Mensen verstaan 1
H1: geest, gedrag en wetenschap
Wat is psychologie en wat is het niet?
Psychologie = de wetenschap van gedrag en geestelijke processen (mentale activiteiten)
Gebaseerd op objectieve,
verifieerbare gebeurtenissen
(feiten) Interne: enkel indirect Externe: waarneembare
waarneembaar gedragingen
Psychiatrie: medisch specialisme + gespecialiseerde opleiding in behandeling van geestelijke en
gedragsmatige problemen – geneesmiddelen voorschrijven – medische invalshoek (geestelijke ziekte
of stoornis zoals bv schizofrenie) – psychiater is een arts; psycholoog niet
Pseudopsychologie = niet-onderbouwde psychologische aannamen dia als wetenschappelijke
waarheden worden gepresenteerd
6 richtvragen om te bepalen of iets over wetenschap gaat:
- Wat/ wie is de bron?
- Is de bewering redelijk of extreem?
- Wat is het bewijsmateriaal?
- Kan de conclusie door een vervorming zijn beïnvloed?
4 Emotionele bias = laten lijden door emoties i.p.v. verstand
4 Selectieve waarneming = alles wat je aanname, veronderstelling bevestigd opnemen en de
andere argumentatie niet
- Worden veel voorkomende denkfouten vermeden?
- Zijn er voor het probleem verschillende invalshoeken nodig?
Wat zijn de 6 belangrijkste perspectieven van de psychologie?
6 belangrijke perspectieven domineren het snel veranderende veld van de moderne psychologie; al
deze perspectieven zijn voortgekomen uit radicaal nieuwe ideeën over geest en gedrag
Modern biologisch perspectief
Scheiding van lichaam en geest – Descartes (17e)
Focus op rationalisme: het denken is het enige middel om aan wetenschap en filosofie te doen
Veel kritiek hierop vanuit het empirisme waar ze focusten op waarnemingen
Vormt basis voor biologisch perspectief: alle gedrag is in oorsprong biologisch
Geest = product van de hersenen, oorzaken van gedrag in zenuwstelsel, hormonen en genen
2 varianten:
Neurowetenschap: focus op processen in de hersenen
Vb. Hersenscan
Evolutionaire psychologie: focus op genetica en invloed van omgeving hierop
(Darwin: natuurlijke selectie) -> wat je in aanleg hebt
Vb. Sociaal zijn
,Begin wetenschappelijke psychologie
Grondlegger: Wundt (cognitief perspectief)
Zoektocht naar de ‘elementen van het bewustzijn’
1e wetenschappelijke experimenten in 1 e psychologisch labo
Methode introspectie – kritiek: te subjectief
Getrainde vrijwilligers hun sensorische en emotionele
reacties op verschillende prikkels laten beschrijven
Titchener: structuralisme (de meest elementaire structuren van de geest aan het licht brengen)
Gestaltpsychologie: nadruk op ‘perceptuele gehelen’ i.p.v. delen (het geheel is meer dan een som
van delen)
James: functionalisme = richten op de functie van het bewustzijn en niet alleen op de structuur ervan
Inspiratie bij Darwin
Hoe past de mens zich aan?
