H1: INLEIDING
• Toegepaste statistiek = analyseren van data om een wetenschappelijke vraag te
beantwoorden
• Data = waarnemingen op variabelen
• Steekproef = selectie van een deel van doelpopulatie = onderzoekspopulatie (niet
hetzelfde als doelpopulatie!)
1.1 Onderzoeksvormen binnen wetenschappelijk onderzoek
• Observationeel onderzoek: er worden een aantal metingen uitgevoerd bij proefpersoon
zonder dat dit deze patiënt beïnvloedt. De resultaten van de metingen worden
vervolgens in verband gebracht.
o Cohort: een groep patiënten of proefpersonen worden geobserveerd
▪ Prospectief: gedurende lange tijd worden proefpersonen opgevolgd
▪ Transversaal/ cross-sectioneel: alle metingen worden op hetzelfde
moment gedaan, informatie wordt op het moment van het onderzoek zelf
gedaan
▪ Retrospectief: informatie wordt terugkijkend in de tijd verzameld
o Case-control: groep patiënten met een bepaalde aandoening (= case) worden
vergeleken met een gelijkaardige groep, maar dan zonder aandoening (= control)
▪ Voornamelijk retrospectief: oorzaken vinden meestal in verleden plaats
• Experimenteel onderzoek: er vindt wel een interventie plaats, de proefpersoon wordt
wel beïnvloed
1
, 1.2 Soorten variabelen
Terminologie
• Variabele: variërende eigenschap tussen onderzoekseenheden
• Uitkomstvariabele (= outcome) = afhankelijke variabele (bv: lichaamsgewicht bij een
afslankprogramma)
• Onafhankelijke variabele (= independent) = determinanten, verklarende variabelen,
voorspellers, predictoren
Soorten variabelen
• Kwalitatief/ categorisch/ categoriaal:
o Nominaal: niet geordend (bv: bloedgroepen, provincies)
o Ordinaal: geordend, er zit een bepaalde volgorde in de uitkomst van de variabele
(bv: lichaamsgewicht → normaal gewicht – overgewicht – obesitas)
o Dichotoom: variabele kan twee waarden aannemen (bv: dood (0) of levend (1),
ziek (0) of gezond (1)) → coderen via statistische software
• Numeriek/ kwantitatief:
o Discreet: enkel gehele getallen/ aantallen als uitkomst mogelijk
▪ Geen decimale getallen
▪ Bv: aantal kinderen per gezin, aantal bezoeken bij huisarts in het
afgelopen jaar
o Continu: in theorie een oneindig aantal mogelijke waarden
▪ Bv: lichaamslengte, gewicht
▪ In praktijk afhankelijk van nauwkeurigheid meetinstrument
▪ Uitkomsten kunnen op verschillende schalen ingedeeld worden:
• Intervalschaal: afstanden tussen verschillende eenheden op
continuüm zijn gelijk
• Ratioschaal: 0 = natuurlijk nulpunt en betekent afwezigheid (bv:
lengte → het hebben van geen lengte is 0 cm)
2
Mutually exclusive = behoren tot 1 groep, niet tot meerdere en zijn niet veranderlijk
,1.3 Soorten statistiek: beschrijvend vs. verklarend
• Beschrijvende statistiek: overzichtelijk samenvatten van data/ onderzoeksgegevens
zonder te kijken naar mogelijke verbanden of relaties tussen de variabelen
o Grafische/ numerieke weergave
o Eerste stap in onderzoek: overzicht variabelen en data
• Verklarende statistiek: schatten van effecten en relaties, betrouwbaarheid, berekenen p-
waarden…
o Betrouwbaarheid onderzoeksresultaten
o Hypothesen starten
o Antwoorden op onderzoeksvraag
3
, H2: BESCHRIJVENDE STATISTIEK
2.1 Inleiding
Bijvoorbeeld: observationeel cross-sectioneel onderzoek met 100 proefpersonen om de relatie
na te gaan tussen totaal cholesterolgehalte en andere variabelen (leeftijd, sekse, roken,
alcoholgebruik):
• Afhankelijke variabele/ uitkomstvariabele: cholesterolgehalte (continu numeriek)
• Onafhankelijke variabelen: leeftijd, sekse, roken, alcoholgebruik
o Leeftijd: numeriek
o Sekse: dichotoom (0-1)
o Roken: dichotoom (0-1)
o Alcoholgebruik: ordinaal (geen – 1 tot 2 glazen/ dag - > 2 glazen per dag)
Rijen = observaties = items
waarvoor iets gemeten is
Kolommen = variabelen =
gemeten eigenschappen
Waarden = tabelcellen =
gerealiseerde metingen
4