Twee fundamentele ontwikkelingstheorieën
1. Psychosociale identiteitstheorie van Erik H. Erikson
2. De cognitieve ontwikkelingstheorie van Jean Piaget
(3. Taalontwikkeling van Schaarlaekens)
Erik H. Erikson
Psycho- sociale identiteit
...is het ervaren van een innerlijke eenheid (psychische identiteit) en harmonie tussen de eigen
persoon en de sociale omgeving (sociale identiteit).
• EPIGENETISCH:
Ingeboren
Universeel
Vaste volgorde en op een vast tijdstip
• PSYCHOSOCIALE CRISIS:
bestaande identiteit voldoet niet meer aan nieuwe
biologische en sociale realiteit.
• KERNCONFLICT:
per levensfase een spanningsveld tussen twee
tegengestelde houdingen.
• GEVOELIGE PERIODE:
elke levensfase moet zijn eigen kernconflict oplossen.
ERIKSON ZIET HET LEVEN ALS EEN OPEENVOLGING VAN ACHT LEVENSFASEN, WAARIN TELKENS OP
EEN ANDERE MANIER GEWERKT WORDT AAN DE VERDERE UITBOUW VAN DE PSYCHOSOCIALE
IDENTITEIT
1. Psychosociale identiteitstheorie van Erik H. Erikson
2. De cognitieve ontwikkelingstheorie van Jean Piaget
(3. Taalontwikkeling van Schaarlaekens)
Erik H. Erikson
Psycho- sociale identiteit
...is het ervaren van een innerlijke eenheid (psychische identiteit) en harmonie tussen de eigen
persoon en de sociale omgeving (sociale identiteit).
• EPIGENETISCH:
Ingeboren
Universeel
Vaste volgorde en op een vast tijdstip
• PSYCHOSOCIALE CRISIS:
bestaande identiteit voldoet niet meer aan nieuwe
biologische en sociale realiteit.
• KERNCONFLICT:
per levensfase een spanningsveld tussen twee
tegengestelde houdingen.
• GEVOELIGE PERIODE:
elke levensfase moet zijn eigen kernconflict oplossen.
ERIKSON ZIET HET LEVEN ALS EEN OPEENVOLGING VAN ACHT LEVENSFASEN, WAARIN TELKENS OP
EEN ANDERE MANIER GEWERKT WORDT AAN DE VERDERE UITBOUW VAN DE PSYCHOSOCIALE
IDENTITEIT