Systeemtheorie
Werkmode 5
Hoofdstuk 6
Het karakter en de plaats van de systeemtheorie 6
Verschillende theorieën over menselijk gedrag: 6
1. De psychoanalyse 6
2. Het behaviorisme 7
3. De humanistische psychologie 7
4. De systeemtheorie 8
Realisme en constructivisme 8
Geschiedenis van de theorie en praktijk van de systeembenadering 8
Verschillende omschrijvingen kern van de systeemtheorie 8
Belangrijkste uitgangspunten systeemtheorie 9
Individueel gedrag geplaatst in de context van voortdurende interactie 9
Informatie vs. energie 9
Feedback binnen het systeem 10
Positieve en negatieve feedback 10
Herhaling 10
Beperking, voorspelbaarheid en redundantie 10
Redundantie 11
Communicatie binnen de systeemtheorie 11
Contrasten tussen de traditionele psychologie en de systeemtheorie 11
Circulaire causaliteit 13
Het metakarakter van de systeemtheorie 13
Hoofdstuk 15
Het systeembegrip en de belangrijkste kenmerken van open systemen 15
Systeem 15
Niveaus 15
Het tijdselement 15
Totaliteit / systeemsamenhang 15
Niet-optelbaarheid 16
Meer dan optelbaarheid 16
Subsysteem 16
Coalitie 16
Homeostase 17
Lenigheid van het systeem 17
Systeemomgeving 17
Open en gesloten systemen 17
Metasysteem 17
Input, throughput en output 17
Organisaties en di erentiatie 18
1
l 2
1 ff
, Hoofdstuk 10. 19
Gezinssystemen 19
Grens tussen ouders en kinderen 19
Gezinsrollen en -posities 19
Rol: De Zondebok 19
Parenti catie (Rol: De Adjudant) 20
Rol: De Go-between 20
De perverse triade 20
Gezinsmythen en -geheimen 21
Open en minder open systemen 21
Het emotionele krachtenveld binnen het gezin 21
De levenscyclus van het gezin 22
Het gezin als deel van een omvangrijker systeem 23
De zeven uitgangspunte 24
Hoofdstuk 25
Uitgangspunt 1: over de onmogelijkheid om niet te communiceren 25
Uitgangspunt 1 25
Niet-aansluiting van de communicatie 25
Ontkenning van de eigen communicatie 25
Ontkenning van de verantwoordelijkheid ten opzicht van de eigen communicatie 25
Hoofdstuk 26
Uitgangspunt 2: de twee aspecten van de communicatie: het inhouds- en het betrekkingsaspect 26
Uitgangspunt 2 26
Het betrekkingsaspect 26
Het onderscheid tussen impliciete en expliciete metacommunicatie 26
Paulusbeginsel 27
Het betrekkingsaspect bij sociale beroepen 27
Methodiek 27
Taak en proces 27
De verschillende communicatieaspecten (door verschillende auteurs) 28
Expliciete communicatie als communicatieve en professionele vaardigheid 29
Johari-venster 29
Hoofdstuk 30
Uitgangspunt 3: de verwarringen tussen het inhouds- en betrekkingsaspect 30
Uitgangspunt 3 30
Verwarringen tussen het inhouds- en het betrekkingsniveau 30
Type I-verwarring 31
Type II-verwarring 31
Hoe op ge oeper te reageren 31
Hoofdstuk 32
Uitgangspunt 4: de interpunctie van de interactie 32
Uitgangspunt 4 32
2
fi fl 6
3 1
4
5 n
, Interpretatie van niet-eenduidige situaties 32
Interpunctie 32
Eigen onschuld; beliefsystem 32
Circulaire causaliteit 33
Circulair-causale werkelijkheid 33
Circulair-causaal leren kijken naar de werkelijkheid + tweede de nitie interpunctie 33
Circulaire benadering 33
Voorbeeld interpunctieverschil 34
Hoofdstuk 35
Uitgangspunt 5: analoge en digitale communicatie 35
Uitgangspunt 5 35
Twee soorten informatie in het menselijk lichaam 35
Analoge communicatie vs. digitale communicatie 35
Van analoog naar digitaal 37
Het ritueel als ‘tussenstation’ 37
Het ritueel als therapeutische interventie 38
Congruente en incongruente communicatie 38
Hoofdstuk 39
Uitgangspunt 6: complementaire en Symmetrische interactie 39
Uitgangspunt 6 39
Vier opmerkingen vooraf: 39
Complementaire interactie 39
Symmetrische interactie 39
Up en down 40
Alle kenmerken complementaire en symmetrische interacties 41
Metacomplementaire relatie 41
Hoofdstuk 42
Uitgangspunt 7: paradoxale communicatie 42
Uitgangspunt 7 42
Double bind 42
Paradox 42
Incongruente communicatie 43
Tegenstrijdigheid 43
Hoofdstuk 10.2-10. 44
Gezinssystemen, hulpverlening en interventies 44
Concrete problemen 44
De aangemelde cliënt 44
Systeemhypotheses 44
Systeemdoelen 45
Interventies 45
Interventie: Werken aan het betrekkingsklimaat 45
Interventie: Verandering aanbrengen in de gezinsstructuur 46
Interventie: De pro lering van de grens tussen het ouderlijk subsysteem en het kindsubsysteem 46
3
7
8
9 fi 3 fi
, Interventie: Systeemverandering door het stellen van communicatieregels 46
Interventie: Heretiketteren van situaties en gedragingen 47
Interventie: Herformuleren van niet-werkende interpuncties 47
Interventie: Circulair vragen stellen 47
