= semiotische macht, (politiek) emanciperende kracht van media
= populaire cultuur kan mensen emanciperen
7. Postmodernisme Situering
= 1980s : containerbegrip
= Grondleggers : Lyotard, Baudrillard, Bauman, …
= Breuk met Marxisme, ideologie, …
Kenmerken
1. afzet modernisme + verlichtngswaarden
2. weggaan vh idee dat je alles kan samenvatten.
= anti-essentialisme
Mediatisering
= Hokjes denken die w weggegooid ( genre = hokje)
= Media=> Mixen van versch soorten genres
= Vervaging van gernes tss feit en fictie
Simularcra
= kopieën zonder origineel
= symbolen verwijzen niet meer naar realiteit
Hypermediatisering
1. Toenemende media-afhankelijkheid in plaats van
rechtstreekse observatie
2. ‘key definers”
=> Wat we te zien krijgen en hoe we het ervaren =>
bepaald door media
=> hyperrealiteit
H6 = Nieuwe tijden, media en
theorieën
6.1 inleiding
Gedertermoineerde media
= relatie tss individu en samenleving begrijpen
Wisselwerking tss media en bredere SL analyseren
= Sociale, politieke, economische, … aspecten van de samenleving
Nuance in plaats van…
= boom-denkers: utopische visie, radicale breuk en opgeheven oude tegenstellingen (“wereld van
morgen beter zal zijn”)
= doom-denkers: dystopische visie, geestdodend en beperking (grotere schaal)
,Bv) AI die eenzaamheid bij bejaarden kan detecteren
Evolutie VS revolutie
= hoe denkers zich positoneren tov de impact van ledia en tecnologie op de SL
- evolutie => nieuwe media inzetten in kapitamitische dynamiek
- revolutionaire discontinuiteit => “ de wereld van morgen”
6.2 media en communicatie tecnologie : een onderoekmatig
neimandsland
1. media en ICT
“Onderzoeksmatig niemandsland””
= Metafoor voor onderzoek naar media en comm. => uitspraken over de toekomstige impact over
media, kan enkel op basis van kennis van vndg de dag => zeer moeilijk
Burgelman => 4 axioma’s
1. Discrepantie technologische (KT) en maatschappelijke evolutie ( LT)
2. Theorie vs realiteit
Bv) “hele waslijst die moet gebeuren (theorie), maar het geburd nooit” (relaiteit)
3. Niet-technologische aspecten
= ook sociaal maatschapplijke component
4. Beperkte voorspelbaarheid
=> hangen af van de sociale context en machtuitoefeningen
6.3 diffusie van technologische innovaties
Diffusietheorie Everett Rogers (1962)
= “aanvaarding van innovatie sin een bep. genmeenschap proberen analyseren + verklaren”
=Innnovatie ( = een praktijk die of een object dat door een indib-vidu als nieuw w beschouwd)
= diffusie ( = hoe een innovatie w verspried via comm. Kanalen)
= adoptie ( = aanvaarden van situaties)
Normaal diffusieproces: de S-curve (p. 270)
= Take-off = als mensen het niet adopteren dan kan het z dat de media gwn verdwijnt
= Saturatie = meerderheid van de bevolking h het idee geadopteerd
kritische massa : bepaald of het aanvaard wordt (take-off)
kritiek : S-curve gaat alleen uit v slaging → is niet altijd zo
,3 aspecten van de adoptie in een sociale gemeenschap
1. Kenmerken van de populatie
5 Adopter categorieën:
o Innovators
o Mensen die elkaar aansteken en meteen mee zijn met elke mog. theorie (en het geld
voor hebben)
o Early adopters
o Influencers / pers die een impact hebben op andere personen. Als je deze mensen
mee hebt dan ben je vertokken met je technologie
o Early majority
o Doorbraak van een innovatie
o Late majority
o Mensen zijn bereid om technologie te aanvaarden maar hebben een duwtje nodig, ze
zijn tevreden met wat ze hebben en hebben eig niet de behoefte om te innoveren
=>bv. als ze een maand gratis Netflix ktijgen gaan ze het wel doen
o Laggards
o Ze hebben geen internet omdat ze er tegen zijn, Meestal oudere mensen die
tevereden zijn met krant, radio en tv
2. Kenmerken van de innovatie:
