Welvaart, ongelijkheid en armoede: Hoofdstuk 9
Hoofdstuk 9: Fluctuaties in de economische groei
1.Conjunctuurbewegingen
Conjunctuur of fluctuatie: De verandering van het groeipercentage van de
economie of de productie op korte termijn.
Hoogconjunctuur: Groei >1,9%
Laagconjunctuur: Groei <1,9%
Kenmerken conjunctuurbeweging:
- Algemene cyclus
- Periodiciteit: Regelmatige terugkeer van bepaald verschijnsel.
- Expansie: Uitbreiding, vergroting, uitzetting, … (=hoogconjunctuur)
- Contractie: (= laagconjunctuur)
- Oververhitting en afkoeling
- Recessie: 2 kwartalen na elkaar een negatieve groeivoet.
- Conjugeren: = samenvoegen, ook andere indicatoren
1.1Verklaringen voor de conjunctuurbewegingen
1.1.1 Exogene en endogene verklaringen
Exogeen: Niet economische verschijnselen.
Bv. Coronacrisis, oorlogen, uitbreiding EU, invoering Euro, …
Endogeen: Economische argumenten.
- Vraag finale goederen < Aanbod: Leidt tot onderbezetting
productieapparaat en geeft een verzwakking van de economische
activiteit.
Vraagschok: Globale vraag verschuift naar links.
- Vraag > Aanbod: Leidt tot oververhitting en inflatie.
Vraagschok: Globale vraag verschuift naar rechts.
, Welvaart, ongelijkheid en armoede: Hoofdstuk 9
1.1.2 Het belang van veranderingen in de globale vraag
Wijziging in uitgaven van consumptie en/ of investeringen
Hoeveelheidseffect: BBP stijgt
-> Prijseffect: Inflatie
Privéconsumptie (gezinnen):
- Wijziging voorkeuren - Reële beschikbare inkomens
- Verwachtingen i.v.m. toekomst - Beurs en huizenmarkt
- Veranderingen interest op consumptiekredieten
Overheidsbestedingen:
- Stijging/daling van overheidsconsumptie en overheidsinvesteringen,
beïnvloeden de economische activiteit.
Uitvoer:
- Sterke of zwakke uitvoer van finale goederen naar buitenland
- België heeft zeer open economie
Investeringen door bedrijven en gezinnen:
- Bedrijfsinvesteringen afhankelijk van winstverwachting en i-voet
- Woningbouw wordt beïnvloed door inkomen, prijzen, hypothecaire lening,
…
Verklaring: Multiplicator en acceleratormechanisme
Multiplicator: Bij toenemende vraag eerst onbenutte productiecapaciteit en
arbeidsreserve gebruiken.
Accelerator: Indien productiegrens bereikt wordt, uitbreiding van
kapitaalgoederen.
1.2 Conjunctuurbeleid Nationale overheden beslissen
Voeren een anticyclisch beleid: Budgettair en/of monetair beleid
ECB beslist
Hoofdstuk 9: Fluctuaties in de economische groei
1.Conjunctuurbewegingen
Conjunctuur of fluctuatie: De verandering van het groeipercentage van de
economie of de productie op korte termijn.
Hoogconjunctuur: Groei >1,9%
Laagconjunctuur: Groei <1,9%
Kenmerken conjunctuurbeweging:
- Algemene cyclus
- Periodiciteit: Regelmatige terugkeer van bepaald verschijnsel.
- Expansie: Uitbreiding, vergroting, uitzetting, … (=hoogconjunctuur)
- Contractie: (= laagconjunctuur)
- Oververhitting en afkoeling
- Recessie: 2 kwartalen na elkaar een negatieve groeivoet.
- Conjugeren: = samenvoegen, ook andere indicatoren
1.1Verklaringen voor de conjunctuurbewegingen
1.1.1 Exogene en endogene verklaringen
Exogeen: Niet economische verschijnselen.
Bv. Coronacrisis, oorlogen, uitbreiding EU, invoering Euro, …
Endogeen: Economische argumenten.
- Vraag finale goederen < Aanbod: Leidt tot onderbezetting
productieapparaat en geeft een verzwakking van de economische
activiteit.
Vraagschok: Globale vraag verschuift naar links.
- Vraag > Aanbod: Leidt tot oververhitting en inflatie.
Vraagschok: Globale vraag verschuift naar rechts.
, Welvaart, ongelijkheid en armoede: Hoofdstuk 9
1.1.2 Het belang van veranderingen in de globale vraag
Wijziging in uitgaven van consumptie en/ of investeringen
Hoeveelheidseffect: BBP stijgt
-> Prijseffect: Inflatie
Privéconsumptie (gezinnen):
- Wijziging voorkeuren - Reële beschikbare inkomens
- Verwachtingen i.v.m. toekomst - Beurs en huizenmarkt
- Veranderingen interest op consumptiekredieten
Overheidsbestedingen:
- Stijging/daling van overheidsconsumptie en overheidsinvesteringen,
beïnvloeden de economische activiteit.
Uitvoer:
- Sterke of zwakke uitvoer van finale goederen naar buitenland
- België heeft zeer open economie
Investeringen door bedrijven en gezinnen:
- Bedrijfsinvesteringen afhankelijk van winstverwachting en i-voet
- Woningbouw wordt beïnvloed door inkomen, prijzen, hypothecaire lening,
…
Verklaring: Multiplicator en acceleratormechanisme
Multiplicator: Bij toenemende vraag eerst onbenutte productiecapaciteit en
arbeidsreserve gebruiken.
Accelerator: Indien productiegrens bereikt wordt, uitbreiding van
kapitaalgoederen.
1.2 Conjunctuurbeleid Nationale overheden beslissen
Voeren een anticyclisch beleid: Budgettair en/of monetair beleid
ECB beslist