Organisatiekunde samenvatting
door
Reneee
De Marktplaats voor het Kopen en Verkopen van je Studiemateriaal
Koop en Verkoop al je samenvattingen, aantekeningen, onderzoeken, scripties, collegedictaten, en
nog veel meer..
www.stuvia.com
, Stuvia.com - De Marktplaats voor het Kopen en Verkopen van je Studiemateriaal
Organisatiekunde Samenvatting
Hoofdstuk 1: Inleiding
- Organisaties hebben: Doelstellingen, mensen en middelen --> Doelgerichte
samenwerkingsverbanden (en continuïteitsstreven)
- Bedrijven (profit-/non-profitorganisaties), overige organisaties
- Indeling rechtsvormen: organisaties zonder rechtspersoonlijkheid (eenmanszaak,
vennootschap onder firma, commanditaire vennootschap) en organisaties met
rechtspersoonlijkheid (besloten vennootschap, naamloze vennootschap)
- Nv: beursgenoteerd – aandelen op de beurs verhandeld
- Bv: aandelen in handen van beperkte groep aandeelhouders
- Joint venture: samenwerkende organisaties brengen een deel van hun vermogen in
een nieuw bedrijf, voor een nieuw project
- 1760-1830: Eerste Industriële Revolutie
- Eind 19e eeuw – 1935: gesloten eenheden, vaste regels en doelstellingen, streven
naar efficiency (loopband), prestatiebeloning. Theorieën:
Scientific management theorie (Taylor) wetenschappelijke analyses van
werkzaamheden (kwantitatief)
General management theory (Fayol): benodigde vaardigheden om een
organisatie te leiden prevoir (vooruitzien, plannen), organiseren, opdrachten
geven, afstemmen/coördineren, controleren.
Weber: rationele organisatie, functievervulling moet onafhankelijk van persoon
zijn (objectief). Eenheid-van-bevelprincipe: iedere werknemer 1 baas
- 1935-1955:
Human-relationsbenadering (na scientific management): sociale aspecten even
belangrijk – commentaar (Bennis & Perrow) te gericht op individu ipv technische
aspecten
Revisionisme (herziening): mensen en organisatie (integratie van human-
relations en scientific management)
- 1955-heden: Organisaties open systemen
Systeemtheorie: Organisaties zijn systemen die invloed uitoefenen op hun
omgeving en beïnvloedt worden door de omgeving. Problemen moeten vanuit
verschillende invalshoeken integraal worden aangepakt, omdat daarmee
synergievoordelen op worden bereikt.
Organisatiekunde interdisciplinair karakter: oplossingen voor problemen
moeten niet worden gezocht in eenzijdige monodisciplines
Objectieve rationaliteit --> subjectieve rationaliteit (Keuning): beslissers kunnen
niet alle alternatieven kennen en gevoelsmatig handelen, speelt een rol in
besluitvorming (betrokkenheid, medezeggenschap, delegatie)
Contingentiebenadering: situationeel leiderschap (Woodward en Lawrence &
Lorsche) – niet 1 manier van goed leiderschap
Peter Drucker: kennis is nu essentiële productiefactor – kennisrevolutie
Mintzberg: basisconfiguraties (ideaaltypen van manier van leidinggeven) – beste
manier van leidinggeven bestaat niet. Elke configuratie heeft eigen kenmerken –
2 punten: manier van coördineren en plaats waar de macht ligt
Porter: 5-krachtenmodel
Michael Hammer: traditionele manier van structurering verdwijnt – meer
zelfsturing van werknemers – snel op veranderingen inhaken (leiding = coach)
Van efficiency naar kwaliteit – flexibiliteit – innovatie
1
, Stuvia.com - De Marktplaats voor het Kopen en Verkopen van je Studiemateriaal
- Economisch kringloopmodel: mensen/middelen = inputfactoren → omgezet in
outputfactoren (producten/diensten)
- Organisatie-evenwicht: wanneer een organisatie interne en externe stakeholders
zodanig beloond dat zij gemotiveerd blijven deelnemen aan de organisatie
- 3 functies van managementtaken (op basis van general managementtheorie Fayol):
1. Beleidsvorming
Op relevante ontwikkelingen anticiperen (vooruitzien) – beleidsaanpassing
(plannen)
Constituerende beslissingen: scheppen van een kader waarbinnen uitvoering
plaats kan vinden (doelstellingen/strategieën en voorwaarden/omstandigheden)
2. Structurering
