Hoofdstuk 7: de schoolperiode
Intro: de schoolperiode
Een beetje ongelukkige terminologie 2de kindsheid: toegevende kinderperiode (zich vlot
eigen maken vaardigheden vs duurt nog lang vooraleer ‘uitgerijpt’)
Universele (= cultuuronafhankelijker) kenmerken ts. 6-12 jaar: overdracht van de
elementaire vaardigheden, inzichten en attitudes,… nodig om volwaardig lid gemeenschap te
zijn
In Westerse (schoolse) culturen: formeel/uitgestippeld leerprogramma/accent op
intellectuele vaardigheden
In niet-schoolse culturen: ‘levensschool’, met leren opnemen van huishoudelijke taken +
geleidelijk deelnemen aan werk buitenshuis
hoe dan ook: ‘scholing’ voorop ‘scholingsperiode’
Schoolrijpheid schoolbekwaamheid
Vroeger: is de rijping kind genoeg gevorderd om globaal aan de schoolse eisen te voldoen?
‘arm over het hoofd’
Huidige invulling: biologische rijping + stimulatie milieu, het op elkaar afstemmen van kind en
school
ALGEMENE SCHOOLVOORWAARDEN:
Lichamelijke voorwaarden: gezond en goede sensomotorsiche uitrusting
Cognitief: minimaal intelligentie-en taalniveau, mogelijkheid tot aandachtsconcentratie
Sociaal: zich kunnen openstellen voor nieuwe contacten
Dynamisch – effect: spontane leer- en weetgierigheid, werkhouding, in staat directe
bevredigingen uit te stellen en mislukkingen te boven te komen.
Vandaar: TOETERTEST – uitgetoeterd?
Toetertest is/was schoolrijpheidstoets:
Gaat/ging aanwezigheid na van voorbereidende vaardigheden om te leren lezen, schrijven en
rekenen = cognitieve meting
/= stavaza mbt emotionele huishouding, gevoel
/= sociaal functioneren
/= cultuurverschillen (vb. taal) geeft negatief vertekend beeld
SPECIFIEKE SCHOOLVOORWAARDEN
Leesvoorwaarden
Schrijfvoorwaarden
Rekenvoorwaarden
Veilig leren lezen – structuurmethode
, Lichamelijke en motorische ontwikkeling
Lichamelijke veranderingen
Groei: meisjes > jongens, nadien omgekeerd
Ledematen omhoog + spierweefsel omhoog
Tandenwissel: aangezichtsverandering (itt baby-face)
20 moeten eruit om plaats te maken voor 32 definitieve
Motorische ontwikkeling
Veranderingen op 4 terreinen:
Toenemende buigzaamheid of elasticiteit
Evenwichtsbeheersing
Trefzekerheid van de bewegingen
Krachtiger worden van de bewegingen
Overgewicht: hoe houd je kinderen fit?
Bewegen is fijn
Het goed voorbeeld geven (model-leren)
Aangepast aan fysieke en motorische capaciteiten
Sportmaatje (sociaal aspect)
Langzaam maar zeker
Georganiseerde sportactiviteiten (met gezin, sportclub)
Fysieke activiteiten niet inzetten als straf
…
Fijne motoriek
Vooruitgang schrijven
Vooruitgang van tekenen
Ontwikkeling in de waarneming en het mentaal functioneren
Concreet-operationele fase
Met volgende focus:
Ordening in de voorstellingen
Sociaal denken
Fantasie
Concreet- operationele fase: orde in voorstellingswereld
Algemeen:
Intro: de schoolperiode
Een beetje ongelukkige terminologie 2de kindsheid: toegevende kinderperiode (zich vlot
eigen maken vaardigheden vs duurt nog lang vooraleer ‘uitgerijpt’)
Universele (= cultuuronafhankelijker) kenmerken ts. 6-12 jaar: overdracht van de
elementaire vaardigheden, inzichten en attitudes,… nodig om volwaardig lid gemeenschap te
zijn
In Westerse (schoolse) culturen: formeel/uitgestippeld leerprogramma/accent op
intellectuele vaardigheden
In niet-schoolse culturen: ‘levensschool’, met leren opnemen van huishoudelijke taken +
geleidelijk deelnemen aan werk buitenshuis
hoe dan ook: ‘scholing’ voorop ‘scholingsperiode’
Schoolrijpheid schoolbekwaamheid
Vroeger: is de rijping kind genoeg gevorderd om globaal aan de schoolse eisen te voldoen?
‘arm over het hoofd’
Huidige invulling: biologische rijping + stimulatie milieu, het op elkaar afstemmen van kind en
school
ALGEMENE SCHOOLVOORWAARDEN:
Lichamelijke voorwaarden: gezond en goede sensomotorsiche uitrusting
Cognitief: minimaal intelligentie-en taalniveau, mogelijkheid tot aandachtsconcentratie
Sociaal: zich kunnen openstellen voor nieuwe contacten
Dynamisch – effect: spontane leer- en weetgierigheid, werkhouding, in staat directe
bevredigingen uit te stellen en mislukkingen te boven te komen.
Vandaar: TOETERTEST – uitgetoeterd?
Toetertest is/was schoolrijpheidstoets:
Gaat/ging aanwezigheid na van voorbereidende vaardigheden om te leren lezen, schrijven en
rekenen = cognitieve meting
/= stavaza mbt emotionele huishouding, gevoel
/= sociaal functioneren
/= cultuurverschillen (vb. taal) geeft negatief vertekend beeld
SPECIFIEKE SCHOOLVOORWAARDEN
Leesvoorwaarden
Schrijfvoorwaarden
Rekenvoorwaarden
Veilig leren lezen – structuurmethode
, Lichamelijke en motorische ontwikkeling
Lichamelijke veranderingen
Groei: meisjes > jongens, nadien omgekeerd
Ledematen omhoog + spierweefsel omhoog
Tandenwissel: aangezichtsverandering (itt baby-face)
20 moeten eruit om plaats te maken voor 32 definitieve
Motorische ontwikkeling
Veranderingen op 4 terreinen:
Toenemende buigzaamheid of elasticiteit
Evenwichtsbeheersing
Trefzekerheid van de bewegingen
Krachtiger worden van de bewegingen
Overgewicht: hoe houd je kinderen fit?
Bewegen is fijn
Het goed voorbeeld geven (model-leren)
Aangepast aan fysieke en motorische capaciteiten
Sportmaatje (sociaal aspect)
Langzaam maar zeker
Georganiseerde sportactiviteiten (met gezin, sportclub)
Fysieke activiteiten niet inzetten als straf
…
Fijne motoriek
Vooruitgang schrijven
Vooruitgang van tekenen
Ontwikkeling in de waarneming en het mentaal functioneren
Concreet-operationele fase
Met volgende focus:
Ordening in de voorstellingen
Sociaal denken
Fantasie
Concreet- operationele fase: orde in voorstellingswereld
Algemeen: