Jeugdrecht
Inleiding
(Vb. kind komt in het ziekenhuis terecht, omdat papa het door mekaar heeft geschud → kindermishandeling)
- Jongeren tot 18 jaar
- Orthopedagogisch grondplan
o Microniveau: relatie met cliënt
o Mesoniveau: cliëntsysteem
o Macroniveau: de juridische context
1.begripsomschrijving en situering
Jeugdrecht = het geheel van juridische regels die het welzijn/ontplooiing van jongeren bevorderen/waarborgen.
- Evolutie van bescherming: jongeren hebben rechten en plichten
- Minderjarigen = kinderen en jongeren -18.
1.Bijzondere probleemsituaties
- POS = Problematische opvoedingssituatie
- VOS = verontrustende opvoedingssituatie
- Delicten plegen → MOF = Misdrijf Omschreven Feiten
o Overtreding: politiestraf, 1 - 7dagen gevangenisstraf, maximum €25 (x8)
o Wanbedrijf: correctionele straf, 8 dagen - 5 jaar gevangenisstraf, minimum €26 (x8)
o Misdaad: criminele straf, levenslange/tijdelijke (min 5 jaar)
▪ Opsluiten: gemeenrechtelijke misdaden
▪ Hechtenis: politieke of militaire misdaden
- Kwalificatieswitch = jongere in ernstige VOS, parket start MOF-vordering op.
2.Vrijwillige en gerechtelijke maatregelen
Vrijwillige maatregelen = hulp zoeken bij problemen in opvoeding.
Gerechtelijke maatregelen = tussenkomst gerechtelijke instantie (vb. jeugdrechtbank)
- Uitvoering interventies door specifieke voorzieningen:
o Van mobiel/ambulant tot en met residentiële voorzieningen
3.Bevoegdheid gemeenschappen
- Persoonsgebonden materie (Jo Vandeurzen, bijstand personen): Vlaams Gemeenschap
- Ook federale linken en invloed internationale recht
- Recht gaat maatschappij opbouwen, waarden/normen overdragen,…→ zo wordt men burger in een
samenleving.
,2.Begrip en beginselen
1.Begrip
Jeugdrecht = het geheel van juridische regels die het welzijn/ontplooiing van jongeren bevorderen/waarborgen.
- Specifieke doelgroepen/interventies, maar ook andere (vb. personen met een beperking)
- Jeugdbescherming = wet → jeugdbijstand = bijstand aan personen
- Minderjarige:
o Minder rechtsobject = rechten ondergaan.
o Meer rechtssubject = iemand die rechten heeft.
Mogelijke interventies
1. Buitengerechtelijke/sociale/vrijwillige Jeugdbescherming = vrijwillig door jeugdhulporganen. (RTJ,
nRTJ, ITP, GV: OCJ en VK)
2. Gerechtelijke jeugdbescherming = beslist door rechterlijke beslissing. (OM/parket = opsporen
misdrijven en de vervolging daarvan., sociale dienst)
2 categorieën van doelgroepen (waar jeugdrecht zich op richt):
1. Jongeren in probleemsituaties: VOS = situatie die de ontwikkeling van een minderjarige bedreigt. (vb.
mishandeling, drank/drugs)
2. Jongeren die worden vervolgd: MOF = een feit gepleegd die wordt omschreven als en misdrijf.
(vb. diefstal)
3. (Geesteszieke minderjarige = personen die gedwongen observatie/verblijf nodig hebben.)
2.Beginselen
1. Jeugdrecht = aparte rechtstak
o Onderdeel van publiekrecht = regels geven in verhouding burgers/overheid.
2. Respect voor rechten van het kind
o Van rechtsobject = rechten ondergaan → naar rechtssubject = drager rechten/plichten
o Belang minderjarige staat voorop:
▪ ‘Het belang van het kind’: vaag, evolutief, waardegebonden
▪ 1e overweging
▪ Participatie/inspraak in hulpverleningsproces
3. Gezinsgericht
o Gezin: fundamentele kern
o Ouders/voogden: eerste verantwoordelijken
o Ingrijpen: goed samenwerken/plaatsing soms onvermijdelijk
4. Subsidiariteit = minst ingrijpende vorm krijgt voorkeur.
o Ontplooiing (=groei) van minderjarige:
1. Ouders/voogden
2. Overheid: ouders kansen geven
3. Bijzondere interventies overheid: vrijwillige boven gerechtelijke jeugdhulp
o Vrijheidsberoving: allerlaatste stap, kort, evalueren maatregelen
5. Differentiatie van interventies
o Meer interventiemogelijkheden
o Tijd nodig (vb. nieuwe longen krijg je ook niet direct)
o Integrale jeugdhulp: zou onafhankelijk van aanbod moeten gebeuren
6. Hulpverlenend karakter
o Hulpverleningsperspectief: onderliggende problemen aanpakken
o Toekomstgerichtheid
o Geloof in verbetering/verandering
, 3.Verschillende wetgevende initiatieven
Historische schets van jeugdrecht
- ‘Probleemkind’ bestaat al lang → zegt veel maatschappelijke definiëring: ‘problematisch’ gedrag
- Vroeger: ‘jeugd van tegenwoordig’
- Veel meer VOS-dossiers, toch veel discussie rond MOF
1.Jeugdrecht 19e eeuw
- Sommige delicten vallen onder gewone strafrecht:
o Ouder 16 jaar: schuldbekwaam → gezien als volwassenen
o Jonger 16 jaar: schuldbekwaamheid vaststellen → schuldbesef?