o Relatieve meerwaarde
o Tv = je kan geen meerwaarde er aan toekennen, maar je kan het bv vergekijken met
een video casette. Dan kan je zeggen dat het betere kwaliteit is
o Compatibiliteit
o Een match met behoeften id SL
=>bv) in corona met zoom, skype, …
o Complexiteit
o Hoe complex, moelijk, bruikbaar is de technologie,
=> bv) aple, ze gaan nadenken van hoe gaat de gebruiker er meer om, hoe kunnen
we het confort van de gerbuiken garanderen
o Testbaarheid
o Bv) je kan naar aple stores gaan en gratis testen
o Visibiliteit
o = Is het zichtbaar, hoorbaar voor de SL
, 2.1 in geval van ICT
o Reinvention
o Mate waarin innovatie door gebruiker gewijzigd of veranderd wordt ( andere behoeften
gebruikt dan voor wat ze initieel bedoeld z)
o Publiek zelf heeft een nieuwe fct toegekent aan een stukje innovatie die de producent zelf
als irrelavant beschouwde
o Kritische massa
o Als je kritische massa kan bereiken is dit positief voor je innnovatie
3.Fasen van het adoptieproces:
o Awareness
o Bewust zijn van innovatie
o Interest
o Dan kan je intersse tonenen
o Trial
o Dan kan je het proberen
o Decision
o Beslissing nemen
o Adoption (aanvaarding)
o Kan je het aanvaarden
Kritiek
• Lineair-mechanistische opvatting
• Wat met niet-geslaagde processen?
• Elitaire karakter
Algemeen:
= gevaar van technologisch determinisme
=> blindstaren op technologie zelf
Nuanceren = kan ook de inhoud zijn die een belangrijke rol speelt
6.4 . Mediumtechnologische benaderingen
6.4.1 De Toronto School
7. Mediumtechnologische theorie => media theorie
Mediumdeterministische theorieën
• Focus op dominante communicatie-technologie in bepaald tijdperk
• Maatschappelijke implicaties
• Determineerd
6.4.1.2 The medium is the message
Marshall McLuhan
= micro perspectief van de impact van media op het dagelijks leven van individuen
• Focus op rol media in dagelijkse leven van individuen
= populaire cultuur kan mensen emanciperen
7. Postmodernisme Situering
= 1980s : containerbegrip
= Grondleggers : Lyotard, Baudrillard, Bauman, …
= Breuk met Marxisme, ideologie, …
Kenmerken
1. afzet modernisme + verlichtngswaarden
2. weggaan vh idee dat je alles kan samenvatten.
= anti-essentialisme
Mediatisering
= Hokjes denken die w weggegooid ( genre = hokje)
= Media=> Mixen van versch soorten genres
= Vervaging van gernes tss feit en fictie
Simularcra
= kopieën zonder origineel
= symbolen verwijzen niet meer naar realiteit
Hypermediatisering
1. Toenemende media-afhankelijkheid in plaats van
rechtstreekse observatie
2. ‘key definers”
=> Wat we te zien krijgen en hoe we het ervaren =>
bepaald door media
=> hyperrealiteit
H6 = Nieuwe tijden, media en
theorieën
6.1 inleiding
Gedertermoineerde media
= relatie tss individu en samenleving begrijpen
Wisselwerking tss media en bredere SL analyseren
= Sociale, politieke, economische, … aspecten van de samenleving
Nuance in plaats van…
= boom-denkers: utopische visie, radicale breuk en opgeheven oude tegenstellingen (“wereld van
morgen beter zal zijn”)
= doom-denkers: dystopische visie, geestdodend en beperking (grotere schaal)
,Bv) AI die eenzaamheid bij bejaarden kan detecteren
Evolutie VS revolutie
= hoe denkers zich positoneren tov de impact van ledia en tecnologie op de SL
- evolutie => nieuwe media inzetten in kapitamitische dynamiek
- revolutionaire discontinuiteit => “ de wereld van morgen”
6.2 media en communicatie tecnologie : een onderoekmatig
neimandsland
1. media en ICT
“Onderzoeksmatig niemandsland””
= Metafoor voor onderzoek naar media en comm. => uitspraken over de toekomstige impact over
media, kan enkel op basis van kennis van vndg de dag => zeer moeilijk
Burgelman => 4 axioma’s