1e toegepaste psychologie
Zwakke plek: introspectieve methode subjectief -> niet wetenschappelijk
Moderne cognitieve perspectief
Nadruk op cognitie (= geestelijke activiteit zoals de gewaarwording, de perceptie, het leren,
het denken en het geheugen)
Computer als metafoor voor de geest
Informatieverwerking (alle denken)
Objectievere methoden
Vb. Brain imaging-technieken
Behavioristisch perspectief
Watson: wetenschap van het gedrag en omstandigheden in de omgeving die dit gedrag
beïnvloeden
Skinner: oorzaak van gedrag ligt in de omgeving
Omgeving + waarneembaar gedrag staan centraal
Stimulus – Respons (alles wat hiertussen zit is de ‘black box’ en word genegeerd)
Verdienste:
Invloed van omgeving op leren (consequenties van gedrag)
Strategieën om gedrag te wijzigen door omgeving te veranderen
,Perspectieven vanuit de gehele persoon
Psychodynamische psychologie: het onbewuste bepaalt ons gedrag
4 Psyche, vooral het onbewuste, is bron van energie voor persoonlijkheid, motiveert
ons
4 Psychoanalyse – Freud (droomanalyse – vrije associatie)
4 Kritiek: niet toetsbaar (vertrok vanuit zijn cliënten; psychisch ongezonde mensen)
Humanistische psychologie en positieve psychologie
4 Tegen determinisme (je wordt bepaald door elementen zoals omgeving) van
psychoanalyse en behaviorisme
4 Nieuwe, positieve weg: groei, mogelijkheden, vrije wil = mogelijkheid tot
zelfrealisatie
4 Rogers (empathie en onvoorwaardelijke acceptatie) – Maslow (behoeftepiramide)
4 Grondhoudingen hulpverleners
4 Positieve psychologie: bijdragen van geluk en welzijn
Psychologie van karaktertrekken en temperament
4 Verschillen tussen mensen door verschillen in karaktertrekken en temperamenten
(persoonlijkheidstest)
4 Consistent in de tijd en in verschillende situaties
Ontwikkelingsperspectief: nature vs nurture
Psychologische verandering is resultaat van interactie tussen erfelijke eigenschappen die in onze
genen zijn vastgelegd en invloed van omgeving
Zelfbepaling = we kunnen kiezen om te ontwikkelen op bepaalde vlakken
Nurture = behaviorisme
Nature = biologische
Door de gemeenschappelijkheden op te volgen creëer je een curve waardoor je de ontwikkeling
kan zien
Socioculturele perspectief: individu in context
Belangrijke rol voor sociale invloed
Nieuwe aandacht voor rol van cultuur: crossculturele psychologie
Kracht van de situatie
Conclusie: 6 perspectieven -> holistisch beeld (we hebben al deze perspectieve nodig om een visie te
krijgen op de mens)
,
H1: geest, gedrag en wetenschap
Wat is psychologie en wat is het niet?
Psychologie = de wetenschap van gedrag en geestelijke processen (mentale activiteiten)
Gebaseerd op objectieve,
verifieerbare gebeurtenissen
(feiten) Interne: enkel indirect Externe: waarneembare
waarneembaar gedragingen
Psychiatrie: medisch specialisme + gespecialiseerde opleiding in behandeling van geestelijke en
gedragsmatige problemen – geneesmiddelen voorschrijven – medische invalshoek (geestelijke ziekte
of stoornis zoals bv schizofrenie) – psychiater is een arts; psycholoog niet
Pseudopsychologie = niet-onderbouwde psychologische aannamen dia als wetenschappelijke
waarheden worden gepresenteerd
6 richtvragen om te bepalen of iets over wetenschap gaat:
- Wat/ wie is de bron?
- Is de bewering redelijk of extreem?
- Wat is het bewijsmateriaal?
- Kan de conclusie door een vervorming zijn beïnvloed?
4 Emotionele bias = laten lijden door emoties i.p.v. verstand
4 Selectieve waarneming = alles wat je aanname, veronderstelling bevestigd opnemen en de
andere argumentatie niet
- Worden veel voorkomende denkfouten vermeden?
- Zijn er voor het probleem verschillende invalshoeken nodig?
Wat zijn de 6 belangrijkste perspectieven van de psychologie?