4
Werkmode 5
Hoofdstuk 6
Het karakter en de plaats van de systeemtheorie 6
Verschillende theorieën over menselijk gedrag: 6
1. De psychoanalyse 6
2. Het behaviorisme 7
3. De humanistische psychologie 7
4. De systeemtheorie 8
Realisme en constructivisme 8
Geschiedenis van de theorie en praktijk van de systeembenadering 8
Verschillende omschrijvingen kern van de systeemtheorie 8
Belangrijkste uitgangspunten systeemtheorie 9
Individueel gedrag geplaatst in de context van voortdurende interactie 9
Informatie vs. energie 9
Feedback binnen het systeem 10
Positieve en negatieve feedback 10
Herhaling 10
Beperking, voorspelbaarheid en redundantie 10
Redundantie 11
Communicatie binnen de systeemtheorie 11
Contrasten tussen de traditionele psychologie en de systeemtheorie 11
Circulaire causaliteit 13
Het metakarakter van de systeemtheorie 13
Hoofdstuk 15
Het systeembegrip en de belangrijkste kenmerken van open systemen 15
Systeem 15
Niveaus 15
Het tijdselement 15
Totaliteit / systeemsamenhang 15
Niet-optelbaarheid 16
Meer dan optelbaarheid 16
Subsysteem 16
Coalitie 16
Homeostase 17
Lenigheid van het systeem 17
Systeemomgeving 17
Open en gesloten systemen 17
Metasysteem 17
Input, throughput en output 17
Organisaties en di erentiatie 18
1
l 2
1 ff
, Hoofdstuk 10. 19
Gezinssystemen 19
Grens tussen ouders en kinderen 19
Gezinsrollen en -posities 19
Rol: De Zondebok 19
Parenti catie (Rol: De Adjudant) 20
Rol: De Go-between 20
De perverse triade 20
Gezinsmythen en -geheimen 21
Open en minder open systemen 21
Het emotionele krachtenveld binnen het gezin 21
De levenscyclus van het gezin 22
Het gezin als deel van een omvangrijker systeem 23
De zeven uitgangspunte 24
Hoofdstuk 25
Uitgangspunt 1: over de onmogelijkheid om niet te communiceren 25
Uitgangspunt 1 25
Niet-aansluiting van de communicatie 25
Ontkenning van de eigen communicatie 25
Ontkenning van de verantwoordelijkheid ten opzicht van de eigen communicatie 25
Hoofdstuk 26
Uitgangspunt 2: de twee aspecten van de communicatie: het inhouds- en het betrekkingsaspect 26
Uitgangspunt 2 26
Het betrekkingsaspect 26
Het onderscheid tussen impliciete en expliciete metacommunicatie 26
Paulusbeginsel 27
Het betrekkingsaspect bij sociale beroepen 27
Methodiek 27
Taak en proces 27
De verschillende communicatieaspecten (door verschillende auteurs) 28
Expliciete communicatie als communicatieve en professionele vaardigheid 29
Johari-venster 29
Hoofdstuk 30
Uitgangspunt 3: de verwarringen tussen het inhouds- en betrekkingsaspect 30
Uitgangspunt 3 30
Verwarringen tussen het inhouds- en het betrekkingsniveau 30
Type I-verwarring 31
Type II-verwarring 31
Hoe op ge oeper te reageren 31
Hoofdstuk 32
Uitgangspunt 4: de interpunctie van de interactie 32
Uitgangspunt 4 32
2
fi fl 6
3 1
4
5 n
, Interpretatie van niet-eenduidige situaties 32
Interpunctie 32
Eigen onschuld; beliefsystem 32
Circulaire causaliteit 33
Circulair-causale werkelijkheid 33
Circulair-causaal leren kijken naar de werkelijkheid + tweede de nitie interpunctie 33
Circulaire benadering 33
Voorbeeld interpunctieverschil 34
Hoofdstuk 35
Uitgangspunt 5: analoge en digitale communicatie 35
Uitgangspunt 5 35
Twee soorten informatie in het menselijk lichaam 35
Analoge communicatie vs. digitale communicatie 35
Van analoog naar digitaal 37
Het ritueel als ‘tussenstation’ 37
Het ritueel als therapeutische interventie 38
Congruente en incongruente communicatie 38
Hoofdstuk 39
Uitgangspunt 6: complementaire en Symmetrische interactie 39
Uitgangspunt 6 39
Vier opmerkingen vooraf: 39
Complementaire interactie 39
Symmetrische interactie 39
Up en down 40
Alle kenmerken complementaire en symmetrische interacties 41
Metacomplementaire relatie 41
Hoofdstuk 42
Uitgangspunt 7: paradoxale communicatie 42
Uitgangspunt 7 42
Double bind 42
Paradox 42
Incongruente communicatie 43
Tegenstrijdigheid 43
Hoofdstuk 10.2-10. 44
Gezinssystemen, hulpverlening en interventies 44
Concrete problemen 44
De aangemelde cliënt 44
Systeemhypotheses 44
Systeemdoelen 45
Interventies 45
Interventie: Werken aan het betrekkingsklimaat 45
Interventie: Verandering aanbrengen in de gezinsstructuur 46
Interventie: De pro lering van de grens tussen het ouderlijk subsysteem en het kindsubsysteem 46
3
7
8
9 fi 3 fi
, Interventie: Systeemverandering door het stellen van communicatieregels 46
Interventie: Heretiketteren van situaties en gedragingen 47
Interventie: Herformuleren van niet-werkende interpuncties 47
Interventie: Circulair vragen stellen 47
4