9. Tumormerkers
Inleiding
=> meestal glycoproteïnen geproduceerd door goed- en kwaadaardige tumorcellen en in de
bloedbaan terechtkomen.
Normaal in een geringe concentratie in het serum.
Veel verschillende tumormerkers in stukje weefsel bepaald, bekomen door biopsie. Een
beperkt aantal merkers worden bepaald in serum.
Tumor is een neoplastische aandoening, een goed- of kwaadaardige transformatie.
Vooral kwaadaardige tumoren veroorzaken:
- onevenwichtigheid tussen functies die normaal goed geregeld zijn
- verandering metabolisch profiel, verbonden met aangetaste functie
verandert [een of meerdere biochemische parameter] in bloed
Maar kan ook veranderen tengevolge van:
- goedaardige aandoeningen (bv. ferritine ↗︎bij een infectie)
- fysiologisch (bv. α-foetoproteïne ↗︎tijdens zwangerschap).
-> conc. die enkel stijgt ten gevolge van een kwaadaardige tumor komt in aanmerking voor
tumormerker.
De ideale tumormerker stijgt alleen ten gevolge van een kwaadaardige aandoening van één
specifiek weefsel (= hoge specificiteit) en bovendien moet de tumormerker bij alle patiënten
met die kwaadaardige aandoening (= hoge sensitiviteit).
Ideale tumormerker is zeer specifiek en zeer gevoelig.
TN
Specificiteit in % = x 100
TN+ VP
TP
Sensitiviteit in % = x 100
TP+ VN
TP
Positieve voorspellende waarde (PPV) = x 100
TP+ VP
TN
Negatief voorspellende waarde (NPV) = x 100
TN + VN
TP+TN
Concordantie = efficiëntie = x 100
TP+ VP+TN + VN
=> het % mensen dat door de test juist geklasseerd worden, onafhankelijk of ze de ziekte
hebben of niet.
=> 100% sensitief, geschikt als screeningstest (geen valse waarden)
De enige tumormerker die aan de criteria voldoet en terugbetaald wordt als screeningstest is
de prostaat specific antigen (PSA).
Inleiding
=> meestal glycoproteïnen geproduceerd door goed- en kwaadaardige tumorcellen en in de
bloedbaan terechtkomen.
Normaal in een geringe concentratie in het serum.
Veel verschillende tumormerkers in stukje weefsel bepaald, bekomen door biopsie. Een
beperkt aantal merkers worden bepaald in serum.
Tumor is een neoplastische aandoening, een goed- of kwaadaardige transformatie.
Vooral kwaadaardige tumoren veroorzaken:
- onevenwichtigheid tussen functies die normaal goed geregeld zijn
- verandering metabolisch profiel, verbonden met aangetaste functie
verandert [een of meerdere biochemische parameter] in bloed
Maar kan ook veranderen tengevolge van:
- goedaardige aandoeningen (bv. ferritine ↗︎bij een infectie)
- fysiologisch (bv. α-foetoproteïne ↗︎tijdens zwangerschap).
-> conc. die enkel stijgt ten gevolge van een kwaadaardige tumor komt in aanmerking voor
tumormerker.
De ideale tumormerker stijgt alleen ten gevolge van een kwaadaardige aandoening van één
specifiek weefsel (= hoge specificiteit) en bovendien moet de tumormerker bij alle patiënten
met die kwaadaardige aandoening (= hoge sensitiviteit).
Ideale tumormerker is zeer specifiek en zeer gevoelig.
TN
Specificiteit in % = x 100
TN+ VP
TP
Sensitiviteit in % = x 100
TP+ VN
TP
Positieve voorspellende waarde (PPV) = x 100
TP+ VP
TN
Negatief voorspellende waarde (NPV) = x 100
TN + VN
TP+TN
Concordantie = efficiëntie = x 100
TP+ VP+TN + VN
=> het % mensen dat door de test juist geklasseerd worden, onafhankelijk of ze de ziekte
hebben of niet.
=> 100% sensitief, geschikt als screeningstest (geen valse waarden)
De enige tumormerker die aan de criteria voldoet en terugbetaald wordt als screeningstest is
de prostaat specific antigen (PSA).