BIJWERKINGEN
I. Bijwerkingen verwant aan het belangrijkste farmacologisch
effect
= bijwerkingen die inherent zijn aan het werkingsmechanisme
o Berusten op een overmaat aan het farmacodynamisch effect, berustend op het
werkingsmechanisme
o Zijn voorspelbaar en dosisafhankelijk
o Voorbeelden
Posturale hypotensie bij 1-blokkersblokkers
Bloeding bij anticoagulantia
Hypoglycemie bij antidiabetische middelen
Soms lijkt bijwerking niet verwand aan belangrijkste farmacologisch effect, maar
berust ze toch op hetzelfde mechanisme
o Voorbeeld
Maagbloeding door het koorts-blokkersen pijnwerend middel acetylsalicylzuur:
inhibitie van cyclo-blokkersoxygenase en verminderde synthese van
prostaglandines in de maag die de mucosa beschermen
In principe zijn deze bijwerkingen reversibel bij het verminderen van de dosis, maar
soms kunnen ze zeer ernstig zijn
o Voorbeelden
Intracerebrale bloeding bij anticoagulantia
Hypoglycemisch coma bij insuline
Uitzonderlijk zijn dit type bijwerkingen moeilijk reversibel
o Voorbeeld: tardieve dyskinesie door antipsychotica
II. Bijwerkingen niet verwant aan het belangrijkste
farmacologisch effect
1. Inleiding
Deze bijwerkingen
o Niet voorspelbaar
o Kunnen soms veroorzaakt zijn door metaboliet
o Kunnen zeldzaam zijn
Vóór het op de markt brengen, is geneesmiddel getest bij slechts 1000 à 2000
patiënten
Bijwerkingen soms pas gedetecteerd na jaren van gebruik
o Vb: eetlustremmers fenfluramine en dexfenfluramine pas na jaren uit handel
genomen wegens pulmonale hypertensie en hartklepaantasting
1
, Belang van de rapportering van bijwerkingen!
o In België via formulieren van “vertrouwelijke melding van vermoedelijke
bijwerking van geneesmiddelen”
o Formulieren ingediend bij Belgisch Centrum voor Geneesmiddelenbewaking
voor geneesmiddelen voor Humaan Gebruik
2. Allergische reacties
Meeste geneesmiddelen
o Klein moleculair gewicht niet immunogeen op zichzelf
o Worden immunogeen door binding met lichaamsproteïnen
Mechanisme:
o Humoraal
o Cellulair
Symptomatologie
o Meestal mild (vb: huiduitslag)
o Soms levensbedreigend
Vb: anafylactische shock met bronchospasme en hypotensie
Vb: aplastische anemie met aantasting van de 3 hematopoiëtische
cellijnen
Voorbeeld: penicillines met kruisallergie tussen de verschillende vertegenwoordigers
van de penicillinegroep
3. Idiosyncratische reacties
Idiosyncrasie = genetisch bepaalde, abnormale reactie tegenover een scheikundige
stof
2