Rédigé par des étudiants ayant réussi Disponible immédiatement après paiement Lire en ligne ou en PDF Mauvais document ? Échangez-le gratuitement 4,6 TrustPilot
logo-home
Document preview thumbnail
Aperçu 2 sur 5 pages
Autre

begrippenlijst sociale psychologie

Document preview thumbnail
Aperçu 2 sur 5 pages

begrippenlijst sociale psychologie

Aperçu du contenu

Deel 1. Sociale waarneming.

Cognitieve schema’s: Innerlijke structuren over de wijze waarop bepaalde zaken/
gebeurtenissen samen hangen.

Attributie: Toeschrijven van een oorzaak aan gedrag/ iemand.

Spontane attributie: Automatisch, activeert eigenschap.

Intentionele attributie: Bewust, eigenschap toe aan persoon.

Impliciete persoonlijkheidstheorieën: Netwerken van assumpties
(veronderstellingen) over relaties tussen trekken en gedragingen. Als men beseft
of waarneemt dat iemand een specifieke trek heeft, verwacht men bij die
persoon ook andere, min of meer verwante trekken te vinden.

Halo-effect: Bepaalde positieve kenmerken hierdoor positief verder invullen

Primacy effect: De bevinding dat informatie die het eerst in een reeks voorkomt,
een grotere impact heeft op onze indruk dan later gepresenteerde informatie.

Recency-effect: Laatste informatie gaat oordeel bepalen.

Gelijk-aan-mij-effect: Mensen die kwaliteiten of eigenschappen hebben die we
ook aan onszelf toeschrijven, worden als positiever gezien dan mensen die
verschillen.

Projectie: Alle fenomenen waar we eigenschappen, gedrag, emoties van onszelf
lezen in ander.

Zelfvervullende voorspelling: Het is het proces waarbij de verwachtingen van een
persoon hem of haar ertoe brengen zich volgens die verwachtingen te gedragen.

Empathie: Kunnen verplaatsen situatie, gevoelens, gedachten van anderen.



Deel 2. Groepsperceptie.

Sociale categorisering: Mensen vinden handig om veelheid informatie te delen in
overzichtelijke categorieën.

Assimilatie: Bepaalde categorie horen, geneigd verschillen verkleinen dus weinig
verschil ertussen.

Contrast: Verschil andere categorieën uitvergroten.

Multi-collectiviteit :Elke mens maakt deel uit van verschillen groepen met elke
eigen cultuur.

Ingroup: Groepen waartoe je behoort.

Outgroup: Groepen waartoe je niet behoort.

Outgroup-homogeniteitseffect: Mensen van out-group lijken meer op elkaar dan
in-group.

, Stereotypering: Aan een groep mensen, een verzameling stabiele simplistische
overgeneraliserende kenmerken toeschrijven.

Discriminatie: Een kenmerk van iemand wordt tegen die persoon gebruikt in een
situatie waar dat kenmerk van geen belang zou mogen zijn.

Privilege: Een kenmerk van iemand wordt positief gebruikt in een situatie terwijl
dat kenmerk hier ook niet van belang zou mogen zijn. Privilege is vaak
onzichtbaar voor wie het heeft.



Deel 3. Collectieve processen: Hoe de aanwezigheid van anderen ons
gedrag beïnvloedt.

Sociale facilitatie: Het proces waarbij de aanwezigheid van anderen het uitvoeren
van eenvoudige taken bevordert, maar hinderlijk is voor de prestaties op
moeilijke taken.

De zajonc-oplossing: Aanwezigheid van een andere persoon
of een lid van dezelfde soort



Verhoogd arousal




Versterkte dominante respons



Eenvoudige taak Moeilijke taak




Correcte respons: Incorrecte respons:
Verbetering van de prestaties Belemmering van de prestatie




Verwachte evaluatietheorie:
Processen optreden wanneer toeschouwers evalueren.

Social loafing: De neiging van mensen om slechter te presteren bij eenvoudige
taken, maar beter bij complexe taken als ze in aanwezigheid van anderen zijn en
als hun individuele prestaties niet kunnen worden beoordeeld.

Deïndividuatie: Het vervagen van normale grenzen wanneer mensen zich in een
menigte bevinden, wat leidt tot een toename van impulsief en afwijkend gedrag.



Deel 4. Attitudes.

Attitude: Verschillen van intensiteit en stabiliteit en mate van gedrag sturen.

Klassieke conditionering: : Neutrale prikkel geassocieerde wordt met geladen
prikkel waardoor neutrale prikkel dezelfde lading krijgt.

Operante conditionering: Relatie tussen gedrag en beloning of straf als gevolg
van gedrag.

Gewenning: Intensiteit van een prikkel vermindert naarmate we er meer mee in
contact komen.

Verklaring Ajzen:

- Persoonlijke attitudes (a), groepsnormen (b) en gepercipieerde controle over je
gedrag (c).

Infos sur le Document

Publié le
21 octobre 2022
Nombre de pages
5
Écrit en
2022/2023
Type
Autre
Personne
Inconnu
€5,99

Mauvais document ? Échangez-le gratuitement Dans les 14 jours suivant votre achat et avant le téléchargement, vous pouvez choisir un autre document. Vous pouvez simplement dépenser le montant à nouveau.
Rédigé par des étudiants ayant réussi
Disponible immédiatement après paiement
Lire en ligne ou en PDF

Vendu
8
Abonnés
4
Éléments
18
Dernière vente
2 année de cela



Pourquoi les étudiants choisissent Stuvia

Créé par d'autres étudiants, vérifié par les avis

Une qualité sur laquelle compter : rédigé par des étudiants qui ont réussi et évalué par d'autres qui ont utilisé ce document.

Le document ne convient pas ? Choisis un autre document

Aucun souci ! Tu peux sélectionner directement un autre document qui correspond mieux à ce que tu cherches.

Paye comme tu veux, apprends aussitôt

Aucun abonnement, aucun engagement. Paye selon tes habitudes par carte de crédit et télécharge ton document PDF instantanément.

Student with book image

“Acheté, téléchargé et réussi. C'est aussi simple que ça.”

Alisha Student

Foire aux questions