsof een gas alleen aanwezig zou zijn in container)
o Verplaatsen spontaan van plaatsen met hoge partieeldruk naar plaatsen met lage
partieeldruk

Bloeddruk:
Systolische druk (100-120 torr): hoog bij samentrekken hart
Diastolische druk (60-80 torr): laag bij ontspannen hart
200 torr= geen bloed meer door aderen
Druk laten afnemen en luisteren naar hartslag via stethoscoop
Bij waarnemen hartslag: druk is gelijk aan de uitwendige druk (aflezing systolische druk)
Verder ontspannen, hartslag verdwijnt wanneer bloed continu stroomt (aflezing diastolische
druk)




Hoofdstuk III – Oplossingen: oplosbaarheid en concentratie
Voorwaarde oplossing: zeer homogeen -> op elke fractie hetzelfde

Water als oplosmiddel
 Ionaire verbindingen: spontane dissociatie in ionen in water
 Covalente verbindingen: vereisen polariteit voor oplosbaarheid
 Niet-polaire gassen: dipool-geïnduceerde dipoolinteracties (cf. dispersiekrachten)
 IJs: elk O-atoom tetraëdrisch omgeven door 4 H-atomen ⇒ ijle structuur
 Stabilisator voor temperatuurschommelingen door grote specifieke warmtecapaciteit
(verbreken van H-bruggen verbruikt veel warmte op zich)
 Hyponatraemia: verdunning essentiële zouten door te grote hoeveelheid water: misselijkheid,
hoofdpijn, verwarring, delirium, bewusteloosheid
 Apolaire stoffen: via waterstofbrugvorming (apolair solvent)


Oplosproces
 Intermoleculaire krachten tussen A-A-…-A en B-B-…-B moeten verbroken worden ->
energiekost
 Vorming bindingen tussen A en B: A-B -> energiewinst
 Oplosproces enkel makkelijk wanneer beide krachten vergelijkbaar zijn (likes like likes)
 Gevolgen:

Table des matières

  1. 01 Cel I: Anorganische Chemie 1
  2. 02 Hoofdstuk I – Atomen en moleculen: basis van biologische systemen 1
    1. Essentiële elementen in het menselijk lichaam (totaal 25) 1
    2. Ionen en moleculen 1
    3. Medische toepassing: complexvorming in rode bloedcellen 2
    4. Medische toepassing: koolstofmonoxide-intoxicatie 2
  3. 03 Hoofdstuk II – Intermoleculaire krachten – Gecondenseerde fasen 2
    1. Types intermoleculaire krachten 2
    2. Toepassing: intra- en intermoleculaire interacties in macromoleculen: eiwit 2
    3. Aggregatietoestanden 3
  4. 04 Hoofdstuk III – Oplossingen: oplosbaarheid en concentratie 3
    1. Water als oplosmiddel 3
    2. Oplosproces 3
    3. Lichaamsvocht 4
    4. Oplosbaarheid 4
    5. Vorming van complexen door metaalionen voor verhoging oplosbaarheid van hun onoplosbare zouten 5
    6. Ook toevoegingen aan de oplossing van liganden (moleculen, ionen) die met de metaalionen complexen kunnen vormen verhogen de oplosbaarheid 5
    7. Biomedische aspecten van oplosbaarheid 5
    8. Concentratieuitdrukkingen 6
  5. 05 Hoofdstuk IV – Oplossingen: osmose 6
    1. Werking van de dialyse 7
    2. Osmolaliteit en osmolariteit 7
    3. Gibbs-Donnanevenwicht 8
    4. Colloïdale mengsels 8
  6. 06 Hoofdstuk V – Biochemische kinetiek 9
    1. Beschrijving van de reactiesnelheid 9
    2. Verandering van concentratie met de tijd (5.3) 9
    3. Moleculaire verklaring reactiesnelheid 10
    4. Invloed van temperatuur 11
    5. Invloed van katalysator 11
    6. Reactiekinetiek en reactie-evenwicht 11
  7. 07 Hoofdstuk VI – Chemische reacties: energie & evenwicht 12
    1. Calorimetrie 12
    2. Wet van behoud van energie 12
    3. Enthalpie(verandering) H 13
    4. Berekening van de enthalpieveranderingen 13
    5. Entropie, spontaneïteit 13
    6. Verandering in vrije energie: Gibbs-vrije energie 13
    7. Vrije energie en chemisch evenwicht 13
    8. Chemische potentiaal 14
    9. Vrije energie en nuttige arbeid 14
  8. 08 Hoofdstukken VII en VIII – Zuren en Basen – Zuurtegraad en levende materie 14
    1. pH 14
    2. Indeling zuur-/basesterkte 14
    3. pH van sterke zuren en basen 15
    4. pH van zwakke zuren en basen 15
    5. pH van mengsels van zuren en basen 15
    6. pH van meerbasische zuren 15
    7. pH van zouten – hydrolyse 15
    8. Amfolyten 16
    9. Toepassing: zuur-basegedrag van aminozuren en peptiden 16
    10. Bufferoplossingen 16
    11. Buffercapaciteit 16
    12. Toepassing buffers: koolzuur-carbonaatbuffer 16
  9. 09 Hoofdstuk IX – Elektrochemie 17
    1. Galvanisch element/voltacel: toegepast op Zn en Cu 17
    2. Standaardreductiepotentialen - elektromotorische kracht E 17
    3. Standaard elektromotorische kracht E° 17
    4. Verband EMK, concentratie en Gibbs vrije energie 17
    5. Voorbeelden van de elektroforetische bewegingen 20

Infos sur le Document

Publié le
17 avril 2025
Nombre de pages
20
Écrit en
2024/2025
Type
Resume
€7,77

Mauvais document ? Échangez-le gratuitement Dans les 14 jours suivant votre achat et avant le téléchargement, vous pouvez choisir un autre document. Vous pouvez simplement dépenser le montant à nouveau.
Rédigé par des étudiants ayant réussi
Disponible immédiatement après paiement
Lire en ligne ou en PDF

Vendu
2
Abonnés
0
Éléments
3
Dernière vente
10 mois de cela



Pourquoi les étudiants choisissent Stuvia

Créé par d'autres étudiants, vérifié par les avis

Une qualité sur laquelle compter : rédigé par des étudiants qui ont réussi et évalué par d'autres qui ont utilisé ce document.

Le document ne convient pas ? Choisis un autre document

Aucun souci ! Tu peux sélectionner directement un autre document qui correspond mieux à ce que tu cherches.

Paye comme tu veux, apprends aussitôt

Aucun abonnement, aucun engagement. Paye selon tes habitudes par carte de crédit et télécharge ton document PDF instantanément.

Student with book image

“Acheté, téléchargé et réussi. C'est aussi simple que ça.”

Alisha Student

Foire aux questions