Les 1: Grieks
1. Inleiding: Griekenland – Rome
Gelijkenissen
De Romeinse en Griekse architectuur worden vaak onder 1 noemer geplaatst
= De architectuur van de klassieke oudheid
Waarom?
Ze hebben een vormentaal die zeer prominent is
- Zuil
- Tempels
- Theaters
- Polychromie = gekleurd
=> de tempels nu zijn vaak blank en effen waardoor men vroeger dacht dat dit
daadwerkelijk ook zo was. Dit is fout begrepen omdat men enkel naar de ruine
gekeken heeft en niet naar de context.
Verschillen
De Romeinse en Griekse architectuur zijn heel verschillend:
- Constructie
- Materialen
- Technieken
- Schaal
- Inplanting
- Benaderingswijze
- Zuilen
Grieks – esthetiekskunst
Romeins – ingenieurskunst
Verschil 1: Maatschappelijke organisatie
Polis versus megapolis
Grieken Romeinen
Polis Imperium met Rome als centrum
= stadsstaat
Er waren verschillende stadsstaten
,Verschil 2: culturele verschillen en invloeden
Perfectie versus assimilatie
Beide architectuurculturen zijn ontstaan op gebieden waar reeds andere
architectuurculturen aanwezig waren.
- Griekse gebied: Minoische beschaving, myceense beschaving
- Romeins gebied: Etruskische beschaving
Ze hebben beiden een andere omgang met deze verschillende invloeden en culturen.
Grieken - Perfectioneren Romeinen - Assimilatie
De Grieken streven naar perfectie van de Het gebied van de Romein is veel groter
minoische en myceense tradities ze worden blootgesteld aan
meer verschillende culturen
Vb. Architraafbouw = erfenis Ze nemen deze samen en
-> ze hebben deze geperfectioneerd verzoenen ze in 1 geheel
= assimilatie
Verschil 3: Bouwtechnische evoluties
Zuil en architraaf versus muur en gewelf
Grieken – zuil en architraaf Romeinen – muur en gewelf
De Griekse architectuur is gebaseerd op De Romeinen gebruiken o.a. ook
architraafbouw als erfenis architraafbouw maar hebben een
= combinatie tussen de zuil ( verticaal vernieuwing van technieken en materialen
element) en de architraaf ( horizontaal
element ) Vb. uitvinding van beton
Hierdoor kunnen ze
gebouwen construeren met
gewelven en muren
Met deze technieken kunnen
ze grotere ruimtes
overspannen
Piranesi en Winckelmann
= architect archeologen uit 18 de eeuw die heel belangrijk waren in het debat tussen de
Griekse en Romeinse architectuurculturen
- Piranesi = Romeins fan
- Winckelmann = Grieks fan
Tempelsite van Phaestum:
Piranesi en Winckelmann hebben allebei de tempelsite geschilderd
Volgens een heel andere perceptie, op een andere manier
Vanuit hun voorkeur
Afhankelijk van wat ze de belangrijkste elementen in de architectuurcultuur vinden
, Tempelsite van Phaestum volgens Winckelmann – Grieks
Winckelmann benadert de tempelsite vanuit een geïdealiseerd beeld van de griekse cultuur
- Esthetiek is zeer belangrijk
- Natuur en architectuur in harmonie met elkaar
- Vrije benadering = eigen aan de inplanting van Griekse gebouwen
Tempelsite van Phaestum volgens Piranesi – Romeins
- Positie vanuit het gebouw zelf
-> er wordt niet gekeken naar de relatie met het landschap
- Onkruid ( natuur wil zijn plaats terug innemen ) en verval
- Architectuur in strijd met de natuur
-> Ze vechten om hun plaats
- Architectuur is functioneel
Vb. De aquaducten dienen om rivieren over te steken
-> natuurlijke grenzen overwinnen
- Meer detail
1. Inleiding: Griekenland – Rome
Gelijkenissen
De Romeinse en Griekse architectuur worden vaak onder 1 noemer geplaatst
= De architectuur van de klassieke oudheid
Waarom?
Ze hebben een vormentaal die zeer prominent is
- Zuil
- Tempels
- Theaters
- Polychromie = gekleurd
=> de tempels nu zijn vaak blank en effen waardoor men vroeger dacht dat dit
daadwerkelijk ook zo was. Dit is fout begrepen omdat men enkel naar de ruine
gekeken heeft en niet naar de context.
Verschillen
De Romeinse en Griekse architectuur zijn heel verschillend:
- Constructie
- Materialen
- Technieken
- Schaal
- Inplanting
- Benaderingswijze
- Zuilen
Grieks – esthetiekskunst
Romeins – ingenieurskunst
Verschil 1: Maatschappelijke organisatie
Polis versus megapolis
Grieken Romeinen
Polis Imperium met Rome als centrum
= stadsstaat
Er waren verschillende stadsstaten
,Verschil 2: culturele verschillen en invloeden
Perfectie versus assimilatie
Beide architectuurculturen zijn ontstaan op gebieden waar reeds andere
architectuurculturen aanwezig waren.
- Griekse gebied: Minoische beschaving, myceense beschaving
- Romeins gebied: Etruskische beschaving
Ze hebben beiden een andere omgang met deze verschillende invloeden en culturen.
Grieken - Perfectioneren Romeinen - Assimilatie
De Grieken streven naar perfectie van de Het gebied van de Romein is veel groter
minoische en myceense tradities ze worden blootgesteld aan
meer verschillende culturen
Vb. Architraafbouw = erfenis Ze nemen deze samen en
-> ze hebben deze geperfectioneerd verzoenen ze in 1 geheel
= assimilatie
Verschil 3: Bouwtechnische evoluties
Zuil en architraaf versus muur en gewelf
Grieken – zuil en architraaf Romeinen – muur en gewelf
De Griekse architectuur is gebaseerd op De Romeinen gebruiken o.a. ook
architraafbouw als erfenis architraafbouw maar hebben een
= combinatie tussen de zuil ( verticaal vernieuwing van technieken en materialen
element) en de architraaf ( horizontaal
element ) Vb. uitvinding van beton
Hierdoor kunnen ze
gebouwen construeren met
gewelven en muren
Met deze technieken kunnen
ze grotere ruimtes
overspannen
Piranesi en Winckelmann
= architect archeologen uit 18 de eeuw die heel belangrijk waren in het debat tussen de
Griekse en Romeinse architectuurculturen
- Piranesi = Romeins fan
- Winckelmann = Grieks fan
Tempelsite van Phaestum:
Piranesi en Winckelmann hebben allebei de tempelsite geschilderd
Volgens een heel andere perceptie, op een andere manier
Vanuit hun voorkeur
Afhankelijk van wat ze de belangrijkste elementen in de architectuurcultuur vinden
, Tempelsite van Phaestum volgens Winckelmann – Grieks
Winckelmann benadert de tempelsite vanuit een geïdealiseerd beeld van de griekse cultuur
- Esthetiek is zeer belangrijk
- Natuur en architectuur in harmonie met elkaar
- Vrije benadering = eigen aan de inplanting van Griekse gebouwen
Tempelsite van Phaestum volgens Piranesi – Romeins
- Positie vanuit het gebouw zelf
-> er wordt niet gekeken naar de relatie met het landschap
- Onkruid ( natuur wil zijn plaats terug innemen ) en verval
- Architectuur in strijd met de natuur
-> Ze vechten om hun plaats
- Architectuur is functioneel
Vb. De aquaducten dienen om rivieren over te steken
-> natuurlijke grenzen overwinnen
- Meer detail