1. Discrepantie technologische (KT) en maatschappelijke evolutie ( LT)
2. Theorie vs realiteit
Bv) “hele waslijst die moet gebeuren (theorie), maar het geburd nooit” (relaiteit)
3. Niet-technologische aspecten
= ook sociaal maatschapplijke component
4. Beperkte voorspelbaarheid
=> hangen af van de sociale context en machtuitoefeningen
6.3 diffusie van technologische innovaties
Diffusietheorie Everett Rogers (1962)
= “aanvaarding van innovatie sin een bep. genmeenschap proberen analyseren + verklaren”
=Innnovatie ( = een praktijk die of een object dat door een indib-vidu als nieuw w beschouwd)
= diffusie ( = hoe een innovatie w verspried via comm. Kanalen)
= adoptie ( = aanvaarden van situaties)
Normaal diffusieproces: de S-curve (p. 270)
= Take-off = als mensen het niet adopteren dan kan het z dat de media gwn verdwijnt
= Saturatie = meerderheid van de bevolking h het idee geadopteerd
kritische massa : bepaald of het aanvaard wordt (take-off)
kritiek : S-curve gaat alleen uit v slaging → is niet altijd zo
,3 aspecten van de adoptie in een sociale gemeenschap
1. Kenmerken van de populatie
5 Adopter categorieën:
o Innovators
o Mensen die elkaar aansteken en meteen mee zijn met elke mog. theorie (en het geld
voor hebben)
o Early adopters
o Influencers / pers die een impact hebben op andere personen. Als je deze mensen
mee hebt dan ben je vertokken met je technologie
o Early majority
o Doorbraak van een innovatie
o Late majority
o Mensen zijn bereid om technologie te aanvaarden maar hebben een duwtje nodig, ze
zijn tevreden met wat ze hebben en hebben eig niet de behoefte om te innoveren
=>bv. als ze een maand gratis Netflix ktijgen gaan ze het wel doen
o Laggards
o Ze hebben geen internet omdat ze er tegen zijn, Meestal oudere mensen die
tevereden zijn met krant, radio en tv
2. Kenmerken van de innovatie:
o Relatieve meerwaarde
o Tv = je kan geen meerwaarde er aan toekennen, maar je kan het bv vergekijken met
een video casette. Dan kan je zeggen dat het betere kwaliteit is
o Compatibiliteit
o Een match met behoeften id SL
=>bv) in corona met zoom, skype, …
o Complexiteit
o Hoe complex, moelijk, bruikbaar is de technologie,
=> bv) aple, ze gaan nadenken van hoe gaat de gebruiker er meer om, hoe kunnen
we het confort van de gerbuiken garanderen
o Testbaarheid
o Bv) je kan naar aple stores gaan en gratis testen
o Visibiliteit
o = Is het zichtbaar, hoorbaar voor de SL
, 2.1 in geval van ICT
o Reinvention
o Mate waarin innovatie door gebruiker gewijzigd of veranderd wordt ( andere behoeften
gebruikt dan voor wat ze initieel bedoeld z)
o Publiek zelf heeft een nieuwe fct toegekent aan een stukje innovatie die de producent zelf
als irrelavant beschouwde
o Kritische massa
o Als je kritische massa kan bereiken is dit positief voor je innnovatie
3.Fasen van het adoptieproces:
o Awareness
o Bewust zijn van innovatie
o Interest
o Dan kan je intersse tonenen
o Trial
o Dan kan je het proberen
o Decision
o Beslissing nemen
o Adoption (aanvaarding)
o Kan je het aanvaarden
Kritiek
• Lineair-mechanistische opvatting
• Wat met niet-geslaagde processen?
• Elitaire karakter
Algemeen:
= gevaar van technologisch determinisme
=> blindstaren op technologie zelf
Nuanceren = kan ook de inhoud zijn die een belangrijke rol speelt
6.4 . Mediumtechnologische benaderingen
6.4.1 De Toronto School
7. Mediumtechnologische theorie => media theorie
Mediumdeterministische theorieën
• Focus op dominante communicatie-technologie in bepaald tijdperk
• Maatschappelijke implicaties
• Determineerd
6.4.1.2 The medium is the message
Marshall McLuhan
= micro perspectief van de impact van media op het dagelijks leven van individuen
• Focus op rol media in dagelijkse leven van individuen