Consumentengedrag
Hoofdstuk 1: Inleiding
Situering
In de marketing staat slechts 1 figuur centraal de consument
Probleem
!!! DE consument bestaat niet!!! iedereen heeft andere gedragingen
Uitspraak
Knowledge = power (gsm)
2 bedenkingen
- De consument laat zich niet makkelijk kennen (marktonderzoek)
o Ondanks primaire en secundaire informatie
- Vertekening onder leiding van zelfbeeld/eigen ervaring/…
o Gevaar voor
Subjectiviteit
Generalisering
o Een goede marketeer mag zijn eigen situatie niet generaliseren, hier schuilt het
gevaar subjectiviteit in
Evolutie in het consumentengedrag
/
Definitie
- Vroeger was consumentengedrag = kopersGEDRAG
- Tegenwoordig bekijkt men dit nu als een PROCES
o = de studie van de processen die individuen/groepen doorlopen als ze producten:
Kopen
Gebruiken
Er ervaring mee opdoen
Er weer afstand van doen
o Ter bevrediging van hun behoeften en wensen
- Nadruk ligt niet alleen op datgene dat zich afspeelt op moment van de aankoop, maar ook
de beïnvloedende factoren voor & na het koopproces (AFBEELDING ZIE VOLGENDE PAGINA)
1
,EVENTUEEL EXAMENVRAAG !!!!
je moet bespreken welke stappen men doorloopt en de stapjes toelichten
o bijvoorbeeld links (water)
aspecten voor de koop je denkt na waarom je het wilt kopen
je hebt dorst
je gaat dorst hebben
aspecten tijdens de koop kan te maken hebben met de prijs
wat is het goedkoopste
aspecten na de koop de ervaring erna
het was lekker
het was slecht
2
,Consumptieproces
3 fasen
- Behoeften vaststellen
- Aankoop doen
- Zich van het product ontdoen
3 potentiële partijen (= rollen roltheorie)
- Kopers (je bent niet altijd de gebruiker dan: bijvoorbeeld een cadeautje)
- Gebruikers
- Beïnvloeders
o Ouders
o Vrienden
o Derden (verkoper,…)
Voorbeeld
Sinterklaasgebeuren
- Kopers = ouders
- Gebruikers = kinderen
- Beïnvloeders = media, kinderen zelf,..
Uitdagingen voor de marketeer
Kern
- Hij moet de consument beter begrijpen dan de concurrentie
Tools
- Marktsegmentatie
- Relatiemarketing
- Databasemarketing
- Betekenis consumptie
- Consumentisme
- MVM (Maatschappelijk Verantwoorde Marketing)
Marktsegmentatie
- Wat? de markt opdelen in homogene blokken van consumenten (homogeen = allemaal
hetzelfde in 1 ‘blok’)
- Noodzakelijke vereisten
o Ze moeten allemaal gelijkaardige behoeften hebben
o De verschillen tussen de segmenten moet kunnen worden benoemd/omschreven
o De consumenten binnen het segment zijn de bereiken met een eigen/aangepaste
marketingmix (het spelen met de verschillende P’s)
o De consumenten binnen het segmenten moeten identiek reageren op de
marketingmix die voor hen ontworpen is
- Segmentatieverschillen
o Demografisch
3
, De producten veranderen naargelang de kenmerken van de bevolking
Leeftijd (bv: Lego)
Geslacht (bv: Nivea)
Gezinsstructuur (bv: de hoeveelheden die je in een winkel koopt)
Ras (fysiek) en etniciteit (=mentaal) (bv: voedingssector voor
Islamieten)
Inkomen (bv: autosector (VW heeft Polo & Porsche))
o Geografisch
De producten veranderen naargelang ‘waar’ men woont (bv: Fanta kan men
overal kopen, maar de kleuren veranderen van land tot land)
o Psychografisch
Heeft te maken met je levensstijl (bv: parfumsector)
Relatiemarketing
= de levenslange relatie tussen merken en klanten op basis van het commercieel succes
Databasemarketing
= het verzamelen van gegevens over koopgewoontes van consumenten met behulp van de computer
zodat producten en diensten op maar en in overeenstemming met de wensen/behoeften van de
consument gemaakt kunnen worden (bv: klantenkaarten in Colruyt, daardoor kunnen ze persoonlijke
kortingsbonnen sturen)
Betekenis consumptie
- Vroeger tegenover nu
o Vroeger: louter een handeling = functioneel
o Nu: het kopen van een product moet een betekenis hebben
Is de ervaring beleven bij het kopen van het product, de consument wil iets
beleven
- Soorten relaties met het product
o Aanvulling op zelfconcept, je zegt wie je bent (bv: kleding)
o Nostalgische gehechtheid
o Onderlinge afhankelijkheid er zijn in de marketing ‘routineproducten’, je koopt ze
uit gewoonte
o Liefde (bv: producten voor je hobby, dit zijn ook producten waarmee consumenten
zichzelf soms ‘pijn’ doen)
- 4 soorten consumentenactiviteiten
o Consumeren als ervaring (ervaring op zich bv: meisjes die een namiddag gaan
shoppen)
o Consumeren als integratie (‘ik’ uitdrukken bepaalde kleding dragen)
o Consumeren als classificatie (associëren met)
o Consumeren als spel (identiteit van groep uitdrukken)
Consumentisme
= het aankopen om het aankopen de enige drijfveer van de consument is het maximaal beschikken
van producten
4
Hoofdstuk 1: Inleiding
Situering
In de marketing staat slechts 1 figuur centraal de consument
Probleem
!!! DE consument bestaat niet!!! iedereen heeft andere gedragingen
Uitspraak
Knowledge = power (gsm)
2 bedenkingen
- De consument laat zich niet makkelijk kennen (marktonderzoek)
o Ondanks primaire en secundaire informatie
- Vertekening onder leiding van zelfbeeld/eigen ervaring/…
o Gevaar voor
Subjectiviteit
Generalisering
o Een goede marketeer mag zijn eigen situatie niet generaliseren, hier schuilt het
gevaar subjectiviteit in
Evolutie in het consumentengedrag
/
Definitie
- Vroeger was consumentengedrag = kopersGEDRAG
- Tegenwoordig bekijkt men dit nu als een PROCES
o = de studie van de processen die individuen/groepen doorlopen als ze producten:
Kopen
Gebruiken
Er ervaring mee opdoen
Er weer afstand van doen
o Ter bevrediging van hun behoeften en wensen
- Nadruk ligt niet alleen op datgene dat zich afspeelt op moment van de aankoop, maar ook
de beïnvloedende factoren voor & na het koopproces (AFBEELDING ZIE VOLGENDE PAGINA)
1
,EVENTUEEL EXAMENVRAAG !!!!