▪ Goed/kwaad onderscheiden
▪ Gevolgen van hun daden overzien
o Jongere vrijgesproken: wel geplaatst in verbeteringstehuis/liefdadigheidsinstelling
- Uitzonderlijk: ouders ontzet van ouderlijke macht
- Vader kon kind met ‘ontoelaatbaar gedrag’ gevangenisstraf opleggen (-16: 1 maand, +16: 6 maand)
NOOT
- Kernidee voor 1912:
o Geen aparte kinderrechten
o Schuldbekwaamheid: schuldbesef/bestraffing
o Hervormingsscholen met streng regime
- Kernidee na/vanaf 1912:
o Aparte regeling vanaf 1912
o Bescherming bij POS sinds 1985
o Huldige regeling via Integrale Jeugdhulp
2.Wet 15 mei 1912
- 1e wet kinderbescherming: niet straffen, maar begeleiden:
o Voor -16 jarigen die een MOF plegen
o Voor -18 jarigen die bedelen/landlopen, wangedrag stellen, prostitueren,…
- Kerngedachte:
o Dader staat voorop: dader schuldonbekwaam
o Bescherming maatschappij voorop
- Vernieuwingen:
1. Per arrondissement: kinderrechter
2. -16 jarigen die feiten begaan → ontoerekenbaar beschouwd
3. Kinderrechter legt straffen, maatregelen,… op: bewaring, opvoeding, behoeding (vb. jongere dat
steelt → laten opnemen)
▪ Van berisping naar plaatsing
o Ongelukkige kinderen = slachtoffer van onwaardige ouders.
→Niet onder kinderrechter
▪ Ontzetting ouderlijk gezag voor altijd en voor alle kinderen
3.Tussenperiode
1.Einde WO II
- Veel langdurige plaatsingen → kostprijs groot
- Probleemkinderen/ongelukkige kinderen → naar kinderrechter doorgestuurd
Inleiding
(Vb. kind komt in het ziekenhuis terecht, omdat papa het door mekaar heeft geschud → kindermishandeling)
- Jongeren tot 18 jaar
- Orthopedagogisch grondplan
o Microniveau: relatie met cliënt
o Mesoniveau: cliëntsysteem
o Macroniveau: de juridische context
1.begripsomschrijving en situering
Jeugdrecht = het geheel van juridische regels die het welzijn/ontplooiing van jongeren bevorderen/waarborgen.
- Evolutie van bescherming: jongeren hebben rechten en plichten
- Minderjarigen = kinderen en jongeren -18.
1.Bijzondere probleemsituaties
- POS = Problematische opvoedingssituatie
- VOS = verontrustende opvoedingssituatie
- Delicten plegen → MOF = Misdrijf Omschreven Feiten
o Overtreding: politiestraf, 1 - 7dagen gevangenisstraf, maximum €25 (x8)
o Wanbedrijf: correctionele straf, 8 dagen - 5 jaar gevangenisstraf, minimum €26 (x8)
o Misdaad: criminele straf, levenslange/tijdelijke (min 5 jaar)
▪ Opsluiten: gemeenrechtelijke misdaden
▪ Hechtenis: politieke of militaire misdaden
- Kwalificatieswitch = jongere in ernstige VOS, parket start MOF-vordering op.
2.Vrijwillige en gerechtelijke maatregelen
Vrijwillige maatregelen = hulp zoeken bij problemen in opvoeding.
Gerechtelijke maatregelen = tussenkomst gerechtelijke instantie (vb. jeugdrechtbank)
- Uitvoering interventies door specifieke voorzieningen:
o Van mobiel/ambulant tot en met residentiële voorzieningen
3.Bevoegdheid gemeenschappen
- Persoonsgebonden materie (Jo Vandeurzen, bijstand personen): Vlaams Gemeenschap
- Ook federale linken en invloed internationale recht
- Recht gaat maatschappij opbouwen, waarden/normen overdragen,…→ zo wordt men burger in een
samenleving.
,2.Begrip en beginselen
1.Begrip
Jeugdrecht = het geheel van juridische regels die het welzijn/ontplooiing van jongeren bevorderen/waarborgen.
- Specifieke doelgroepen/interventies, maar ook andere (vb. personen met een beperking)
- Jeugdbescherming = wet → jeugdbijstand = bijstand aan personen
- Minderjarige:
o Minder rechtsobject = rechten ondergaan.
o Meer rechtssubject = iemand die rechten heeft.
