Hoofdstuk 4: de babytijd
(0-12 maanden)
Intro: theorie fysiologische vroeggeboorte
Adold Portmann
- Bazel (Zwitserland)
- 1897-1982
- Zooloog
Baby’s worden een jaar te vroeg geboren.
Nestblijvers: konijnen, honden, katten meerdere jongen tegelijk en hulpeloos (baby)
Nestvlieders: paarden, koeien, geiten 1 jong per keer, kan langer duren dus komt er een goed
ontwikkelt & zelfredzaam jong. Zintuigen werken en kunnen bewegen op eigen kracht.
Fysiologische vroeggeboorte, negen maanden in de fysiologische baarmoeder. komt terecht in
psychosociale baarmoeder, alleen hier, in het contact met medemensen kan het ten volle mens
worden. Na 1 jaar vindt een psychologische geboorte plaats
In de psychosociale baarmoeder zal de basis gelegd worden voor typische menselijke eigenschappen.
A. Motorische uitrusting neonatus (0-4 weken/1 week)
Bekomen geboortestress
Uitgerust om in leven te blijven
Motorische reacties : slapen, reflexen
Motorische reacties: slapen
1/3 rustige slaap
Uit onderzoek: 2/3 slaap – 1/3
1/3 REM slaap
wakker
1/3 andere
In de volgende maanden daalt de slaaptijd, evenals de REM
slaap.
Motorische reacties: reflexen
, = aangeboren, niet zelfgekozen doelgerichte handelingen: vb. huilen
‘aangeboren’ = niet aangeleerd
‘geen zelfgekozen’ = onvrijwillig of autonoom (niet aangestuurd door vrije wil) en
automatisch (‘als vanzelf, reflexmatig)
‘doelgericht’ = gestructureerd (‘in leven blijven’: verbinden en verdedigen/beschermen)
Blijvende reflexen
Vitale functie: vb. niezen, hoesten, braken, slikken
Waarneming of motoriek: vb. pupil- en kniepeesreflex
Voorbijgaande reflexen
Vitale functie: vb. zoek- en zuigreflex
Andere: vb. grijp- en loopreflex, Babinski-reflex, Moro- reflex
B. Motorische uitrusting baby (1-12 maand/1 jaar)
GROEI
Lengte: op 1 jaar gem. 75 cm (geboortelengte + 50%)
Gewicht: op leeftijd 1 jaar: 10kg (geboortegewicht x 3)
Hersenen:
Minstens verdubbeling hersengewicht/massa: 350gr naar 900gr
Explosie synapsen (=verbinding ts. Zenuwcellen) = kwanitatief (halvering adolescentie)
De verdergaande myelinisering (=index voor rijping) zenuwvezels = kwalitatief
TWEE ONTWIKKELINGSLIJNEN
Cefalo-caudaal: van kop tot staart in de lengte
Proximo- distaal: van binnen naar buiten in de breedte
MOTORISCHE VAARDIGHEDEN: 4 STADIA
(0-12 maanden)
Intro: theorie fysiologische vroeggeboorte
Adold Portmann
- Bazel (Zwitserland)
- 1897-1982
- Zooloog
Baby’s worden een jaar te vroeg geboren.
Nestblijvers: konijnen, honden, katten meerdere jongen tegelijk en hulpeloos (baby)
Nestvlieders: paarden, koeien, geiten 1 jong per keer, kan langer duren dus komt er een goed
ontwikkelt & zelfredzaam jong. Zintuigen werken en kunnen bewegen op eigen kracht.
Fysiologische vroeggeboorte, negen maanden in de fysiologische baarmoeder. komt terecht in
psychosociale baarmoeder, alleen hier, in het contact met medemensen kan het ten volle mens
worden. Na 1 jaar vindt een psychologische geboorte plaats
In de psychosociale baarmoeder zal de basis gelegd worden voor typische menselijke eigenschappen.
A. Motorische uitrusting neonatus (0-4 weken/1 week)
Bekomen geboortestress
Uitgerust om in leven te blijven
Motorische reacties : slapen, reflexen
Motorische reacties: slapen
1/3 rustige slaap
Uit onderzoek: 2/3 slaap – 1/3
1/3 REM slaap
wakker
1/3 andere
In de volgende maanden daalt de slaaptijd, evenals de REM
slaap.
Motorische reacties: reflexen
, = aangeboren, niet zelfgekozen doelgerichte handelingen: vb. huilen
‘aangeboren’ = niet aangeleerd
‘geen zelfgekozen’ = onvrijwillig of autonoom (niet aangestuurd door vrije wil) en
automatisch (‘als vanzelf, reflexmatig)
‘doelgericht’ = gestructureerd (‘in leven blijven’: verbinden en verdedigen/beschermen)
Blijvende reflexen
Vitale functie: vb. niezen, hoesten, braken, slikken
Waarneming of motoriek: vb. pupil- en kniepeesreflex
Voorbijgaande reflexen
Vitale functie: vb. zoek- en zuigreflex
Andere: vb. grijp- en loopreflex, Babinski-reflex, Moro- reflex
B. Motorische uitrusting baby (1-12 maand/1 jaar)
GROEI
Lengte: op 1 jaar gem. 75 cm (geboortelengte + 50%)
Gewicht: op leeftijd 1 jaar: 10kg (geboortegewicht x 3)
Hersenen:
Minstens verdubbeling hersengewicht/massa: 350gr naar 900gr
Explosie synapsen (=verbinding ts. Zenuwcellen) = kwanitatief (halvering adolescentie)
De verdergaande myelinisering (=index voor rijping) zenuwvezels = kwalitatief
TWEE ONTWIKKELINGSLIJNEN
Cefalo-caudaal: van kop tot staart in de lengte
Proximo- distaal: van binnen naar buiten in de breedte
MOTORISCHE VAARDIGHEDEN: 4 STADIA