2 Beschrijving van beweging: Kinematica in één dimensie
2.1 Referentiestelsels en verplaatsing
Elke meting van plaats, afstand of snelheid moet worden uitgevoerd t.o.v. een referentiestelsel.
Voorbeeld:
Je zit in een trein die met 80 km/h rijdt en, iemand loopt langs jou naar de voorkant van de trein met
een snelheid van 5 km/h t.o.v. de trein. T.o.v. de grond heeft die persoon een snelheid van 85 km/h
verplaatsing en afgelegde weg
Verplaatsing (blauwe lijn) is de afstand t.o.v. het beginpunt.
Afgelegde weg (stippellijn) wordt gemeten langs de effectief gevolgde pad.
Verplaatsing:
, 2.2 gemiddelde snelheid
De gemiddelde (vectoriële) snelheid kan negatief zijn. Dat betekent dat het voorwerp zich beweegt in
de zin die tegengesteld is aan de zin van de x-as.
Voorbeeld
De plaats van een loper als een functie van de tijd wordt uitgezet als beweging langs de x-as van een
coördinatenstelsel. Tijdens een 3,00 s tijdsinterval, verandert de plaats van de loper van x1= 50,0 m
tot x2 = 30,5 m, zoals wordt weergegeven. Wat is de gemiddelde snelheid?
→ De gemiddelde (vectoriële) snelheid van de hardloper is 6,50 m/s naar links
Voorbeeld 2
Welke afstand kan een fietser in 2,5 h langs een rechte weg afleggen als zijn gemiddelde snelheid 18
km/h bedraagt?
2.1 Referentiestelsels en verplaatsing
Elke meting van plaats, afstand of snelheid moet worden uitgevoerd t.o.v. een referentiestelsel.
Voorbeeld:
Je zit in een trein die met 80 km/h rijdt en, iemand loopt langs jou naar de voorkant van de trein met
een snelheid van 5 km/h t.o.v. de trein. T.o.v. de grond heeft die persoon een snelheid van 85 km/h
verplaatsing en afgelegde weg
Verplaatsing (blauwe lijn) is de afstand t.o.v. het beginpunt.
Afgelegde weg (stippellijn) wordt gemeten langs de effectief gevolgde pad.
Verplaatsing:
, 2.2 gemiddelde snelheid
De gemiddelde (vectoriële) snelheid kan negatief zijn. Dat betekent dat het voorwerp zich beweegt in
de zin die tegengesteld is aan de zin van de x-as.
Voorbeeld
De plaats van een loper als een functie van de tijd wordt uitgezet als beweging langs de x-as van een
coördinatenstelsel. Tijdens een 3,00 s tijdsinterval, verandert de plaats van de loper van x1= 50,0 m
tot x2 = 30,5 m, zoals wordt weergegeven. Wat is de gemiddelde snelheid?
→ De gemiddelde (vectoriële) snelheid van de hardloper is 6,50 m/s naar links
Voorbeeld 2
Welke afstand kan een fietser in 2,5 h langs een rechte weg afleggen als zijn gemiddelde snelheid 18
km/h bedraagt?