Contractsluiting
Contract=aanbod + aanvaarding
Wederzijdse instemming die vereist is voor het totstandkomen van een overeenkomst. Een
partij doet een aanbod ,aan welke voorwaarden. Stemt de andere partij daarmee in, dan is dit
de aanvaarding, waardoor een contract tot stand komt.
Aanbod
Een aanbod is een eenzijdige wilsuiting, waarbij een persoon toont dat hij een overeenkomst
wil sluiten. 1) De aanbieder moet de bedoeling hebben in geval van aanvaarding gebonden te
zijn door de overeenkomst
Verschil met vrijblijvend voorstel (onderhandelen). Aanbod is bindend!
2) het aanbod moet voldoende precies zijn (het moet alle substantiële en essentiële elementen
van de overeenkomst bevatten – een ‘volledig’ voorstel). Is deze wil om gebonden te zijn er
niet of ontbreken essentiële of substantiële elementen dan is er geen sprake van een aanbod
maar slechts van een voorstel. Met essentiële elementen bedoelt men de elementen die er
noodzakelijkerwijze moeten zijn opdat de overeenkomst zou kunnen tot stand komen (bv. de
prijs bij een koopcontract). Substantiële elementen zijn deze elementen die objectief gezien
weliswaar niet verhinderen dat de overeenkomst tot stand komt.
Slechts indien aanbod en aanvaarding volledig met elkaar overeenstemmen is er sprake
van wilsovereenstemming en dus van een contract.
Contractenrecht: basisbeginselen
1. Contractvrijheid:
Steeds meer beperkingen: (1): contractweigering is mogelijk
(2)waarover: Zwakkere partij wordt beschermd (toename
dwingend recht)
(BV: woning huren: huurder mag vroeger weggaan= opzegmogelijkheid, Als
verhuurder in het contract schrijft dat er geen opzegmogelijkheid is, geldt dit
contract niet.)
(3)met wie: Antidiscriminatie wetgeving
(bv: je mag niet zomaar iemand afwijzen voor solicitatie)
2. Wanneer een overeenkomst gesloten is zijn er bepaalde afspraken die men moet
uitvoeren (art. 1134, eerste lid BW). Je kan deze niet zomaar wijzigen, Verbindende
kracht. TENZIJ ze in strijdt zijn met de openbare orde of 2de kans (openbare orde en
1244, lid 2 BW). (BV: aannemer is 10 jaar verantwoordelijk voor gebouw. Het gebouw
heeft problemen. Maar in contract staat dat hij niet verantwoordelijk is in strijd
met openbare orde (veiligheid))
(BV2: Schuldenaar kan schuld niet afbetalen: 2de kans nl. Afbetalingsplan met
eventuele dwangsom)
Mogelijk wel bedenktijd voor de consument bij koop en dienstverlening tov
onderneming (BV: online transacties)
3. Consensualisme: geen vormvereisten voor geldigheid, wel voor bewijs bestaat het
contract?
Contract=aanbod + aanvaarding
Wederzijdse instemming die vereist is voor het totstandkomen van een overeenkomst. Een
partij doet een aanbod ,aan welke voorwaarden. Stemt de andere partij daarmee in, dan is dit
de aanvaarding, waardoor een contract tot stand komt.
Aanbod
Een aanbod is een eenzijdige wilsuiting, waarbij een persoon toont dat hij een overeenkomst
wil sluiten. 1) De aanbieder moet de bedoeling hebben in geval van aanvaarding gebonden te
zijn door de overeenkomst
Verschil met vrijblijvend voorstel (onderhandelen). Aanbod is bindend!
2) het aanbod moet voldoende precies zijn (het moet alle substantiële en essentiële elementen
van de overeenkomst bevatten – een ‘volledig’ voorstel). Is deze wil om gebonden te zijn er
niet of ontbreken essentiële of substantiële elementen dan is er geen sprake van een aanbod
maar slechts van een voorstel. Met essentiële elementen bedoelt men de elementen die er
noodzakelijkerwijze moeten zijn opdat de overeenkomst zou kunnen tot stand komen (bv. de
prijs bij een koopcontract). Substantiële elementen zijn deze elementen die objectief gezien
weliswaar niet verhinderen dat de overeenkomst tot stand komt.
Slechts indien aanbod en aanvaarding volledig met elkaar overeenstemmen is er sprake
van wilsovereenstemming en dus van een contract.
Contractenrecht: basisbeginselen
1. Contractvrijheid:
Steeds meer beperkingen: (1): contractweigering is mogelijk
(2)waarover: Zwakkere partij wordt beschermd (toename
dwingend recht)
(BV: woning huren: huurder mag vroeger weggaan= opzegmogelijkheid, Als
verhuurder in het contract schrijft dat er geen opzegmogelijkheid is, geldt dit
contract niet.)
(3)met wie: Antidiscriminatie wetgeving
(bv: je mag niet zomaar iemand afwijzen voor solicitatie)
2. Wanneer een overeenkomst gesloten is zijn er bepaalde afspraken die men moet
uitvoeren (art. 1134, eerste lid BW). Je kan deze niet zomaar wijzigen, Verbindende
kracht. TENZIJ ze in strijdt zijn met de openbare orde of 2de kans (openbare orde en
1244, lid 2 BW). (BV: aannemer is 10 jaar verantwoordelijk voor gebouw. Het gebouw
heeft problemen. Maar in contract staat dat hij niet verantwoordelijk is in strijd
met openbare orde (veiligheid))
(BV2: Schuldenaar kan schuld niet afbetalen: 2de kans nl. Afbetalingsplan met
eventuele dwangsom)
Mogelijk wel bedenktijd voor de consument bij koop en dienstverlening tov
onderneming (BV: online transacties)
3. Consensualisme: geen vormvereisten voor geldigheid, wel voor bewijs bestaat het
contract?