praktisch economisch recht (= ondernemingsrecht + marktrecht)
groot begrip waar handelaars onder valt
specifieke en directe regels opgelegd door de EU
deel 1 – fundamentele elementen van het economisch recht
H1 – de bronnen van het economisch recht
wetgeving
het internationale recht
opgelegd door de EU (27 lidstaten)
kan enkel van afgeweken worden als het voor het land
economisch niet haalbaar is
europese unie:
supranationaal
95% van het BE economisch recht is overgenomen van de EU
EU zorgt voor richtlijnen die de lidstaten in hun nationale
wetgeving moeten verwerken
willen binnen europa een eenheidsmarkt creëren
eenheidsmunt € sinds 1999 (2002 in praktijk)
het traditionele internationale recht
internationaal handelsverdragen tussen lidstaten
vb van een belgische wetgeving die niet overeenkomt met die van de EU (mag niet):
retail ondernemers mogen enkel tijdens de solden hun
solden regeling
(seizoensgebonden) producten met verlies verkopen
= belgische wetgeving rond solden (controle door FOD)
sper periode WEL: toekennen van prijsvermindering (mondeling)
NIET: reclame maken voor prijsvermindering doorheen het jaar
(want dit zorgt voor oneerlijke concurrentie)
maar
grote
1 retail-
ketene
,de europese unie
supranationale politieke instelling
hebben dus een parlement, raad, commissie, hof van justitie & rekenkamer
zorgen dat lidstaten de
wetgevend orgaan kan initiatief nemen om verdragen naleven
wetgeving voor te stellen
3 vormen (naast de verdragen = afspraken over werking en bevoegdheden):
lidstaten moeten de richtlijnen in hun nationale wetgeving verwerken
richtlijnen
harmonisatierichtlijnen: streng op te volgen, weinig beweegruimte
verordeningen algemene en volledige reglementering (helemaal verplicht!)
besluiten gericht naar een specifiek lidstaat (economisch niet zo belangrijk)
nationale wetgeving
koninklijke- (in praktijk door ministers) & ministeriële besluiten
nodig om wetten uit te voeren (uitvoerende macht)
economisch recht:
relevantste federaal niveau
gewest niveau (vlaams, waals & brussel hoofdstedelijk)
specifiekst
bijna alle economische zaken bevoegd (eigen decreten & ordonnanties)
e
er zijn dus verschillende regelgevingen in de gewesten
bv. details van handelshuur
gestart uit de bestaande wetgeving (niet afwijken van EU recht)
2
,belangrijkste nationale wetten:
wetboek van economisch recht (makkelijker qua opzoekingswerk)
wetboek van vennootschappen
was vroeger apart
& verenigingen
gemeenschappelijk recht (altijd van toepassing tenzij er
burgerlijk wetboek een andere specifieke wetgeving is)
bevatten ook economische zaken (bv. handelshuur)
gebouw die verhuurd wordt om gebruikt te
rechtspraak worden als bankfiliaal of klein detail handelaar
= geen bron van het recht
bv. als een zelfde zaak zoals 2 jaar geleden plaats vindt dan is de rechter niet verplicht
dezelfde vonnis uit te spreken (gebeurt in praktijk vaak wel)
rechtsleer
= geen bron van het recht?
gepubliceerde theorieën van rechtsgeleerden/-professoren (interpretatie van wetten)
tijdens een rechtszaak gaat ze rechter hier niet veel rekening mee houden want de
interpretaties van de geleerden zullen overal verschillend zijn
gewoonte
= wel bron van het recht
ongeschreven rechtsregels die niet gestemd zijn in het parlement, maar wel
algemeen aanvaard zijn & afgedwongen kunnen worden
komt in praktijk niet meer veel voor
voor rechtszekerheid hebben ze die rechtsregels toch laten stemmen
bv. diamantensector
20 jaar geleden volledig gewoonte recht
verkooptransacties niet op papier, maar mondeling (iedereen in die sector kent elkaar
dus iedereen hielt zich hieraan)
veel belastingontwijking (legaal), maar ook belastingontduiking (illegaal)
sinds 20 jaar moeten ze alle transacties op papier doen
wetgever is wel niet zo streng (de diamentenverkopers zouden dan gewoon uit
antwerpen vertrekken) want de dienstensector is heel belangrijk voor de BE economie
H2 – de ondernemingsrechtbank
3
, samenstelling
west-vlaanderen: kortrijk, ieper, brugge & veurne
2014: hervorming van rechterlijklandschap
enkel voor rechtbankpersoneel van belang (niet van belang voor rechtszoekende)
vb. vroeger kon een rechter die benoemd werd in de ondernemingsrechtbank van
kortrijk niet zomaar overgeplaatst worden naar de ondernemingsrechtbank van ieper
1 beroepsrechter griffier
+ 2 lekenrechters
procureur des
konings
beroepsrechter = beroepsmagistraat (voorzitter)
= de rechters in ondernemingszaken
uit praktijk (hebben meer voeling)
lekenrechters
hebben grondige kennis over hoe de zaken gebeuren
om 5 jaar verkozen (benoemd door de koning)
vaak enkel in strafrecht
procureur des konings
specifieke zaken (bv. faillissement)
griffier noteert alles
bevoegdheden