je moet bespreken welke stappen men doorloopt en de stapjes toelichten
o bijvoorbeeld links (water)
aspecten voor de koop je denkt na waarom je het wilt kopen
je hebt dorst
je gaat dorst hebben
aspecten tijdens de koop kan te maken hebben met de prijs
wat is het goedkoopste
aspecten na de koop de ervaring erna
het was lekker
het was slecht
2
,Consumptieproces
3 fasen
- Behoeften vaststellen
- Aankoop doen
- Zich van het product ontdoen
3 potentiële partijen (= rollen roltheorie)
- Kopers (je bent niet altijd de gebruiker dan: bijvoorbeeld een cadeautje)
- Gebruikers
- Beïnvloeders
o Ouders
o Vrienden
o Derden (verkoper,…)
Voorbeeld
Sinterklaasgebeuren
- Kopers = ouders
- Gebruikers = kinderen
- Beïnvloeders = media, kinderen zelf,..
Uitdagingen voor de marketeer
Kern
- Hij moet de consument beter begrijpen dan de concurrentie
Tools
- Marktsegmentatie
- Relatiemarketing
- Databasemarketing
- Betekenis consumptie
- Consumentisme
- MVM (Maatschappelijk Verantwoorde Marketing)
Marktsegmentatie
- Wat? de markt opdelen in homogene blokken van consumenten (homogeen = allemaal
hetzelfde in 1 ‘blok’)
- Noodzakelijke vereisten
o Ze moeten allemaal gelijkaardige behoeften hebben
o De verschillen tussen de segmenten moet kunnen worden benoemd/omschreven
o De consumenten binnen het segment zijn de bereiken met een eigen/aangepaste
marketingmix (het spelen met de verschillende P’s)
o De consumenten binnen het segmenten moeten identiek reageren op de
marketingmix die voor hen ontworpen is
- Segmentatieverschillen
o Demografisch
3
, De producten veranderen naargelang de kenmerken van de bevolking
Leeftijd (bv: Lego)
Geslacht (bv: Nivea)
Gezinsstructuur (bv: de hoeveelheden die je in een winkel koopt)
Ras (fysiek) en etniciteit (=mentaal) (bv: voedingssector voor
Islamieten)
Inkomen (bv: autosector (VW heeft Polo & Porsche))
o Geografisch
De producten veranderen naargelang ‘waar’ men woont (bv: Fanta kan men
overal kopen, maar de kleuren veranderen van land tot land)
o Psychografisch
Heeft te maken met je levensstijl (bv: parfumsector)
Relatiemarketing
= de levenslange relatie tussen merken en klanten op basis van het commercieel succes
Databasemarketing
= het verzamelen van gegevens over koopgewoontes van consumenten met behulp van de computer
zodat producten en diensten op maar en in overeenstemming met de wensen/behoeften van de
consument gemaakt kunnen worden (bv: klantenkaarten in Colruyt, daardoor kunnen ze persoonlijke
kortingsbonnen sturen)
Betekenis consumptie
- Vroeger tegenover nu
o Vroeger: louter een handeling = functioneel
o Nu: het kopen van een product moet een betekenis hebben
Is de ervaring beleven bij het kopen van het product, de consument wil iets
beleven
- Soorten relaties met het product
o Aanvulling op zelfconcept, je zegt wie je bent (bv: kleding)
o Nostalgische gehechtheid
o Onderlinge afhankelijkheid er zijn in de marketing ‘routineproducten’, je koopt ze
uit gewoonte
o Liefde (bv: producten voor je hobby, dit zijn ook producten waarmee consumenten
zichzelf soms ‘pijn’ doen)
- 4 soorten consumentenactiviteiten
o Consumeren als ervaring (ervaring op zich bv: meisjes die een namiddag gaan
shoppen)
o Consumeren als integratie (‘ik’ uitdrukken bepaalde kleding dragen)
o Consumeren als classificatie (associëren met)
o Consumeren als spel (identiteit van groep uitdrukken)
Consumentisme
= het aankopen om het aankopen de enige drijfveer van de consument is het maximaal beschikken
van producten
4