Mogelijke interventies
1. Buitengerechtelijke/sociale/vrijwillige Jeugdbescherming = vrijwillig door jeugdhulporganen. (RTJ,
nRTJ, ITP, GV: OCJ en VK)
2. Gerechtelijke jeugdbescherming = beslist door rechterlijke beslissing. (OM/parket = opsporen
misdrijven en de vervolging daarvan., sociale dienst)
2 categorieën van doelgroepen (waar jeugdrecht zich op richt):
1. Jongeren in probleemsituaties: VOS = situatie die de ontwikkeling van een minderjarige bedreigt. (vb.
mishandeling, drank/drugs)
2. Jongeren die worden vervolgd: MOF = een feit gepleegd die wordt omschreven als en misdrijf.
(vb. diefstal)
3. (Geesteszieke minderjarige = personen die gedwongen observatie/verblijf nodig hebben.)
2.Beginselen
1. Jeugdrecht = aparte rechtstak
o Onderdeel van publiekrecht = regels geven in verhouding burgers/overheid.
2. Respect voor rechten van het kind
o Van rechtsobject = rechten ondergaan → naar rechtssubject = drager rechten/plichten
o Belang minderjarige staat voorop:
▪ ‘Het belang van het kind’: vaag, evolutief, waardegebonden
▪ 1e overweging
▪ Participatie/inspraak in hulpverleningsproces
3. Gezinsgericht
o Gezin: fundamentele kern
o Ouders/voogden: eerste verantwoordelijken
o Ingrijpen: goed samenwerken/plaatsing soms onvermijdelijk
4. Subsidiariteit = minst ingrijpende vorm krijgt voorkeur.
o Ontplooiing (=groei) van minderjarige:
1. Ouders/voogden
2. Overheid: ouders kansen geven
3. Bijzondere interventies overheid: vrijwillige boven gerechtelijke jeugdhulp
o Vrijheidsberoving: allerlaatste stap, kort, evalueren maatregelen
5. Differentiatie van interventies
o Meer interventiemogelijkheden
o Tijd nodig (vb. nieuwe longen krijg je ook niet direct)
o Integrale jeugdhulp: zou onafhankelijk van aanbod moeten gebeuren
6. Hulpverlenend karakter
o Hulpverleningsperspectief: onderliggende problemen aanpakken
o Toekomstgerichtheid
o Geloof in verbetering/verandering
, 3.Verschillende wetgevende initiatieven
Historische schets van jeugdrecht
- ‘Probleemkind’ bestaat al lang → zegt veel maatschappelijke definiëring: ‘problematisch’ gedrag
- Vroeger: ‘jeugd van tegenwoordig’
- Veel meer VOS-dossiers, toch veel discussie rond MOF
1.Jeugdrecht 19e eeuw
- Sommige delicten vallen onder gewone strafrecht:
o Ouder 16 jaar: schuldbekwaam → gezien als volwassenen
o Jonger 16 jaar: schuldbekwaamheid vaststellen → schuldbesef?
▪ Goed/kwaad onderscheiden
▪ Gevolgen van hun daden overzien
o Jongere vrijgesproken: wel geplaatst in verbeteringstehuis/liefdadigheidsinstelling
- Uitzonderlijk: ouders ontzet van ouderlijke macht
- Vader kon kind met ‘ontoelaatbaar gedrag’ gevangenisstraf opleggen (-16: 1 maand, +16: 6 maand)
NOOT
- Kernidee voor 1912:
o Geen aparte kinderrechten
o Schuldbekwaamheid: schuldbesef/bestraffing
o Hervormingsscholen met streng regime
- Kernidee na/vanaf 1912:
o Aparte regeling vanaf 1912
o Bescherming bij POS sinds 1985
o Huldige regeling via Integrale Jeugdhulp
2.Wet 15 mei 1912
- 1e wet kinderbescherming: niet straffen, maar begeleiden:
o Voor -16 jarigen die een MOF plegen
o Voor -18 jarigen die bedelen/landlopen, wangedrag stellen, prostitueren,…
- Kerngedachte:
o Dader staat voorop: dader schuldonbekwaam
o Bescherming maatschappij voorop
- Vernieuwingen:
1. Per arrondissement: kinderrechter
2. -16 jarigen die feiten begaan → ontoerekenbaar beschouwd
3. Kinderrechter legt straffen, maatregelen,… op: bewaring, opvoeding, behoeding (vb. jongere dat
steelt → laten opnemen)
▪ Van berisping naar plaatsing
o Ongelukkige kinderen = slachtoffer van onwaardige ouders.
→Niet onder kinderrechter
▪ Ontzetting ouderlijk gezag voor altijd en voor alle kinderen
3.Tussenperiode
1.Einde WO II
- Veel langdurige plaatsingen → kostprijs groot
- Probleemkinderen/ongelukkige kinderen → naar kinderrechter doorgestuurd