geschillen tussen ondernemingen (of particulieren)
4
groot begrip waar handelaars onder valt
specifieke en directe regels opgelegd door de EU
deel 1 – fundamentele elementen van het economisch recht
H1 – de bronnen van het economisch recht
wetgeving
het internationale recht
opgelegd door de EU (27 lidstaten)
kan enkel van afgeweken worden als het voor het land
economisch niet haalbaar is
europese unie:
supranationaal
95% van het BE economisch recht is overgenomen van de EU
EU zorgt voor richtlijnen die de lidstaten in hun nationale
wetgeving moeten verwerken
willen binnen europa een eenheidsmarkt creëren
eenheidsmunt € sinds 1999 (2002 in praktijk)
het traditionele internationale recht
internationaal handelsverdragen tussen lidstaten
vb van een belgische wetgeving die niet overeenkomt met die van de EU (mag niet):
retail ondernemers mogen enkel tijdens de solden hun
solden regeling
(seizoensgebonden) producten met verlies verkopen
= belgische wetgeving rond solden (controle door FOD)
sper periode WEL: toekennen van prijsvermindering (mondeling)
NIET: reclame maken voor prijsvermindering doorheen het jaar
(want dit zorgt voor oneerlijke concurrentie)
maar
grote
1 retail-
ketene
,de europese unie
supranationale politieke instelling
hebben dus een parlement, raad, commissie, hof van justitie & rekenkamer
zorgen dat lidstaten de
wetgevend orgaan kan initiatief nemen om verdragen naleven
wetgeving voor te stellen
3 vormen (naast de verdragen = afspraken over werking en bevoegdheden):
lidstaten moeten de richtlijnen in hun nationale wetgeving verwerken
richtlijnen
harmonisatierichtlijnen: streng op te volgen, weinig beweegruimte
verordeningen algemene en volledige reglementering (helemaal verplicht!)
besluiten gericht naar een specifiek lidstaat (economisch niet zo belangrijk)
nationale wetgeving
koninklijke- (in praktijk door ministers) & ministeriële besluiten
nodig om wetten uit te voeren (uitvoerende macht)
economisch recht:
relevantste federaal niveau
gewest niveau (vlaams, waals & brussel hoofdstedelijk)
specifiekst
bijna alle economische zaken bevoegd (eigen decreten & ordonnanties)
e
er zijn dus verschillende regelgevingen in de gewesten
bv. details van handelshuur
gestart uit de bestaande wetgeving (niet afwijken van EU recht)
2
,belangrijkste nationale wetten:
wetboek van economisch recht (makkelijker qua opzoekingswerk)
wetboek van vennootschappen
was vroeger apart
& verenigingen
gemeenschappelijk recht (altijd van toepassing tenzij er
burgerlijk wetboek een andere specifieke wetgeving is)
bevatten ook economische zaken (bv. handelshuur)
gebouw die verhuurd wordt om gebruikt te
rechtspraak worden als bankfiliaal of klein detail handelaar
= geen bron van het recht
bv. als een zelfde zaak zoals 2 jaar geleden plaats vindt dan is de rechter niet verplicht
dezelfde vonnis uit te spreken (gebeurt in praktijk vaak wel)
rechtsleer
= geen bron van het recht?
gepubliceerde theorieën van rechtsgeleerden/-professoren (interpretatie van wetten)
tijdens een rechtszaak gaat ze rechter hier niet veel rekening mee houden want de
interpretaties van de geleerden zullen overal verschillend zijn
gewoonte
= wel bron van het recht
ongeschreven rechtsregels die niet gestemd zijn in het parlement, maar wel
algemeen aanvaard zijn & afgedwongen kunnen worden
komt in praktijk niet meer veel voor
voor rechtszekerheid hebben ze die rechtsregels toch laten stemmen
bv. diamantensector
20 jaar geleden volledig gewoonte recht
verkooptransacties niet op papier, maar mondeling (iedereen in die sector kent elkaar
dus iedereen hielt zich hieraan)
veel belastingontwijking (legaal), maar ook belastingontduiking (illegaal)
sinds 20 jaar moeten ze alle transacties op papier doen
wetgever is wel niet zo streng (de diamentenverkopers zouden dan gewoon uit
antwerpen vertrekken) want de dienstensector is heel belangrijk voor de BE economie
H2 – de ondernemingsrechtbank
3
, samenstelling
west-vlaanderen: kortrijk, ieper, brugge & veurne
2014: hervorming van rechterlijklandschap
enkel voor rechtbankpersoneel van belang (niet van belang voor rechtszoekende)
vb. vroeger kon een rechter die benoemd werd in de ondernemingsrechtbank van
kortrijk niet zomaar overgeplaatst worden naar de ondernemingsrechtbank van ieper
1 beroepsrechter griffier
+ 2 lekenrechters
procureur des
konings
beroepsrechter = beroepsmagistraat (voorzitter)
= de rechters in ondernemingszaken
uit praktijk (hebben meer voeling)
lekenrechters
hebben grondige kennis over hoe de zaken gebeuren
om 5 jaar verkozen (benoemd door de koning)
vaak enkel in strafrecht
procureur des konings
specifieke zaken (bv. faillissement)
griffier noteert alles
bevoegdheden
geschillen tussen ondernemingen (of particulieren)
4