is
1
,Inhoudsopgave
1. Inleiding..........................................................................................................................3
1.1. Wat is cultuurgeschiedenis.....................................................................................................3
2. Cultuur van de Barok.......................................................................................................4
2.1. Het leven is een droom...........................................................................................................4
Chronologisch overzicht................................................................................................................4
3. Adellijke architectuur in de 17e eeuw...............................................................................6
3.1. Het interieur als zelfprojectie: de brieven van Mme de Sévigné en ….....................................6
3.2. Het Frankrijk van louis XIV......................................................................................................6
4. Romantiek......................................................................................................................7
Physiognomische Fragmenten van Johan Kaspar Lavater: de ‘scherenschnittstoel’.......................7
4.1. Silhouetten en schilderij.........................................................................................................8
4.2. De nostalgie van de romantiek...............................................................................................8
4.3. Algemene kenmerken romantiek............................................................................................8
Casestudy: Caspard David Friedrich,..............................................................................................8
Eidophusicon.................................................................................................................................9
5. Impressionisme...............................................................................................................9
Expressionism..............................................................................................................................10
6. Burgerlijk interieur en de stad in de 19de eeuw...............................................................11
6.1. Een interieur zonder exterieur..............................................................................................11
7. Filmische ruimte............................................................................................................11
8. Playtime........................................................................................................................12
2
, 1. Inleiding
1.1. Wat is cultuurgeschiedenis
Vorm van geschiedenis die de verschillende elementen van de cultuur samenbrengt. Ze
horen samen in een verband.
Architectuur is een beeld van de tijd, het gaat ook over de manier waarop ze worden
verveeld (bv in de schilderkunst).
Vb. (bebouwde ruimte)
1) Otto Wagner
- Weense architect
- Bouwde nieuw psychiatrische instelling (Am Steinhof), het idee veranderd dus de
architectuur veranderd mee
- Slaapzaal en ontspanningsruimte (transparantie)
o Heel uniform, geordend, (bepaalde manier van het ordenen van de
maatschappij)
o Het reflecteert een gezonde maatschappij, het is niet per se een
compositie van een gebouw maar van een maatschappij
- Belangrijke elementen:
o Het is geen chaotisch gebouw, een heel zichtbaar gebouw
o Zien is controle, zien is integratie
2) Imaginaire ruimte: Antoine Watteau
- Les plaisirs du bal
- Begin van de 18de eeuw (ancien regime), periode die beheerst wordt door de adel
en de absolute monarchie
- In de loop van de 19e veranderd de maatschappij, naar de wereld van de adel, we
krijgen een “droom” architectuur.
- Eclectische boog, een soort vage, troebele, wazig landschap, een soort van buiten
maar toch niet maar een soort van projectie
- De adel wordt als het ware materieel afgescheiden, het wordt visueel gescheiden
- Dat heeft als effect dat je een soort psychologische projectie krijgt, ze vullen het in
met hun verbeelding.
- Pastorale literatuur: soort van idealisering van de wereld op de buiten, idyllische
landelijke voorstelling, waarin de adel leefde.
- Het is ook een mentale segregatie, door een architectuur die materieel
gescheiden is
3
, 2. Cultuur van de Barok
Begin 17de eeuw
- Tijd van veel turbulentie, ook de tijd van ontdekkingsreizen,
godsdienstoorlogen…
- Illusie: worden we bedrogen door onze zintuigen
- Politiek vlak: vorstelijk absolutisme
- Is onze kennis wel echt een kennis, het is een existentieel probleem, dit heeft wel
veel invloeden gehad in de wetenschap enz...
- Trompe l’oeuil: radicale natuurgetrouwheid naar een net echt in de artistieke
voorstelling
2.1. Het leven is een droom
Theaterstukken waren heel belangrijk, het kan iets naar voorbrengen dat vaak een centraal
probleem is in de samenleving
- Theaterstuk van een Spaanse dramaturg Calderón
o Een van de belangrijkste dramaturgen als voorbeeld van literaire barok uit
spaanse 17e gouden eeuw
Centrale thema’s:
- Gaan altijd over zelfkennis, wie ben ik, maskers (steken je identiteit weg), de
realiteit is een soort deformatie, spookachtige figuren (zijn die er wel of niet), wat
is nu echt echt?