Verdeling van functies, toekenning van bevoegdheden en
verantwoordelijkheden, vaststelling van communicatiestructuur (coördinatie
mechanismen en overlegstructuren)
Topmanagement meestal constituerende beslissingen (beleidsintensief)
Lager management meestal dirigerende beslissingen (beleidsuitvoerend)
3. Uitvoering
Uitvoeren (commander), beheersen (controler) en bijsturen van processen
- Doelen en doelstellingen binden mensen die aan organisatie deelnemen (doel is
minder concreet en SMART dan doelstelling)
- Visie: basisboodschap dat mensen aanspreekt en inspireert
- Missie: het uitdragen van de visie (omschreven in een missionstatement)
- Volgorde: Visie → Missie → Doelen → Doelstellingen → Beleidsuitgangspunten →
Beleid → Strategie → Uitvoering
- 7S-model:
Strategie
De route die organisatie moet volgen om doelstellingen waar te maken
Structure
Organisatiestructuur: arbeidsverdeling, coördinatie
Systems
Systemen en processen binnen organisatie
Staff
Belang van goede werving, selectie, opleiding, beoordeling, beloning en
loopbaanontwikkeling
Skills
Kennis en vaardigheden die nodig zijn om concurrentieslag aan te kunnen gaan
Style
Wijze waarop leiding wordt gegeven en de houding ervan
Shared values
Waarden en normen binnen organisatie
Hoofdstuk 2: Strategy
- Door anticipatie op ontwikkelingen in de onderneming en de omgeving kan sneller
worden gereageerd op beleidsaanpassingen
- Verschillende soorten planning:
Niveau (concern, werkmaatschappij, afdeling, product)
Concern: productgroepen (kansen/bedreigingen, uitbreiding)
Ondernemingsdirecties: plannen hoe en met welke producten een doel
gerealiseerd moet worden
Managers: plannen per specifiek product de inzet van marketinginstrumenten
Tijdshorizon (kort, middellang, lang)
2
door
Reneee
De Marktplaats voor het Kopen en Verkopen van je Studiemateriaal
Koop en Verkoop al je samenvattingen, aantekeningen, onderzoeken, scripties, collegedictaten, en
nog veel meer..
www.stuvia.com
, Stuvia.com - De Marktplaats voor het Kopen en Verkopen van je Studiemateriaal
Organisatiekunde Samenvatting
Hoofdstuk 1: Inleiding
- Organisaties hebben: Doelstellingen, mensen en middelen --> Doelgerichte
samenwerkingsverbanden (en continuïteitsstreven)
- Bedrijven (profit-/non-profitorganisaties), overige organisaties
- Indeling rechtsvormen: organisaties zonder rechtspersoonlijkheid (eenmanszaak,
vennootschap onder firma, commanditaire vennootschap) en organisaties met
rechtspersoonlijkheid (besloten vennootschap, naamloze vennootschap)
- Nv: beursgenoteerd – aandelen op de beurs verhandeld
- Bv: aandelen in handen van beperkte groep aandeelhouders
- Joint venture: samenwerkende organisaties brengen een deel van hun vermogen in
een nieuw bedrijf, voor een nieuw project
- 1760-1830: Eerste Industriële Revolutie
- Eind 19e eeuw – 1935: gesloten eenheden, vaste regels en doelstellingen, streven
naar efficiency (loopband), prestatiebeloning. Theorieën:
Scientific management theorie (Taylor) wetenschappelijke analyses van
werkzaamheden (kwantitatief)
General management theory (Fayol): benodigde vaardigheden om een
organisatie te leiden prevoir (vooruitzien, plannen), organiseren, opdrachten
geven, afstemmen/coördineren, controleren.
Weber: rationele organisatie, functievervulling moet onafhankelijk van persoon
zijn (objectief). Eenheid-van-bevelprincipe: iedere werknemer 1 baas
- 1935-1955:
Human-relationsbenadering (na scientific management): sociale aspecten even
belangrijk – commentaar (Bennis & Perrow) te gericht op individu ipv technische
aspecten
Revisionisme (herziening): mensen en organisatie (integratie van human-
relations en scientific management)
- 1955-heden: Organisaties open systemen
Systeemtheorie: Organisaties zijn systemen die invloed uitoefenen op hun
omgeving en beïnvloedt worden door de omgeving. Problemen moeten vanuit
verschillende invalshoeken integraal worden aangepakt, omdat daarmee
synergievoordelen op worden bereikt.
