LEH 5 – Erfelijkheid & selectie deel 2
BEGRIPPENLIJST
Doorheen de cursus worden nieuwe en/of moeilijke begrippen gebruikt. Met behulp van onderstaand kader kan je deze woorden bijhouden
en instuderen. Het gebruik van deze begrippenlijst is vrijblijvend, maar is een goede voorbereiding op het examen.
Geen exacte woordenlijsten op examen, dus vooral begrijpen, niet letterlijk van buiten leren.
Epistasie
Betekenis Éne genenpaar kan fenotype vh andere genenpaar onderdrukken.
↪️Uiterlijk verschil tss twee dieren berust dus niet altijd op 1 genenpaar!
= complicatie bij overerving
Verschillende types epistasie (dominante, recessieve, …)
Voorbeeld(en)
Extra info Epistasis = doen stilstaan
Multipele allelen
Betekenis Door mutaties kunnen er meer genen ontstaan die dezelfde locus
bezetten (op populatieniveau)
↪️Echter, slechts 2 genen, daar er slechts 2 loci op de homologe
chromosomen zijn
↪️Wel verschillende genencombinaties (allelen) mogelijk
Multipele allelen of gen combinaties in meervoud
= complicatie bij overerving
Lichaamscel van diploïd organisme: 2 mogelijke allelen
In een populatie zijn meer dan 2 allelen mogelijk multipele allelen
Voorbeeld(en) Bv. bloedgroep
Incomplete dominantie (of intermediaire Merle-factor)
Betekenis Fokkerij - bepaalde hondenrassen: Merle-factor: (eigenschap die op M-locus ligt)
M: Merle factor is aanwezig (= wit)
m: Merle factor is afwezig
Verwachting: dominant vs. recessief verwachten
↪️Hier: intermediaire vorm incomplete dominantie
M is dominant: kruising mm & MM verwachting : witte hond,
MAAR = ‘blauw’
Blauw is intermediair tss zwart en wit
Typisch: 1:2:1
= complicatie bij overerving
BEGRIPPENLIJST
Doorheen de cursus worden nieuwe en/of moeilijke begrippen gebruikt. Met behulp van onderstaand kader kan je deze woorden bijhouden
en instuderen. Het gebruik van deze begrippenlijst is vrijblijvend, maar is een goede voorbereiding op het examen.
Geen exacte woordenlijsten op examen, dus vooral begrijpen, niet letterlijk van buiten leren.
Epistasie
Betekenis Éne genenpaar kan fenotype vh andere genenpaar onderdrukken.
↪️Uiterlijk verschil tss twee dieren berust dus niet altijd op 1 genenpaar!
= complicatie bij overerving
Verschillende types epistasie (dominante, recessieve, …)
Voorbeeld(en)
Extra info Epistasis = doen stilstaan
Multipele allelen
Betekenis Door mutaties kunnen er meer genen ontstaan die dezelfde locus
bezetten (op populatieniveau)
↪️Echter, slechts 2 genen, daar er slechts 2 loci op de homologe
chromosomen zijn
↪️Wel verschillende genencombinaties (allelen) mogelijk
Multipele allelen of gen combinaties in meervoud
= complicatie bij overerving
Lichaamscel van diploïd organisme: 2 mogelijke allelen
In een populatie zijn meer dan 2 allelen mogelijk multipele allelen
Voorbeeld(en) Bv. bloedgroep
Incomplete dominantie (of intermediaire Merle-factor)
Betekenis Fokkerij - bepaalde hondenrassen: Merle-factor: (eigenschap die op M-locus ligt)
M: Merle factor is aanwezig (= wit)
m: Merle factor is afwezig
Verwachting: dominant vs. recessief verwachten
↪️Hier: intermediaire vorm incomplete dominantie
M is dominant: kruising mm & MM verwachting : witte hond,
MAAR = ‘blauw’
Blauw is intermediair tss zwart en wit
Typisch: 1:2:1
= complicatie bij overerving