6 belangrijke perspectieven domineren het snel veranderende veld van de moderne psychologie; al
deze perspectieven zijn voortgekomen uit radicaal nieuwe ideeën over geest en gedrag
Modern biologisch perspectief
Scheiding van lichaam en geest – Descartes (17e)
Focus op rationalisme: het denken is het enige middel om aan wetenschap en filosofie te doen
Veel kritiek hierop vanuit het empirisme waar ze focusten op waarnemingen
Vormt basis voor biologisch perspectief: alle gedrag is in oorsprong biologisch
Geest = product van de hersenen, oorzaken van gedrag in zenuwstelsel, hormonen en genen
2 varianten:
Neurowetenschap: focus op processen in de hersenen
Vb. Hersenscan
Evolutionaire psychologie: focus op genetica en invloed van omgeving hierop
(Darwin: natuurlijke selectie) -> wat je in aanleg hebt
Vb. Sociaal zijn
,Begin wetenschappelijke psychologie
Grondlegger: Wundt (cognitief perspectief)
Zoektocht naar de ‘elementen van het bewustzijn’
1e wetenschappelijke experimenten in 1 e psychologisch labo
Methode introspectie – kritiek: te subjectief
Getrainde vrijwilligers hun sensorische en emotionele
reacties op verschillende prikkels laten beschrijven
Titchener: structuralisme (de meest elementaire structuren van de geest aan het licht brengen)
Gestaltpsychologie: nadruk op ‘perceptuele gehelen’ i.p.v. delen (het geheel is meer dan een som
van delen)
James: functionalisme = richten op de functie van het bewustzijn en niet alleen op de structuur ervan
Inspiratie bij Darwin
Hoe past de mens zich aan?
1e toegepaste psychologie
Zwakke plek: introspectieve methode subjectief -> niet wetenschappelijk
Moderne cognitieve perspectief
Nadruk op cognitie (= geestelijke activiteit zoals de gewaarwording, de perceptie, het leren,
het denken en het geheugen)
Computer als metafoor voor de geest
Informatieverwerking (alle denken)
Objectievere methoden
Vb. Brain imaging-technieken
Behavioristisch perspectief
Watson: wetenschap van het gedrag en omstandigheden in de omgeving die dit gedrag
beïnvloeden
Skinner: oorzaak van gedrag ligt in de omgeving
Omgeving + waarneembaar gedrag staan centraal
Stimulus – Respons (alles wat hiertussen zit is de ‘black box’ en word genegeerd)
Verdienste:
Invloed van omgeving op leren (consequenties van gedrag)
Strategieën om gedrag te wijzigen door omgeving te veranderen
,Perspectieven vanuit de gehele persoon
Psychodynamische psychologie: het onbewuste bepaalt ons gedrag
4 Psyche, vooral het onbewuste, is bron van energie voor persoonlijkheid, motiveert
ons
4 Psychoanalyse – Freud (droomanalyse – vrije associatie)
4 Kritiek: niet toetsbaar (vertrok vanuit zijn cliënten; psychisch ongezonde mensen)
Humanistische psychologie en positieve psychologie
4 Tegen determinisme (je wordt bepaald door elementen zoals omgeving) van
psychoanalyse en behaviorisme
4 Nieuwe, positieve weg: groei, mogelijkheden, vrije wil = mogelijkheid tot
zelfrealisatie
4 Rogers (empathie en onvoorwaardelijke acceptatie) – Maslow (behoeftepiramide)
4 Grondhoudingen hulpverleners
4 Positieve psychologie: bijdragen van geluk en welzijn
Psychologie van karaktertrekken en temperament
4 Verschillen tussen mensen door verschillen in karaktertrekken en temperamenten
(persoonlijkheidstest)
4 Consistent in de tijd en in verschillende situaties
Ontwikkelingsperspectief: nature vs nurture
Psychologische verandering is resultaat van interactie tussen erfelijke eigenschappen die in onze
genen zijn vastgelegd en invloed van omgeving
Zelfbepaling = we kunnen kiezen om te ontwikkelen op bepaalde vlakken
Nurture = behaviorisme
Nature = biologische
Door de gemeenschappelijkheden op te volgen creëer je een curve waardoor je de ontwikkeling
kan zien
Socioculturele perspectief: individu in context
Belangrijke rol voor sociale invloed
Nieuwe aandacht voor rol van cultuur: crossculturele psychologie
Kracht van de situatie
Conclusie: 6 perspectieven -> holistisch beeld (we hebben al deze perspectieve nodig om een visie te
krijgen op de mens)
,