-
Verhaal:
- Gaat over een prins, van de koning basilio die ook een astroloog is, heeft in de
sterren gelezen eens zijn zoon op de troon zou komen dat hij zou ontpoppen tot
een tiran, wil hem opsluiten, laat hem even op de troon, hij wordt idd een tiran,
sluiten hem terug op, daarom maakt zijn bewaker hem wijs dat het maar een
droom was. zijn lerares zegt “het leven is slechts een droom, we hebben niet echt
een identiteit”
- Vat de morele impact goed samen
Het idee van een illusie, hoe dat deze speelt in andere cultuuruitingen
Chronologisch overzicht
Zie ppt, is zeer belangrijk = dia 11
Algemeen kenmerk van de barok:
- Zeer natuurgetrouw
- Spelen met de illusies
- Zie ppt
Voorbeelden:
- Caravaggio, Narcisus 16e
o Clair osbcur, heel duidelijk aanwezig
o Het moment voordat hij sterft, er is een suggestie van er staat iets te
gebeuren. Die kunst speelt in op de verbeelding van de mens, wat je
imaginair kan zien, wordt steeds belangrijker. Kracht van de verbeelding is
superbelangrijk
4
, o Het meest dramatische moment wordt samengevat in het schilderij.
Caravaggio Avondmaal te emmaus, 17e
o Christus is gekruisigd en verrezen
o Ze herkennen hem bij het breken en zegenen van het brood (dit wordt er
afgebeeld)
o Er wordt een spanning weergeven vlak voor dat belangrijke moment, die
dramatiek wordt hier ondersteund door clair-obscur.
o Het is een moment waarin men zich kon inleven, emotioneel is
superbelangrijk
- Pieter Paul Rubens, de kruisiging, kruisafneming (17e)
o Exhuberante stijl met veel beweging
o Heel ander soort barok maar dezelfde technieken worden toegepast
o De kruisiging en de kruisafneming
o Er is heel veel beweging, overweldigend, gespierde figuren, overdreven
uitdrukkingen
o De kunst was een propaganda in de context van de contrareformaties,
daarom is de kunst hier zo overweldigend, het moest overtuigen,
propageren, bv bij Caravaggio is het heel “rustig” ivgl pieter Paul Rubens
o De kruisafneming: heel dynamisch, door spel van licht en donker wordt
het geconstrueerd.
- Andrea pozzo , sint ignatius, 17e
o Van materiele naar het imaginaire, het vloeit samen, de materiele en de
verbeelde maatschappij, spelen met illusies
- Cornelius Gijsbrechts, achterkant van een ingekaderd schilderij, 17e
o In protestantse delen, gaan ze met kleine details van illusies spelen
o Het zet aan het denken, het is een weergave van de achterkant van een
schilderij, staan we nu binnen of buiten de kunst. Toch staan we niet
buiten de kunst want dit zelf is een schilderij, is speelt heel de tijd met het
feit “binnen of buiten” de kunst, soort existentiële verwarring
- Jan van der vaart, viool en boog, 17e
o Er hangt een schilderij van een viool aan een deur, het lijkt gwn dat er een
echte viool hangt, men lijkt naar de materiele ruimte maar men kijkt naar
een interpretatie van de materiele ruimte,
- Diegi Velazquez
o Is een van de belangrijkste Spaanse barokschilders, hij was hofschilder
o Dit schilderij: soort
- De spinsters
o Deze twee schilderijen zijn eigenlijk filosofische schilderijen, alles kan een
illusie zijn, ze doen dat op een heel gesofistikeerde manier, ze gaan over
hetzelfde thema
o Het is nogal complex (schildrij nr. 1), je ziet ze gereflecteerd in de spiegel,
geeft zo een inkijkt buiten het schilderij, reflectie van de wereld buiten het
schilderij. Wij worden als kijker betrokken. Je ziet ook een schilderstand,
die blijkbaar iets schildert dat iet op de voorgrond gebeurt, het is een
opeenstapeling van reflecties, we stappen van presentatie naar
presentatie. Je kan op geen een moment naar de realiteit, je kan alleen
naar de volgende reflectie, het is een voorstelling van een voorsteling.
5