Organisatiekunde interdisciplinair karakter: oplossingen voor problemen
moeten niet worden gezocht in eenzijdige monodisciplines
Objectieve rationaliteit --> subjectieve rationaliteit (Keuning): beslissers kunnen
niet alle alternatieven kennen en gevoelsmatig handelen, speelt een rol in
besluitvorming (betrokkenheid, medezeggenschap, delegatie)
Contingentiebenadering: situationeel leiderschap (Woodward en Lawrence &
Lorsche) – niet 1 manier van goed leiderschap
Peter Drucker: kennis is nu essentiële productiefactor – kennisrevolutie
Mintzberg: basisconfiguraties (ideaaltypen van manier van leidinggeven) – beste
manier van leidinggeven bestaat niet. Elke configuratie heeft eigen kenmerken –
2 punten: manier van coördineren en plaats waar de macht ligt
Porter: 5-krachtenmodel
Michael Hammer: traditionele manier van structurering verdwijnt – meer
zelfsturing van werknemers – snel op veranderingen inhaken (leiding = coach)
Van efficiency naar kwaliteit – flexibiliteit – innovatie
1
, Stuvia.com - De Marktplaats voor het Kopen en Verkopen van je Studiemateriaal
- Economisch kringloopmodel: mensen/middelen = inputfactoren → omgezet in
outputfactoren (producten/diensten)
- Organisatie-evenwicht: wanneer een organisatie interne en externe stakeholders
zodanig beloond dat zij gemotiveerd blijven deelnemen aan de organisatie
- 3 functies van managementtaken (op basis van general managementtheorie Fayol):
1. Beleidsvorming
Op relevante ontwikkelingen anticiperen (vooruitzien) – beleidsaanpassing
(plannen)
Constituerende beslissingen: scheppen van een kader waarbinnen uitvoering
plaats kan vinden (doelstellingen/strategieën en voorwaarden/omstandigheden)
2. Structurering
Verdeling van functies, toekenning van bevoegdheden en
verantwoordelijkheden, vaststelling van communicatiestructuur (coördinatie
mechanismen en overlegstructuren)
Topmanagement meestal constituerende beslissingen (beleidsintensief)
Lager management meestal dirigerende beslissingen (beleidsuitvoerend)
3. Uitvoering
Uitvoeren (commander), beheersen (controler) en bijsturen van processen
- Doelen en doelstellingen binden mensen die aan organisatie deelnemen (doel is
minder concreet en SMART dan doelstelling)
- Visie: basisboodschap dat mensen aanspreekt en inspireert
- Missie: het uitdragen van de visie (omschreven in een missionstatement)
- Volgorde: Visie → Missie → Doelen → Doelstellingen → Beleidsuitgangspunten →
Beleid → Strategie → Uitvoering
- 7S-model:
Strategie
De route die organisatie moet volgen om doelstellingen waar te maken
Structure
Organisatiestructuur: arbeidsverdeling, coördinatie
Systems
Systemen en processen binnen organisatie
Staff
Belang van goede werving, selectie, opleiding, beoordeling, beloning en
loopbaanontwikkeling
Skills
Kennis en vaardigheden die nodig zijn om concurrentieslag aan te kunnen gaan
Style
Wijze waarop leiding wordt gegeven en de houding ervan
Shared values
Waarden en normen binnen organisatie
Hoofdstuk 2: Strategy
- Door anticipatie op ontwikkelingen in de onderneming en de omgeving kan sneller
worden gereageerd op beleidsaanpassingen
- Verschillende soorten planning:
Niveau (concern, werkmaatschappij, afdeling, product)
Concern: productgroepen (kansen/bedreigingen, uitbreiding)
Ondernemingsdirecties: plannen hoe en met welke producten een doel
gerealiseerd moet worden
Managers: plannen per specifiek product de inzet van marketinginstrumenten
Tijdshorizon (kort, middellang, lang)
2